Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een nieuw Pinksteren. Ds. W. van Vlastuin, auteur van

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een nieuw Pinksteren. Ds. W. van Vlastuin, auteur van "Opwekking":

"De Heilige Geest leidt in àlle waarheid en Hij gebruikt daarvoor de gemeenschap der heiligen"

20 minuten leestijd

De pinksterbeweging en de charismatische beweging hebben nadrukkeHjk aandacht gevraagd voor de Heihge Geest en Zijn werk. Dat betekent niet dat de reformatorische traditie hierover niets te zeggen heeft. De grote opwekkingen in Engeland en Amerika hadden plaats onder calvinistische predikers. Een overvloedige zegen daalde neer. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat die zegen meer dan eens ook binnen één generatie weer opgedroogd was. Doordrenkt de gestadige regen een land niet meer dan de kortstondige plensbui? Ds. W. van Vlastuin over goddelijke soevereiniteit en menselijke activiteit in geestelijke opwekkingen.

Dat ook in de gereformeerde gezindte belangstelling bestaat voor het thema opwekking, bewees de ontvangst van een boek dat deze term als titel droeg. Het werd voor de Utrechtse uitgeverij De Banier een bestseller. Er zijn inmiddels zo'n zevenduizend exemplaren van verkocht. Voor de toen nog onbekende auteur, drs. W. van Vlastuin, was het een verrassing. Hij schreef het boek nadat hij persoonlijk sterk aangesproken was door de geschriften van de calvinistische opwekkingsprediker Jonathan Edwards, die door God werd gebruikt voor een grote opwekking in Amerika. Een opwekking die de geschiedenis inging als de "Great Awakening". In brede kring werd "Opwekking" bijzonder gunstig gerecenseerd. De belangstelling voor het thema gaf Van Vlastuin hoop op een interkerkelijk verlangen naar een geestelijk reveil. „Ik moet eerlijk zeggen dat het bij een aantal mensen een modegril is. Maar er zijn ook mensen die er werkelijk mee bezet zijn. Daar ben ik blij om.

Zelfgenoegzaamheid
De geschiedenis leert dat opwekkingen nooit massaal beginnen, maar met het worstelend gebed van enkelingen." In een boekje onder de titel "Opwekking tot verootmoediging" wees de hervormde predikant van Wouterswoude op de zelfgenoegzaamheid in reformatorische kring, de noodzaak van verootmoediging en besef van Gods majesteit en heiligheid. De laatste tijd verdiepte hij zich in het nagelaten werk van de in 1981 overleden calvinistische predikant dr. Martyn Lloyd Jones, die door de vertaling van zijn boeken ook in Nederland een groeiende invloed uitoefent. Een bundel bijbellezingen van Lloyd Jones over het thema opwekking werd op initiatief van Van Vlastuin in Nederland op de markt gebracht onder de titel "Toon mij nu uw heerlijkheid". Hoewel hij grote waardering voor de Engelse prediker heeft, die hij typeert als een man Gods, neemt hij op één punt duidelijk afstand van hem. Net als in charismatische kringen maakt Lloyd Jones onderscheid tussen het ontvangen van de Heilige Geest in de wedergeboorte en het gedoopt worden met de Heilige Geest. In zijn een dezer dagen verschijnende boek "Wordt vervuld" toont Van Vlastuin het onhoudbare van deze opvatting aan. In de lijn van John Owen laat hij de doop met de Heilige Geest samenvallen met de wedergeboorte, hoewel de verzegelende kracht ervan in later tijden sterker ervaren zal worden. Met Lloyd Jones ziet hij de noodzaak van verdieping van het geestelijk leven na de wedergeboorte.

