Bekijk het origineel

Honderden vliegende, lopende, pratende en vreemde vogels in hun nagebootste natuurlijke omgeving

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Honderden vliegende, lopende, pratende en vreemde vogels in hun nagebootste natuurlijke omgeving

Waarom zou u in de winter niet eens naar

8 minuten leestijd

<br />Wie Avifauna bezoekt, kan zich op veel manieren vermaken. Voor de kinderen is er, vanzelfsprekend, een speeltuin. Er zijn ook pony's, motorbootjes en nog meer attracties. Het eigenlijke doel van een bezoek aan Avifauna vormen de vogels. Wie de honderden soorten bekijkt, raakt steeds meer verwonderd over de enorme verscheidenheid van vormen en kleuren. Daarom is Avifauna ook "s winters een bezoek waard.


Van alle dieren zijn de vogels als het ware de symbolen van vrijheid en ongebondenheid. Meer dan enig andere diersoort kunnen zij zich onbelemmerd verplaatsen. Daarvan getuigt vooral de voorjaarsen najaarstrek. Trekvogels leggen dan enorme afstanden af. Wat kleine en tere vogels tijdens de trek presteren, grenst aan het ongelooflijke. Eeuwenlang is de mens tamelijk gebonden geweest aan zijn woonomgeving en kon hij zich slechts met moeite en ten koste van veel tijd over grote afstand verplaatsen. De vogels zijn echter vanaf de schepping meesters van de lucht. Wie het vliegen van vogels bestudeert, kan deze dieren benijden. Hoe gemakkelijk kunnen zij zich bewegen. Schijnbaar moeiteloos doorkruisen zij het luchtruim. Daarmee vertolken zij de hoogste mate van bewegingsvrijheid. Vliegen... het is een kunst!

Vliegtechniek
Juist door zijn bijzondere levenswijze is een vogel in een kooitje zo onnatuurlijk. Dat zijn vogelparken goed beschouwd ook. Juist deze vrijbuiters van de lucht moeten daar tegennatuurlijk leven. Want ze kunnen niet of slechts zeer beperkt vliegen. Zelfs de noodzaak tot vliegen is voor gevangen vogels vervallen. En dat is juist kenmerkend voor vogels. Aan die opvallende en karakteristieke eigenschap van het vliegen wordt in de kleurige folder van het Vogelpark Avifauna summier aandacht besteed. Wat is vliegen eigenlijk? Wanneer een vogel zijn vleugels wijd uitspreidt, begint hij in stilstaande lucht direct te vallen. De wind strijkt echter langs zijn uitgespannen vleugels. Doordat de bovenkant en de onderkant van de vleugel precies tegengesteld gevormd zijn, namelijk bol en hol, worden de windstromen ook op verschillende manieren benut. Langs de lichtgewelfde bovenkant van de vleugel stroomt de lucht snel. Daardoor ontstaat er als het ware een luchtledig, een zuigende kracht, waardoor de vleugel wordt opgetild. De holle onderkant van de vleugel heeft een enigszins vertragende invloed op de luchtstroom, waardoor de vleugel opwaarts wordt gedrukt. De wind helpt de vogel dus mee. Zo wordt het vliegen, in het kort, in de brochure verklaard.

Vliegtechnieken
Van de vliegkunst kan meer worden verteld. Het vliegvermogen van vogels kan worden gesplitst in zweven, glijden, fladderen en bidden. Bij alle vier methoden wordt handig gebruik gemaakt van de aërodynamica, de bewegingsleer van de lucht. Iedere vogelsoort heeft een speciale manier van vliegen die past bij zijn lichaamsbouw, maar vaak ook speciaal bij zijn manier van voedsel bemachtigen. Voor het zweven buigt de vogel zijn kop enigszins omlaag en zweeft dan in opstijgende luchtstromingen. Door kleine bewegingen van zijn lichaam of vleugels kan hij correcties aanbrengen. Zweven vergt vrijwel geen krachtsinspanning. De glijvlucht is het vervolg van de zweefvlucht, die vaak geschiedt in de vorm van een spiraal. De vogel moet immers binnen de min of meer cilindervormige kolom opstijgende lucht blijven. Wanneer hij op de top van de denkbeeldige spiraal is gekomen, gaat hij over in een glijvlucht. Die is ideaal voor het overbruggen van grote afstanden. Tijdens de vogeltrek maken grote soorten, zoals ooievaars en roofvogels, daarvan handig gebruik. De gewone vlucht wordt op twee manieren uitgevoerd. Bij het opstijgen om snel te kunnen klimmen. Daarna volgt de gewone horizontale vlucht om afstanden te overbruggen. Om vooruit \> te komen worden de vleugels gebruikt als roeiriemen. De sterke neerwaartse slagen geven snelheid en stijgkracht. De opwaartse slagen zijn passief.

Gespecialiseerd
Het zogenaamde "bidden" is een zeer gespecialiseerde methode van vliegen. De vogel kan daardoor in de lucht stilstaan. Dat doet hij alleen bij het voedsel zoeken. De stilstaande vlucht wordt slechts door een klein aantal vogels beoefend. Het bekendste is het bidden van de torenvalk. Die roofvogel is vrij algemeen en vangt het liefst muizen. Wanneer hij z'n prooi ontdekt, blijft hij al vliegend in de lucht stilstaan om het dier te lokaliseren en de juiste positie te kunnen kiezen voor de overrompeling ervan. Kolibries blijven op die manier stil voor een bloem hangen om daaruit honing te zuigen. Zij maken dan met hun vleugels wel tachtig slagen per seconde. De vleugels worden daarvoor zo gedraaid dat bij de opwaartse slag de verkeerde kant naar boven is gericht. Daardoor wordt de voorwaartse druk van de benedenwaartse slag meteen gecompenseerd door de achterwaartse druk van de opwaartse slag. Daardoor blijft de vogel op dezelfde plaats hangen.

