Bekijk het origineel

De zeven Geesten Gods

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De zeven Geesten Gods

En zeven vurige lampen waren brandende voor den troon; welke zijn de zeven Geesten Gods. Openbaring 4 : 5b

5 minuten leestijd

Door de ogen van Johannes mogen we vanuit onze tekstwoorden een blik slaan in de hemelse troonzaal. In de geest is de apostel er binnengeleid. De verhoogde Christus heeft hem naar de hemel geroepen. kom hier op, zo lezen we in vers 1, en Ik zal u tonen hetgeen na deze geschieden moet. En als hij dan in de geest de troonzaal wordt binnengeleid dan is het eerste wat hij ziet een troon. Deze troon vormt het absolute middelpunt van de hemel. Alles wat Johannes ziet gebeurt vanaf de troon, rondom de troon en voor de troon. Zo ook wat we lezen in onze tekst.

Johannes ziet zeven vurige lampen voor de troon, of zoals het ook vertaald mag worden: zeven lampen van vuur. Ze dragen het vuur niet alleen, maar ze zijn ook van vuur. Het gaat om zeven stralenbundels van enkel vuur die de hemel maar ook de troon in een vurige gloed zetten. Onmiddellijk volgt de verklaring als we lezen: ‘welke zijn de zeven Geesten Gods’. Wonderlijke uitdrukking, vindt u niet? Er is toch maar Eén God de Heilige Geest, zoals er ook Eén God de Vader en Eén God de Zoon is? Dat is waar. Het is één Geest, maar, en dan zijn we bij de betekenis van die wonderlijke woorden, Die ene Geest is wel onderscheiden en veelsoortig in Zijn werkingen. Maar waarom dan zeven Geesten? Omdat zeven het Bijbelse getal van de volheid is. Dus hoe ziet Johannes de Heilige Geest voor de troon? In de volheid van Zijn werkingen en, zoals kanttekening 16 zegt, ‘in de verscheidenheid van Zijn gaven’. In deze meditatie willen we vooral letten op het feit dat deze lampen brandende zijn voor de troon. Het eerste doel van deze lampen is dus: licht verspreiden. Wat betekent dat? Wel, dat Johannes alles in de hemelse troonzaal ziet bij Geesteslicht. De zeven Geesten voor de troon werpen hun licht op de troon en daarin ook op Hem Die op de troon zit. Wat leert ons dat? Dat God door God verklaard wordt. De derde Persoon in het Goddelijke wezen verklaart hier de eerste Persoon. En hoe? Zoals Hij door Johannes gezien wordt. De apostel heeft naar woorden en beelden gezocht om iets weer te geven van hetgeen eigenlijk in woorden niet is weer te geven. En toch probeert hij het als hij zegt: ‘En Die daarop zat, was in het aanzien den steen jaspis en sardis gelijk’; Er worden hier twee edelstenen genoemd. De jaspis is een kostbare, kristalzuivere diamant. We mogen er een heenwijzing in zien naar God in de deugd van Zijn heiligheid, waarin Hij zuiverder is dan het aller-zuiverste kristal. De tweede edelsteen is de sardis, waarbij we waarschijnlijk moeten denken aan een Robijn of aan een Carneool, in ieder geval aan een bloedrode edelsteen. Deze wijst ons op God in de deugd van Zijn rechtvaardigheid. Wanneer gaat een edelsteen glanzen? Dat is toch als er licht over valt? Welnu, wanneer gaat God glans verkrijgen, in de uitstraling van Zijn heilige deugden in het leven van een adamskind? Als de zeven vurige lampen die voor de troon zijn, welke zijn de Zeven Geesten Gods, hun licht daarover doen schijnen. Weet u er van? Is God bij Geesteslicht al eens gaan glanzen in de deugd van Zijn heiligheid? En heeft de weerkaatsing daarvan in uw ziel de nood van uw bestaan opengelegd?
Een mens kan vuil en besmeurd zijn, maar zolang hij daarmee in een donkere kamer staat, ziet hij het niet en hindert het hem niet. Maar dat verandert zodra het licht ontstoken wordt. Zo is het ook met ons mensen. We zijn tot in de wortels van ons bestaan verdorven en aangetast door de zonden. Maar we zien het niet, totdat de lichtglans van Gods heiligheid ons openbaar maakt. Dat leidt tot zelfmishagen en verootmoediging. Maar als dan ook de deugd van Gods bloedrode rechtvaardigheid gaat schitteren in ons leven en het in de ziel wordt afgedrukt: ‘God wil dat aan Zijn gerechtigheid genoeg geschiede’, wat wordt het dan bang. Dan kunnen wij voor de troon niet bestaan. Dan vrezen we dat de bliksemen die van de troon uitgaan ons nog zullen verteren. Dan gaat een mens bij Geesteslicht zijn vonnis lezen. Nee, dat vonnis wordt dan niet verworpen maar aanvaard. Daar wordt onder gebogen.
Maar nu het wonder. Johannes heeft nog meer gezien bij het licht van de zeven vurige lampen. U leest ervan in hoofdstuk 5. ‘En ik zag, en zie, in het midden van de troon (..) een Lam staande als geslacht’.
Hij ziet er Christus in Zijn Borgtocht. Wat is het een onvergetelijk ogenblik als de door de wet veroordeelde zondaar, die Gods recht in haar eisen en in haar vonnis is toegevallen, bij Geesteslicht iets verklaard mag krijgen van de Middellaar Gods en der mensen. Ja, dat is óók Geesteswerk. Daar zijn ook die lichtstralen des Geestes toe nodig, anders blijft het Lam verborgen. Kom, lezer, zijn deze hemelse werkelijkheden al verklaard en toegepast in uw ziel? Als het daar nog aan ontbreekt, dan staat het er allerellendigst met u voor.
Dan ontbreekt het aan de zo noodzakelijke kennis van God, van onszelf en van Christus. Laat het dan uw gebed toch zijn: Zend Heere Uw licht (Geesteslicht) en Uw Waarheid, dat die mij leiden.
En u die bij Geesteslicht hebt mogen blikken op de troon, ja tot in het midden van de troon waar het Lam is: smeek om nader licht. Om nu met bewustheid voor eigen hart en leven Hem die van nature uw Rechter is te mogen leren kennen als een verzoend Vader in Christus.

Ds. A.T. Huijser, Sliedrecht

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 augustus 2015

De Saambinder | 16 Pagina's

De zeven Geesten Gods

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 augustus 2015

De Saambinder | 16 Pagina's

PDF Bekijken