Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Met de tablet naar de kerk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Met de tablet naar de kerk

15 minuten leestijd

Na de reformatorische school en het catecheselokaal is de kerkzaal het volgende domein binnen de gereformeerde gezindte waar de moderne media hun intrede doen. Kerkenraden en predikanten staan voor de vraag hoe ermee om te gaan. „Ik moet er niet aan denken dat mijn preek een soort toelichting bij een beamerpresentatie wordt.

Het is nog niet zo lang geleden dat er binnen de gereformeerde gezindte predikanten waren die het toetsenbord van de pc ter zijde schoven als ze de preek gingen voorbereiden. Daarbij paste geen tekstverwerkingsprogramma. Alleen het woord al. Nog geen jaar later maakten ze al hun preken op de computer. Met de recentere verworvenheden van de digitale revolutie gaat het net zo. Beamer en PowerPoint, al dan niet met filmpjes, dringen na de acceptatie ervan in het reformatorisch onderwijs ook de catecheselokalen binnen of worden al intensief gebruikt. Een toenemend aantal predikanten communiceert met gemeenteleden via sociale media.
Ook het preken vanaf een tablet wint aan populariteit. Buiten de gereformeerde gezindte is menige kansel al voorzien van een ingebouwd screen. De luisteraars kunnen onder de dienst via Twitter commentaar geven of vragen stellen, waar de dominee dan direct op reageert. Voor de doorsnee reformatorische voorganger is dat nog ondenkbaar, maar de ervaring leert dat de gereformeerde gezindte meestal na verloop van tijd de gangbare praktijk volgt.

Ds. A.Th. van Olst maakt doordeweeks frequent gebruik van de moderne media en digitale hulpmiddelen. Bij de preekvoorbereiding werkt hij met het programma Evernote, een digitaal notitieblok met zoekfunctie. De notities worden in de cloud bewaard. „Het voordeel van deze werkwijze is dat ik overal aan een preek kan werken en altijd mijn aantekeningen bij de hand heb.”
Het pastorale contact met volwassenen verloopt voor een deel via e-mail. Catechisanten die langs deze route nauwelijks te bereiken zijn, benadert hij via Facebook. Voor de catechese gebruikt hij de methode ‘Leren om te leven’, waaraan standaard PowerPointpresentaties zijn toegevoegd. „Soms pas ik ze iets aan, maar ze helpen me om de vaart erin te houden.” Naar de kerkenraadsvergaderingen neemt hij behalve zijn Bijbel alleen de tablet mee. „Het zijn bij ons enkelingen die de stukken nog uitprinten.”
Toch ziet de christelijke gereformeerde predikant van Utrecht-west zichzelf niet snel vanaf een tablet preken. Dat heeft in de eerste plaats te maken met zijn wijze van preken. „Ik ga met één A4’tje de kansel op, om te voorkomen dat ik vooral met m’n papier aan het communiceren ben.” Een bijkomend punt is de huiver dat een tablet op de preekstoel het gebruik ervan in de kerkbank stimuleert. „Voor de hoorders is de verleiding groot om er ook andere dingen mee te gaan doen dan teksten opzoeken en aantekeningen maken.”

