+ Meer informatie

Reformator van Europees allure

H. Bullinger

12 minuten leestijd

Heinrich Bullinger staat wat in de schaduw van zijn voorganger Huldrich Zwingli. In tegenstelling tot de strijdlustige Zwingli was hij een vreedzaam en zachtmoedig man. Toch doet hij in formaat zeker niet onder voor de bekende Zwitserse hervormer. Hij was een groot prediker, een bewogen pastor, een voorbeeldig gezinshoofd. En bij dat alles een reformator van Europees allure.

In het holst van de nacht van 10 op 11 augustus 1531 worden in de pastorie van Bremgarten, een stadje in de buurt van Zürich, de lichten niet gedoofd. Zes mannen zitten verwikkeld in een diepgaand gesprek. Hun gezichten staan ernstig, die van sommigen zelfs somber. Laten wij ze eerst even aan u mogen voorstellen.

We beginnen bij de gastheer, Heinrich Bullinger, nauwelijks 27 jaar, sinds twee jaar getrouwd, en predikant hier in Bremgarten. Naast of tegenover hem zit Huldrich Zwingli, de reformator van Zürich, hij is ruim 47 jaar oud. Te voet is hij gekomen van Zürich naar Bremgarten, vergezeld van twee vertrouwde vrienden; ook die bevinden zich hier in dit gezelschap. De twee andere aanwezigen zijn raadsleden uit de stad Bern. Dat zijn ze dus.

Voor de deur van de pastorie staan drie mannen op wacht. De bijeenkomst is volstrekt geheim. De toestand in de Zwitserse kantons is hoogst gespannen. Er dreigt oorlog. De rooms-katholieke kantons, waartoe onder andere Luzern behoort, maken zich op tot een aanval op Zürich, waar onder leiding van Zwingli sinds enige jaren de Reformatie heeft gezegevierd.

Wat zal Bern doen? De reformatorisch gezinden willen trachten via de Bernse gezanten de Raad van die stad te bewegen tot een besliste houding in de strijd die ophanden is. Vandaar deze geheime bijeenkomst.

Afscheid
Bern is halsstarrig. Denkt alleen aan eigen voordeel. Dat blijkt ook deze nacht. De bijeenkomst brengt niet het gewenste resultaat. Tegen het aanbreken van de morgen gaan de mannen uiteen, de Berners naar Bern en de Zürichers naar Zürich.

Zwingli en de zijnen verlaten de stad via een klein poortje. Ze hebben nog een hele wandeling voor de boeg. Maar hun gastheer, Heinrich Bullinger, vergezelt ze. Tot aan het dorpje Zollikon toe. Dan het afscheid, het afscheid tussen Zwingli en Bullinger, die, ondanks hun verschil in leeftijd, gezworen vrienden zijn. Het is een afscheid voorgoed.

Niemand beseft dat op dit moment beter dan Zwingli. Hij voorziet reeds zijn dood. Roerend zijn zijn afscheidswoorden, onder tranen uitgesproken: „Lieve Heinrich, God beware je, blijf trouw aan Christus en aan Zijn Gemeente!" De fakkel is overgedragen, Bullinger zal weldra de opvolger van Zwingli worden.

Precies twee maanden later valt de slag. De strijd te Kappel. Zürich lijdt de nederlaag. Zwingli sneuvelt. Het lijkt de ondergang van de Reformatie in Zürich en elders. Hoe Bullinger dit verlies verwerkt heeft, weten we niet. Maar we weten wel dat Bremgarten spoedig hierna werd meegesleurd in de strijd. Bullinger moet vluchten. Weer in een nacht, nu die van 20 op 21 november. Hij is alleen, vrouw en kinderen heeft hij moeten achterlaten.

Zachtmoedig
Bullinger heeft een flinke vrouw, Anna Adlischweiler, slechts een jaar jonger dan Bullinger zelf. Zij hebben op dit moment twee kinderen, Anna, anderhalfjaar oud, en Margaretha, die nog maar zeven maanden is. Al een paar dagen na de vlucht van haar man besluit Anna hem te volgen, ook naar Zürich.

