Bekijk het origineel

Blauwhelm in Bosnië

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Blauwhelm in Bosnië

„We rijden "onder pantser'' ik zie iemand op ons schieten"

6 minuten leestijd

Eer srst even voorstellen: blauwhelm Henk Tukker, 24 jaar, korporaal bij het elfde infanteriebataljon van de Luchtmobiele brigade. Ik zit momenteel in Srebrenica, in het voormalige Joegoslavië. Na mijn verplichte diensttijd meldde ik mij aan bij de luchtmobiele, waar ik mij beijverde de rode baret te behalen. Toen onze VN-opleiding voltooid was, werd die baret ingeruild voor de blauwe en ging het op naar Joegoslavië. Daar is onze opdracht de moshm-enclave in Zepa en Srebrenica te beschermen en de hulpkonvooien te escorteren.

Vertrek
31 januari: Een dag die me zonder twijfel m'n hele leven zal bijblijven. Afscheid nemen van je ouders met ergens in je hoofd de gedachte: Zal ik ze ooit weerzien? Hoe loopt het af? Maar ook: Blijven zij gespaard voor ongelukken en ongezonde gebeurtenissen? Met ons drieën vertrokken wij van Schaarsbergen naar Vlissingen en daar voegden wij ons bij nog 7 leden van Support Command. Met tien man kregen wij tot taak de bewaking van een flinke dosis wapens, munitie en explosieven die met de "Kintampo" vervoerd moesten worden. Foutje! De "Kintampo" kon maar met één motor varen. Dat schoot lekker op.

Split
15 februari, 21.30 uur aankomst in Spht. De volgende dag naar een hotel in Makarska, een mierenhoop van VN'ers. Ik hoorde net dat wij vanmiddag wacht moeten lopen voor de beveiliging van een Engels kamp, een paar kilometer hiervandaan. Dat kan nog leuk worden. Een VN'er vertelde dat in het weekend veel Kroaten terugkomen van het front, met wapens en al. Een paar uur in de kroeg duiken met dezelfde wapens. En het niet echt op de Britten begrepen hebben. De vingertjes los aan de trekker knallen ze er daar af en toe wel eens op los. Sta je daar met je Hollandse nek!

Oorlogsgebied
21 februari. Met een bus naar Split om een kogelvrij vest, munitie en wapens op te halen. In drie uur tijd rijden we naar Kamensko, waar we de bus uit moeten om de wapens te laden en ons vest aan te trekken. De helm binnen handbereik, omdat we daar het oorlogsgebied inrijden. Na een uur komen wij in Tomislavgrad aan, waar 9 YPR's, 2 landrovers en 2 vrachtwagens wachten om een konvooi te vormen. In een grote loods zijn tenten opgezet om te overnachten. 22 februari. Vertrek 3 uur. Om 10 uur komen we in Prozor aan, dat vol zit met Kroatische strijders. Gewoon voor je uit blijven kijken. Kijk je ze aan, kun je wachten op een ijsbal, een gericht wapen of een obsceen gebaar. Geen vriendjes dus. Duidelijk niet! Verder maar. Veel kapotgeschoten huizen en om voedsel smekende mensen in de leeftijd van 5 tot 80 jaar. Behoorlijk aandoenlijk als je iemand ziet die drie maal zo oud is als jij, zwaaiend en tegelijk naar zijn mond wijzend. Maar het is verboden voedsel uit de voertuigen te gooien, omdat de loco's (plaatselijke bevolking) dan te dicht bij komen en het gevaar bestaat dat je met zo'n grote tank over hen heen rijdt.

Jute-zakken
Naarmate de tijd vordert, zie je de mentaliteit van de mensen veranderen van bijna vijandig tot sentimenteel vriendschappelijk. Als je een kapotgeschoten en afgebrande stad binnenrijdt, waar mensen lopen met jute-zakken als jas, krijg je het gevoel dat waarschijnlijk de Canadezen ook in '45 in Nederland hadden. Mensen lachen, zwaaien, werpen handkusjes naar je. Om 12.30 uur komen we op het gevaarlijkste deel van de route: Gornji-Vakuv. Voor de vallei, waar op alles geschoten wordt, houden we halt en krijgen we steun van de Britten. We rijden onder pantser, alles dicht dus. Door een kapotgeschoten huis heen zie ik iemand op ons staan schieten; pas na die tijd vertellen we elkaar de kogels gehoord te hebben.

Plunderen
's Middags rijden we door Bonbon-valley, waar de honger het grootst is en honderden kinderen om eten staan te schreeuwen. Volgens de Britten is het er rustig, omdat de dag daarvoor nog 100 inwoners gearresteerd waren die de vrachtwagens tegenhielden door op de weg te gaan liggen. Om de wagens vervolgens te plunderen. Tegen zo'n losgeslagen menigte doe je niets met een paar man. Na veertien uur rijden komen we op een Brits kamp in Vitez. Voertuigen aftanken, hapje eten en uitgeleefd in bed; in een slaapzaal waar zo'n 150 mannen en vrouwen van 6 nationaliteiten liggen. De volgende dag vertrek om 8 uur en na veel pech en oponthoud komen we om 22.30 uur aan in Lucavac. Hier wachten we op de eerste mogelijkheid om verder te gaan naar Srebrenica.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 23 maart 1994

Terdege | 80 Pagina's

Blauwhelm in Bosnië

Bekijk de hele uitgave van woensdag 23 maart 1994

Terdege | 80 Pagina's

PDF Bekijken