Heiligheid
Een belangrijk kenmerk van de gereformeerde eredienst is voor ds. Van Olst de rust die verbonden is aan het besef van de heiligheid van de Godsontmoeting. „Het ontvangen van het Woord heeft ten principale iets passiefs: je laten gezeggen door wat God te zeggen heeft. Tegelijk vraagt het opperste concentratie. Een man als Piper benadrukt keer op keer de ‘supremacy of God in preaching’. Het eerste doel van de prediking is niet het tot bekering brengen van mensen, maar het uitzeggen van de grote daden van God. Daarbij horen eerbied en aandacht.”
Ds. A.J. Mensink, voorzitter van de Gereformeerde Bond, deelt deze visie. In een lezing voor de laatste predikantencontio van de bond sprak hij zijn bezorgdheid uit over het tanende besef bij predikanten en kerkgangers dat de eredienst plaatsvindt voor Gods aangezicht. Die ontwikkeling staat voor hem niet los van het digitale tijdperk, dat wordt gekenmerkt door haast, zelfpromotie en de gerichtheid op het beeld ten koste van het woord.
De hervormde predikant uit Krimpen a/d IJssel staat gereserveerd tegenover de nieuwe media. „Sinds kort zit ik op LinkedIn, om te weten wat gemeenteleden in het dagelijks leven doen. Daar laat ik het voorlopig bij. Onze jeugdouderlingen maken volop gebruik van sociale media, gezien hun doelgroep begrijpelijk, maar voor mezelf vind ik de bezwaren groter dan de voordelen.”
Zelfs met e-mailen is hij niet scheutig. „Het is een prima middel voor het maken van afspraken en het delen van feitelijke informatie, maar voor een inhoudelijk gesprek pak ik de telefoon. Nog liever spreek ik mensen van aangezicht tot aangezicht. Dat blijft voor mij de aangewezen vorm van pastoraat.”

Beeldend preken
In de catechese maakte de Krimpense predikant wel een omslag. Sinds twee jaar gebruikt hij PowerPoint voor de introductie van de lesstof. „Eerst projecteerde ik alleen tekst; later ook illustraties, waarbij ik de tekst ging beperken. De betrokkenheid van de jongeren werd vele malen groter. Dat verraste me en het plaatste me tegelijk voor de vraag: wat betekent dit voor de eredienst?”
Een essentieel verschil tussen catechese en prediking is voor ds. Mensink het karakter van het samenzijn. „In de eredienst staat de ontmoeting centraal. De Heere komt tot ons met Zijn Woord, en wil daardoor gemeenschap met ons hebben. In een gesprek van hart tot hart pak ik ook geen tablet om aan de hand van een schema te laten zien waar we zijn aangeland. Ik moet er niet aan denken dat mijn preek een soort toelichting bij een beamerpresentatie wordt. Het gaat in de eredienst niet om presentatie maar om presentie: van de levende God.”
Ds. Van Olst kan het zich voorstellen dat hij in de gemeente van Antwerpen die hij hoopt te gaan dienen, een gemeente met een missionaire achtergrond, een enkele keer de beamer zal gebruiken om visueel iets toe te lichten. Maar ook dan kort en summier. „Prof. Baars leerde ons dat je als predikant beeldend moet preken. Daar komt bij dat een preek veel meer is dan informatieoverdracht. De toespitsing van de tekst naar het hart kun je niet weergeven aan de hand van bullets op een scherm.”

Stencils
De beeldcultuur maakt voor de Utrechtse predikant het primaat van het woord in de eredienst niet ongedaan. „In de tijd van Paulus waren er te kust en te keur theatervoorstellingen. Toch lees je nergens dat hij zijn boodschap ondersteunt met spel en mime. We moeten ook in de vormgeving niet wijzer willen zijn dan de Heere, Die zegt dat het Evangelie geprédikt moet worden.”
De christelijke gereformeerde predikant vindt het wel belangrijk dat de betrokkenheid van gemeenteleden op de prediking wordt gestimuleerd. „Voor elke dienst post ik op mijn weblog die aan de website van onze kerk hangt het Bijbelgedeelte waarover ik ga preken en een aantal vragen. Je zou ook een hand-out kunnen uitreiken met daarop de hoofdlijn van de preek, en de mededelingen erbij. Dat vind ik stichtelijker dan het doen van afkondigingen tussen het stil gebed en het votum in, of na de preek. Dat is eigenlijk een liturgisch gedrocht. Het beamen van de mededelingen voor de dienst lijkt me beter verdedigbaar. Het kwaad zit niet in de middelen, maar in het gebruik.”
Ds. Mensink maakt voor de leerdiensten, waarin hij nu de Dordtse Leerregels behandelt, al stencils. „Daarop staat de paragraaf die ik bepreek, soms in wat eenvoudiger taal, een korte weergave van de preek en een paar vragen. Een deel van de kerkgangers gebruikt ze ter ondersteuning van het luisteren. Prima.
Wel zeg ik, ook tegen mensen die aantekeningen maken: de preek is geen college of toerustingstoespraak. Ik heb de indruk dat steeds meer kerkgangers er wel zo tegenaan kijken.”