Zij neemt haar twee kleine kinderen op de arm en begeeft zich naar de stadspoort. Die vindt ze gesloten. De poortwachter is aanwezig en heeft de sleutel in de hand, maar hij weigert de deur open te doen. Maar Anna Bullinger is sterk en dapper. In tijd van een ommezien heeft ze de poortwachter de sleutel ontrukt. Zij doet nu zelf de deur open en weg is ze.

Meer dan een breed betoog bieden deze twee verhalen een beeld van de omstandigheden waaronder Heinrich Bullinger zijn levenstaak in Zürich gevonden heeft. De toestand is er, na de dood van Zwingli, chaotisch. Tien procent van de mannelijke bevolking heeft te Rappel op het slagveld de dood gevonden. Er is verdriet, maar ook ontevredenheid in de stad.

Was Zwingli niet te militant, te strijdbaar? Had hij zich niet meer buiten de politiek moeten houden? 9 december 1531 krijgt Bullinger de officiële benoeming tot opvolger van Zwingli. Hij is, niet in beginsel, maar wel in manier van optreden een ander man dan zijn voorganger. De zachtmoedigheid en vreedzaamheid zelf.

Sommigen vonden hem op de preekstoel wel eens wat tè zachtmoedig; het kon volgens hen wel wat puntiger gezegd worden.

Europees allure
Hij heeft de kerk van Zürich onschatbare diensten bewezen. Meer dan veertig jaar lang heeft hij aan het roer gestaan. Het kanton Zürich, dat wil zeggen stad en platteland, omvatte meer dan honderd gemeenten, met meer dan 130 predikanten op een totale bevolking van ongeveer 70.000 inwoners.

Bullinger stond aan het hoofd daarvan, als primus inter pares, de eerste onder zijns gelijken. Er kon geen synode gehouden worden of zij stond onder zijn leiding. Bovendien was hij een reformator van Europees allure.

We beginnen met zijn werk in Zürich. Bullinger kon preken, en hij heeft het gedaan, soms zevenmaal per week. In totaal meer dan zevenduizend keer. Hij kon brieven schrijven, men heeft hem de grootste brievenschrijver van zijn tijd genoemd. Twaalfduizend van die brieven zijn voor het nageslacht bewaard gebleven, meer dan alle brieven van Zwingli, Luther en Calvijn bij elkaar.

Hij heeft het onderwijs bevorderd. Met beleid wist hij de overheid ertoe te bewegen dat er in Zürich ook hoger onderwijs werd gegeven. De school werd een kweekschool voor jongeren die er gevormd werden tot dienaren van het Evangelie.

Pastor
Bullinger was ook pastor. Wanneer de pest in de stad heerste, schroomde hij niet er toch op uit te gaan en de zieken te troosten. Ziekenbezoek noemde hij een van de voornaamste plichten van de pastores. Hij stelde een gebed op waarvan hijzelf en zijn collega's gebruik konden maken wanneer zij op ziekenbezoek zouden gaan. Ik citeer daaruit nu enige zinsneden.

„O almachtige God, Gij die te rechter tijd een getrouwe Helper zijt in alle nood, ik bid U voor alle zieken en inzonderheid voor hen die in doodsnood verkeren. Wil hen Uw genade verlenen, opdat zij in hun leed Uw goddelijke wil erkennen en zich geduldig daaraan overgeven. Verlos en genees hen wanneer het naar Uw goddelijke wil kan zijn. Vergeef hen omwille van het lijden van Christus, Uw lieve Zoon, al hun zonden en misdaden waarmee zij U beledigd hebben. Zie van de hemel neer, barmhartig God, en aanschouw de moeite en het leed van alle zieken. Strek Uw hand uit en bied hun hulp, raad en troost. En geef de stervenden een waar en vast geloof, en wil hen in Uw eeuwige vreugde opnemen. Verleen hun de genade, dat zij zich bereidwillig op de dood voorbereiden, en dat zij begeren van hun post afgelost te worden en bij U te zijn. Verhoor ons door Jezus Christus, uw lieve Zoon, onze Heiland en Zaligmaker. Amen."

