Bekijk het origineel

Kinderkampen waar het Woord centraal staat

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Kinderkampen waar het Woord centraal staat

Het Evangelie in Siberië

11 minuten leestijd

In de jaren van vervolging werden door baptisten in de Sowjet-Unie al kinderkampen georganiseerd. Om de jeugd van de gemeenten te bemoedigen. Na de omwenteling zijn ook ongelovige vrienden en vriendinnen welkom. Elk jaar weer stellen mannen en vrouwen zich in het korte zomerseizoen beschikbaar om het Woord te zaaien in kinderharten. In de hoop dat God wasdom zal geven.

Het is zondagmorgen, maart 1994. Met verwachtingsvolle ogen kijken de kinderen Lena Nesterenko aan. „Gaan we deze zomer weer naar het kamp tante, net als vorig jaar? Wat was het toen fijn he! Vooral dat lekkere eten en het fruit. En de bijbelstudies die we iedere dag gedaan hebben!" In het koude Nikolajewsk, een stadje aan de Amoer in het noordoosten van Siberië, zijn de kinderen naar de zondagsschool gekomen. Lena heeft zojuist uit de Bijbel verteld. Ze hebben wat liederen gezongen en nu is het tijd om vragen te stellen. „Ik weet helemaal niet of het kamp doorgaat jongens. Alles is weer duurder geworden. Het reizen en al het eten dat nodig is. En we moeten nieuwe tenten hebben... Maar we zullen aan de Heere vragen of Hij het zo wil maken dat we met elkaar toch kunnen gaan."

Kinderkampen
Vanaf 1990 worden in het Verre Oosten van Siberië kampen georganiseerd voor de kinderen van de gemeenten, maar ook voor hun ongelovige vrienden en vriendinnen. In andere delen van de voormalige Sowjet-Unie werden ook in de tijd van de vervolging kampen gehouden, in het diepste geheim. Alleen voor gelovige kinderen. Zij moesten al zo veel missen. Vader zat vaak in het strafkamp. Moeder deed al het mogelijke om de eindjes aan elkaar te knopen. Dan was zo'n week een heerlijke onderbreking. Ook enorm spannend! Want de mogelijkheid om ontdekt te worden was reëel aanwezig! Na de omwenteling heeft Stephan Germanjoek, voorganger van de baptistengemeente in Chabarowsk, het initiatief genomen om ook in het Verre Oosten op drie verschillende plaatsen een kamp te organiseren. „We hebben hier veel kinderen die net als hun ouders nog maar kort naar de kerk komen. Het is belangrijk dat zij in contact komen met kinderen uit andere christelijke gezinnen. Daarnaast zijn ze intensief bezig zijn met het Woord van God. Dat horen ze op school niet. Tien dagen ontvangen ze geestelijk voedsel. Maar ook gewoon voedsel en vitaminen. Kinderen uit een stad als Nikolajewsk weten nauwelijks hoe een sinaasappel eruit ziet. Ik dring er bij de ouders heel sterk op aan om toch vooral hun kinderen naar het kamp te sturen en er offers voor over te hebben. De kinderen motiveer ik door te zeggen dat ze voor goede rapportcijfers moeten zorgen. Anders gaat het feest niet door."

Lerares
Mei 1994. De voorbereidingen voor het kamp zijn in volle gang. Ouders zijn al druk aan het sparen. Jeugdleiders van de verschillende gemeenten verzamelen voorraden eten. Het thema van de week, "De weg naar het eeuwige leven", wordt voorbereid en uitgewerkt. En wat voor ontspannende elementen kunnen de kinderen aangeboden worden? Voor ieder overleg wordt geknield en gevraagd of de Heere de weg wil wijzen. Of Hij wijsheid geeft en liefde voor de kinderen. En of het benodigde geld er mag komen. Als het weer zondagsschool is in Nikolajewsk geeft Lena de stand van zaken weer. Het geduld van de kinderen wordt wel op de proef gesteld. Nog zes weken... Vertrekken we dan naar het kamp of moeten we thuis blijven? Lena, lerares tekenen op een pedagogische academie, behoort nog maar anderhalfjaar tot de kleine baptistengemeente van Nikolajewsk. Sasja, haar man, werkt er als onderhoudsmonteur op de luchthaven. „We leken een heel gelukkig gezin. Man, vrouw, twee kinderen. We verdienden een redelijk salaris en konden veel reizen. Tot ik ernstig ziek werd en zelfs op sterven lag. Ik heb gebeden tot een mij onbekende God om beterschap. Hij heeft mij ook genezen, Daarna hebben we in de Russisch-orthodoxe kerk en bij pinkstergemeenten naar God gezocht. Uiteindelijk kwamen we bij een bijbelkring terecht. We gingen daar al een poos naartoe, toen we ontdekten dat het baptisten waren. Vroeger werd ons altijd gezegd dat dat vreselijke mensen zijn. Maar de Heere heeft het contact met hen en de prediking willen zegenen. Anderhalfjaar geleden zijn we gedoopt. Ik mag nu ook de zondagsschool leiden. Vorig jaar ben ik voor het eerst meegeweest op kamp. We hebben bijzondere dagen met elkaar beleefd."

