Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Als een warme deken

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Als een warme deken

Mariska Orbán-de Haas: „Door mijn abortusstandpunt heb ik honderden doodsbedreigingen ontvangen”

9 minuten leestijd

De 33-jarige inwoonster van Best is nog maar net bekomen van de mediastorm die over haar losbarstte, nadat ze in haar krant een open brief plaatste. Daarin riep ze VVD-Tweede Kamerlid Hennis- Plasschaert op om zich tegen abortus te keren. De liberale politica had eerder getwitterd dat ze het walgelijk vond om een brief van de hulpbisschop te ontvangen, waarin een plastic poppetje van een foetus zat. Het Kamerlid vond dit kwetsend voor mensen die miskramen hebben gehad.
Kranten, radio en televisie vielen massaal over Mariska Orbán heen. Het leidde tot honderdduizenden reacties op Twitter. Ook internationaal werd het bericht opgepakt. De journaliste is er nog steeds beduusd van, zeker omdat ze korte tijd daarna opnieuw in het middelpunt van de belangstelling stond, nadat de paus zich uitliet over aids en condoomgebruik. Mariska Orbán werd weer gevraagd om het standpunt van haar kerk toe te lichten.
Een hele verantwoordelijkheid, beseft de trouwe kerkganger. Ze trad per 1 september aan als hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad, een weekkrant die volgens haar de „stem van de rooms-katholieke wereldkerk” vertolkt. De jonge vrouw is een opvallende verschijning in de vergrijzende en veelbekritiseerde roomse mannenwereld. Ze is zich daarvan goed bewust: „Ik zie er niet uit als iemand die net uit het klooster is ontsnapt, en voldoe volstrekt niet aan de beeldvorming die over onze kring is ontstaan.” Een verklaring voor het feit dat ze vaak wordt gevraagd om de mening van de Rooms Katholieke Kerk toe te lichten, heeft ze ook. „Onze kring kent niet veel mensen die regelmatig de publiciteit halen. We hadden de afgelopen jaren alleen Antoine Bodar.”

Angstig
De abortusdiscussie leverde haar honderden (doods)bedreigingen op. „In mijn eerdere werk had ik zoiets nog nooit meegemaakt,” zegt ze. De narigheid duurt, zij het in mindere mate, nog steeds voort. „Als ik op Twitter kenbaar maak dat ik een dag thuis blijf, om voor mijn zieke kinderen te zorgen, wordt me gevraagd of ik hen ga vergiftigen. Men wil weten of ik met een bezemsteel naar mijn werk ga, ik word bedreigd met verkrachting of hoor dat men bezig is zijn of haar hond af te richten om me te pakken. Na de uitzending over het condoomgebruik stond ik weer enige tijd in de top vijf van Twitteronderwerpen.”
Met de nare boodschappen ging ze zo nuchter mogelijk om. „Op advies van mijn man, die psychiater is, heb ik het meeste niet gelezen en me er zo veel mogelijk voor afgeschermd. De reacties bij ons op de site heb ik daarom niet gezien.”

Achterop de fiets
Werden via internet de meest smerige verwensingen geuit, er kwamen ook andere reacties. „Bemoedigende kaarten, telefoontjes, donaties voor de krant en brieven, zelfs uit het buitenland. Op een moment dat ik een dipje had, werd ik gebeld dat via een rooms-katholieke radiozender plaatje na plaatje voor mij werd aangevraagd.” Ze schiet in tranen. „Dat was hartverwarmend en veel intenser dan al die negatieve geluiden.”
Die stonden niet op zichzelf. „Ik was vaak een eenling met mijn katholieke standpunten, zeker op redacties van seculiere media. Als je vasthoudt aan het geloof, word je vaak als dom betiteld.”
Mariska Orbán kende wel angstige momenten. „Na de eerste televisieuitzending van Pauw en Witteman heeft de portier me achterop de fiets naar mijn auto gebracht. Ik durfde niet alleen.” In die periode was ook de bijeenkomst van Refo500. Die was op internet aangekondigd. Ze was tamelijk onbekend met de achterban van de Reformatie-herdenkers. „Ik was bevreesd met rotte tomaten te worden bekogeld en had een stevige paraplu meegenomen. Maar het liep heel anders. Het was als een warme deken. Ik kreeg er applaus, er werden handen geschud en de ontvangst was allerhartelijkst.”

