Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

‘Hoe kun je er voor docenten een boost aan geven?’

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

‘Hoe kun je er voor docenten een boost aan geven?’

7 minuten leestijd

Praten we ons een probleem aan? Hebben we ons er teveel bij neergelegd dat het nu eenmaal zo is? Of zijn er aantoonbare redenen waarom reformatorische leerlingen bij Engels minder presteren dan hun leeftijdgenoten? De energie die het reformatorisch onderwijs steekt in de verbetering van het niveau bij Engels is groot. Om de juiste richting te kunnen geven aan de oplossing, is het goed om te weten wat er nu echt aan de hand is.

Een belangrijk doel van christelijk en reformatorisch onderwijs is dat leerlingen kunnen participeren in de maatschappelijke verbanden waarin ze geplaatst worden. Daarvoor is een brede bekwaamheid nodig en de beheersing van de Engelse taal hoort daar zeker bij. De resultaten voor het vak Engels zijn echter al jarenlang een zorg in het reformatorisch onderwijs. Leerlingen van de reformatorische vo-scholen halen beduidend minder goede resultaten voor Engels dan hun leeftijdsgenoten.
Het probleem doet zich het sterkst voor in het vmbo. Basis- en kaderleerlingen scoren voor het centraal examen Engels op alle reformatorische vo-scholen (ruim) onder het landelijk gemiddelde (1). Ook de leerlingen in de gemengde en theoretische leerweg blijven op de meeste reformatorische scholen onder het landelijke niveau, maar hier zien we wel een enkele positieve afwijking van de trend. In het vwo lopen de opbrengsten uiteen.

Niet zo eenvoudig
Het gaat hier niet om een eenmalige situatie. Het beeld dat in de vorige alinea wordt geschetst, bestaat al zolang de scholen zich kunnen herinneren. Regelmatig hebben zij, individueel en in gezamenlijke projecten, initiatieven ontplooid om tot verbetering te komen. Maar gezien de resultaten zijn deze tot nu toe nog niet afdoende geweest. Dit is opvallend, omdat de reformatorische scholen verder goed presteren. Voor andere vakken dan Engels liggen de opbrengsten over het algemeen rond het landelijk gemiddelde of juist daarboven.
Blijkbaar heeft het reformatorisch onderwijs met het vak Engels een specifiek probleem, dat nog niet zo eenvoudig op te lossen is.

Globaliserende maatschappij
Het probleem weegt zwaar voor de scholen. In onze globaliserende maatschappij wordt het immers steeds belangrijker dat jongeren de Engelse taal goed leren beheersen. Het mag niet zo zijn dat reformatorische jongeren op achterstand komen in hun vervolgstudie of in hun werk. Ter illustratie: er zijn veertienhonderd studies die volledig in het Engels zijn. Elders in dit blad geven ook enkele werknemers aan hoe relevant de taal is in hun baan.
Bovendien wordt de urgentie nog verhoogd door de aanscherping van de exameneisen. Wanneer de resultaten voor het vak Engels niet omhoog gaan, kan dit nadelige consequenties hebben voor de slagingspercentages van de vo-scholen, die nu over het algemeen hoog zijn.

Moderne cultuur
Waar komt het probleem vandaan? Een structureel probleem doet vermoeden dat er een structurele oorzaak is. Velen hebben er wel een idee bij. Reformatorische leerlingen hebben een grotere afstand tot de moderne cultuur en worden dus minder blootgesteld aan de Engelse taal, wordt al snel gezegd. Maar het is waarschijnlijk niet het enige wat meespeelt en het is ook nog nooit systematisch onderzocht. Omdat het voor de richting van de oplossing wel van belang is, wordt dit een van de deelonderzoeken van de nieuw te benoemen lector Engels aan Driestar Hogeschool. Voor het opstellen van de voorlopige hypothesen, vroeg ik een aantal mensen uit het voortgezet onderwijs naar hun mening. Daaruit ontstaat een genuanceerder beeld.

Gewenning
‘De wat grotere afstand tot moderne media speelt wel een rol, maar minder dan wordt gedacht’, meent Wim de Kloe, directeur Onderwijs aan het Driestar College te Gouda. ‘Bovendien hebben onze leerlingen die achterstand  voor een groot deel wel ingehaald. De onderzoeken die het Reformatorisch Dagblad heeft gedaan naar de reformatorische jongerencultuur, liegen er niet om.’
De Kloe denkt dat het reformatorisch onderwijs zich het probleem voor een deel ook zelf heeft aangepraat en dat daardoor een fatalistische werkomgeving is ontstaan. ‘De resultaten zijn al jaren slecht. Er is een soort gewenning ontstaan dat het nu eenmaal zo is en dat we toch niet in staat zijn om het te veranderen. Ouders moeten meer gaan beseffen hoe belangrijk Engels is voor hun kinderen. En docenten moeten gaan inzien dat ze met een effectieve aanpak betere resultaten kunnen bereiken.’ Het Driestar College loopt een driejarig project waarin docenten daarbij gestructureerd worden geholpen. Veel aandacht gaat uit naar het inzetten van effectievere leesstrategieën en het gebruik van Engels als voertaal in de les.