Ongeestelijkheid
De predikant kon bij het schrijven van dit boek nauwelijks terugvallen op bestaande Nederlandstalige reformatorische literatuur. Tegenover een vloed van geschriften over het werk van Christus en een al veel geringer aantal boeken over het werk van God de Vader staat slechts een gering aantal publikaties, vaak in de vorm van artikelen, over depersoonenheto werk van de Heilige Geest. Hoe verklaart u dat het werk van de Heüige Geest in de Nederlandse gereformeerde gezindte zo weinig aandacht heeft? „Ik denk dat het in de eerste plaats te maken heeft met de ongeestelijkheid van de mens. De natuurlijke mens verstaat niet de dingen die des Geestes Gods zijn, want ze zijn hem een dwaasheid. Daarnaast speelt de traditie een rol. Aan de ene kant is Calvijn niet ten onrechte de theoloog van de Heilige Geest genoemd. Tegenover de Roomse kerk met haar nadruk op de kerkregering en de ambten, legde hij de nadruk op het werk van de Heilige Geest door middel van de prediking. Maar anderzijds moet je ook eerlijk zeggen dat hij over teksten die heel uitdrukkelijk gaan over het werk van de Heilige Geest, zoals de tekst "Wordt vervuld met de Geest" in Efeze 5 vers 18, maar heel weinig zegt."

Puritanisme
„In het Engelse puritanisme vind je op dit punt een verdieping van het gedachtengoed van Calvijn. Bij de puriteinen kom je werken tegen die uitsluitend handelen over het werk van de Heilige Geest. John Owen heeft er twee dikke pillen over geschreven. Thomas Goodwin heeft er een lijvige verhandeling over geschreven. In de vorige eeuw hebben mensen als Smeaton en Buchanan er uitvoerig over gepubliceerd. Een werk van Winslow is in het Nederlands vertaald. Ook de Nadere Reformatie in ons land laat ten opzichte van de Reformatie een zekere verdieping zien als het gaat om het werk van de Heilige Geest, maar toch niet zo als in het puritanisme. Dat hangt waarschijnlijk samen met het feit dat in de Engelstalige wereld altijd veel meer aandacht en gebed is geweest voor een opwekking. Lloyd Jones legt een heel direct verband tussen de verminderde aandacht voor de Heilige Geest en de teruggang in het geestelijk leven, de wereldgelijkvormigheid en de verburgerlijking van de kerk. Die mening deel ik."

Pinksteren
Mensen als Mc Cheyne en zijn geestverwant William Reid typeerden opwekkingen als nieuwe uitstrotingen van de Heilige Geest. Hoe beoordeelt u die typering?
„McCheyne volgt hierin Jonathan Edwards, die een verhandeling heeft geschreven over het werk van God in de geschiedenis. Daarin gebruikt hij voortdurend de term "outpouring of the Holy Spirit". Als in Genesis 4 staat dat men ten tijde van Enos de naam des Heeren begon aan te roepen, noemt Edwards dat de eerste uitstorting van de Heilige Geest." Raakt de uniciteit van Pinksteren als heilsfeit door deze terminologie niet in het gedrang? „Edwards en McCheyne hebben ermee aan willen geven dat opwekking geen werk van mensen is, maar van God. Daarnaast hebben ze ermee willen zeggen dat de Heilige Geest niet alleen met Pinksteren zo heerlijk en krachtig heeft gewerkt, maar dat diezelfde werking ook daarna meer dan eens zichtbaar is geworden. Maar ik moet toegeven dat de term op zichzelf inderdaad suggereert dat Pinksteren niet uniek is. Terwijl Pinksteren meer was dan een opwekking. Het Pinksterfeest markeert een nieuwe bedeling en ook een verdieping in Gods heilshandelen. Denk aan Johannes 7 vers 38 en 39: Die in Mij gelooft, gelijkerwijs de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn buik vloeien. En dit zei Hij van de Geest, Dewelken ontvangen zouden die in Hem geloven; want de Heilige Geest was nog niet, overmits Jezus nog niet verheerlijkt was."

Buitengewone gaven
Is de logische consequentie van de terminologie van Edwards en McCheyne niet, dat ook de bijzondere gaven van de Heilige geest bij een opwekking weer terugkeren ?
„Als je de term op zichzelf neemt wel. Is de uitstorting van de Heilige Geest niet uniek, dan zijn ook de bijbehorende tekenen als tongentaai en de gave van genezing niet uniek. Maar daar moet ik bij zeggen dat juist Edwards heel uitdrukkelijk heeft gewaarschuwd tegen verschijnselen als tongentaai. Met Calvijn is hij van mening dat de buitengewone gaven van de Heilige Geest met de voltooiing van de canon zijn opgehouden. Daarin is hij zelfs nog stelliger dan Calvijn. De bijzondere gaven van de Heilige Geest horen naar zijn vaste overtuiging bij het kinderlijke stadium van de kerk. Op dat punt neemt Lloyd Jones, die verder zeer onder de indruk was van Edwards, wat afstand van hem. Hij is minder stellig in zijn afwijzing. Daardoor kan ook de charismatische beweging zich op hem beroepen. Die openingen naar de charismatische beweging zijn bij Edwards absoluut niet te vinden."

