Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

afdeling hoger beroepsonderwijs

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

afdeling hoger beroepsonderwijs

5 minuten leestijd

# EEN KONSEKWENTIE BIJ DE INTEGRATIE VAN KLEUTER-EN LAGER ONDERWIJS

Een van de doelstellingen van het huidige onderwijsbeleid is de integratie van het kleuter-en lager onderwijs. Het begint er tevens op te lijken dat, hoe we ook over deze integratie mogen denken, deze binnen kortere of langere tijd haar beslag zal krijgen.

Het is echter duidelijk dat deze integratie niet alleen belangrijke konsekwenties heeft voor het kleuter-en lager onderwijs, maar ook van fundamenteel belang is voor de beide opleidingen: een logisch gevolg zal zijn dat ook deze opleidingen - de Pedagogische Akademie en de Opleidingsschool voor Kleuterleidsters - niet naast elkaar bestaansrecht zullen houden, maar ook samen gaan in een nieuwe opleiding voor onderwijsgevenden aan het kind van 4-12 jaar. Verwacht mag worden dat er naast de experimenten in kleuter-en lagere school die binnenkort van start zullen gaan, op niet al te lange termijn een integratie-projekt opgezet zal worden voor de beide opleidingen, wellicht in eerste instantie voor een beperkt aantal opleidingsinstituten.

Hoewel er in het kader van de huidige wettelijke bepalingen geen ruimte is voor een volledig geïntegreerde opleiding, worden er in Den Helder toch reeds sinds 1970 kleuterleidsters en onderwijzers gezamenlijk opgeleid.

In het Weekblad van het Departement van Onderwijs en Wetenschappen "Uitleg" van 3 april 1974 - een themanummer over de integratie van kleuter-en lager onderwijs - staat een artikel over deze akademie. De betrokken direkteur, F.Meijer, zegt daar:

"Wanneer je een principieel uitgangspunt hebt gekozen en je hebt de programma's van de twee opleidingen vergeleken, dan moet je tot de conciusie komen dat er meer zaken zijn aan te wijzen die duiden op een samengaan dan op een gescheiden optreden van K.L.O.S. en P.A. Natuurlijk zijn er verschiiien. Om er een paar te noemen: Verschii in vooropleiding, h.a.v.o., m.a.v.o. Het grote verschil in verplicht voorgeschreven aantal uren praktische vorming (800 K.L.O.S., 240 P.A.). In het derde jaar bestaat er voor de student die onderwijzer wi 1 worden de mogelijkheid zich te specialiseren in één van de zaakvakken geschiedenis, aardrijkskunde, biologie, natuurkunde, rekenen en in één van de expressievakken muziek, tekenen, handvaardigheid, lichamelijke oefening. Een meisje dat vo*r kleuterleidster leert, heeft geen keuzemogelijkheden. Haar leerstofpakket, dat bestaat uit de vakken opvoedkunde en psychologie, didaktiek en methodiek, Nederlands, muzikale vorming en gezondheidsleer en kinderverzorging, ligt al aan het begin van de studie vast."

Toch bleek het bovenstaande geen belemmering te vormen voor het gezamenlijk opleiden van kleuterleidsters en onderwijzers. De basis voor de integratie wordt gelegd door de vakken wijsbegeerte, pedagogiek en methodiek en didaktiek.

Over het konkrete verloop van de studie vertelt de Heer Meijer:

"De eerste vier maanden van de opleiding hebben een oriënterend karakter. In de eerste week krijgen de studenten een dwarsdoorsnede van de studie die gevolgd wordt door een vormingsweek. Oriëntatiedoelen zijn het eigen ik, het kind, de school, en de wereld. Alvorens de studenten de opleiding ingaan en aansluitend aan de vormingsweek volgen de "rulkdagen" die bedoeld zijn om de jongens en meisjes weer eens de sfeer te laten opsnuiven van de kleutei— en lagere school.

Op de oriënterende fase van vier maanden volgt een 20 maanden durende tweede fase, waarin het accent ligt op verdieping. Het meest ideale zou zijn om de studenten na zo'n oriënterende fase te laten kiezen voor óf de leeftijdsgroep van k-S jarigen, óf die van 8-12 jarigen. Gezien de verschillen in vooropleiding is dat niet mogelijk. Wel is het zo, dat een h.a.v.o.-meisje

dat gekozen heeft voor de kleuterleidstersopleiding na vier maanden kan zeggen 'ik wil naar de onderwijzersopleiding'. Een dergelijke switch is het hele eerste jaar nog mogelijk, want de tentamens lopen precies gelijk. We hoeven dus geen aparte programma's te ontwikkelen."

In de verdiepende fase komt de vraag aan de orde wat er eigenlijk allemaal nodig is voor het lesgeven. Dat zijn kennis en vaardigheden, die getoetst moeten worden in de praktijk en op de akademie aan de hand van tentamens. De praktische vormir^ vindt plaats één middag in de week voor eerstejaars en één dag in de week voor tweedejaars. Kleuterleidsters in opleiding gaan in het derde jaar twee dagen per week door met de beroepsvorming. Alle eerste-en tweedejaarsstudenten doorlopen om de zes weken een stageweek.

"Aan het einde van het tweede jaar is het moment gekomen waarop we willen konstateren of onze studenten zover zijn dat ze met enig redelijk succes aan het eind van het derde jaar examen kunnen doen. Dat jaar, dus fase drie, wordt gekenmerkt door drie themata t.w.: verbreding, verbijzondering en vergelijking. Aan het einde van het derde jaar wordt het landelijk eindexamen afgenomen."

Men hoopt dat, doordat kleuterleidsters en onderwijzers gezamenlijk zijn opgeleid, zij beter geïnformeerd zullen zijn over beide schooltypen waardoor een verbeterde kommunikatie en een inhoudelijke aansluiting tussen kleuter-en lagere school niet reeds hoeft te stranden op een gebrek aan wederzijdse informatie.

Het lijkt me zinvol wanneer twee opleidingen, waar mogelijk, komen tot eerste aanzetten van samenwerking zonder de eigen identiteit te verliezen. De situatie zal wellicht eenvoudiger worden wanneer beide opleidingen dezelfde vooropleiding-h.a.v.o. - vereisen. Positief voor de samenwerking zal ook zijn dat dezelfde docenten aan beide opleidingen verbonden zijn.

W.

G.v.d.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 oktober 1974

De Reformatorische School | 52 Pagina's

afdeling hoger beroepsonderwijs

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 oktober 1974

De Reformatorische School | 52 Pagina's

PDF Bekijken