Bekijk het origineel

Stiefkinderen komen voor veel problemen te staan

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Stiefkinderen komen voor veel problemen te staan

Mag je je stiefmoeder leuker vinden je echte moeder?

10 minuten leestijd

Mag je je stiefmoeder leuker vinden je echte moeder?<br />

Siefvader of -moeder worden en daarbij een goede band krijgen met de stiefkinderen gaat niet vanzelf. De nieuwe ouder komt in een gezinssysteem waar aljaren allerlei gewoonten, regels en afspraken bestaan. Bij het huwelijk krijg je daar niet automatisch een plaats in: er is vertrouwen nodig om liefde te geven èn te ontvangen, om regels voor te schrijven èn om regels te accepteren, om gehoorzaamheid te vragen, gezag te kweken, contact te hebben. En dan gaat nog lang niet alles soepel — net zomin als in het 'gewone' gezin. Gelukkig overkomt niet iedereen hetzelfde, want iedere ouder, ieder kind, iedere situatie is anders. Toch kan het wel eens goed zijn om na te denken over de moeilijkheden die anderen ondervonden toen ze stiefouder werden of voor de tweede keer trouwden. Als we begrijpen wat er fout gaat en waarom, en op onze hoede zijn omdat we de situatie herkennen, dan zal het waarschijnlijk nooit zo uit de hand lopen als bij sommige stiefouders die hun ervaringen vertelden. In het vorige artikel hebben we al heel wat problemen gezien die in stiefgezinnen voor kunnen komen en dat ligt dan lang niet altijd aan de nieuwe ouder. Ook de kinderen kunnen veel narigheid veroorzaken als ze een tweede vader of moeder krijgen. Hoe reageren ze op de komst van de stiefouder? Enkele mogelijkheden komen in dit artikel ter sprake.

Schuldgevoelens
,,0p een dag, toen mijn vader op vakantie was, is ze weggelopen. Ik dacht dat ze ons niet meer aardig vond. Dat het onze schuld was dat ze wegging. Mijn broer en ik maken altijd veel ruzie. Mijn vader zei later dat het mijn moeders schuld was, en mijn moeder zei weer dat het door mijn vader kwam." Jonge kinderen denken heel egocentrisch, dat wil zeggen, dat ze zélf in het middelpunt staan bij alles wat hen overkomt. Zo zijn er kinderen die denken, dat papa weggegaan is om hen: ,,Papa heeft ons expres in de steek gelaten om ons te straffen!" Ook door ons taalgebruik kunnen we als volwassenen schuldgevoelens bij ons kind opwekken. Moeder roept ongeduldig uit: ,,lk word ziek van dat gezeur van jou!" en als ze dan werkelijk ziek wordt... ? Oudere kinderen doorzien beter de realititeit, maar bij jongere kinderen kunnen de schuldgevoelens overgevoeligheid voor ruzies teweeg brengen. Ze durven hun boosheid over iets niet te tonen; ze zijn heel lief, braaf en volgzaam en ze doen alles om de vrede maar te bewaren. ,, Als er ruzie is geef ik meestal maar toe; ik wil niet dat ze herrie met mijn vader krijgt om mij, want als ik niet uitkijk gaan ze wéér scheiden. Daarom laat ik vaak maar dingen zitten.

Vermijdingsreacties
Arie voelt zich heel alleen. Zijn moeder is weg en nu ervaart hij dat alsof ze hem zomaar in de steek heeft gelaten. Eigenlijk is hij diep in zijn hart boos op haar. Waarom komt ze nooit terug? Er komt een stiefmoeder in huis, een lieve vrouw, die probeert de jongen te troosten, op te vangen, liefde te geven. Steeds weer opnieuw geeft ze hem aandacht en genegenheid. Arie kan echter het gevoel van in de steek gelaten te zij n niet vergeten en wil z' n tweede moeder niet accepteren uit angst om straks wéér veriaten te worden. Hij reageert op al haar pogingen met onverschilligheid en kilte. Nooit grijpt hij de toegestoken hand en op haar liefde gaat hij niet in. Hij wil niet geknuffeld worden, wil niet op schoot zitten; zelfs waarderende woorden vallen verkeerd. Een heel teleurstellende ervaring is dat voor de stiefmoeder en onwillekeurig trekt ze zich terug. Ze voelt zich toch gekwetst en geeft het langzamerhand op... Ja, dan staat Arie dus inderdaad wéér alleen. ,,Ziejewel", denkt hij,,, ik wist dat ze net zo gemeen is als m' n eigen moeder. Ze houdt helemaal niet van mij!" en hij keert zich totaal van haar af, wordt moeilijk in de omgang en probeert al het mogelijke te doen om tussen vader en moeder een wig te drijven.