Romantiek
De kerkhistoricus Praam.sma wijst erop dat er altijd een relatie is tussen het klimaat in het geheel van de samenleving en dat in de kerk. Maakt dat verklaarbaar waarom de grote opwekkingen, die gepaard gingen met heftige emoties juist plaats hadden in de tijd van de romantiek? „Mensen komen tot bekering in een bepaalde tijd, onder bepaalde omstandigheden, in een bepaalde cultuur. De karaktertrekken van die cultuur zullen in het werk van de Heilige Geest altijd doorschemeren. Maar je kunt niet zeggen dat de romantiek de opwekkingen bepaald heeft, alsof het een gevoelskwestie geweest zou zijn. Ook buiten de romantiek zijn er opwekkingen geweest. Als iemand tot bekering komt worden z'n wil, verstand en gevoel aangeraakt en vernieuwd. De factor van het gevoel zal door de romantiek versterkt zijn, maar dat is geen reden om er vraagtekens bij te plaatsen. De emotie hoort er zeker bij. De Heere Jezus heeft bij het graf van Lazarus geweend. En toen Hij Jeruzalem zag liggen, barstte Hij in tranen uit vanwege de onbekeerlijkheid van de stad. Paulus zegt van zichzelf dat hij in Efeze onder vele tranen het Evangehe heeft gepredikt. Wel moet je oppassen dat je het emotionele niet als kenmerk van het ware gaat zien."

Redelijke emotie
„Wat ik bij Edwards heel mooi vind, is dat een emotie volgens hem altijd een redelijke emotie moet zijn. Je moet getroffen zijn door de waarheid van iets uit het Woord. Er zijn ook mensen die emotioneel worden omdat een ander emotioneel is, of omdat de dominee hen psychisch bewerkt. Dat heeft niets te maken met de werking van Gods Geest."
Veel opwekkingen hebhen plaatsgehad in Engeland en Schotland, waar de kerkgeschiedenis grote hoogten en diepten vertoont. Ook in de bekering van individuen vind je daar vaak het schokkende. Ligt er een verband tussen de volksaard en de aard van het kerkelijk en geestelijk leven?
„Ik denk inderdaad dat er een zeker verband ligt. Het geloofsleven van een rationeel iemand heeft een andere kleur dan dat van een sterk emotionele persoon. In het werk van de Heilige Geest blijft het karakter van mensen te herkennen. Dat geldt voor het karakter van het individu, het geldt ook voor de volksaard. Maar je moet de betekenis ervan niet overtrekken. Voorop staat de soevereiniteit van God. De grote hoogten en diepten in het kerkelijk leven van Engeland hebben daarnaast denk ik niet in de eerste plaats te maken met de volksaard, maar veel meer met het gebrek aan visie op het verbond. In de Engelse traditie valt bijna alle nadruk op de noodzaak van wedergeboorte en bekering en de vruchten daarvan. De betekenis van het verbond komt nauwelijks aan de orde. Daardoor is er weinig aandacht voor catechese aan kinderen, het bijbrengen van de leer."