Snavel met etage
De vogels die dit verhaal illustreren zijn, met uitzondering van de duiven, soorten die de vliegkunst niet zo goed beheersen en daaraan ook weinig behoefte hebben. Neushoornvogels bij voorbeeld. Die naam is duidelijk. Die vogels hebben een snavel met een etage erop. Bij de dubbele neushoornvogel is die verhoging zeer duidelijk. Het is een hoornige uitwas. Neushoornvogels trekken in kleine groepjes door het oerwoud, op zoek naar vruchten, insekten, boomkikkers, eieren en nestjongen van andere vogels. Dat is een nogal uitgebreid menu. De vogels zijn groot, sommige wel anderhalve meter. Van enkele soorten wordt het broedende vrouwtje in een boomholte met klei of mest ingemetseld. Het mannetje komt haar dan door een nauwe opening voedsel brengen. Zij laat dat geduldig toe. Het broedende vrouwtje en later de jongen zijn daardoor goed beschermd. In Avifauna is de grootste collectie neushoornvogels van Nederland. Dat komt doordat daar met goed succes met deze vogels wordt gefokt.

Praatvogels
Papegaaien zijn bekende vogels doordat veel particulieren ze graag houden. Ze kunnen immers zo aardig "praten". De prachtig gekleurde edelpapegaaiman is overwegend groen. Het vrouwtje is nog mooier: rood en geel en indigo. Er zijn ruim 300 soorten papegaaien. Een bijzonder kenmerk zijn de stevige grijppoten, waarvan twee tenen naar voren en twee naar achteren zijn gericht. De kromme snavel is ook karakteristiek. Daarvan is de belangrijkste functie het verwerken van voedsel. De snavel dient echter ook voor het voortbewegen en vasthouden. Zie maar hoe een papegaai tegen gaas of tralies opklimt. Niet met handen en voeten maar met snavel en voeten. In gevangenschap kunnen papegaaien een mensenleeftijd bereiken. Vijftig jaar en ouder is geen zeldzaamheid. In alle delen van de wereld met een gematigd of tropisch klimaat komen duiven voor. Twee derde daarvan leeft in Oost-Azië en Australië. Duiven leven meestal in kleine of grote tiroepen. In ons land is dat duidelijk vast te stellen bij de houtduiven en Turkse tortels. Er wordt veel op houtduiven gejaagd, want ze leveren goed wildbraad. Opvallend en mooi is het baltsen van de vogels. Ook het zogenaamde trekkebekken in de paartijd is aandoenlijk. Wie de ijle en doorzichtige nesten van duiven ziet, vreest dat van het broedsel niets terecht zal komen. Dat valt wel mee. De gepaarde vogels blijven elkaar gedurende het leven trouw. Heel andere vogels dan duiven zijn de toekans, die oppervlakkig gezien veel op neushoornvogels lijken. Het zijn bewoners van de hoogste bomen in het oerwoud van Zuid-Amerika. Ze hebben enorme snavels, die bont van kleur zijn, waardoor ze van verre opvallen. Daardoor lijkt een toekan veel op een neushoornvogel. De wetenschappers hebben al lang getracht te ontdekken waarom deze vogels zo'n grote en schijnbaar onhandige snavel hebben. Een goede verklaring daarvoor is er nog steeds niet. Het is voor mij de vraag of alles wetenschappelijk verklaard moet worden. De enorme verscheidenheid van vormen en kleuren is mede het unieke van de schepping. De toekans kunnen zich met hun grote snavel best behelpen en plukken er bessen en andere vruchten mee. Dat werktuig ziet er gevaariijk uit, maar voor verdediging hebben de vogels er weinig of niets aan. Als de toekan gaat slapen, legt hij zijn snavel op zijn rug en bedekt hem met zijn staart.

Beperkte vrijheid
Vogelparken zijn onnatuurlijk, schreef ik aan het begin van dit verhaal. Toch hebben ze ook een educatieve en recreatieve functie. In Avifauna leven ruim 450 soorten vogels. Men kan daar soorten uit alle delen van de wereld gaan bewonderen en bestuderen. Die vogels in de vrije natuur opzoeken is niet mogelijk. Slechts enkelen zijn in de gelegenheid om daarvoor grote en dure reizen te ondernemen. Wie de tropische vogels in de grote overdekte Martinushal in Avifauna bekijkt, ziet ze daar in een zo getrouw mogelijk nagebootste omgeving. Men kan er ook de tropische flora bewonderen. In die hal leven de vogels in beperkte vrijheid en kunnen ze vliegen. En daarvoor zijn de vogels geschapen. Entree ƒ 5,-p.p-, kinderen t/m 12 jaar ƒ 4,-. Voor groepen geldt reductie. Avifauna (Alphen aan de Rijn) is dagelijks geopend van 09.00uurtotzonsondergang. De speeltuin en de Martinushal sluiten in het hoogseizoen onn 18.00 uur, in voor- en naseizoen om 17.00 uur. 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 november 1989

Terdege | 64 Pagina's

Honderden vliegende, lopende, pratende en vreemde vogels in hun nagebootste natuurlijke omgeving

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 november 1989

Terdege | 64 Pagina's

PDF Bekijken