Gezinshoofd
Bullinger was ook een goed gezinshoofd, en dat heeft voor heel de stad betekenis gehad. Toen hij in 1531 in Zürich kwam, was zijn gezin nog niet groot: Zijn vrouw en twee kinderen. Al gauw wordt het anders. De weduwe van Zwingli en haar drie kinderen worden al direct in het gezin van Bullinger opgenomen. En dan ook nog een wees, als pleegkind, Rudolf Gualther, later een toonaangevend predikant in de stad. En ook nog Bullingers ouders.

Intussen breidt Bullingers eigen kinderschaar zich gestaag uit, tot zes zoons en vijf dochters. En nog zijn wij er niet. De gastvrijheid van het echtpaar Bullinger kent geen grenzen. Talloze vluchtelingen, soms hele gezinnen vinden bij hen onderdak. Het huis is nogal ruim, maar bij tijden zit het boordevol.

En aan het hoofd van al deze mannen, vrouwen, jongelui en kinderen staat Bullinger zelf. Hij geeft allen onderwijs, voedt de kinderen en jongelui op in de vreze des Heeren. Maar toch niet wettisch. Op de kerstdagen was het feest in het gezin. Dan kregen alle kinderen kleine cadeautjes.

Vrouwen
Jongens die er geschikt voor waren, liet Bullinger op eigen kosten studeren. Zijn zoon Heinrich stuurde hij naar Duitsland, naar Wittenberg, om de colleges van Melanchton te volgen. Het gezin Bullinger werd een 'broedplaats' voor kerk en school. Dat Bullingers vrouw daar ook het hare toe bijgedragen heeft, behoeft geen nader betoog.

De vrouwen van de reformatoren hebben ook hun betekenis gehad voor de kerk van Christus. Tot 1541 werd zij geholpen in het huishouden door haar schoonmoeder. Laten we aannemen dat daarna Bullingers dochters hun moeder zijn bijgesprongen. Hoe energiek en actief Anna Bullinger geweest is, blijkt wel uit het feit dat zij ondanks de vele gezinszorgen toch ook nog kans heeft gezien om de "gemeente" in te gaan, en persoonlijk zieken te bezoeken en die zelfs te verzorgen.

Tot 1564 heeft zij het volgehouden. Toen kwam de pest, ook in haar gezin, en rukte haar uit het leven weg. Haar man -eenzaam- heeft haar nog tien jaar mogen overleven. Nu liggen zij beiden naast elkaar begraven in de Domkerk van Zürich.

Zie, dat was Bullinger in de huiselijke kring. Maar we noemden hem reeds een man van Europees allure, en dat was hij ook. Dankzij zijn gaven en bekwaamheden, dankzij zijn onvoorstelbare ijver en werkkracht, maar ook dankzij zijn theologische en geestelijke instelling en godsvrucht. Hij behoort tot de groten uit de Reformatietijd.

Avondmaal
Een van zijn eerste taken was de erfenis van Zwingli niet alleen te bewaren, maar ook te verdedigen. Hij heeft dat gedaan, con amore. Hij is, ook al ging hij zijn eigen weg, zijn voorganger nooit ontrouw geworden. De strijd met Luther over de leer van het Avondmaal hield helaas niet op. Soms toonde Luther ten aanzien van de Zwitsers enige toeschietelijkheid, maar dan trok hij zich weer terug, en viel hij ook Bullinger aan.

De grote vraag is of hij Bullinger wel goed begrepen heeft. Ook Calvijn stond aanvankelijk sceptisch tegenover Zwingli en de zwinglianen. Dat veranderde toen hij ontdekte dat het Avondmaal bij Zwingli toch echt nog wel iets meer was dan alleen maar een "gedachtenismaaltijd". Er volgde een periode van toenadering tussen Genève en Zürich, tussen Calvijn en Bullinger. Calvijn had er in de meimaand van 1549, samen met Farel, een reis naar Zürich voor over.

De vrienden werden het eens. Het was het geboorteuur van de Zürichse Overeenkomst (Consensus Tigurinus). Een gebeurtenis van grote kerkhistorische waarde. Twee stromen van gereformeerd denken en leven verenigden zich binnen één bedding. Niet twéé keer gereformeerd, maar één keer, dat was het zegenrijke resultaat.

