Bekijk het origineel

SGP-kamerlid mr. dr. J.T. van den Berg:

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

SGP-kamerlid mr. dr. J.T. van den Berg: "Ik heb een andere verantwoorde iikheid dan een milieu-activist"

14 minuten leestijd

Al tien jaar heeft hij milieu in zijn portefeuille. Een dankbaar terrein is het niet. Daarvoor lopen ook in de achterban van de Staatkundig Gereformeerde Partij de meningen te veel uiteen. Voor de een is mr dr. J.T. van den Berg te groen, voor de ander te paars. Centraal in het standpunt van de SGP-parlementariër staat de balans die er in zijn ogen moet zijn tussen economie en ecologie. In bijbelse termen: tussen bouwen en bewaren. „Het blijft een worsteling om in de politieke praktijk het juiste evenwicht te vinden."

Bijna dagelijks maakt mr. dr. J.T. van den Berg de reis van Nunspeet naar Den Haag. Met het openbaar vervoer. Het is voor de SGP-parlementariër zowel een praktische als een principiële keuze. Praktisch omdat het reizen per spoor de mogelijkheid biedt onderweg stukken door te nemen. Principieel vanwege de verschuldigde zorg voor het milieu, die bij hem wordt gevoed door een reformatorische levensovertuiging.
Voor Van den Berg is deze verbinding van wezenlijk belang. Zo hield hij onlangs zijn collega's in de Tweede Kamer voor dat „het klimaatprobleem -ten diepste een gevolg van de zondeval- een milieuprobleem is met apocalyptische proporties. Het hoort tot de doornen en distelen uit Genesis 3."

Nuchterder
In de jaren tachtig stond milieu hoog op de politieke agenda. Inmiddels is die groene golf wat weggeëbd. Dat betekent volgens de reformatorische politicus niet dat er daadwerkelijk zo veel minder gebeurt. „Onder Lubbers 3 werd milieu tot derde pijler van het regeringsbeleid verheven, maar vraag je wat er van terecht is gekomen... Bitter weinig!
Het kabinet-Kok had een realistischer insteek. Als SGP-fractie hebben we aangegeven dat een wat nuchterder benadering op zichzelf niet verkeerd hoeft te zijn, voor het bereiken van de doelstellingen wellicht zelfs beter is dan een hoog gehalte idealisme dat tot weinig resultaten leidt. Maar het mag niet zo zijn dat het miheu als beleidsterrein ondersneeuwt. Wat dat betreft ben ik kritischer geworden, omdat de praktijk toont dat de miheupoot toch wat in de verdrukking is gekomen. Dat heeft overigens niet alleen te maken met de visie van het kabinet, maar ook met de kracht van bewindspersonen. Minister De Boer moet het, voorzichtig uitgedrukt, nogal eens afleggen tegen haar collega's Wijers en Jorritsma."

Tweeërlei reactie
Duidelijk is voor Van den Berg dat de invloed van de overheid, ongeacht de kleur, op dit terrein niet overschat moet worden. Voor milieumaatregelen is een maatschappelijk draagvlak nodig, zowel bij de consument als in het bedrijfsleven. Zelf bepleit hij een benadering waarin zowel rekening wordt gehouden met de economie als met de ecologie.
„Onder Lubbers 3 zag je hoe jaar op jaar lopende normen werden aangescherpt. Daar hebben we ons als SGP altijd tegen verzet. Maak nu eerst eens af waar je mee bezig bent en meet het effect daarvan. Die voortdurende verandering van normen leidt tot grote problemen op bedrijfsniveau. Met name in de landbouw speelde dat sterk. Voor de gemiddelde boer was op een gegeven moment volstrekt onduidelijk waaraan hij moest voldoen. De ene regel was nog niet afgekondigd, of de andere kwam er al aan. Niets werkt contra-productiever. De doelstellingen en normen mogen gerust stevig zijn, maar gun mensen dan ook een redelijke tijd om ze te realiseren. Dat is al die jaren mijn insteek geweest."
Uit de eigen achterban levert dat de SGP'er tweeërlei reactie op. Sommigen vinden hem te groen, anderen te weinig idealistisch. Critici van de laatste soort vergeten volgens de parlementariër vaak dat de overheid een bestuurlijke taak heeft, en in het maken van keuzen een veelheid aan belangen moet meewegen. „Wat dat betreft heb ik een andere verantwoordelijkheid dan iemand van de milieubeweging."