Allerzwaksten
Omdat Hennis-Plasschaert volhield persoonlijk gekwetst te zijn, bood Mariska Orbán -onder forse drukhaar excuses aan. Maar de strijd van de rooms-katholieke journaliste tegen abortus gaat door. De publiciteit had ook een goede kant, vindt ze.
„Abortus kwam voor het eerst sinds lange tijd weer volop in het nieuws. Dat moet ook, daar doe ik het voor. Het gaat me om de veiligheid van kinderen, ook ongeboren kinderen. De allerzwakste groep in de samenleving. Zo’n onderwerp moet toch op de politieke agenda staan?”

Waar staat uw Katholiek Nieuwsblad voor?
„De krant is 27 jaar geleden opgericht, in een tijd waarin een grote groep rooms-katholieken zich steeds progressiever opstelde. De oprichters van de krant wilden een tegengeluid laten horen en daarmee aansluiten bij gelovigen in de rest van de wereld die zich echt verbonden weten met de Rooms Katholieke Kerk. Doordat de progressieven gaandeweg verdwijnen of niet meer bij de kerk horen, zetten wij ons daartegen nu niet meer af. We zijn de enige katholieke krant van Nederland. Niet gefinancierd door Rome, niet altijd volgzaam of een pr-machine voor de paus. We staan vaak wel sympathiek ten opzichte van zijn standpunten.”

De Roomse Katholieke Kerk verkeert in zwaar weer door de discussies over misbruik. Hoe gaan jullie daarmee om?
„Als gevolg van het misbruikschandaal staan velen afwijzend ten opzichte van de kerk. Wij zijn met deze kwestie altijd open en transparant omgegaan. We probeerden steeds de slachtoffers een stem te geven en de zaak bespreekbaar te maken. Rome legt de theoretische lat vaak erg oog, hoewel uit het laatste boek van de paus een warme pastorale kant naar voren komt.”

De krant geniet door uw optreden in de media ineens veel meer bekendheid, wat doet dat met het Katholiek Nieuwsblad? „We hebben ongeveer 12.000 abonnees en naar schatting 33.000 lezers. Dit jaar is de afname minder sterk dan de groei. We zijn veel zichtbaarder geworden.”

En financieel?
„We zijn onafhankelijk en maken geen verlies, dankzij overbetalingen van abonnees. Een op de drie doet een donatie en geeft daarmee aan dit geluid in stand te willen houden.”

Wat zijn uw speerpunten?
„Niet alleen verzet tegen abortus. Heel erg belangrijk voor mij is ook goed katholiek onderwijs, hulp aan armen, medisch-ethische onderwerpen en het opkomen voor het gezin.”

En homoseksualiteit?
Ze aarzelt even. „Onze catechese biedt geen ruimte voor homoseksuele relaties. Maar ik besef dat het voor mij moeilijk voor te stellen is hoe iemand die die geaardheid heeft, daarmee moet omgaan. Pastoraal vind ik dat je dat heel begripvol tegemoet dient te treden. Maar uitwassen als de Amsterdamse Gay Pride vind ik walgelijk en voor homoseksuelen beledigend.”

Opkomen voor het gezin, wat houdt dat in?
„We maken ons sterk voor de moeder in het gezin. Dat mag natuurlijk ook de vader zijn, als je de kinderen op jonge leeftijd maar voldoende veiligheid biedt. Ze moeten kind kunnen zijn. Dat lukt niet met alleen maar een zogenaamd kwaliteitsmomentje. We verzetten ons tegen de gedachte dat je achterlijk bent als je als moeder voor de opvoeding van je kinderen kiest.”