Verkiezing
Duidelijk is in deze Consensus uitgesproken: Wèl in het Avondmaal een werkelijke tegenwoordigheid van Christus' lichaam en bloed, maar niet vleselijk, maar geestelijk; alleen voor het geloof. Dit was méér dan Zwingli had geleerd, maar het was tegelijk anders dan Luther leerde. De gereformeerde avondmaalsopvatting!

Een belangrijk punt van discussie was in die tijd ook de leer van de predestinatie. Hoe keek Bullinger daar tegenaan? In principe niet anders dan Calvijn, maar terughoudender. Ook Calvijn leerde dat de verkiezing een verkiezing in Christus is, maar Bullinger heeft dat extra onderstreept. Ook Calvijn leerde dat de verkiezing voorop moet gaan en niet de eeuwige verwerping.

Bullinger zei: Laten we dan maar liever over die eeuwige verwerping zwijgen, maar dat ging Calvijn net iets te ver. De leer van de predestinatie heeft overigens tussen Calvijn en Bullinger nooit een kloof veroorzaakt. Beiden trokken samen op. Bullinger zelf was in zijn jonge jaren "geleidelijk" geleid.

Het lezen van de Heilige Schrift, en het lezen van de werken van de kerkvaders en die van Luther hadden gaandeweg zijn ogen geopend. Hij kende niet zoals Calvijn een "plotselinge bekering". De bekering was in zijn leven meer een lengte-doorsnede dan een dwars-doorsnede.

Verbondsmatig
Sterke nadruk heeft Bullinger gelegd op het gebruik van de middelen. God werkt door de middelen, met name door de verkondiging van het Evangehe. Bullinger wilde Woord en Geest niet scheiden. Calvijn trouwens evenmin. We vinden bij Bullinger een verbondsmatige prediking.

In zijn Huisboeck, een bundel van vijftig preken, lezen wij: „Voelt u zich door de verkondiging van het Evangelie van Godswege getrokken, ga dan niet zitten wachten op een àndere trekking; begin bij wat er op dat moment aanwezig is, en smeek de Heere God om vermeerdering van uw geloof. God trekt niet allen aan hun haren tot Zich."

Bullingers Huisboeck heeft een wijde verspreiding gevonden. Het is in minstens vijf verschillende talen vertaald. Al heel vroeg ook in het Nederlands. Er verschenen in onze taal minstens tien uitgaven. Honderden gereformeerden van het eerste uur in ons land hebben onderwijs en stichting opgedaan uit dit oude prekenboek.

Bullingers Huisboeck was onder ons een volksboek. Er zijn stukken in onze Heidelbergse Catechismus die op dit boek teruggaan. En onze liturgische Formulieren ademen voor een belangrijk deel de geest van Bullinger.

Aan Bullinger heeft het gereformeerde Protestantisme ook nog een Belijdenis te danken, de Tweede Helvetische Confessie, uit 1566. Met de beroemde woorden; „De prediking van Gods Woord is Gods Woord." Deze Belijdenis heeft ingang gevonden in tal van landen, onder andere Hongarije, Roemenië en Polen. Zij werd in dertien talen vertaald en honderd keer uitgegeven.

De laatste jaren van Bullinger zijn moeilijk geweest. Hij miste zijn vrouw. In 1564 en 1565 verloor hij bovendien vier kinderen, ook door de pest. Dorothea, de jongste dochter, heeft haar vader tot het laatst verzorgd. Al sinds lang werd hij geplaagd door zware hoofdpijnen en duizeligheid. Toen hij wegens verzwakking nauwelijks meer werken kon, zei hij: „Ik wens ontbonden en met Christus en Zijn uitverkorenen te zijn."

Toen men hem vroeg naar zijn geloof was zijn antwoord, typisch reformatorisch: „Dat kunt u vinden in mijn Belijdenis!" Bullinger had geleerd te belijden met mond èn hart. Wat wij geloven belijden wij, en wat wij belijden geloven wij.

Op het laatst kon hij niet meer spreken. Op 17 september 1575 is hij in vrede ontslapen, ruim 71 jaar oud. Een man, altijd overvloedig zijnde in het werk des Heeren, wetende dat zijn arbeid niet ijdel zou zijn in de Heere.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.