Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Rondblik buiten de Grenzen

5 minuten leestijd

Nu het Poolsche verzet geheel gebroken is, bereidt men zich over en weer op de nieuwe periode voor. Het oorlogstooneel wordt een oogenblik door een diplomatiek tusschenspel onderbroken. In dit stadium valt allereerst het grens- en vriendschapsverdrag tusschen Rusland en Duitschland in het oog. De definitieve grensregeling in Polen, gelijk die, na het bezoek van Von Ribbentrop aan Moskou, bekend gemaakt is, wijst aan de Sovjet-Unie aanmerkelijk minder toe, dan de voorloopige demarcatie-lijn deed vermoeden. Warschau werd niet midden-door gedeeld, doch kwam, mèt een breede oostelijke strook, geheel in Duitsche handen.
Voorts is Von Ribbentrop thuisgekomen met een Duitsch-Russische verklaring, dat er aan den oorlogstoestand thans een einde dient te komen. Indien Engeland en Frankrijk daartoe niet bereid blijken, dan zullen Rusland en Duitschland elkaar raadplegen over de vereischte maatregelen. In de derde plaats is er overeenstemming bereikt over de levering van grondstoffen door Rusland en Duitschland.
De Duitsche poging om den oorlog te beëindigen, zoodra de Duitsche doelstellingen inzake Polen waren bereikt, worden dus door Rusland ondersteund. Ook Mussolini deelde, wat dit betreft, het Duitsche standpunt. Alleen voegt de Russische vriend er nog een bedekt dreigement aan toe. Wat Rusland nu precies zal doen, wanneer Engeland en Frankrijk den oorlog zullen voortzetten, wordt niet gezegd. Wel verklaart men dat er dan overleg zal plaats hebben tusschen Berlijn en Moskou. Zondag is de Italiaansche minister Ciano in Berlijn geweest, om te spreken over de „voorwaarden" waarop Duitschland vrede hoopt te verkrijgen.
Dat er werkelijk een spoedig einde van den oorlog verwacht zou mogen worden lijkt intusschen zeer onwaarschijnlijk. Duitschland is de Poolsche „veldtocht" niet begonnen om het overwonnen gebied weer onmiddellijk terug te geven als prijs voor een herstel van den vrede. Het zou dit zelfs niet kunnen doen, nu Rusland mede een deel van den buit is toegevallen. En Engeland zou wel een heel zonderling figuur slaan, wanneer het thans den oorlog zou opgeven. Londen heeft verklaard niet te zullen rusten voor „het Hitlerisme" de genadeslag is gegeven. Welnu, zoover is het nog niet. Maar bovendien : de aanleiding dat Engeland en Frankrijk ten strijde trokken, was de aan Polen gegeven bijstand-garantie. Die bijstand was tot nog toe miniem omdat de geallieerden, inplaats van directe en plaatselijke hulpverleening, een breed offensief voorbereidden, waarvan Polen eerst op den duur de vruchten zou plukken. In dezen gedachtengang past geen inwilliging van de Duitsche eischen op het moment dat Polen verslagen is. Gesteld al, dat Engeland van zijn plannen om „het Hitlerisme" te vernietigen zou willen afzien, dan was het toch in ieder geval verplicht om niet te rusten voor de onafhankelijkheid van Polen was hersteld. Nu schijnt Hitler voornemens te zijn de Geallieerden voor te stellen Polen in drieën te deelen : Rusland behoudt het bezette gebied, Duitschland verwerft de oorspronkelijk opgeëischte deelen en de rest wordt Duitsch protectoraat. Het verdere verlanglijstje van Duitschland (koloniën) kan dan op een vijfmogendhedenconferentie besproken worden, bij welke gelegenheid Italië met zijn eischen inzake de Middellandsche zee op de proppen zou komen. Dm de reeds genoemde reden lijkt het niet waarschijnlijk, dat Engeland en Frankrijk op deze suggesties zullen ingaan.
Wanneer de geallieerden deze voorstellen accepteerden en, door den oorlog te beëindigen, te kennen geven dat ze den strijd tegen Duitschland en zijn bondgenooten niet aandurven, zou hun positie op de bedoelde vijf-mogendhedenconferentie ook al uiterst zwak zijn.
Er is tot op heden dan ook nog geen enkel symptoom dat Engeland geneigd is den strijd op te geven. Integendeel! De Britsche Minister van Marine Churchill, heeft in zijn radio-rede van j.l. Zondag opnieuw verzekerd, dat de strijd ten einde toe zal worden volgehouden. „Hitler kon zeggen, wanneer de oorlog zou beginnen, doch hij of zijn opvolgers kunnen niet zeggen, wanneer de strijd zal eindigen. De oorlog zal eerst eindigen wanneer wij er van overtuigd zijn, dat hij genoeg gehad heeft".
Opmerkelijk is de bijna-vriendelijke wijze waarop de Engelsche woordvoerders over Rusland blijven spreken. De Russische inval wordt wel terloops gelaakt, doch geeft blijkbaar geen aanleiding tot een felle anti-Russische actie. Zelfs gaf Churchill van de Russische houding een „verklaring", welke bijna als een verontschuldiging klonk : „Het nationale belang van Rusland valt samen met de Britsche en Fransche belangen, daar het niet in overeenstemming met de Russische veiligheid is, dat het nationaal-socialistische Duitschland de Balkanstaten onder de voet zou loopen of het Slavonische volk in Zuid-Oost- Europa zou onderwerpen". Met zekere voldoening constateerde Churchill zelfs dat er, door het optreden der Russen, „een Oostelijk front is ontstaan, waar Duitschland niet durft aan te vallen". Of we in dit alles alleen een poging hebben te zien, om Rusland en Duitschland te scheiden, zooals Berlijn uitsluitend op Engeland afgeeft en voor Frankrijk nog vriendelijke woorden vindt ? De Russische hulp heeft Duitschland inderdaad zijn bewegingsvrijheid ontnomen. In Europa blijft er voor Hitler thans weinig meer te verdienen en hij zal, terwille van de Russische vriendschap, nu met de Duitsche communisten wel zeer zachtzinnig moeten omgaan. Maar of de toenemende invloed van de Sovjet-Unie nu wel zoo mild beoordeeld kan worden door een land dat zich „de verdediger van beschaving en vrijheid" noemt ?
Zoolang Rusland en Italië echter nog tot de „neutrale" landen behooren zal er voor Engeland weinig reden zijn om ze tegen zich in het harnas te jagen. Het dusgenaamde Duitsche „vredesoffensief" heeft stellig den steun van Stalin en Mussolini. Rusland heeft zijn belooning daarvoor reeds binnen en Italië hoopt er straks behoorlijk voor beloond te worden. Maar wat beide landen zullen doen, wangeer het met dat vredesoffensief op niets uitloopt en er weer gevocten zal moeten worden om iets te winnen ?
Het oorlogstooneel speelde zich in het half-duister af.
Doch het diplomatiek tusschenspel blijft gehéél achter de schermen verborgen. vrijwel
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

PDF Bekijken