Keuzeconflicten
Als vader of moeder hertrouwt, zitten kinderen soms met alleriei gedachten en gevoelens waar ze maar moeilijk mee voor de dag durven komen. Kan dat eigenlijk wel, je stiefmoeder aardiger vinden dan je eigen moeder? Mag je wel beter met je stiefvader op kunnen schieten? Is dat geen verraad? Doe je je eigen vader of moeder daar niet mee te kort? Ook de ouders zelf hebben vaak onuitgesproken vragen ten opzichte van elkaar. In een gespreksgroep voor stiefouders kwam naar voren dat vooral de moeder zich afvraagt of haar man voor haar of voor zijn kinderen kiest. Een stiefmoeder zegt daar echter over:,,Het gaat niet op te zeggen, ik kies of voor mijn nieuwe vrouw of voor mijn kind(eren). Daarin heeft de man gewoon geen keus, want het kind is er al. Als de man z' n verlies heeft verwerkt, voldoende afstand kan nemen van het verleden, en z'n nieuwe vrouw niet ziet als een vervangend 'object' voor zijn overleden vrouw, dan bestaat er geen keuze en dus ook geen conflict." Verschillende ouders gaven aan, dat dan pas een sterke band kon groeien tussen man en vrouw. Daar konden de kinderen met al hun problemen en conflicten niet tussen komen en dat bleek heel belangrijk te zijn voor het ontstaan van de juiste verhoudingen binnen het gezin.,, Waar m'n man en ik heel erg op letten is, dat de kinderen geen wig tussen ons drijven. Als Maaike bij mij komt met klachten over haar vader, probeer ik haar duidelij k te maken, dat wanneer ze iets met haar vader heeft, ze dat ook met hèm uit moet praten. Ik denk dat het belangrijk is datje als (stief )ouders achter elkaar staat, elkaar door dik en dun steunt. Alsje het niet met eikaars handelswijze eens bent, kun je daar achteraf nog over praten. Je moet elkaar niet laten vallen." In een stiefgezin zijn de onderlinge relaties niet vanzelfsprekend goed. Een hertrouwde vader met twee dochters van 12 en 14 jaar vertelt onder meer: ,,Toen ik acht maanden na mijn scheiding Leonie tegen het lijf liep, wist ik meteen: dit is ze. Of ik het uitvoerig met mijn dochters besproken had? Nee, nauwelijks. Het kwam eenvoudigweg niet bij me op dat er problemen aan vast konden zitten. Ontstellend naïef misschien, maar ik dacht: we houden toch van elkaar, wat kan er dan nog misgaan?" Nu, er kan zo veel verkeerd gaan, dat zelfs de verhouding tussen ouder en stiefouder onder spanning komttestaan. Natuurlijk merken de kinderen dat en —onbewust— neemt een van hen de taak op zich om de aandacht van de ouders van hun relatie tot elkaar af te leiden. Het wil niet eten, het plast in bed, het krijgt problemen op school, of wat dan ook maar geschikt is om zo veel aandacht en energie op zich te vestigen dat er geen tijd en ruimte overblijft om zich als ouders met de onder spanning staande verhouding bezig te houden. Echter niet alleen door kwaaltjes, kinderlijk gedrag, achterblijven op school, maar ook door lastig-zijn kan het kind proberen op te vallen. De ouders reageren natuurlijk op zulk negatief gedrag en daarmee bereikt het kind zijn doel: de relatie tussen vader en moeder verbetert (waarschijnlijk), wantsamen-zorg-hebben schept een band!

