Bekijk het origineel

Niet naar de middagdienst, verontrustend verschijnsel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Niet naar de middagdienst, verontrustend verschijnsel

6 minuten leestijd

Ik wil stilstaan bij een verontrustend verschijnsel, waar elk kerkverband in meerdere of mindere mate mee te maken heeft ofte zijner tijd mee te maken zal krijgen: teruglopend kerkbezoek, in het bijzonder bij de tweede dienst.

Het verminderende kerkbezoek is weliswaar geen nieuws, omdat de zorg door velen al is uitgesproken en verwoord. Maar de zaak is het meer dan waard om daar eens afzonderlijk de aandacht voor te vragen. Mede gelet op recente uitlatingen van diverse zijden, die geen ander geluid laten horen dan de eerder gesignaleerde verontrusting over afval, kerkverlating of kerkelijke ontrouw, mogen wij niet schouderophalend aan deze zorg binnen het kerkelijke leven voorbijgaan. Ik doel op het afnemend kerkbezoek tijdens de tweede dienst.

Eén dienst
Hoe kon het zover komen? Zijn daar oorzaken voor aan te wijzen? Waar ligt de schuld? Misschien voelt u zich helemaal niet aangesproken. Wees dan dankbaar en waardeer het, wanneer bij u in de gemeente het verschil tussen de morgenen middagdienst met betrekking tot de opkomst niet of nauwelijks wordt opgemerkt. Maar wie verder heeft gekeken dan in eigen kerkelijk huis, weet wel beter. Op hoevele plaatsen in Nederland is het al niet zover gekomen, dat de zondagsviering na de morgendienst ophoudt? Ik denk hierbij bij voorbeeld aan de provincie Zeeland, waar aan de buitenkant van de kerk in feite al kan worden gezien hoe het van binnen is gesteld met de opkomst. Zondags: dienst om 10.00 uur. Dan staat er inderdaad letterlijk een punt! Eén dienst is voldoende. Is het geen baken in de kerkelijke zee? Het zal u niet onbekend zijn dat de Synode van de Gereformeerde Kerken in Nederland enige jaren geleden zelfs officieel besloot om de tweede dienst niet meer verplicht te stellen voor haar leden. De ontwikkeling hierna zal ons zeker niet onbekend zijn gebleven.

Gebrek aan interesse?
Maar laten wij naar onszelf kijken. Hebben wij voldoende oog voor de kwalijke ontwikkeling, die alom om zich heen schijnt te grijpen, dat de belangstelling voor de tweede dienst afneemt? Moet het ons niet aangrijpen, dat het verval binnen het kerkelijke leven juist weleens daar kon beginnen? Is dit verontrustende verschijnsel slechts terug te voeren op een gebrek aan interesse of zit er meer achter? Vanouds draagt de tweede dienst een bijzonder karakter. Hierin wordt de gemeente onderwezen in de leer die naar de godzaligheid is. Het is immers meer dan een goede gewoonte, dat de behandeling van de Heidelbergse Catechismus een evenredige plaats ontvangt naast de prediking van de zogenaamde "vrije stof'. In onze tijd van afnemende kennis van de grondwaarheden van Gods Woord beslist geen overbodige luxe.

Leer en troost
Bovendien moeten wij ook niet vergeten dat de Heidelberger niet voor niets leer- en troostboek genoemd wordt. Wij onthouden onszelf zoveel, wanneer wij van dit bijzonder onderwijs verstoken blijven. Waar de gemeente de leerdienst van minder belang acht, is zij bezig wat wezenlijk is en van fundamenteel belang voor het behoud van de gemeente te ondergraven. Daar komt zij open te staan voor allerlei wind van leer. Wil zij werkelijk weer gaan beantwoorden aan haar erenaam "gemeente des Heeren" dan zal zij ook het beeld moeten vertonen van de eerste Pinkstergemeente in Handelingen 2, die volhardde in de leer.

Niet dor en droog
Nu zijn er mensen die haast allergisch worden voor alles wat met de leer der kerk te maken heeft. De meest vreemde gedachten doen de ronde. Spijtig, want de leer behoeft beslist niet dor en droog te zijn. Als wij maar beseffen dat het hier niet louter gaat om een leer-, maar om een levenskwestie. Hebben wij niet allemaal voortdurend behoefte aan leiding en opscherping? Wie geen behoefte kent aan onderwijs, moet zichzelf eens afvragen of hij wel ooit de goede smaak van het Woord geproefd heeft. Is de belijdenis van Jeremia ons vreemd? „Toen Uw woorden gevonden zijn, zo heb ik ze opgegeten en Uw woord is mij geweest tot vreugde en tot blijdschap mijns harten" Ger. 15:16).

En onze kinderen?
De verontrusting gaat echter nog dieper wanneer wij beseffen welke verantwoordelijkheid wij op ons laden door te denken te kunnen volstaan met eenmaal per zondag naar de kerk te gaan. Wat een voorbeeld laten wij achter voor onze kinderen. Als wij genoegen nemen met één kerkgang per zondag, dan wordt het straks wellicht eenmaal per maand. En wat mogen wij dan nog van onze kinderen en kleinkinderen verwachten? Ouders: „let op uw saeck!"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 16 juni 1993

Terdege | 68 Pagina's

Niet naar de middagdienst, verontrustend verschijnsel

Bekijk de hele uitgave van woensdag 16 juni 1993

Terdege | 68 Pagina's

PDF Bekijken