Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Staat en Maatschappij.

8 minuten leestijd

De HoogleeraarsbenoemJng.

II.

Nadat de h.h. Duymaer van Twist, Scheurer en Schokking gesproken hebben, komt Minister De Visser aan het woord.

Van diens rede lezen wij in het „K o r t Verslag" :

De heer DE VISSER, Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, begint eerst over de benoeming van dr. Cramer.

Op zich zelf kan spreker geen verwijt worden gemaakt van zijn afwijking van de voor dracht aan H.M. de Koningin, door den heer Duymaer van Twist.

Want deze, die van 1901 af lid der Kamer is, weet, dat sedert 1901 tot tweemalen toe te Utrecht buiten de voordracht om een benoeming geschiedde, én door Min. Heemskerk èn door Min. Kuyper. Dit is dus voor spreker geen verwijt, want in die beide gevallen heeft de heer Duymaer van Twist er niet tegen geprotesteerd.

De heer DUYM^R VAN TWIST : Toen was de benoeming juist.

De heer DE VISSER, Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, zegt, dat daar komt de qusestie der appreciatie, waar over spreker het straks zal hebben.

Het feit der benoeming buiten de voordracht vindt nu critiek bij den beer Duymaer van Twist, maar in de beide andere gevallen zweeg hij.

Niet juist is ook, dat Minister Heemskerk alleen voordroeg hen, idie geacht konden worden de belijidenis der Hervormde Kerk te zijn toegedaan, en geen ander.

Want door den heer Heemskerk als Minister is de heer Obbink voorgedragen, diie een geestverwant is van dr. Cramer, ethisch kan worden genoemd en op het standpunt staat van de historische bijbelcritiek.

Het verheugde spreker, dat de heer Schok king den vinger legde op de wonde plek in de redeneering der beide andere sprekers, die uitgingen van de onderscheiding : modern, ethisch, gereformeerd, en anders niet. Dan worden in den ethischen zak allerlei menschen gebracht; maar die onderscheiding is niet te aanvaarden, misschien nog op kerkelijk, maar niet op wetenschappelijk gebied.

Gereformeerd en ethisch zijn geen tegenstellingen op wetenschappelijk gebied, maar twee polen van dezelfde geestelijke wereld.

Als er in Groningen een vacature kwam en er was een geschikt persoon, zou spreker er gaarne een gereformeerde benoemen, juist omdat hij die antithese tusschen ethischen en gereformeerden op wetenschappelijk terrein desavoueert.

Spreker vraagt den heeren : welk principieel onderscheid, geestelijk en wetenschappelijk, bestaat er tusschen de voormalige hoogleeraren Gunning en Bavinck, beiden thans overleden ? Laten de heeren eens aantoonen, welke wetenschappelijke antithese tusschen die twee bestond op wetenschappelijk gebied.

Die antithese bestaat niet. Men zegt : op het gebied der Heilige Schrift. Er zijn echter tal van menschen in den kring der heeren Scheurer en Duymaer van Twist, die op hetzelfde standpunt staan als Gunning en Bavinck.

Sprekers leermeesters, Doedes, van Oosterzee en Beets, werden indertijd, in den tijd der scheiding in de Kerk, allen in den ethischen zak gedaan, wat de Schriftcritiek betreft. Wie hun geschriften leest, werd echter geheel anders ingelicht.

Juist in den gedachtengang, dat deze drie geen antithese zijn, doch polen der zelfde geestelijke wereld, ook op wetenschappelijk gebied, kon spreker zich niet vereenigen met de voordracht van curatoren.

Want wat was daar de bedoeling van ? Om door te voeren een systeem, dat eenige jaren uit Den Haag is begonnen-om in Utrecht te worden vastgelegd, n.l. dat de Utrechtsche faculteit moest zijn gereformeerd.

De heer DUYM^R VAN TWIST : De voorgedragenen waren confessioneel.

De heer DE VISSER, Minisier van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, zegt, dat confessioneel hier ook Gereformeerd is ; de confessioneelen aanvaarden evenzeer de drie Formulieren van Eenigheid.

De ee^nige vraag was of de geheele faculteit een tegen de ethischen gericht antiethisch karakter moest dragen. Daarom heeft spreker zich met het standpunt der Utrechtsche heeren niet kunnen vereenigen, en hij zal dat nooit doen.

Maar bij een vacature te Leiden en te Groningen zou spreker ook nooit de tegenstelling aanvaarden.

De heer DUYM/ER VAN TWIST : En de Groningsche professoren dan ?

De heer DE VISSER, Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, heeft geen enkelen Groningschen professor benoemd. Evenmin als voor Groningen kan spreker zich voor Utrecht met dat standpunt vereenigen.

Spreker meent principieel te hebben aangetoond, wat er te zeggen was voor een benoeming, buiten de voordracht om, van dr. Cramer.

Men heeft ietwat afgedongen op het wetenschappelijk karakter van dr. Cramer als kerkhistoricus. Die oppositie aanvaardt spr. niet. Dr. Cramer toch heeft bewezen door de bewerking van de werken van den Duitscher, Muller, door de studie over Justinus den Martelaar en de Apostolische Vaderen, getoond op de hoogte te zijn van de bronnen der Kerkhistorie en de ontwikkeling er van voor dezen tijd.

