Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De kwestie van de Algemeene Genade. III.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De kwestie van de Algemeene Genade. III.

8 minuten leestijd

B. Aangaande liet tweede punt, rakende do bete u-g e 1 i 11 g der zonde in li e t 1 e v e n v a n den enkelen m e n s cli, en in de samenleving verklaart de Synode dat er volgens Schrift en Confessie zulk een beteugeling der zoude is. - Dit i> lijkt uit do aangehaalde Schriftuurplaatsen en uit de Nederlandsclie Geloofsbelijdenis, Artt. 13 en 3o, waar geleerd wordt dat God door de .atgemeeiie werkingen zijns Geestes, zonder het hart te vernieuwen, de zonde in liaar onverliinderd uitbrelien lieteugelt, waardoor de mensclielijke samenleving mogelijk is gebleven; terwijl het uit de aangeliaalde uitspraken van Gereformeerde schrijvers uit den bloeitijd der Gereformeerde theologie bovendien blijkt, dat onze Gereformeerde vaderen van oudsher dit gevoelen 'hebben voorgestaan.

C. Aangaande het derde-punt rakende h e t d o e ii v a n zoogenaamde b u r g e r 1 ij k e gerechtigheid door de o n w e d e r g e b o r e n e n, verklaart de Synode dat volgens 'Schrift en Confessie onwedergeborenen, hoewel onbekwaam tot eenig zaligmakend goed ^D'ordtscho Leerregels 111 en IV, Si'toch zulk burgerlijk goed kunnen doen. Dit blijkt uit de aangehaalde Schriftuurplaatsen, en uit de Dordtsche Leerregels III en lY, 4, en de Kederlandsche Geloofsbelijdenis, Xii. 36, waar geleerd wordt, dat God zonder het hart de vernieuwen zoodanigen invloed O'p den mensch oefent, dat deze in staat gesteld wordt burgerlijk goed te doen; terwijl bet uit de aangehaalde • uitspraken van Gereformeerde schrijvers uit den bloeitijd der Gereformeerde theologie bovendien blijkt, dat deze Gereformeerde vaderen van oudsher dit gevoelen hebben voorgestaan.

II. De Synode spreekt uit dat onderscheiden uitdrukkingen in de. geschriften van de Leeraren H. Danhof en H. Hoeksema niet wel te rijmen zijn met wat Schrift en Confessie ons leeren aangaande de drie punten 'bovengenoemd. Ook oordeelt de Synode dat genoemde leeraren in hunne geschriften enkele sterke uitdrukkingen gebruiken waaruit blijkt dat ze in hunne voorstelling der waarheid niet genoegzaam rekening houden met de •wijze waarop onze Belijdenisschriften zich uitspreken, vooral niet met punt I van de ütrechtsche •Conclusies.

Aar. de andere zijde spreekt de S.ynode uit dat genoemde leeraren in hunne-gescliriften volgeus hun eigen herbaalde verklaringen niet anders willen en bedoelen dan de Gereformeerde leer, da leer'der Heilige Schrift, eii van onze Belijdenisschriften, te leeren, en te verdedigen, terwijl het niet kan worden ontkend, dal zij in de grondwaarheden, zooals die in onze Eelijdenisscbriften geformuleerd zijn. Gereformeerd zijn. al is het ook met een neiging tot eenzijdigheid.

III. Met het oog op de afwijkende gevoelens van do Leeraren H. Danhot en' H. Hoeksema in zake dé drie bosprolvcn punten en met het oog op den strijd die in onze kerken over liet leerstuk der Gemeene Gratie of Algemeene Genade is ontbrand, vermaant de Synode de beide broederen, om zich hi prediking en geschrifte te houden aan het standpunt dei-Belijdenis in zake de drie bovengenoemde punten, en tevens vermaant zij de broederen en de kerken in 't algemeen zich te wachten voor alle eenzijdigheid in de voorstelling der waarheid, en zich voorzicbtig, gematigd, en bescheiden uit te drukken.

Aan de airdero zijde acht de Synode .dat in zooverre de Leeraren H. Danhot en H: Hoeksema in hunne' geschriften waarschuwen tegen wereldgelijkvormigheid, er aanleiding is tot zulk eene waarschuwing met het oog op het mogelijk misbruikmaken van de leer der A-lgemeene Genade, waarom de Synode zich geroepe.n acht het volgende Getuigenis tot de kerken te doen uitgaan.

IV. Getuigenis.

Nu de Synode zich heeft uitgesproken o.ver een drietal punten, die bij jje loochening van de Gemeene Gratie in het gedrang kwamen, en daarmede de algeheelc miskenning vaJi die waarheid afkeui-de, gevoelt zij zich tevens gedrongen, om onze kerken en vooral hare leiders 'met allen ernst te .jca9, i: s, chnwteii tegen ; die eeazijdig drijven enJï8, ii|j^|^ï^i^|j. van het leer3tnkj: _'; (i^r: > . Gemeene Gratie!'

Er bestaat ten dezen een niet te miskennen gevaar. Toen Dl'. Kuyper zijn monumentaal werk over dit onderwerp schreef, toonde hij zich reeds beWust te zijn van het gevaar, dat sommigen zicli er door zouden laten verleiden tot een zich verliezen in de wereld. En do geschiedenis heeft reeds bewezen dat dit gevaar meer dan denkbeeldig was. Ook Dr Bavinck heeft in zijn „'Dogmatiek" aan dat gevaar herinnerd.