Vluchtheuvel
Die veranderende visie op de prediking beïnvloedt niet alleen de luisterhouding maar ook het gedrag, stelt de hervormde predikant vast. „De enkele keer dat ik in de kerkbank zit, zie ik mensen soms voor de dienst op hun smartphone hun Facebookpagina bijwerken.” Een aantal kerkgangers is ook onder de verkondiging met dit soort zaken bezig. „Na een dienst waarin we een brandweersirene hoorden, wist iedereen te vertellen dat de roomse kerk was afgebrand. Gemeenteleden hadden op hun mobiele telefoon even ‘112 Krimpen’ opgezocht. We kunnen er onze ogen voor sluiten, maar dat is de realiteit, tot in de behoudendste gemeenten toe.”
De voorzitter van de Gereformeerde Bond bepleit digitale ascese op zondag. Zeker tijdens de eredienst. „De kerk heeft als het goed is iets van een vluchtheuvel. Je zondert je af van de hectiek en gekte van de wereld. Ik zie jongeren die snakken naar rust, maar ze weten niet meer hoe ze ermee moeten omgaan. De smartphone is hun tweede hart, waaruit de uitgangen van hun leven zijn. Als hij het niet doet, beleven ze dat als een hartstilstand. Ze raken compleet in paniek.”

Kerktelevisie
De stelling dat de gereformeerde gezindte zich te klakkeloos laat meevoeren door de maalstroom van de digicultuur, is de hervormd-gereformeerde predikant te kort door de bocht. „Heel veel mensen hebben vanaf het begin gewezen op de schaduwzijden, maar de ontwikkelingen gaan zo razendsnel, dat ze zich al hebben genesteld in het levenspatroon van mensen voordat de bezinning op gang komt. We moeten ons daarin ook niet laten verleiden tot een kruistocht tegen smartphones en beamers. Wel moeten we standvastig opkomen voor het eigen karakter van de eredienst.”
Ook het maken van foto’s, die vervolgens direct worden gedeeld, past daar voor ds. Mensink niet bij. De hervormde gemeente van Krimpen a/d IJssel begint wel met het uitzenden van de kerkdiensten met beeld erbij. „We hebben veel schippers in onze gemeente. Als ze niet naar de kerk kunnen, luisteren ze via internet. We merkten dat ze dan vaak kiezen voor een gemeente waarvan ze de predikant niet alleen horen maar ook kunnen zien. Ik besef dat het een concessie richting de beeldcultuur is, maar je weegt in zo’n situatie de voor- en nadelen tegen elkaar af.”
De Krimpense kerkenraad denkt nog na over de vraag wat via internet allemaal te zien zal zijn. Wezenlijk is voor de predikant dat de dienst niet het karakter van een ‘event’ mag krijgen. „Ik heb al aangegeven dat ik tijdens de gebeden niet in beeld wil zijn. Dat voegt ook niets toe. Van mensen die thuis meebidden, verwacht ik dat ze net als ik de ogen sluiten. Ook dat maakt deel uit van het Bijbelse besef van Gods heiligheid.”


