Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Staat en Maatschappij.

10 minuten leestijd

Een pijnlijke zaak
Het is een pijnlijke zaak, om iemand die van een zelfde levensbeginsel uitgaat, en zich als voorlichter van het volk opwerpt, telkens te moeten wijzen op de onjuiste wijze, waarop hij ten koste van anderen, zijne voorlichting geeft. Zoo staat het met ds. Kersten. Een nieuw bewijs van zijne bijzondere wijze van doen vinden wij in zijn laatste artikel in „De Banier" van de vorige week, waarin hij het heeft over „Een Christelijk Ministerie" ............................. noodzakelijk het is, dat alle man van gereformeerden huize op ds. Kersten's partij stemt, onder de oogen te zien. Wij bepalen ons daarom tot een twee­tal punten. De eerste klacht betreft de doodstraf. Ds. Kersten stelt de vraag: „Waar bleef de wederinvoering van de doodstraf?" Dezelfde vraag zouden wij wederkeerig ds. Kersten kunnen doen, die 4 jaar lang lid van de Kamer was. Waarom deed hij ter bereiking van dit doel geen initiatief (eigen)voorstel ? Dat hadt hij toch in uw macht. Ds. Kersten moet toch weten, dat 16 A.R. Kamerleden geen meerderheid vormen en dat een Christelijk Kabinet niet hetzelfde is als een A.R. Kabinet. Een onware voorstelling van zaken geeft ds. Kersten, als hij aan zijn vraag: „Waar bleef de invoering van de doodstraf?" toevoegt:
God eischt het in Zijn Woord, dat zoo iemand eens anders bloed vergiet, diens bloed ook zal vergoten worden. En Gods ongenoegen is kenbaar in het vermeerderen der gruwelijkste moorden;
en daarop niet laat volgen: hoe gelukkig, dat van Antirevolutionaire zijde telkenmale op de invoering van de doodstraf werd aangedrongen. Bovendien, ds. Kersten weet heel goed dat het niet de Antirevolutionairen, maar de Christelijk Historischen zijn, die tegen de indiening van een wetsontwerp tot wederinvoering van de doodstraf bezwaar maken.
De tweede klacht loopt over den vaccinedwang. Ds. Kersten stelt de vraag: Hoe lang zal ons volk nog zuchten onder den vaccinedwang? Hij zegt daarvan:
Een wetsontwerp lag gereed. Gewetensbezwaarden verkregen vrijheid. Ten opzichte van de revaccinatie wilde de Minister een zeer tegemoetkomende houding aannemen (dat valt mede van dat Christelijke Ministerie!) Een amendement is door mij ingediend! De Kamer behandelde dit wetsontwerp niet! Was politieke vrees velen een raadgeefster?
Is deze voorlichting volledig?
Wij zouden ook hier weer ds. Kersten willen vragen: Waarom deedt gij in de Kamer niet het voorstel om het wetsontwerp op de agenda te brengen? Dat had toch geheel op uw weg gelegen. Was voor u soms politieke vrees een raadgeefster?
Wij stellen deze vraag, omdat het ons is bekend geworden dat uw optreden met het amendement, de afdoening van het wetsontwerp in den weg stond.
Had ds. Kersten gewild en had hij door zijn verkeerd beleid de zaak niet bedorven, dan zou het wetsontwerp betreffende den vaccinedwang reeds een plaats in het Staatsblad hebben gevonden. De schuld, dat de gewetensbezwaarden geen vrijheid verkregen, ligt eenig en alleen bij ds. Kersten zélf.
Maar van dit alles deelt ds. Kersten niets mede. Daarover zwijgt hij. Voorzeker, de zaak van ds. Kersten wordt steeds pijnlijker.