Groepsdenken
Opvallend is ook dat calvinistische opwekkingspredikers als McCheyne, Spurgeon en de gebroeders Bonargoede contacten onderhielden met mensen die wij vandaag behoudend evangelisch zouden noemen. Waren ze wat dat betreft niet aanmerkelijk breder dan hun hedendaagse bewonderaars in Nederland?
„Dat valt niet te ontkennen. Men weet in de Engelstalige wereld onderscheid te maken tussen iemands theologische opvattingen en iemands geestelijk leven, waarvoor je ondanks belangrijke theologische verschillen soms veel respect kunt hebben. Bij ons vind je dat veel minder, door het groepsdenken. Dat maakt ons te ruim naar mensen met liberale en onbijbelse opvattingen in eigen kring en te bekrompen naar godvrezende mensen buiten ons eigen groepje." Staat dat een opwekking in de weg? William Reid heeft erop gewezen dat elke opwekking gekenmerkt wordt door een relativering van het eigen kerkverband „Die mening deel ik. Het onkritisch zijn naar eigen kring en overkritisch naar andere groepen is niet de schriftuurlijke houding van David: Ik ben een vriend en metgezel van allen die Uw Naam ootmoedig vrezen. Het was het verlangen van Paulus om met al de heiligen de lengte, de hoogte, de breedte en de diepte van Gods liefde te mogen verstaan. Dat wordt door het denken in hokjes geblokkeerd. Ieder wil z'n eigen identiteit en specialiteit benadrukken, waardoor weinig oog is voor andere aspecten van het Woord van God. De Heilige Geest leidt in alle waarheid en Hij gebruikt daarvoor de gemeenschap der heiligen."

Doorwerking
Heeft breedheid niet de schaduwzijde dat snel verwatering op kan treden? Denk aan de gemeente van Spurgeon en die van Lloyd fones.
„Zeker. Je moet persoonlijk ruim zijn en oog hebben voor de brede werking van de Heilige Geest. Maar ik zal geen arminiaan op mijn kansel toelaten, ook al ben ik ervan overtuigd dat hij geestelijk leven kent. De Heilige Geest gebruikt de prediking van de Waarheid en de beste verwoording daarvan is voor mij nog altijd die van het gereformeerde protestantisme."
De Engelse opiaekkingspredikers dachten ruim over de zegen des Heeren. Vrijmoedig spraken ze over de bekering van tienduizenden. Waren ze hierin onkritisch, gezien het feit dat de zegen meer dan eens met een generatie -weer was opgedroogd?
„Als je zelf iets mag zien van de ruimte van het Evangelie, krijg je ook een ruim en gunnend hart. Maar ik zou er inderdaad zelf iets voorzichtiger in zijn. De snelle verdwijning van de zegen moet je overigens niet generaliseren. De > Reformatie, die ik ook als een opwekking beschouw, heeft invloed tot op de dag van vandaag. Ook de "Great Awakening" heeft een lange en krachtige doorwerking gehad. De zendingsijver in de vorige eeuw is ondenkbaar zonder deze opwekking." Daar staan veel andere opwekkingen tegenover die binnen een generatie volledig waren uitgedoofd. Hoe moetje die achteraf beoordelen? „Ik zou daar niet de conclusie aan verbinden dat deze opwekkingen niet echt waren. Vind je in de Bijbel niet hetzelfde? De Heere heeft krachtig in de gemeente van Korinthe gewerkt, maar wat zag je na korte tijd al niet een zonden en toestanden? Denk ook aan de zeven gemeenten van Klein-Azië. Het leert ons dat een opwekking nog geen garantie is voor geestelijk leven in de toekomst."

Idealisering
Hoe groot is het gevaar dat we opwekkingen in het verleden idealiseren, terwijl we bij voorbaat huiverig staan tegenover opwekkingen in onze tijd? „We moeten inderdaad opletten voor een romantisering van het verleden. Wel kun je een opwekking achteraf vaak beter beoordelen."
U bracht vorig jaar een bezoek aan het Zuidafrikaanse Kwa Sizabantu, waar onder de Zoeloes een opwekking is ontstaan onder de prediking van Erlo Stegen. Hoe beoordeelt u die opwekking?
„Die heeft op mij toch wel indruk gemaakt. Je ziet daar heel duidelijk het algemene werk van de Heilige Geest in christelijke herbergzaamheid en naastenliefde. Het Woord wordt gepreekt, stammen die generaties lang elkaar hebben bestreden leven nu in vrede. Waar dat algemene werk van de Geest wordt gevonden, is ook het bijzondere werk van de Heilige Geest. Dat neemt niet weg dat ik vraagtekens heb. De preken van Erlo Stegen zijn sterk gericht op de praktische heiligmaking. Over Christus als Zaligmaker hoor je niet zo veel."
Het slot van zijn boekje over de opwekking onder de Zoeloes meldt niet anders dan genezingen op het gebed, tot een opwekking uit de dood toe. Hoe ziet u dat?
„Wat ik helder vind van Erlo Stegen, is dat hij de genezing op het gebed niet centraal stelt. In zijn prediking heeft het ook nauwelijks een plaats. Het is meer een bijkomende vrucht. Dat spreekt mij aan. Je moet onderscheid maken tussen gebedsgenezing en de gave van gezondmaking. Genezing op het gebed vindt ook in onze tijd plaats. Wij hebben er veel te weinig oog voor dat God op het gebed geneest. Maar dat is iets anders dan het functioneren van de gave van gezondmaking, zoals je die bij Petrus ziet. De mensen hoefden maar met zijn schaduw in aanraking te komen en ze werden genezen. Dat is beperkt tot de apostolische tijd."

