Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een gewone vent, die meepraat over gewone thema’s

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een gewone vent, die meepraat over gewone thema’s

Henk Vos neemt afscheid van de VGS

7 minuten leestijd

Toen hij als 53-jarige bij VGS de begon, verwachtte Henk Vos bij gezondheid nog zeven jaren te werken. Uiteindelijk werden het er elf. D.V. 1 september komt officieel een einde aan zijn loopbaan. Met voldoening blikt de bestuurder terug. Het reformatorisch onderwijs staat op de kaart. De toekomst ziet hij ondanks zorgen over de vrijheid van onderwijs niet somber tegemoet. Ons voortbestaan hangt af van een duidelijke identiteit, kwaliteit en een betrokken achterban.

Na een carrière in het zakenleven werd Vos in 2002 directeur bij de VGS. ‘Ik heb altijd om de tien jaar iets heel nieuws gezocht. Hiervoor was ik onder andere adjunct-directeur bij een transportbedrijf en controller bij een internationaal vleesconcern. Mijn ambitie was mijn loopbaan af te ronden in een financiële functie bij een zorginstelling, maar in de sollicitatiegesprekken ontstond gewoon geen klik. Bij de VGS gebeurde dat wel direct. Het waren met name de mensen die mij de baan deden accepteren. Met de onderwijssector zelf had ik op dat moment nog weinig. Zolang ik schoolgaande kinderen had, heb ik wel altijd in schoolbesturen gezeten, maar dat was alweer even geleden.’

Vos: ‘Sprak in eerste instantie vooral de nieuwe uitdaging mij aan, al snel ging ik mij vereenzelvigen met de functie. Het geeft me een goed gevoel als ik zie hoe de VGS en de scholen zich in het afgelopen decennium ontwikkeld hebben. Maar ik wil ook bescheiden zijn. Als je werk succesvol is, komt dat omdat de Heere het geeft. Ook voor de enorme collegialiteit in het team ben ik dankbaar. Als directeur kun je het uiteraard niet alleen.’

Meten

Bij zijn aantreden in Ridderkerk concentreerde Vos zich eerst op de interne organisatie. ‘In die tijd was de VGS zoekende naar haar positie en rol. De besturenorganisatie fuseerde kort na mijn komst met het administratiekantoor AG S. Daarna volgde een periode van integratie en cultuurverandering. We moesten van een aanbodgerichte organisatie veranderen in een vraaggestuurde organisatie en de kwaliteit sterk verbeteren. Dat was niet altijd gemakkelijk, maar ik durf te zeggen dat we ons nu kunnen meten met de beste organisaties in de sector.’

Volgens Vos zit de kracht van de besturenorganisatie mede in de nauwe band met de dienstverlenende poot. ‘Als besturenorganisatie zijn we zo klein dat het niet te doen is om op alle relevante terreinen expertise in huis te hebben. Veel van wat we als besturenorganisatie doen, gebeurt daarom met ondersteuning van mensen van VGS Adivio.’

Karikaturen

Vos investeerde samen met zijn collega’s veel in de belangenbehartiging en vertegenwoordiging. ‘Men kent ons nu en weet waar we voor staan. Waren er eerst alleen contacten met SGP en Christen- Unie, nu zoeken we alle politieke partijen op, of ze ons nu wel of niet gunstig gezind zijn. Ook nodigen we politici uit op de scholen. Het is goed dat men de VGS en de reformatorische scholen kent. Dat helpt om karikaturen te voorkomen. Recent hebben we ook de contacten met vertegenwoordigers binnen het Europese parlement opgepakt.’

In de VO-raad en PO -raad heeft VGS een volwaardige zetel. ‘Hoewel we klein zijn, worden we niet anders gewaardeerd dan de andere organisaties.’ Volgens de scheidend bestuurder komt dat omdat de VGS goede bijdragen levert. ‘Wie serieus genomen wil worden, moet zelf ook serieuze inbreng hebben. Je kunt niet alleen komen praten over identiteit; je moet laten zien dat je een gewone vent bent, die ook mee kan praten over gewone thema’s. Om voor de visienota homoseksualiteit begrip te kweken, moet je ook stevig meewerken aan een thema als bekostiging. Wij participeren bijna bij alle vraagstukken, behalve als het om de puur onderwijskundige gaat. Dat is het terrein van Driestar-Educatief. Dat geven we eerlijk aan en dat wordt dan ook geaccepteerd.’

Autoriteit

Een belangrijke opbrengst van de afgelopen jaren vindt Vos het identiteitsprofiel. ‘In onze achterban is dit profiel positief ontvangen. Het wordt het onder andere gebruikt binnen het personeelsbeleid. Ook hebben we erover gesproken met de minister van OC W, om duidelijkheid te geven over de positie van de reformatorische scholen in het geheel van de denominaties.’