Bovendien heeft dr. Cramer in zijn geheele loopbaan bewezen een weMadigen invloed te hebben op jonge mannen, en curatoren deelden spreker mede, dat zij juist zoo'n persoon te Utrecht noodig hadden. Daarom verwonderde het spreker, dat in het Voorloopig Verslaig deze ongerijmdheid was te lezen, dat de studenten door deze benoeming bij ristjes zouden wegloopen naar de Vrije Universiteit.

Dit nu is in de eerste plaats onmogelijk voor theologen, want wie bij de Vrije Universiteit overgaat, kan geen predikant meer worden bij de Ned. Hervormde Kerk. Ook is na de benoeming van dr. Cramer het aantal studenten met 10 vermeerderd.

Spreker heeft om al deze redenen de benoeming aan H.M. de Koningin voorgesteld, en hij hoopt, dat die benoeming bevorderlijk zal zijn aan de ontwikkeling der theologische faculteit en van de Ned. Hervormde Kerk, die hem lief is.

Op deze rede volgden de replieken :

De heer DUYM^R VAN TWIST zal met een zeer kort woord repliceeren. Op de rede van den Minister gaat hij niet in, wegens het groote verschil in standpunt tusschen dezen en spreker.

In de Ned. Hervormde Kerk zijn drie groote groepen: modernen, ethischen en gereformeerden, onder welke laatsten spreker ook de confessioneelen verstaat.

Om de jonge studenten niet in de grootste geestelijke moeilijkheden te brengen, zou spreker, zoo lang met de richtingsverschillen dient rekening te worden gehouden, willen , dat te Leiden moderne, te Groningen ethische en te Utrecht gereformeerde pro­ fessoren werden benoemd. Dit geeft een vaste methode van onderwijs in een vaste richting. Dat spreker vroeger nooit bezwaar maakte tegen een - benoeming buiten de voordracht, was, omdat wij te Utrecht een faculteit zouden krijgen, waar gerekend werd met de gereformeerde beginselen.

Spreker zal echter niet verder met den Minister van gedachten wisselen, hij staat te ver van dezen af.

Dr. Schokking noemde de benoeming van dr. Cramer ook bedenkelijk ; hij vond die eenigszins vreemd.

De iheer SchO'kking drukte zijn spijt over de benoeming uit, omdat een groep die niet in eenjg partijverband voorkwam, nu niet de kans kreeg tot wetenschappelijke ontwikkeling. Spreker ziet op dat punt geen verschil tusschen confessioneelen en gereformeerden ; de eersten hebben ook een eigen partijverband.

De heer Schokking betoogde, dat als spreker juist redeneerde, hij moest eischen, dat aan alle Universiteiten moesten staan menschen, die de belijdenis der Hervormde Kerk aanvaarden. Spreker zou dat ook wenschen, ihij zou alle faculteiten Gereformeerd wenschen te zien. Dat is de richting in dè Ned. Hervormde Kerk, welker predikanten door de Universiteiten worden gevormd. En alken omdat er andere kerkelijke richtingen zijn, kan spreker den bestaanden toestand der faculteiten als een noodtoestand aanvaarden. Hij verschilt in beginsel met dr. Schokking, die confessioneel is.

De heer SCHEURER constateert, dat hij geen onderscheiding heeft gemaakt tusschen modernen, ethischen en gereformeerden. Hij heeft alleen herinnerd, dat bij het ontstaan de Universiteiten een gereformeerd karakter droegen en dat de indeeling geleidelijk geworden is gelijk die is, maar die door spreker niet wordt verdedigd.

De Minister stelde overeenstemming tusschen dr. Gunning en dr. Bavinck, als twee polen van een zelfde geestelijke wereld. Nu weet de Minister, dat het groote verschil tusschen beiden liep over de appreciatie van de Heilige Schrift. Het gaat daar nu ook om. Dr. Bavinck aanvaardde den Bijbel als Gods Woord, dr. Gunning vond Gods Woord in den Bijbel. Dat was het groote verschil.

De heer SCHOKKING acht het hier weinig de plaats allerlei dingen te bespreken, die de heer Duymaer van Twist te berde bracht. Deze sprak van de groep van dr. Schokking en toonde daardoor weinig op de hoogte te zijn van het kerkelijk leven.

Wat niet kan, dat is het betoog, dat men alleen benoemen mag degenen die de belijdenis aanvaarden, en tegelijk de onderscheiding in drie richtingen aan te nemen. Het moet spreker van het ihart, dat hij dit standpunt niet deelt, ook niet dai, ten aanzien van de studenten. Het kan natuurlijk gewenscht zijn voor de studenten naar één richting te worden opgevoed, maar dit moet niet beletten, dat zij ook met andere richtingen en gedachten vertrouwd zouden moeten geraken.

De heer DE VISSER, Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, zal niet verder ingaan op het debat over de benoeming van dr. Cramer. Maar de heer Scheurer meende, dat er een antithese was op grond van de beoordeeling der Heilige Schrift tussdhen prof. Gunning en prof. Bavinck. Spreker nu is verplicht aan den grooten eerbied, dien hij heeft voor prof. Gunning, wiens geestelijk kind hij is, deze antithese beslist af te wijzen. Prof. Gunning stond piet op het standpunt, dat in den Bijbel Gods Woord is, doch dat de Bijbel in ethischen zin Gods Woord is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 maart 1922

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 maart 1922

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

PDF Bekijken