De knabbelpolitiek der kleine Chr. partijen.
Elke partij wil zoo mooi mogelijk voor de kiezers komen nu. Kritiek op anderen in overvloed, en beloften geen gebrek! Alleen de Antirevolutionaire Partij heeft een Program van Actie, waarbij ongeveer niets beloofd wordt. Kort, krachtig, waar is dat Program?
Dat kan niet van elke politieke partij worden gezegd. Men zet er gerust álles wat men weet. op, en zoo wordt het Program van actie dan gelijk aan een tafel, sierlijk en rijk gedekt, terwijl men roept: kom maar bij óns, wij zullen u wel onthalen op allerlei, wat uw hart begeert!
Men noemt dat een opgesmukt Program; en heel de handelwijze is demagogisch; 't is volksmisleiding, anders niet. Torens van Babel lijken het wel, om het mooiste uitzicht te geven; zelfs, als of men in den hemel, kon opklimmen!
Zoo heeft de S.D.A.P. een Program van actie, dat de schoonste dingen op 't menu zet. Maar de uitvoering van art. 4 van het Program zou al den financieelen ondergang van ons volk ten gevolge hebben. Doch, dat is minder. Men wordt toch niet verplicht straks uit te voeren wat men beloofd heeft. En met de belofte kan men wellicht nog wel enkele stemmen winnen! Dat is demagogie, volksverlakkerij. En dat moeten we betrekkelijk óók zeggen van de kleine christelijke partijen ............. de Hervormd (Geref.) Staatspartij ........ Die roeren zich overal in den lande en schieten de scherpste pijlen die ze in hun koker dragen, af op de Antirevolutionairen, waardoor bitterheid in 't hart des volks moet worden opgewekt. Daarbij worden dan allerlei mooie beloften gedaan en gezegd, dat, wanneer ons christenvolk zoo vriendelijk is de heeren van die twee partijen naar de Kamer af te vaardigen, alles spoedig in orde komt.
De Staatkundig Gereformeerde Partij zegt, dat dan alles héél christelijk en heel gereformeerd zal toegaan. En de Herv. (Geref.) Staatspartij zegt dat dan spoedig geen Roomsche meer in 't land zal zijn en dat met een handomdraaien de Hervormde Kerk hier het één en 't al zal wezen. Nu is het goed, wanneer men beginselen propageert; maar het moet geen onzin zijn. En het is goed, dat men beginsel-ontrouw maar niet laat passeeren; maar de critiek moet niet onwaar en onwaardig worden. Omdat vooral de Staatkundig Gereformeerde Partij nog al sterk critiseert en daarbij aan onze Antirevolutionaire voormannen Kuyper, Idenburg, Colijn, enz., de kroon van het hoofd rukt, zouden wij wiillen vragen: hebben ds. Kersten en ds. Zandt zich vóór dezen wel met die Antirevolutionaire Partij ingelaten? Hebben zij wel genoegzaam gesteund, ook als het in hun oog verkeerd ging? Of hebben zij zich, wellicht geheel of te veel afzijdig gehouden? Bij de gevoerde critiek nu is de houding van vroeger nog wel van beteekenis, dunkt ons.
Maar bovendien, is men zelf weleens aan 't bewind geweest? Heeft men zelf wel eens gestaan in een positie als dr. Kuyper vroeger; of als de heer Idenburg in Indië en hier; of als de heer Colijn nu? Heeft men zelf wel eens de leiding gehad in den ministerraad en in 's lands raadszaal? Heeft men zelf wel eens gewerkt, geregeerd onder omstandigheden als onze Anti-revolutionaire leiders, Ministers, Kamerleden, enz.? Waarom geeselt men mannen als Kuyper, Idenburg, Colijn, als met scorpioenen, terwijl men nooit zélf nog gestaan heeft op een verantwoordelijke post?
Profeet wil men zijn — maar praters hebben we genoeg.
Koning wil men wezen — maar die naar den scepter dingen hebben we genoeg.
Priesters moeten we hebben — bij het altaar om offers te brengen. Critiek zonder offer is egoïstische critiek. Dat is critiek, een christen onwaardig! En ook al noemt men zich „gereformeerd", kan men toch onchristelijk handelen; door onrechtvaardig te zijn in critiek en onverantwoordelijke beloften te doen aan ons gereformeerd volk.
Eén voorbeeld.