"Met zorg boeren"
Het aantal publicaties die door de SGP aan het milieu zijn gewijd, is betrekkelijk gering. „Ik wil niet ontkennen dat we meer aan het milieu hadden kunnen doen", zegt Van den Berg. „Er wordt weleens een beroep gedaan op het feit dat de SGP de eerste partij was met een milieuvriendelijke bepaling in het program, maar daarmee ben je er natuurlijk niet. Zo'n bepaling moet handen en voeten krijgen.
Aan de andere kant gebeurt dat toch ook. Er zijn verschillende nota's verschenen. Denk aan de landbouwnota "Met zorg boeren" en het energierapport "Zuinig en zorgzaam".
In "Met zorg boeren" heeft het bedrijfsbelang van de boer een prominente plaats. Van den Berg verdedigt die keuze vanuit het oogpunt van rechtvaardigheid. „We mogen de milieuproblemen niet afwentelen op één groep in de samenleving, alsof de boeren de grote boosdoeners zijn. Er wordt zeer selectief met milieunormen omgesprongen. Het autogebruik durft men niet echt aan te pakken, want dat is moeilijk en impopulair. Maar bij de milieunormen in de landbouw is het: aanscherpen, aanscherpen. Dat is niet billijk. Ik betwijfel bovendien sterk of natuur en landschap erbij gebaat zijn, als er ten gevolge van milieumaatregelen nauwelijks een boerenbedrijf overblijft."

Afwegingen
Essentieel is voor de SGP'er de bijbelse term rentmeesterschap. Een begrip dat naar zijn overtuiging te veel wordt vereenzelvigd met milieuzorg. „In de Bijbel heeft rentmeesterschap twee kanten: bouwen en bewaren. De worsteling in de maatschappelijke en politieke praktijk is het juiste evenwicht tussen beide te vinden.
Een voorbeeld: het bouwen van dijken. Voor velen in de milieubeweging is dat een kwalijke zaak. Voor mij is het juist een typisch voorbeeld van rentmeesterschap. Je bouwt om land te kunnen bewaren. Ik ben er dan ook absoluut niet voor om dijken door te steken en polders terug te geven aan het water, zoals vanuit de milieuhoek is voorgesteld. Ander actueel voorbeeld: de uitbreiding van Schiphol met een vijfde baan. De toename van het luchtverkeer vereist zo'n uitbreiding, om gevaarlijke situaties te voorkomen. Tegelijk hebben we gezegd dat het wat ons betreft absoluut de laatste keer is. Als er opnieuw wordt uitgebreid, moet dat maar in zee gebeuren. Zo ben je elke keer bezig met het maken van afwegingen."

Theologisch kUmaat
Opvallend is dat in die afwegingen de laatste jaren nogal wat verschil te zien is tussen de drie kleine christelijke partijen. Heel duidelijk komt dat naar voren in de beoordeling van de drie grote infrastructurele projecten waarmee het kabinet worstelt: de Betuwelijn, de uitbreiding van Schiphol en de aanleg van een hogesnelheidslijn (HSL). Het GPV is voor de Betuwelijn, SGP en RPF zijn tegen. GPV en SGP stemden voor uitbreiding van Schiphol, de RPF was opnieuw tegen. Als het om de HSL gaat, zitten ze zelfs alle drie op een verschillend spoor. Het GPV lijkt de regering te volgen in de aanleg van de HSL door het groene hart. De RPF ontwikkelde een eigen variant. De SGP kiest voor aanpassing van bestaand spoor, en ontziet daarmee het Groene Hart het meest.
De verschillen worden volgens Van den Berg deels bepaald door het onderscheid in theologisch klimaat. „Bij het GPV proefje nog altijd de invalshoek van het cultuurmandaat. Dat geeft een vrij sterke nadruk op het bouwen. Bij de RPF zie ik de laatste jaren een duidelijke zwenking richting de ecologie, wellicht onder invloed van de evangelische stroming in deze partij. Je zou kunnen zeggen dat daar in toenemende mate de nadruk wordt gelegd op het bewaren. De SGP zit er wat tussenin. Dat is niet de eenvoudigste positie. Als je beide kanten mee wilt laten wegen, leidt dat vaak tot een genuanceerd standpunt. Een aantal kiezers hoort liever een radicale mening, hetzij naar de ene of naar de andere kant."

Nooit neutraal
Uitgesproken groen van kleur is het rapport "Zuinig en zorgzaam", een uitgave van het studiecentrum van de SGP. Het werd opgesteld door de ingenieurs Joh. Janssen en A. van Maldegem, die de ontwikkeling en toepassing van duurzame energievormen bepleiten.
De auteurs constateren dat de partij haar bekendheid vooral dankt aan de wijze waarop zij haar stem laat horen bij de behandeling van thema's als abortus, euthanasie, gelijke behandeling en zondagsrust. In deze typering klinkt impliciete kritiek door, die door Van Maldegem werd verwoord in een interview met het Reformatorisch Dagblad. „We moeten binnen de SGP nu leren dat we niet alleen geestelijke posities, maar ook materiële keuzes, zoals die voor energievormen, vanuit het christelijk geloof moeten onderbouwen."
Hoewel Van den Berg die opvatting op zichzelf deelt, is hij van mening dat de genoemde zaken niet geheel van gelijke orde zijn. ,Je moet onderscheid maken tussen principieel onopgeefbare punten als abortus en terreinen waar het sluiten van een compromis niet verkeerd is, zoals het milieu. Als het compromis maar een stap in de goede richting is. Waarbij ik altijd wel probeer mijn positiekeuze niet louter technisch, maar ook vanuit bijbelse beginselen te onderbouwen. Politiek is nooit een neutrale bezigheid."

Duurzaamheid
De Nunspeetse jurist bestrijdt de opvatting dat economische groei nodig is om milieumaatregelen te kunnen bekostigen. „De praktijk bewijst tot nu toe het tegendeel. We maken momenteel een periode van economische groei door, maar je kunt toch niet zeggen dat dat winst voor het milieu oplevert. Het effect van de genomen milieumaatregelen wordt door de toename van productie, consumptie en mobiliteit grotendeels ongedaan gemaakt." Remmen van de economische groei is voor het SGP-kamerlid evenmin de oplossing. „De vraag is altijd over welk type groei we het hebben. Dan komt het begrip duurzaamheid om de hoek kijken. We moeten streven naar een economische groei die geen afbreuk doet aan een verantwoorde zorg voor de schepping. Neem de ontwikkeling van de milieutechnologie. Dat is een groeimarkt waar ik niets op tegen heb. Een probleem is overigens dat die in een hoog ontwikkelde economie gestalte kan krijgen, maar mondiaal is dat veel moeilijker. Wel denk ik dat het Westen een goede aanzet kan geven, en de minder vermogende landen moet ondersteunen in het overdragen van kennis en milieuvriendelijke technologie."

Onevenwichtig
Vanuit het begrip milieu-rendement pleitte Van den Berg er zelfs voor om een deel van de milieugelden over de grens te besteden. „Ik heb enige kennis opgedaan in Oosteuropese landen. Als je daar wat rondkijkt, krijg je werkelijk de tranen in de ogen. Aanpassingen in zulke landen hebben een veel groter effect op het milieu dan het aanscherpen van het zoveelste normpje bij ons. We moeten goed beseffen dat dat laatste stapje de minste toegevoegde waarde heeft, maar verreweg het meest kost."
In het algemeen worden de Nederlandse milieunormen voor de SGP'er gekenmerkt door onevenwichtigheid. „Ik hoor minister Alders nóg zeggen dat van ieder stukje grond sla gegeten moet kunnen worden. Dan zeg ik: Mensen, dat lijkt me nou iets overdreven. We hoeven toch niet in het hele land tuinbouw te bedrijven.
Als het om energiezuinig bouwen gaat, doen we weer veel minder dan wenselijk is. Met geringe meerkosten kun je een enorme energiereductie bereiken. Het is al mogelijk om huizen te bouwen die meer energie opleveren dan ze gebruiken. Daarin zou de regering wel wat actiever mogen optreden, al moeten we zeker bij lange-termijnvraagstukken als het milieu geen overspannen verwachtingen van de overheid hebben."

Gods schepping
Veel belangrijker is voor de reformatorische parlementariër de bewustwording van de burger. „Ons consumptief gedrag moet ingrijpend veranderen. Dat geeft de milieuwinst die wij zo graag zien. Daar hebben we allemaal een taak in. In het bijzonder christenen in deze samenleving, want het is een buitengewoon ernstig onderwerp. We praten niet over ónze aarde, maar over Gods schepping, waarvoor we overigens wel verantwoordelijkheid dragen. Niet als eigenaar maar als rentmeester. Dat moet altijd het leidend beginsel zijn."
Het stimuleren van de bewustwording is in de ogen van Van den Berg niet direct een taak van een politieke partij. „We zijn geen vormingsinstituut voor de eigen achterban. Ik zie hier veel meer een taak voor gezin, school en kerk. Als het goed is heeft de prediking ook een functie in het toerusten van de gemeente voor het staan in de maatschappelijke werkelijkheid. Daar horen deze vraagstukken bij. We klagen veel over wereldgelijkvormigheid, maar we moeten eerlijk vaststellen dat die ook naar voren komt in een materialistische levenshouding. Dat punt wordt in onze kringen ten onrechte vaak niet genoemd. We zouden in dezen juist een voorbeeld moeten zijn."

Vreemdelingschap
Tegelijk benadrukt de SGP'er dat het paradijs hier beneden nimmer zal terugkeren. „We hebben onze verantwoordelijkheid, dat wil ik ten volle onderstrepen. Het feit dat de schepping zucht vanwege onze zonden mag er nooit toe leiden dat we maar met de armen over elkaar gaan zitten. De opdracht om de aarde te bouwen en te bewaren is na de zondeval voluit herhaald. Maar laten we niet denken dat de schepping in onze handen ligt. Als je uitgaat van de gedachte dat de mens het moet doen, kom je of bij het doemdenken terecht, of bij een overspannen activisme. In de discussies over de klimaatverandering viel me weer op hoe snel mensen in die uitersten vervallen. Het Woord van God behoedt voor extremen, naar welke kant ook. Met name denk ik dan aan de notie van het vreemdelingschap. De omgang met het aardse moet gestempeld worden door de verwachting van de eeuwige dingen. Dat bewaart zowel voor een overdadige levensstijl als voor de gedachte dat we zelf ons bestaan hier moeten garanderen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 11 december 1996

Terdege | 96 Pagina's

SGP-kamerlid mr. dr. J.T. van den Berg:

Bekijk de hele uitgave van woensdag 11 december 1996

Terdege | 96 Pagina's

PDF Bekijken