Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

UIT DE HISTORIE

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

UIT DE HISTORIE

7 minuten leestijd

Luthers verklaring van Paulus' brief aan de Galaten.
Schrijver ; lezers ; groet ; hoofdstuk 1 vers i—5 (IXJ.
Vervolg vers A.
Geef u dus alle mogelijke moeite, dat gij, in tijden, wanneer ge geen aanvechtingen hebt, niet van Christus afgetrokken en in vertwijfeling gestort wordt ; en zie toe, dat zulks ook niet het geval is, wanneer ge in gevaar en doodstrijd verkeert, wanneer uw geweten u verschrikt door de herinnering aan zonden uil het verleden, en wanneer de duive! u met groot geweld aanvalt, en u met den last, den stroom, ja, den zondvloed van ongerechtigheden overstelpen wil, met de bedoeling, u te verschrikken ; zorg er voor, zeg ik, dat ge in vast vertrouwen zeggen kunt : Christus, Gods Zoon, is niet overgegeven voor heiligen en rechtvaardigen, maar voor onrechtvaardigen en zondaren.
Indien ik rechtvaardig was en geen zonden had, dan zou ik Christus niet als Verzoener noodig hebben. Waarom wilt ge dan, gij booze schijnheilige Satan, dat ik door u.gemaakt zal worden tot een heilige, en waarom eischt ge van mij rechtvaardigheid, terwijl ik niets anders heb dan zonden, die nog niet eens zonder beteekenis en klein in getal, maar wezenlijk en inderdaad zwaar zijn ?
Daar zijn in de eerste plaats de zonden tegen de eerste tafel der Wet : het grootste ongeloof ; twijfel ; wanhoop ; dagelijksche verachting van God ; haat ; onkunde ; Godslastering ; ondankbaarheid ; misbruik van Gods Naam ; nalatigheid; afkeer en verachting van Gods Woord.
Vervolgens de zonden tegen de tweede tafel : het niet eeren onzer ouders ; ongehoorzaamheid jegens de Overheid ; het begeeren van eens andermans goederen, vrouw, enz. (hoewel dit lichte zonden zijn in vergelijking met de vorige) ; voorts : wanneer ik metterdaad geen doodslag, geen echtbreuk, geen diefstal of eenige dergelijke zonde tegen de tweede tafel der Wet heb begaan, — dan nóg heb ik ze in mijn hart.
Derhalve ben ik een overtreder van al Gods geboden, en het getal mijner zonden is zóó groot, dat zij niet op een koeienhuid geschreven kunnen worden ; ja, mijn zonden zijn zóó menigvuldig, dat zij niet geteld kunnen worden, wijl zij het zand der, zee te boven gaan.
Hier komt nog bij, dat de Satan zóó listig en sluw is, dat hij uit mijn goede werken en eigengerechtigheid nog de grootste zonden maken kan.
Daar dus mijn zonden inderdaad zoo ernstig, waarachtig, groot, ontelbaar in getal, schrikkelijk en onoverwinnelijk zijn, en mijn gerechtigheid voor God niet baten, maar veeleer schaden kan, — zoo is Christus, Gods Zoon, voor die zonden in den dood overgegeven, opdat Hij ze uitdelgen, en mij, benevens allen, die dat gelooven, zalig maken zou.
In déze zaak ligt de kracht onzer eeuwige zaligheid, dat wij deze woorden als ernstig en waarachtig aanvaarden. Ik zeg dit met nadruk. Want reeds dikwijls heb ik ervaren, en ik ervaar het nog dagelijks, dat het moeilijk is, in deze dingen te gelooven, vooral, wanneer wij aangevochten worden ; wij zullen echter moeten gelooven, dat Christus niet overgegeven is voor heiligen, rechtvaardigen, waardige lieden en vrienden, maar voor Godloozen, zondaren, onwaardigen en vijanden, die den loom Gods en den eeuwigen dood verdiend hebben.
Laten wij dus ons hart door deze en soortgelijke overwegingen van Paulus versterken.
Wie deze kunst goed verstaat, die kan alle listige aanvallen des duivels gemakkelijk ontgaan, die hem anders, door de herinnering aan zijn zonden, tot vertwijfeling konden brengen, en hem doodelijk zouden kwellen, tenzij Gods kracht en wijsheid, waardoor zonde, dood en duivel alleen overwonnen kunnen worden, ze hem deed weerstaan.
