Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ik ben vanmorgen naar de dierentuin geweest

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ik ben vanmorgen naar de dierentuin geweest

6 minuten leestijd

Dinsdagmorgen, 8.45u. We beginnen de ochtend met een ontvangstgesprek. Benjamin heeft iets te vertellen. 'Ik ben vanmorgen naar de dierentuin geweest', zegt hij. 'Vanmorgen?', vraag ik. 'Ja', zegt Benjamin. Hij knikt heftig. 'Vanmorgen.' Een enthousiast verhaal over olifanten, slangen en vogelspinnen volgt. Arian heeft iets meegebracht dat hij graag wil laten zien. Hij toont een foto waarop een trein met soldaten staat afgebeeld. 'Is dat vroeger gebeurd?', vraag ik, wijzend naar de foto. 'Natuurlijk niet', antwoordt Arian, 'want ik heb hem gisteren uit de krant geknipt!'

Twee voorbeelden uit de dagelijkse praktijk die aantonen dat het tijdsbesef bij jonge kinderen nog volop in ontwikkeling is. Wie als leerkracht van groep 1 of 2 alert is op uitspraken die jonge kinderen doen, zal ontdekken dat kleuters regelmatig uitdrukkingen bezigen die met tijd te maken hebben. Dergelijke observaties zijn leuk en leerzaam om inzicht te verkrijgen in de ontwikkeling van het tijdsbesef bij het jonge kind. Zo weet Benjamin dat het bezoek aan de dierentuin in het verleden heeft plaatsgevonden. Het verschil tussen de begrippen ‘vanmorgen’, ‘gisteren’ of ‘vorige week’ weet hij echter nog niet aan te geven.
Arian is er zich van bewust dat ‘vroeger’ langer geleden is dan ‘gisteren.’ Het is Arian alleen niet duidelijk dat een krant ook gebeurtenissen uit het verleden voor het voetlicht kan halen.

De ontwikkeling van het tijdsbesef bij het jonge kind
Geschiedenisonderwijs aan kleuters moet aansluiten bij de ontwikkeling van het tijdsbesef bij jonge kinderen. Het is daarom van belang als leerkracht kennis te hebben van die ontwikkeling.
De eerste fase in de ontwikkeling van het tijdsbesef bij het jonge kind is het biologisch tijdsbesef. Dit besef heeft betrekking op uren, dagen, maanden, seizoenen en kwartalen. Het gaat daarbij om het steeds weer terugkerend karakter van de tijd. Bij vierjarigen is de volgorde van de gebeurtenissen voor de meeste kinderen duidelijk. De dag wordt door kinderen op deze leeftijd beleefd als een opeenvolging van gebeurtenissen tussen opstaan en slapengaan.
De tweede fase is het dagelijks tijdsbesef. Dit staat met het biologisch tijdsbesef in verband. Het gaat hierbij om het toepassen van tijdsbegrippen als vandaag, morgen, gisteren, straks, enz. Als kinderen de leeftijd van vijf jaar hebben bereikt, kunnen ze in de meeste gevallen deze begrippen hanteren. De helft van de kinderen weet welk seizoen het is, maar de maanden kunnen ze meestal nog niet benoemen. Bij kinderen van zes jaar komt het omgaan met de kloktijd op gang.
Bij het historisch tijdsbesef gaat het om het lineaire, niet herhaalbare en unieke karakter van de tijd. Wat geweest is, is voorbij en komt niet meer als zodanig terug. Vijfjarigen krijgen het besef dat er een tijd is geweest voor het ‘nu’. Ze zijn vroeger zelf kleiner geweest, papa en mama zijn net als zijzelf kinderen geweest en toen opa en oma jong waren zagen de huizen en de mensen er anders uit dan nu.

Toen ik nog een baby was
Op bovengenoemde ontwikkeling kun je als leerkracht in de lessen op veel manieren aansluiten. Zo is bijvoorbeeld het thema ‘Toen ik nog een baby was’ heel geschikt voor het jonge kind, aangezien het besef van de eigen geschiedenis bij vijfjarigen op gang begint te komen.
Als introductie op dit thema is het erg leuk een moeder uit te nodigen die in de klas haar baby wast. Daarbij verwoordt ze iedere handeling zodat begrippen als verschonen, verzorgen, troosten, maxi-cosi enz. aan de orde komen. In een leergesprek kunnen meegebrachte foto’s van de eigen babytijd van de kinderen besproken worden. Ook is het mogelijk tijdens dergelijke gesprekken onderwerpen als groeien, babytaal, het seriëren van babykleertjes, het classificeren van babyspeelgoed, te behandelen. Bij andere taalactiviteiten kunnen prentenboeken over de baby aangeboden worden. Deze krijgen dan vervolgens een plaats in de leeshoek.
In de klas kunnen hoeken als een babyhoek, huishoek, fotohoek, meethoek, babywinkelhoek, een consultatiebureau of een hoek met couveuses worden ingericht. Liedjes over de baby zijn bijna in iedere liedbundel te vinden en tijdens de activiteiten godsdienstige vorming kunnen de verschillende aspecten van ‘de doop’ besproken worden. Verder is het mogelijk geschiedenissen van jonge kinderen uit de Bijbel te vertellen.