Internaten
Danish is twaalf jaar. Twee jaar geleden, toen hij nog in een internaat woonde, maakte hij voor het eerst kennis met de Bijbel, door broeders die er kwamen evangeliseren. Voor die tijd had hij nog nooit van Gods Woord gehoord. Het heeft hem diep geraakt. In zijn hart is een verlangen om de Heere te dienen. Reikhalzend ziet hij uit naar het kamp, om nog meer van Hem te horen. Net als bijna alle andere kinderen heeft hij vanaf zijn zevende jaar op een internaat gezeten. Decennia lang werd dat door de Russische regering gestimuleerd. De jeugd behoorde de staat toe en moest worden losgemaakt van hun achtergrond en hun ouders. Vooral de kinderen van de natuurvolken zijn op deze manier vervreemd van hun cultuur en taal. Het systeem werkte bovendien in de hand dat ouders zich niet meer verantwoordelijk voelden voor hun kinderen, die alleen de zomerperiode thuis kwamen. „Door de slechte economische omstandigheden wil de regering nu van de internaten af', vertelt Lena. „Kinderen wonen weer thuis en gaan in naburige dorpen of steden naar school. In Bogorodskoj en Nikolajewsk is nog wel een internaat, maar die zijn voor weeskinderen en kinderen die uit de ouderlijke macht ontzet zijn."

Verjaardag
Danish is blij dat het straks vakantie is. Hij leert graag, maar wordt op school vaak geplaagd. Regelmatig slaat een van zijn klasgenoten hem. Uit boosheid, omdat Danish zo bezig is met de Bijbel. Als anderen 's winters in de pauze de ski's pakken om een poosje te gaan skiën, trekt hij zich terug om een stukje te lezen. Over drie dagen wordt hij dertien jaar. Van Kolja, een jongen uit de gemeente, weet hij hoe ze daar thuis de verjaardag van Kolja en zijn broertjes en zusjes vieren. Moeder bakt een taart. Er is een klein geschenk. Vrienden komen gezellig thee drinken en eten daar een stuk taart bij. Vader slaat de Bijbel open en de eerste tekst die hij dan leest is voor Kolja. De andere gezinsleden en zijn vrienden lezen ook een tekst, als wens voor de jarige. Bij Danish zal er ook taart zijn. Maar vader en moeder zijn niet gelovig. Zij zullen hem geen tekst toewensen. Hij neemt zich voor zelf een stukje te lezen.

Container
„Jongens, ons kamp gaat door! Ér is een container aangekomen. Helemaal uit Holland, een piepklein landje aan de Noordzee, hier wel twaalfduizend kilometer vandaan. Die container zit vol voedsel, kinderbijbels, luchtbedden, slaapzakken, vitaminepreparaten en nog veel meer. Alle drie de kampen die zijn voorbereid kunnen nu doorgaan!" Er gaat een gejuich op als Lena dit aan de kinderen vertelt. Spontaan gaan ze allemaal op de knieën en danken er de Heere voor. Twee weken later vertrekken uit Nikolajewsk zeven kinderen met een helikopter richting het tweeduizend kilometer verderop gelegen Blagoweschenk. Lena gaat mee met haar man, hun twee grotere kinderen, maar ook de kleine baby Daniël, die nog maar twee maanden geleden geboren is. De thermometer op het vliegveld wijst zes graden aan. Het is altijd koud en guur in Nikolajewsk, maar in juni is de temperatuur toch meestal wel iets hoger. Er is nog nauwelijks groen aan de bomen te bespeuren. In Blagoweschenk is het weer gelukkig veel aangenamer. Het is er rond de dertig graden als de groep uit het Verre Oosten arriveert.

