Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Marije vanuit Ecuador​

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Marije vanuit Ecuador​

3 minuten leestijd

Het was wel aan haar uiterlijk en haar kleding te zien dat ze geen Ecuadoraanse was. Maar wat het meest opviel, was hoe ze daar liep over de weg. Met een lege blik, een grote rugzak op haar rug en een kussen onder haar arm. Zo liep ze in de brandende zon. Waarheen?

Zou ze een slaapplek kunnen vinden voor de nacht? Vast wel, al zou dat misschien onder een brug of op een andere onaangename plek zijn. Ook in onze woonplaats Quevedo komen we vluchtelingen uit Venezuela tegen. Ze lopen bij de stoplichten langs de weg met beschreven kartonnen bordjes. Er staan teksten op als: „Ik ben Venezolaan, ik heb niets meer, help me.” Op die manier komen ze aan wat geld om verder te reizen en om hun voedsel te kopen.

Zo gaven we een man wat geld bij een stoplicht. Vervolgens kreeg ik een waardeloos geworden geldbriefje van 100 bolivar in mijn hand gedrukt.

Boze blik

„Hier, jij deze, dit was ons geld”, zei hij er nog bij. Met dit geld had de man een paar maanden geleden voor een maand eten kunnen kopen. Nu is het voor niets anders geschikt dan voor wc-papier of om de kachel mee aan te maken.

Even voelde ik me ook een vluchteling. Ik was met een groep jongeren op een perron in de grote stad Guayaquil omdat we een jongerenkamp hadden. We stonden in de stationshal. Blijkbaar stonden we een beetje in de weg. Een Ecuadoraanse vrouw liep op me af met een boze blik in haar ogen. „Weg jij, rot op naar je eigen land, wat doe je hier?”

Ja, zo zijn er in Ecuador ook mensen die echt niet op al die vluchtelingen zitten te wachten. Het lekkerste brood in Quevedo is te koop in de winkeltjes van Bolivianen. De Ecuadoranen gaan daarheen om hun brood te kopen, maar intussen zien ze Bolivianen als degenen die hun werk afpakken.

Haven

In onze kerk komt sinds kort ook een Venezolaanse jongen in de diensten. Hij woont samen met zijn moeder in de wijk. Het is mooi dat hij wordt opgenomen in de jongerengroep die hem naar de kerk bracht. Nu bezoekt hij kerkdiensten en de Bijbelstudies. Hij zingt met luide stem mee als er gezongen wordt.

De kerk als veilige haven, de kerk als plek waar mensen welkom zijn die alles achter moesten laten, een plaats voor de ontheemden. Het zou zo vanzelfsprekend moeten zijn als in Mattheüs 25, waar de rechtvaardigen zeggen: „Wanneer hebben wij U een vreemdeling gezien en geherbergd?” En het antwoord luidt: „Voor zoveel gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan.”

Hebben de ontheemden ook een plek in uw hart, huis, kerk en gebed?

Marije Fris woont samen met haar man Peter en kinderen Juda (9), Anna (7), Josia (4) en Naema (3) sinds juli 2016 in Quevedo, Ecuador. Haar man is evangelist voor Zending Gereformeerde Gemeenten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 december 2018

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Marije vanuit Ecuador​

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 december 2018

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken