Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wat is echte zondekennis? (3)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wat is echte zondekennis? (3)

4 minuten leestijd

In de Bijbel ontmoeten we heel wat mensen die diep gebukt gaan onder hun zonden, bij wie het ernst was. Toch zijn zij niet zalig geworden. Kaïn zei: „Mijn zonden zijn groter, dan dat zij vergeven worden." Dat is vreselijk. Als je eigenlijk zegt: „Ik ben zo'n groot zondaar. Het bloed van Christus is niet krachtig genoeg om mijn zonden af te wassen." Dat maakt de duivel je wijs.

Het bloed van Christus is van een oneindige kracht en waardigheid. Al had jij al de zonden van heel de wereld, dan kon je nog gemakkelijk in het bloed van Christus gereinigd worden. De grootheid van je schuld en het gevoel daarvan mogen je niet van Christus afhouden, maar moeten je juist naar Hem uitdrijven. Ook Judas had een enorm schuldgevoel. Maar hij vluchtte ermee van Jezus af. Het bracht hem aan de strop. Wat ontbreekt nu aan dit soort zondekennis? Het voornaamste. Het geloof Gaat de echte zondekennis vooraf aan het geloof? Is het een voorwaarde om te (kunnen) geloven? Zo wordt vaak gedacht. Maar alles wat uit het geloof niet is, is zonde. Dus ook je zondekennis, ook je berouw. Zonder geloof is het onmogelijk Gode te behagen. Dus ook je zondekennis en je berouw kunnen God niet behagen als je niet gelooft.

Echte zondekennis, oprecht berouw is geen voorwaarde tot geloof, maar is vrucht van geloof. Het is goed om eens te luisteren naar wat de grote reformator Calvijn hierover schrijft in zijn Institutie, Boek III, hoofdstuk III: „Niet ten onrechte wordt de hoofdinhoud van het evangelie gesteld in boetvaardigheid en vergeving van zonden." „Dat echter de boetvaardigheid niet alleen terstond volgt op het geloof, maar ook daaruit geboren wordt, moet zonder geschil zijn." „Zij echter die menen, dat de boetvaardigheid veeleer aan het geloof voorafgaat, dan daaruit voortkomt, of daardoor voortgebracht wordt, gelijk de vrucht door de boom, hebben haar kracht nooit gekend en laten zich door een al te licht bewijs tot dit gevoelen brengen." „De boetvaardigheid van het evangelie zien wij in allen, die door de prikkel der zonde bij zichzelf gewond, en door het vertrouwen op Gods barmhartigheid opgericht en opgeleefd, tot de Heere bekeerd zijn." „Maar laat ons bedenken, dat we maat moeten houden, opdat de droefheid ons niet verslinde; want de beangstigde gewetens zijn tot niets in meerdere mate geneigd, dan tot het vervallen in wanhoop. En ook door deze kunstgreep dompelt satan hen, die hij door vrees voor God terneder geworpen ziet, meer en meer in de diepe poel der droefheid, opdat ze daardoor nooit meer zouden oprijzen. De vrees kan niet al te groot zijn, die eindigt in nederigheid en niet wijkt van hoop op vergeving. Maar toch moet men naar het bevel van de apostel (Hebr.12:3) oppassen, dat de zondaar, wanneer hij zich tot zelfmishagen aanzet, niet door al te grote vrees gedrukt, bezwijkt; want op die wijze vlucht men van God, Die ons door boetvaardigheid tot Zich roept."

„De droefheid over de zonden is noodzakelijk, indien ze niet onafgebroken duurt. Ik raad u aan af en toe de voet te wenden van de drukkende en beangstigende herinnering uwer wegen, en te gaan naar het effen veld van de rustige overdenking van Gods weldaden. Laat ons de alsem mengen met honing, opdat heilzame bitterheid gezondheid kunne schenken, wanneer ze gematigd door ingemengde zoetheid gedronken wordt; en indien gij van uzelf gevoelt in nederigheid, voelt dan ook van de Heere in goedheid." Tot zover Calvijn.

Echte zondekennis brengt ons dus altijd aan de voeten van de Heere Jezus. Ze doet „niet wijken van de hoop op vergeving". Het oprechte gebed om vergeving kan er nooit zijn zonder geloof in en hoop op vergeving. We zien dat ook zo duidelijk in de gelijkenis die de Heere Jezus vertelt over de Parizeer en de tollenaar. Daarover de volgende keer iets meer.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 oktober 2005

Terdege | 116 Pagina's

Wat is echte zondekennis? (3)

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 oktober 2005

Terdege | 116 Pagina's

PDF Bekijken