Een handleiding voor geschiedenis aan jonge kinderen
Kleuters kunnen gemakkelijk twee maanden enthousiast rond het thema ‘De baby’ bezig zijn . Maar er is meer. In de recent uitgegeven handleiding ‘Tom kijkt om’ worden achttien thema’s uitvoerig beschreven die je met jonge kinderen rond het begrip ‘tijd’ kunt doen. Deze zijn gegroepeerd rond vijf hoofdthema’s die de ontwikkeling van het tijdsbesef van het jonge kind volgen. Zo heeft het eerste hoofdthema onder andere de deelthema’s ‘Opa’s rommelzolder’, ‘De klokkenwinkel’ en een thema over het onderwerp dagindeling. Het hoofdthema ‘Seizoenen’ beschrijft de vier jaargetijden. Bij het thema ‘Stap voor stap’ worden de subthema’s ‘Baby Tom’, ‘Tom wordt groter’ en ‘Tom is jarig’ beschreven. Het thema ‘Lang geleden’ gaat over ‘Grootmoeders tijd’ en onderwerpen als ‘Spel van vroeger’, ‘De keuken van vroeger’ en ‘De kruidenier 100 jaar geleden’ komen daarbij aan de orde.
Een speciale plaats neemt het hoofdthema ‘Bijzondere dagen’ in, waarbij allerlei lessuggesties voor ‘Koninginnedag’, Bevrijdingsdag’ en ‘Hervormingsdag’ gegeven worden.
De structuur van ieder thema is dezelfde. Ieder thema heeft zeven vaste onderdelen: doelen, begrippenlijst, taalactiviteiten, werken, muziek, bewegingsonderwijs en Godsdienstige vorming. In ieder thema komen steeds de twee kinderen Tom en Tilly terug.
In de handleiding zijn ook een dertigtal werkbladen te vinden. Op een aantal van deze werkbladen staan oefeningen met betrekking tot het seriëren van gebeurtenissen in de tijd: eerst dit en dan dat. Dit onderwerp staat ook in de Cito-toets ‘Ruimte en tijd’ voor kleuters centraal.
De handleiding is geschreven op initiatief van de werkgroep ‘Er is geschied’ maar kan ook heel goed los van de methode gebruikt worden.

Tom kijkt om: het prentenboek en de handleiding voor ouders
Bij de handleiding is het prentenboek ‘Tom kijkt om’ onmisbaar. In dit boek zijn zestien prachtige praatplaten getekend, behorend bij de bovengenoemde thema’s. Deze platen kunnen als introductie bij een thema worden aangeboden. Bij iedere plaat staan een verhaaltje, vragen en denkertjes in de handleiding beschreven. Een leuke bijkomstigheid zijn de foppers: op iedere plaat is iets getekend dat onmogelijk is. Het kind moet dit opzoeken.
Ook ouders kunnen gestimuleerd worden met hun kind rond het begrip ‘tijd’ bezig te zijn. Naast de handleiding voor leerkrachten is er een katern voor ouders samengesteld, waarin allerlei activiteiten bij de praatplaten in het prentenboek beschreven staan. Deze activiteiten zijn niet dezelfde dan de lessuggesties uit de handleiding voor leerkrachten omdat de thuissituatie een andere is dat de schoolsituatie. Het prentenboek is ook los in de boekhandel verkrijgbaar.

Tom kijkt om - Handleiding voor leerkrachten, Uitgeverij Groen Educatief-Heerenveen; ISBN: 90-5829-358-0
Tom kijkt om - Prentenboek, Uitgeverij Groen Educatief-Heerenveen; ISBN: 90-5829-503-6
Tom kijkt om - Handleiding voor ouders, Uitgeverij Groen Educatief-Heerenveen; ISBN: 90-5829-525-7

Dit artikel werd u aangeboden door: De Reformatorische School

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 2007

De Reformatorische School | 1 Pagina's

Ik ben vanmorgen naar de dierentuin geweest

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 2007

De Reformatorische School | 1 Pagina's

PDF Bekijken