Ds. G.W.S. Mulder: „Door de beeldcultuur komt Gods openbaring nog verder van ons af te staan”
Zijn masteropleiding aan de theologische faculteit van de VU in Amsterdam rondde ds. G.W.S. Mulder af met de scriptie ‘Onderwezen door het Woord. De Heidelbergse Catechismus tussen boekdrukkunst en digitale communicatie’. Catechismusverklaringen die in de loop der eeuwen verschenen, onderzocht hij op het spreken over de verhouding tussen woord en beeld, naar aanleiding van Zondag 35.
De visie van de klassiek gereformeerde catechismusverklaarders blijft voor de predikant uit Zoetermeer ook in het digitale tijdperk actueel. Met instemming citeert hij ds. J.J. Knap Czn. „Uitwendige luister werkt meestal meer belemmerend dan opwekkend op de verheffing des harten. Wij worden nu eenmaal niet van buitenaf door zinnelijk vertoon, maar van binnenuit door de Geest Gods vernieuwd.”
De worteling van de digitale media in de samenleving leidt in de optiek van ds. Mulder tot een kanteling van de cultuur. „De boekdrukkunst verdrong de orale communicatie en stimuleerde het rationalisme en individualisme, ook binnen de kerk. De digitale revolutie, met z’n nadruk op het beeld, maakt het nog moeilijker om de moderne mens met het Woord van God te bereiken. Dat kun je jongeren niet kwalijk nemen. Dit is de maatschappij waarin ze opgroeien, maar we zullen ons als kerk er wel bewust van moeten zijn.”
Een centraal Bijbels gegeven is voor de predikant van de Gereformeerde Gemeenten dat het geloof uit het gehoor is. „Door de beeldcultuur komt Gods openbaring nog verder van ons af te staan. Niet in de eerste plaats in ethisch opzicht, vanwege alles wat we op ons beeldscherm kunnen halen, maar vooral in cultureel opzicht. De profeten kregen van God de opdracht het volk tot bekering te roépen. De gerichtheid op het visuele beïnvloedt ons luisteren en lezen. Ik zie het digitale tijdperk als een nieuwe fase in de eindtijd.”

Ook in een missionaire context is de predikant uit Zoetermeer geen voorstander van het ondersteunen van de verkondiging door beeldmateriaal. „In het zendingsbevel van de Heere Jezus klinkt evenzeer de opdracht het Evangelie te prédiken. De Heilige Geest bedient zich van het klinken van het Woord om zondaarsharten te vernieuwen, zodat Christus een gestalte krijgt. De unieke ervaring dat de predikant vertolkt wat in het hart leeft, is wezenlijk voor het christendom. Met ds. Knap ben ik van mening dat we de Heilige Geest in Zijn werk belemmeren als we de aandacht van het Woord afleiden door beeld.”
Voor de catechese legt hij de norm wat anders. „Gezien het onderwijskundige aspect daarvan kan PowerPoint als hulpmiddel dienstbaar zijn. Maar wel met mate en alleen voor het onderwijskundige deel. De catechese heeft ook een verkondigend element: een woord voor het hart. Dat is voor mij zelfs het hoofdmoment. Het onderwijs in de geloofsleer is ten diepste niet op ons denkvermogen gericht, maar op ons hart. Dat besef kun je ondermijnen door een wijze van catechiseren die meer doet denken aan college geven. De catechisanten moeten blijven beseffen dat de Bijbel een bijzonder boek is, met geen ander boek te vergelijken. Om die reden ben ik ook geen voorstander van het projecteren van Bijbelgedeelten. Laat ze maar een poosje bladeren.”
Essentieel is voor ds. Mulder dat niet alleen predikanten en ambtsdragers, maar vooral de ouders de weg naar de kansel open houden. „Laten we onze kinderen oefenen in een luisterhouding, onder meer door ze persoonlijk voor te lezen. Ook de reformatorische scholen hebben hierin een opdracht. We moeten voorkomen dat de preekstoel voor de digitale generatie een eiland wordt dat in hun beleving geen enkel raakvlak heeft met de wereld waarin ze leven.”