Dat geldt niet voor uzelf?
„Ik besef dat mijn gedrag een zeker contrast met het voorgaande oproept. Toen ik overstapte naar de krant, wist ik dat ik meer tijd kwijt zou zijn. Ik had het nooit gedaan als ik dit niet zag als een missie, om vanuit het geloof werkzaam te zijn en dat met een zeker lef uit te dragen. Ik werk net als mijn man vier dagen. Hij steunt me volledig. Als het nodig is, kan hij zich snel in zijn werk aanpassen. Ook financieel hebben we die ruimte. Daarnaast hebben we een lieve au-pair. Mijn man is afkomstig uit een Hongaars gezin, de kinderen worden in die cultuur opgevoed.”

U werd gevraagd als spreker op de startbijeenkomst van Refo50. Ziet u een zekere toenadering tussen Rome en de Reformatie?
„Die is er absoluut en dat blijkt niet alleen uit die uitnodiging. Verschillende rooms-katholieken lezen naast het Katholiek Nieuwsblad het Nederlands Dagblad. Ik ken er ook die ervoor kiezen hun kinderen naar een protestantse school te sturen, omdat de vroegere katholieke school bijna openbaar is geworden. Doordat het CDA vaak meer bezig is met het thema macht dan met de christelijke wortels, zie je dat steeds meer rooms-katholieken die de kerk trouw blijven CU en SGP stemmen. Links de CU, rechts de SGP, waarbij sommige katholieken de boot afhouden in verband met het vrouwenstandpunt van de staatkundige gereformeerden. Zelf ben ik geen lid van een politieke partij, maar vind ik CU en SGP zeker sympathiek. Er zijn voor mij veel meer overeenkomsten dan verschillen, hoewel er cultureel natuurlijk wel sprake is van verschillende werelden.”

Het zijn zo langzamerhand de enige partijen die voor jullie opkomen. Dr. Wolthuis, historicus en secretaris van het St. Willebrord Apostolaat in Utrecht, hield vorig jaar zelfs een pleidooi om toch maar vooral SGP te stemmen.
„Dat klopt. We hebben de lijsttrekker van de SGP, Van der Staaij, voorafgaande aan de verkiezingen ook voor ons blad geïnterviewd. Hij was het ook die in de politiek aan de bel trok na de zogenaamde hostirellen.”

Hoe staan jullie in de discussie over de islam?
„We zijn niet gewend om politiek correct bezig te zijn. Dat betekent dat we de problemen met allochtonen steeds duidelijk benoemen, zonder de kant van Wilders op te gaan. In de discussie over de vrijheid van godsdienst denken we hetzelfde als veel protestanten: wij vinden het behoud van de katholieke scholen heel belangrijk.”

U bent voor meer samenwerking?
„Wat mij betreft kan die niet ver genoeg gaan in deze tijd, waarin op het geloof een taboe lijkt te rusten. De antichristelijke moraal in de samenleving is zo sterk dat we niet tegenover elkaar kunnen blijven staan. Er zijn verschillen waarover we kunnen discussiëren, maar op het gebied van media, politiek, universiteiten en scholen juich ik samenwerking toe.” Lachend: „Natuurlijk zien we het liefst dat jullie terugkeren in de moederkerk, maar de bijeenkomst van Refo500 viel mij alleen maar mee. Die smaakte naar meer.”

 


Mariska Orbán-de Haas
Mariska Orbán-de Haas (33) is sinds 1 september hoofdredacteur van het in Den Bosch gevestigde Katholiek Nieuwsblad. Daarvoor was zij hoofdredacteur van Impulsief, een kwartaalblad voor volwassenen met ADHD en aanverwante stoornissen, een uitgave van oudervereniging Balans.
Mariska de Haas groeide op in Gilze-Rijen en studeerde journalistiek in Tilburg. Ze woont in Best en is getrouwd met de zoon van emeritus hoogleraar A.P. Orbán, gespecialiseerd in oudchristelijk Grieks en Latijn. Haar man is psychiater. Samen hebben ze twee kinderen van 4 en 2 jaar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 5 januari 2011

Terdege | 84 Pagina's

Als een warme deken

Bekijk de hele uitgave van woensdag 5 januari 2011

Terdege | 84 Pagina's

PDF Bekijken