Ook het nascholingstraject ter vergroting van de financiële deskundigheid in de eigen achterban wil Vos niet onvermeld laten. ‘In het kader van deregulering en autonomievergroting werd de lumpsumfinanciering ingevoerd. Voor die tijd hadden directeuren nauwelijks van doen met financiën. We startten daarom met een heel laagdrempelige cursus lumpsum. In het kielzog daarvan kwamen modules als een begroting maken. Daarna maakten we de stap naar de meerjarenbegroting en werd de onderwijskundige visie leidend in plaats van het budget’.

Autoriteit

De VGS-bestuurder is trots op de resultaten van dit traject. ´Het veld heeft de nieuwe verantwoordelijkheid goed opgepakt. Ook in vergelijking met andere denominaties. We hadden het voordeel dat de VGS een kleine organisatie was. De achterban droeg ons een warm hart toe en we hadden autoriteit. Daardoor deden praktisch alle scholen mee met de scholing. Dat zagen we later ook in het governancetraject. Binnen de wettelijke kaders kwamen we tot een model dat past bij de eigen achterban. Een aantal scholen verkeert nog in de fase van verder leren en implementeren, maar over het algemeen heeft het veld de slag naar scheiding van bestuur en toezicht wel gemaakt.´

Als teleurstellend dossier noemt Vos Dunamis. Daarmee doelt hij op het franchiseconcept dat VGS mee ontwikkelde om, met behoud van identiteit, de kwaliteit en continuïteit van het christelijk/reformatorisch onderwijs te waarborgen. ´Scholen moesten aan een aantal kwaliteitseisen voldoen om te kunnen participeren. Dunamis zou hen vervolgens scherp houden. Ik vind het nog steeds jammer dat het

concept niet succesvol is geworden. Het had scholen echt op een hoger plan kunnen brengen en de onderlinge samenwerking kunnen bevorderen.’

Praktisch

Vos houdt er rekening mee dat in de ruimte voor eigen toelatingsbeleid van reformatorische scholen kleiner wordt. ‘Daarom moeten scholen absolute duidelijkheid hebben en geven over hun identiteit. Zorg dat helder is wat ouders van de school mogen verwachten, maar ook wat de school van de ouders verwacht. Dan kunnen ouders goed beoordelen of hun kind zich op de school thuis kan voelen. Als dat het geval is, hoef je geen bijzondere problemen te verwachten. Er zullen altijd wel wat ouders zijn die om praktische reden voor de school kiezen, hoewel de identiteit hen minder aanspreekt. Maar dat zal niet de dominante groep zijn.’

Een mogelijke inperking van het eigen benoemingsbeleid ziet Vos alleen in formele zin als een gevaar. ‘In praktische zin blijft het altijd zo dat je een kandidaat benoemt op basis van een totaalplaatje. Daardoor verwacht ik niet veel moeilijkheden, tenzij de arbeidsmarkt zo terugloopt dat er op veel vacatures slechts één kandidaat komt. Maar dan is het echte probleem niet de wettelijke ruimte, maar het gebrek aan belangstelling voor het onderwijs binnen de gezindte.’

Kruistocht

Ook met de verplichte aandacht voor seksuele diversiteit in het onderwijs kan volgens Vos op een praktische manier worden omgegaan. ‘Dat is niet nieuw. De evolutieleer wordt al tientallen jaren op onze vo-scholen onderwezen. Niets staat ons echter in de weg om in de lessen mee te geven dat wij geloven in de schepping door de God van hemel en aarde. Het is zelfs de vraag of het erg is ook andere meningen te onderwijzen. Leerlingen en studenten moeten immers niet alleen kunnen staan voor hun eigen overtuigingen. Om in het debat overeind te blijven, hebben ze ook goede kennis nodig van de seculiere opvattingen.’

Vos herkent dat er ook in ons land stemmen opgaan voor meer neutraal onderwijs, maar hij ziet daarin voor de korte termijn geen serieuze bedreiging. ‘Nederland wil niet geregeerd worden. In de basis is ons land best tolerant en liberaal. Er wordt wel hard geroepen, maar we hebben nog steeds joodse scholen, islamitische scholen, christelijk en openbaar onderwijs. Ik ben niet zo benauwd voor ons voortbestaan, zolang we maar volwaardig meedoen. Van de kruistocht tegen het islamitisch onderwijs merk je ook niets meer nu de kwaliteit van die scholen aanzienlijk verbeterd is. Minister van Bijsterveldt zei het ook eens: Over de continuïteit van het reformatorisch onderwijs hoef je je geen zorgen te maken, zolang je maar zorgt dat je kwaliteit levert, draagvlak hebt in je eigen achterban en binnen de wettelijke kaders blijft. Ik denk dat dat helemaal waar is en het geeft mij voldoening dat ik daar de afgelopen jaren een bijdrage aan heb mogen leveren.’

Dick Both
Hoofdredacteur DRS Magazine

Marianne Roest
Redactielid DRS Magazine

Dit artikel werd u aangeboden door: De Reformatorische School

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 2013

De Reformatorische School | 40 Pagina's

Een gewone vent, die meepraat over gewone thema’s

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 2013

De Reformatorische School | 40 Pagina's

PDF Bekijken