Stief- en halfbroertjes en -zusjes
In één gezin kunnen verschillende'soorten' kinderen samen gebracht zijn. Toen de vader van Arie hertrouwde, kwamen er twee stiefzusjes bij in het gezin. Later werden er nog kinderen geboren, zodat Arie daarmee halfbroertjes en -zusjes kreeg. Nu zijn dat nog niet de enige mogelijkheden: in het gescheiden gezin kan de ouder die weggegaan is eveneens hertrouwen en een vrouw met enkele kinderen doet haarintrede in zijn huis. Arie zou daarmee dus nog meerstiefbroertjesen -zusjes krijgen. Ook in dit gezin kunnen kinderen geboren worden: halfbroertjes en halfzusjes voor Arie! Zo krijgt de jongen ' opeens' heel wat te verwerken. Eerst was hij alleen: nu moet hij rekening houden met de andere kinderen. Ze spelen met zijn speelgoed, komen op zijn kamer: hij is niet meer de enige die alle aandacht krijgt, maar hij moet delen! Moeilijkheden kunnen in zulke gevallen ook ontstaan door grote leeftijdsverschillen tussen de kinderen. Ouderen weten niet goed om [> te gaan met de' kleintjes', Ze vinden ze maar lastig, terwijl de jongeren zich overvleugeld voelen door de wijze praat en het (bijna) volwassen gedrag van de groten. Het is logisch dat niet van de ene op de andere dag deze 'soorten' kinderen zich broers en zussen voor elkaar voelen. Als moeder een ruzie beslecht en opmerkt: „Je moet lief zij n voor hem, want hij is toch je broertje", dan is dat voor het bedoelde kind alleen verstandelijk waar, maar zijn broederlijk gevoel hoeft nog helemaal niet ontwikkeld te zijn. Oudere stiefkinderen die meekomen in een bestaand gezin zijn soms erg eenzaam. Ze voelen zich als vreemde eenden in de bijt, missen hun eigen kamer, hun huis, buurt, school, en moeten tegelijkertijd leren omgaan met bij voorbeeld hun nieuwe vader, hun stiefbroertjes en -zusjes. Bepaalde regels kennen of begrijpen ze niet, 'gezinsgrapjes' ontgaan ze en ze zien zich soms als ongewenste pottenkijkers! Natuurlijk verdwijnt dat 'vreemd-zijn' wel, vooral als ze merken dat vader en moeder veel van elkaar houden en samen de zorg en aandacht delen voor hen: de (stief)kinderen. In het gezin met 'soorten' kinderen bestaat natuurlijk ook méér kans de ene partij voor te trekken. Hoe schadelijk dat is, is overbekend!

Christelijk gezin
Opvoeden gaat niet vanzelf in het complete gezin. Dat gaat het óók niet in het éénoudergezin en in het stiefgezin. Het valt niet mee alleen te staan in de opvoeding van de kinderen; het is ook moeilijk om met verschillende mensen(kinderen) een gezin te gaan vormen met dezelfde rechten, plichten, regels, gewoonten. En dan denken we eigenlijk alleen nog maar aan het gewone dagelijkse leven. Dat wordt in diverse boeken over het besproken onderwerp nog wel aan de orde gesteld. Wie op de een of andere manier te maken heeft met stiefkinderen en hun moeilijkheden, en zich verdiepen wil in deze materie, zal het zeker als een groot gemis ervaren dat over het christelijk (stief)gezin zo weinig te lezen is. De beschreven situaties zijn levensecht, de moeilijkheden herkenbaar, maar helaas blijft het alleen bij wat maatschappelijke en sociale problemen. Oplossingen die aangereikt worden strijden nogal eens met onze principes, zoals bij voorbeeld de raad om eerst maar een poosje te gaan samenwonen om 'alvast te wennen'. Juist datgene, waar het christelijk (stief )gezin mee worstelt — de verhouding tot elkaar en de kinderen, en het opvoeden in de vreze des Heeren — wordt in deze literatuur niet besproken.

Literatuur
De besproken voorbeelden van stiefouders en hun kinderen komen meest uit het boek: "Kinderen geen bezwaar - omgaan met elkaar in het stiefgezin", door Therese Dingelhoff-Lehr; uitg. Boom, Meppel, 1986. Andere boeken over hetzelfde onderwerp zijn: "Eten stiefouders je op? Kinderen over nieuwe ouders" door E. Lockhorn, Baarn, 1985: "Andermans kinderen, de problemen van het stiefvader of stiefmoederzijn" doorB. Maddox; Amsterdam, 1977; "De nieuwe stiefgezinnen" door S. de Zwart, Den Haag, 1983.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 25 november 1987

Terdege | 64 Pagina's

Stiefkinderen komen voor veel problemen te staan

Bekijk de hele uitgave van woensdag 25 november 1987

Terdege | 64 Pagina's

PDF Bekijken