Ds. Zandt van Delft sprak te Elspeet op de Veluwe o.a. over de Zondagsrust der Antirevolutionairen. En om goed te laten uitkomen, dat die Antirevolutionairen het maar slapjes nemen met Zondagsrust en Zondagsheiliging, verhaalde hij, die dominé te Delft is, van een Antirevolutionairen wethouder te Delft — blijkbaar mr. Chardon, die het bij een tapverbod op Zondag genoeg vond dat de herbergen 's morgens gesloten zijn. Dus — zoo was de redeneering en de toepassing — 's middags en 's avonds is het voor die Antirevolutionairen blijkbaar geen Zondag! Ook een Communist in den Raad van Delft had dat opgemerkt en ds. Zandt was het met dien Communist in deze roerend eens. Nu behoeft men wezenlijk geen dominé in Delft te zijn — een verstandig christen van de Veluwe kan het óók wel vatten — om te begrijpen, dat de Antirevolutionairen in Delft een kleine minderheid zijn. Er zijn in Delft ook nog Roomschen (en niet weinig), Chr. Historischen, Liberalen, Vrijz. Democraten, Socialisten, Communisten, enz.
De Antirevolutionairen in Delft kunnen dus op politiek terrein niet alles doen wat zij zoo gaarne zouden willen. Er moet een compromis, een overeenstemming worden gemaakt tusschen de christelijke partijen. En dan is het laf, onwaar en onwaardig om zóó de
Antirevolutionairen den volke van de Veluwe voor te stellen!
Daarbij gebruiken de candidaten van de Geref. Staatkundige Partij allerlei groote woorden van: "het moet en het zal" — met allerlei mooie beloften en toezeggingen voor de toekomst, als de Geref. Staatspartij aan het bewind zal komen; maar men moest toch liever billijk zijn in z'n critiek en bescheidener zijn bij de toekomstbeloften. Want weet de Geref. Staatkundige Partij niet dat als ds. Kersten en ds. Zandt straks naar de Kamer zullen gaan, ook zij zullen moeten roeien met de riemen die men heeft? En ja, dan zal critiek, als men in de minderheid is, gemakkelijk wezen en mooie leuzen aan te heffen, zoolang men niet verantwoordelijk staat om ze óók uit te voeren, is niet moeilijk.
Maar voelt men niet, dat men op de samenwerking met andere partijen aangelegd is en dat ons volksleven zoodanig is dat de Geref. Staatspartij maar niet met één handomdraaien alles kan regelen naar eigen genoegen, eigen wensch en eigen beginsel? Men verzwakt de positie van de leidende christelijke partijen, met name en bizonder de Antirevolutionaire Partij en zelf kan men niets beginnen straks — waarbij de vijand in z'n vuistje lacht. Want door heel 't optreden van de Geref. Staatkundige Partij, die tot regeeren niet in staat is, wordt de kans voor Links al grooter en grooter gemaakt. En het is voor ons niet verborgen gehouden, wat daarvan de wrange vruchten zullen zijn op het terrein van het politieke leven; voor Kerk, school en huisgezin.
​Door scherpe, onbillijke, onware en dwaze critiek en onwezenlijke, mooischijnende beloften, haalt men ellende over land en volk, met bittere teleurstelling; wat men tevoren weten kan, dat zal geschieden. Ook de Herv. (Geref.) Staatspartij waarvan de leiders niet anders doen dan hun naaste mede-geloovigen trappen en schelden, gaat hier niet vrijuit.
Nooit heeft men zelf nog aan politiek gedaan. Nooit heeft men nog een vinger naar de dingen uitgestoken; veel minder heeft men ooit iets in deze gepresteerd; men kan in de schaduw niet staan van mannen als Kuyper, Lohman, Idenburg, Heemskerk, Colijn — en nu hoort men niets dan de meest scherpe critiek en de felste aanvallen zijn voor de partijen Rechts!
Liberalist, Socialist, Communist vallen weg — de christelijke partijen moeten voortdurend onder vuur genomen worden! En nu stelt men het zóó voor, dat met een handomdraaien alle Roomschen zulten verdwijnen, (ook Socialisten en Liberalisten, die de van Boven geopenbaarde Waarheid Gods, verwerpen en vol anti-christelijke beginselen zitten?) en dat de Hervormde Kerk straks het één en het al zal zijn in Nederland — als ds. Lingbeek c.s. naar de Kamer worden afgevaardigd. Verzwakking van de christelijke partijen, verwijdering met bitterheid tusschen degenen die bij elkaar hooren — dat is eenerzijds de vrucht van de knabbelpolitiek der kleine christelijke partijen. En anderzijds, over de hoofden van de Antirevolutionairen en Chr. Historischen heen, een bevoordeelen en sterken van Rome, Liberalist en Socialist.
Is dat niet onverantwoordelijk ?
Door bittere, giftige critiek gaat men fout.
Door mooie, maar onvervulbare beloften, misleidt men ons volk.
Men zij nog gewaarschuwd, vóór dat het te laat is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juni 1925

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juni 1925

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

PDF Bekijken