De mensch echter, die de herinnering aan zijn zonden niet van zich werpt, maar ze vasthoudt, en zich kwelt met de vraag, hoe hij zichzelf door eigen kracht verlossen kan, of wachten wil op de bevrediging van zijn geweten, — zulk een mensch valt in de strikken van Satan, doet zichzelf geweld aan, en wordt ten slotte door de verzoeking, die telkens weer tot hem komt, overwonnen. Want de duivel houdt niet op, zijn geweten te beschuldigen.
Tegen deze verzoekingen moet men de woorden van Paulus aanwenden, als hij zegt: „Christus is de Zoon van God en de maagd Maria ; voor onze zonden is Hij overgegeven en gestorven". Hierin geeft de apostel een duidelijke en wezenlijke beschrijving van den Christus.
Wil de duivel een andere beschrijving van Hem geven, zeg dan tot hem : de beschrijving, die gij van Hem geeft, is valsch ; daarom aanvaard ik haar niet.
Ik zeg deze dingen met een bedoeling. Ik weet wel degelijk, waarom ik er zoo op aandring, Christus uit Paulus' beschrijving grondig te leeren kennen. Christus is namelijk geen streng drijver, maar een Verzoener van de zonde der geheele wereld (I Joh. 2 vs. 2).
Wanneer ge u dus zondaar weet, gelijk we allen zijn, — stel u dan Christus niet voor als een rechter, die verschijnt op de wolken des hemels, want dan zoudt ge verschrikken en in vertwijfeling geraken ; maar grijp Hem aan, zooals Paulus Hem waarachtig beschrijft, te weten als den Zoon van God en de maagd Maria, Die ons zondaren niet verschrikt, kwelt en veroordeelt, Die geen rekenschap vraagt van ons slecht geleid leven, maar Die Zich voor onze zonden heeft overgegeven, en Die door een eenig offer de zonden der geheele wereld heeft weggenomen, gekruisigd is en Zichzelven heeft vernietigd.
Geef hier nauwlettend acht op, en wel inzonderheid op het woordje „onze" ; ge moet u zóó lang oefenen, totdat ge gelooft, dat in dal woordje „onze" ook de wegneming en uitdelging van uw eigen zonden begrepen is ; dat wil zeggen : ge moet zeer stellig weten, dat Christus niet alleen de zonden van eenige menschen, maar ook de uwe en die der gansche wereld heeft weggenomen. Hoewel alle menschen dit niet gelooven, toch is het een feit, dat de overlevering geschied is voor de zonden der geheele wereld.
Laten uw zonden dus niet in het algemeen zonden zijn zonder meer, maar uw eigen zonden, en geloof, dat Christus niet alleen gegeven is voor de zonden van anderen, maar ook voor die van uzelf.
Houd deze waarheid met hand en tand vast, en laat u op geenerlei wijze van deze heerlijke beschrijving van Christus, waarin ook de engelen in den hemel behagen scheppen, afbrengen ; want volgens rechte beschrijving is Hij geen Mozes, geen drijver, geen beul, maar de verzoener van onze zonden en de schenkel van genade, gerechtigheid en leven, Die Zichzelven heeft overgegeven voor onze zonden : niet op grond van onze verdiensten, heiligheid, gerechtigheid en onbestraffelijke manier van leven.
Weliswaar legt Christus de Wet uit, maar dit is niet Zijn eigenlijke en voornaamste ambt.
Indien ik Christus op deze wijze beschrijf, dan stel ik Hem niet verkeerd voor, maar geef Hem, zooals Hij werkelijk is.
Met speculaties omtrent Zijn Goddelijke Majesteit laat ik mij niet in ; ik bepaal mij tot Zijn menschelijke natuur, en alleen zóó wensch ik Gods wil te leeren kennen, waarin, bij zoodanige beschouwing, geen verschrikking, maar slechts liefelijkheid en vreugde te vinden is. Tegelijk gaat er een licht op, dal mij zuivere kennis geeft van God, van mijzelf, van alle schepselen en van alle boosheid in het rijk van Satan.
Wij leeren geen nieuwe dingen, maar oude, en hetgeen te voren de apostelen en alle godzalige leeraars hebben verkondigd, — dat scherpen wij in en bevestigen wij.
Mogen wij daartoe inderdaad in staat zijn, opdat wij niet alleen met den mond, maar met het diepst van ons hart deze dingen wéloverwogen mogen belijden, om ze vooral in tijden van nood en dood te kunnen gebruiken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 maart 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

UIT DE HISTORIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 maart 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

PDF Bekijken