Dr. Steef de Bruijn: „Alles wat de gerichtheid op Woord en sacrament hindert, moeten we afleggen”
Als lector nieuwe media volgt Steef de Bruijn nauwgezet de opmars van deze media in het geheel van de samenleving en binnen de eigen achterban. Opvallend is dat de kerkelijke grenslijnen van relatieve betekenis zijn. „Soms zie je in behoudende gemeenten een opvallende acceptatie, terwijl men in minder behoudende gemeenten terughoudend is. Dat heeft meestal te maken met de samenstelling van de kerkenraad. Ambtsdragers die in hun werk veel gebruik maken van de nieuwe media, zullen sneller geneigd zijn dat ook op het kerkelijk erf te doen.”
De Bruijn heeft de indruk dat vaak niet goed wordt nagedacht over de gevolgen ervan. „Ik wil PowerPoint als hulpmiddel in de catechese niet categorisch afwijzen, maar woorden zijn veel beter in staat om een geestelijke werkelijkheid over te dragen dan beelden. Die hebben per definitie iets materieels.
Beeldmateriaal kan ertoe leiden dat de catechisanten gericht blijven op de buitenkant. In het gebruik moet de catecheet zich daar voortdurend van bewust zijn. Als de beelden het doordringen tot de diepere laag negatief beïnvloeden, is PowerPoint geen hulpmiddel maar een hindernis.”

Afleggen
De adjunct-hoofdredacteur van het Reformatorisch Dagblad bepleit een duidelijke driedeling in het gebruik van de nieuwe media op het kerkelijk erf. In het pastoraat ziet hij goede toepassingsmogelijkheden. „Dan heb je het over contacten met de gemeente als gemeenschap, waarin communicatie heel belangrijk is.” Voor de catechese bepleit hij soberheid. In de verkondiging moet het Woord centraal staan. „Om die reden vind ik het niet verstandig als predikanten van een tablet gaan preken. Principieel is daar niets op tegen, maar je bevordert dat de kerkgangers met hun mobiel aan de gang gaan.”
De destijds gepropageerde scheiding van zakelijk en privégebruik van internet is in de optiek van De Bruijn niet houdbaar. Wel is hij voorstander van het onderscheiden van verschillende domeinen. „De kerk is geen school, de school geen gezin, het gezin geen bedrijf. Elk terrein kent zijn eigen cultuur, code en regels, passend bij dat domein. Dat is prima uit te leggen, ook aan jongeren. Naar school ga ik om te leren, naar de kerk om geestelijk voedsel te ontvangen. Op mijn werk maak ik zonder enig probleem een foto, maar in de kerk ga ik niet een doopplechtigheid vastleggen. Dat past niet bij de sacraliteit ervan. Alles wat de gerichtheid op Woord en sacrament hindert, moeten we afleggen. Wat mij betreft letterlijk. Ik zie geen goede redenen voor het meenemen van het mobieltje naar de kerk.”

Tegencultuur
De lector van Driestar Educatief is niet voor het opstellen van een kerkelijk protocol over het gebruik van de nieuwe media op het kerkelijk erf. „Het gevaar daarvan is dat het tot in lengte van jaren vastligt, ook als het door de praktijk is achterhaald, of tot een harnas wordt. Wel denk ik dat het goed is om op een gemeenteavond dit onderwerp met elkaar te bespreken en vervolgens wat afspraken te maken. Je hebt dan een algemeen kader.”
Op grond van de huidige ontwikkelingen voorziet De Bruijn de komende jaren een vervanging van kerktelefoon door kerktelevisie binnen een fors deel van de gereformeerde gezindte. „Gevoelsmatig heb ik daar enige aarzeling bij, maar die kan ik principieel niet goed funderen. Waarom zouden mensen die niet naar de dienst kunnen komen wel mee mogen luisteren en niet mee mogen kijken? Ik kan me voorstellen dat dat de concentratie zelfs verhoogt.
We zullen ook steeds vaker zien dat tijdens de dienst vormen van interactie ontstaan: kerkgangers die met elkaar twitteren of appen naar aanleiding van een uitspraak van de dominee. Daarvan zeg ik: niet aan beginnen! Het leidt enorm af. Laten we ons tijdens de preek maar richten op luisteren en mediteren. We zouden als kerk meer een tegencultuur moeten vormen.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 25 februari 2015

Terdege | 92 Pagina's

Met de tablet naar de kerk

Bekijk de hele uitgave van woensdag 25 februari 2015

Terdege | 92 Pagina's

PDF Bekijken