Zaaien
Uit een zeer wijde omgeving zijn kinderen gekomen, vijfentachtig in totaal. In de leeftijd tussen zeven en zestien jaar. Ze worden verdeeld over twaalf tenten met elk een eigen leidinggevende. De eerste dagen moeten ze aan elkaar wennen en aan hun leiders en leidsters. Die hebben vaak hun gezinnen achtergelaten en de drukke werkzaamheden die juist in de zomer plaatsvinden. Want de zomer duurt kort, drie maanden slechts. De moestuin moet bewerkt, groenten worden ingemaakt, aardappelvelden geschoffeld, huizen gerepareerd. Toch wordt een gedeelte van deze kostbare tijd gebruikt om het Woord van God te zaaien, in harten van kinderen van de gemeenten en in die van kinderen die er niets of nauwelijks iets van weten. 's Morgens om acht uur wordt het kamp met trompetgeschal gewekt. Overal gaan dan de tenten open en duiken er kinderen uit met een handdoek en een tandenborstel. Bij de druppelkraantjes wassen ze zich provisorisch en poetsen de tanden. Direct daarna houden de leiders met de kinderen uit hunt tent de dagopening. Ze lezen een aantal verzen uit de Bijbel en bidden om de beurt. De leiding heeft er dan al een paar uurtjes op zitten. Die komt in alle vroegte bijeen voor gebed en bezinning.

Kampvuur
Als de tent is opgeruimd en de haren van de meisjes zijn gevlochten, verzamelen alle kampgangers zich op de appèlplaats. De omvang van de groep vereist een zekere discipline. Al zingend lopen de kinderen naar de tafels, om daar te genieten van het ontbijt. Dan is er tijd voor bijbelstudie in kleine groepen. Na het middageten (een lekker bord borsjt met stukken brood en daarop Hollandse kaas en aardbeienjam) vertrekken alle deelnemers naar zee. Ze vinden het een heerlijk uitstapje en verzamelen enthousiast veldbloemen, stenen, schelpjes en wat er maar te vinden is. Kinderspelen kent men hier nauwelijks. De spelen die gedaan worden hebben allemaal een geestelijke strekking. Vanmiddag leren de kinderen hoe ze het best Gods Woord kunnen uitdragen aan mensen die er nog nooit van hebben gehoord. Vanavond zullen ze weer persoonlijk Bijbelonderricht ontvangen rond het gekozen thema: De weg naar het eeuwige leven. De avond wordt besloten met het zingen van geestelijke liederen, rond het kampvuur.

Afscheid
Tien dagen is het feest. „Het leren kennen van nieuwe vrienden en het kampvuur, dat vind ik het fijnste van dit kamp", zegt de vijftienjarige Tanja. „Ik juist het eten", reageert Pavhk, die thuis de pot met tien mensen moet delen. „Thuis krijgen we maar drie keer per dag een beetje. Hier wel vier keer, en net zo veel als we willen." Voor de leiding staat het jaloers maken van kinderen op de dienst van de Heere centraal. Elk jaar weer moeten veel praktische problemen en zorgen overwonnen worden. Zorgen die in gebed voor God worden neergelegd. En de Heere toont Zich een hoorder van het gebed. De laatste dagen van het kamp zijn moeilijk. Afscheid nemen van nieuwe vrienden en vriendinnen... Van je leider en leidster... Van het intensief dagelijks onderzoeken van de Bijbel... Van de gezellige, ontspannende momenten... Adressen worden uitgewisseld, om na het kamp met elkaar in contact te kunnen blijven. Hopelijk is er volgend jaar opnieuw een kamp?!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 17 mei 1995

Terdege | 84 Pagina's

Kinderkampen waar het Woord centraal staat

Bekijk de hele uitgave van woensdag 17 mei 1995

Terdege | 84 Pagina's

PDF Bekijken