Motivatie
Bijna alle scholen hebben wel een visie ontwikkeld op de manier waarop ze het vak Engels moeten geven, denkt Jan Schouten, directielid van het Van Lodensteincollege en voorzitter van de werkgroep Engels. Maar het gaat vaak mis bij de implementatie. Schouten legt daarom de vinger vooral bij de motivatie van docenten om zich te blijven ontwikkelen. Investeren in docenten, daar hangt volgens hem alles van af. Investeren in het repertoire van docenten, maar ook in de manier waarop zij dat onderhouden en vergroten. ‘Maar als je jarenlang in een sectie hebt gewerkt die ondanks allerlei verbeterplannen geen goede opbrengsten had, is de kans dat je gemotiveerd raakt voor nog eens een opgelegd initiatief niet groot. Daarom starten wij in onze werkgroep bij de docent: Wat vindt een docent nu leuk aan zijn vak en hoe kan je er voor docenten een boost aan geven? Hoe leren docenten en hoe ontwikkel je een lerende gemeenschap?’

Ontwikkelen
De ervaringen van het Calvijn College, dat op meer locaties in vmbo g(t) op of boven het landelijk gemiddelde scoorde bij de moderne vreemde talen, lijken bovenstaande opvattingen te bevestigen. Raymond Schroevers, schoolbrede sectievoorzitter en zelf werkzaam als docent Engels in Middelburg: “Ik schrijf onze resultaten vooral toe aan het feit dat ik hier samenwerk met een collega met verstand van zijn vak en sterke didactische vaardigheden. Wij lopen al heel wat jaren mee, maar proberen ons steeds te blijven ontwikkelen.”

Doorlopende leerlijn
Het probleem van de vo-scholen staat uiteraard niet op zich. Schouten: ‘De leerlijn Engels loopt van de basisschool, via de onderbouw van het voortgezet onderwijs naar de bovenbouw. We zien dat nog te veel als verschillende blokken. Er moet meer aandacht zijn voor de aansluiting, niet vanuit grensverantwoordelijkheden, maar vanuit doorlopende verantwoordelijkheden.’
Daarnaast moeten de reformatorische basisscholen, op de positieve uitzonderingen na, nog groeien op het gebied van Engels. ‘Het niveau van de leerlingen die binnenkomen op het Driestar College is nu nog zo verschillend dat je bij nul moet beginnen’, aldus De Kloe. Hij verwacht wel positieve effecten van initiatieven als het Deltaplan Engels van Driestar Educatief en de uitwisseling die overal ontstaat tussen het voortgezet onderwijs en het basisonderwijs, maar pas op veel langere termijn.

Lerarentekort
Een te laag of een te wisselend niveau voor Engels bij de instroom in het voortgezet onderwijs betekent een extra beroep op de docent in de onderbouw. Maar door het lerarentekort in de afgelopen jaren, zijn juist in de onderbouw veel onbevoegde docenten benoemd. Zo versterken de problemen elkaar. Veel scholen meten wel de verschillen die er bij leerlingen zijn in het niveau voor Engels, maar voor een onervaren docent is het meestal niet haalbaar om deze meetresultaten om te zetten in een gedifferentieerde aanpak. De achterstand die daardoor ontstaat, is in de bovenbouw soms niet meer in te halen.

Taalverwerving
Als er ergens winst te halen valt, is het in het basisonderwijs, verwacht ook Raymond Schroevers. ‘De beste tijd voor kinderen om te beginnen met het leren van een tweede taal, is als ze op de basisschool zitten, zodra ze de moedertaal onder de knie hebben. Onderzoek laat zien dat de hersenen van jonge kinderen heel gevoelig zijn voor taalverwerving. Een puber van twaalf of dertien jaar heeft  veel meer moeite met het leren van een vreemde taal. Niet alleen omdat hij andere interesses heeft, maar ook omdat het in zijn hersenen een stuk moeilijker gaat.’ Het voortgezet onderwijs moet volgens Schroevers daarom nog veel meer besef krijgen van het belang van samenwerking met het basisonderwijs.  Daarnaast is er meer kennis nodig hoe die taalontwikkeling vervolgens op de beste manier in het voortgezet onderwijs kan worden doorgezet.

Internationalisering
Henk van Sorge, coördinator tto en internationalisering op de Jacobus Fruytier scholengemeenschap koppelt de verbetering van het Engels ook aan het thema tweetalig onderwijs en internationalisering. ’t Gaat om om de onderdompeling in die taal én een contextrijke taalomgeving van de op het Engels georiënteerde maatschappij. ‘Ik sluit niet uit dat reformatorische gezinnen gemiddeld genomen minder internationaal georiënteerd zijn dan gezinnen buiten onze kring. Maar ook voor onze scholen is het goed om leerlingen nog meer  te leren functioneren in de Engelstalige Europese en internationale maatschappij. Zo verandert ook de houding tegenover talen en wordt het belang duidelijker om ook andere vakken in het Engels te doceren. Wij ervaren in het tweetalig onderwijs dat dat opvallend positieve effecten heeft en onderzoeken bevestigen dit. We proberen deze tweetalige verworvenheden ook nuttig te maken voor de havo en het vmbo. De ontwikkeling in onze tijd is dat je als docenten Engels de taal steeds meer samen met collega's van andere vakken doceert!’

(1) Op basis van opbrengstenkaarten 2009.

Dit artikel werd u aangeboden door: De Reformatorische School

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 2010

De Reformatorische School | 1 Pagina's

‘Hoe kun je er voor docenten een boost aan geven?’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 2010

De Reformatorische School | 1 Pagina's

PDF Bekijken