Als wij de geestes-stroomingen van den tegenwoordigen tijd rondom ons nagaan, valt het niet te oni-'keinien, dat er veel meer gevaar bestaat voor wereldgelijkvormigheid dan voor wereldvlucht. De liberale theologie van den tegenwoordigen tijd wischt feitelijk de grenzen tusschen de Kerk en de wereld uit. .De groote beteekenis van de Kerk wordt door velen hoe langer .hoe meer gezocht in het sociale leven. Het besef van een geestelijk-zedolijke antithese verzwakt in toenemende mate in het bewustzijn van velen en maakt plaats voor een vaag gevoel van een algemeene broederschap. De prediking beWeegt zich grootelijks aan de peripherie van het leven en dringt niet door tot bet geestelijk centrum. D'e leer der bijzondere genade in Christus wordt hoe langer hoe meer op den achtergrond gedrongen. Er is een sterke zucht, om, de theologie in overeenstemming te brengen met een wetenschap, die in dienst staat van het ongeloof. D'oor de pers en door allerlei nitvindingen en ontdekkingen die op zichzelf zeker als gaven Gods te waardeeren zijn, ' wordt een groot deel' van de zondige wereld ingedragen in onze Christelijke gezinnon.

Om al deze en meer dergelijke invloeden, die van alle zijden op ons inwerken, is het gebiedend noodzakelijk, dat de Kerk in dezen de wacht betrekke bij het beginsel; en dat zij, ook bij haar vasthouden van de voormelde drie punten met hand en tand de geestelijk-zedelijke antithese handhave. Nimmer late zij hare prediking verloopen in sociale verhandelingen of literarische beschouwingen. Zij wake er voor, dat Christus gekruisigd en opgestaan, steeds het middelpunt der prediking zij. Zonder aflaten boude zij vast aan het beginsel, dat Gods volk _eeii bijzonder volk is, levende uit eigen wortel, 'den wortel des geloofs. En. met heSligen. ernst roepe zij aldoor in prediking en geschrifte ons volk, en vooral onze jeugdigen toe: , .Wordt dezer wereld niet gelijkvormig, maar wordt veranderd door de vernieuwing uws gemoeds. Opdat gij moogt beproeven, welke de goede en welbebagelijke en volmaakte Wil Gods zij." Dit zal onder den zegen des Heeren onze kerken bewaren voor een wereldgelijkvormigheid, die allen geestelijken gloed.dooft, en die de Kerk van haar kracht en haar sSs^Ö.; berooft.

V. Eindelijk besluit de Synode wat te lezen is op bladzijde 13 onder IV, a, b en c, van het f^apporl:

IV. In verband met de instructies, die er op aandringen, dat de Synode zich over de leer der Algemeene Genade alszoodanig uitspreke, of ook een commissie benoeme om deze algemeene zaak in studio te nemen, adviseert uwe commissie der Synode'als volgt:

a. Om thans geen uitspraak te doen betreffende het standpunt dei-Kerk in zake het leerstuk der Algemeene, Genade of Gemeene Gratie in al hare geledingen. Zulk een uitspraak zou veronderstellen, dat dit stuk tot in alle bijzonderheden reeds was doorgedacht en .ontwikkeld, w'at zeker wel allerminst het geval is. Die noodige voorstudie ontbreekt ten dezen nagenoeg geheel. Bijgevolg is er dan ook in de Gereformeerde kerken nog volstrekt geen „communis opinio" in deze zaak.

b. Om evenmin •^^^^gtff'^ilömmissie te benoeme^^ii.fe de zaak der gemeèhe' gratie in studie neemt, > > in zoodoende te komen tot de f o r m u 1 e e r i n g van een dogma betreffende dit stuk, dat straks in de B e I ij d e n i s zou kannen w o r-d e 11. opgenomen. (Instructie Muskegon);

i. Omdat dogma's niet gemaakt, 'maar uit den strijd der meeningen geboren worden, en het dus , gewenscht is, dat er aan het vaststellen van een dogma een lange gedachtenwisseling voorafga. Die • deelneming aan zulk eene gedachtenwisseling moet zoo algemeen mogelijk zijn, en dient niet - baperkt te zijn tot éen enkele kerkengroep.

2. Omdat een waarheid eerst helder in het bewustzijn der kerk in het algemeen of van een bepaalde kerkengroep .in het bijzonder moet leven, eer de kerk zulk een waarheid in bare Cnnfessio kan belijden. Het kan niet gezegd worden, dat deze noodzakelijke voorwaarde nu reeds aanwezig is. o£ na verloop van twee of vier jaren aanwezig zal zijn.

c. Doch om er bij de leiders van ons volk, zoo predikei's als professoren, op aan te dringen, dat zij bet leerstuk der Gemeene Gratie in nadere studie nemen; zich op de problemen, die daardoor naar voren gebracht worden, nauwkeurig indenken en ons volk voorhouden in lezingen, «n geschriften. Het is zeer wenscli-slijk, dat niet een enkele of een klein getal zich fot deze taak zette, maar dat velen er aan deel nemen. Gronden:

a. Dit zal op de meest natuurlijke wijze kunnen leiden tot een vruchtbare 'iiscussie over het stuk der Gemeene Gratie, en zulk een gedachtenwisseling is de onmisbare voorwaarde voor de ontwikkeling dezer waarheid.

b. 'Het zal de aandacht van ons volk meer bij dit Jeerstuk bepalen, zijn inzicht daarin verhelderen en de beteekenis er van' doen gevoelen, .zoodat het zich' in toenemende mate bewust WnidtiKy^i dit deel van zijn geloofsinhoud.

c. Het zal na , verloop van enkele jaren ongetwijfeld leiden tot een , .communis opinio" in dezen, en alzoo de toestand in onze kerk doen rijpen voor een gemeenschappelijk 'belijden betreffende de • Gemeene Gratie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1924

De Reformatie | 4 Pagina's

De kwestie van de Algemeene Genade. III.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1924

De Reformatie | 4 Pagina's

PDF Bekijken