Tongentaal
Geldt dat ook voor tongentaal?
„Naar mijn overtuiging wel. Niet alleen omdat dat in de gereformeerde traditie wordt gesteld, maar vooral omdat ik op grond van onderzoek van Gods Woord niet anders kan concluderen. De vertaalde tongentaai is gelijkwaardig aan profetie, in de zin van openbaring. Ik geloof niet dat er na de afsluiting van de canon nog sprake is van voortgaande openbaring. In extreem charismatische kring wordt onderscheid gemaakt tussen tweeërlei profetie. De onfeilbare oudtestamentische profetie tegenover de nieuwtestamentische profetie waarvan geldt dat twee of drie personen in de gemeente die moeten beoordelen. Dat betekent dat profetie feilbaar kan zijn. Hoe zie je dan het Woord van God? Iets anders is dat je zo vervuld kunt zijn met Gods liefde, dat je er geen woorden voor hebt en in verbrokkelde taal uitbarst. Calvijn kende dat ook. Maar dat is nog geen tongentaai. Er is onder ons een groot gebrek aan onderwijs over het werk van de Heilige Geest. Het blijft vaak bij een afwijzing van het gedachtengoed van de pinksterbeweging, zonder dat er positief onderwijs over de gaven van de Heilige Geest, de plaats van genezing op het gebed en het kenmerkende van Pinksteren tegenover wordt gesteld."

Stromen op het droge
Hoe beoordeelt u de snelle groei van de pinksterbeweging?
„De groei van de pinksterbeweging gaat heel vaak ten koste van de kerk. Er is meer sprake van een verschuiving binnen de christenheid dan een aanwas ervan. Beschamend is de zendingsijver in pinkstergroepen en hun open houding naar de zwakken in de maatschappij. De reformatorische kerken zijn vaak verburgerlijkt. Het zijn kerken van de middenklasse geworden. Dat neemt niet weg dat ik leerstellig grote bezwaren heb tegen de pinksterbeweging. Waarbij ik wel wil aangeven dat binnen deze beweging een grote diversiteit bestaat. Dat maakt een eerlijke beoordeling niet zo eenvoudig."
Het lezen over opwekkingen spreekt altijd weer aan, maar leert de praktijk niet dat de gestadige regen een land meer doordrenkt dan een kortstondige plensbui?
„Je moet die twee niet tegenover elkaar stellen. In de profetieën van Jesaja vinden we de belofte dat de Heere water op de dorstigen en stromen op het droge zal gieten. We moeten niet tevreden zijn met het ondermaatse kerkelijke en geestelijke leven dat we bezitten. Paulus was bewogen met het heil van zijn medemensen en zag uit naar de wederkomst van Christus. Dat rijke geestelijke leven is ook vandaag nog mogelijk en wordt in tijden van opwekking ook gevonden. Maar dat betekent niet dat we het doorgaande, minder opvallende werk van de Heilige Geest moeten verachten." i< />

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 mei 1993

Terdege | 80 Pagina's

Een nieuw Pinksteren. Ds. W. van Vlastuin, auteur van

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 mei 1993

Terdege | 80 Pagina's

PDF Bekijken