Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zijn dromen bedrog? (Slot)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zijn dromen bedrog? (Slot)

Pastorale overwegingen

4 minuten leestijd

Angstdromen

De briefschrijver merkt aan het slot van zijn schrijven op in een persoonlijke noot vanwege een hersenziekte soms verschrikkelijke dromen te hebben. We zullen dat wel kunnen begrijpen. Wie gezond en wel - voorzover we dat kunnen zeggen - al door dromen, angstdromen geplaagd kan worden, zal zeker kunnen aanvoelen, dat bij ziekte of bij beproevingen de geest ontsteld kan geraken door ook 's nachts bezig te zijn. Wie van ons zal hierbij ook niet denken aan de klacht van Job? In zijn eerste antwoord op de rede van Elifaz, in hoofdstuk zeven, klaagt deze lijder, dat het leven zwaar is. In vers 3 spreekt hij over 'nachten van moeite'. Eigenlijk staat er in de grondtekst een woord, dat ook met 'ijdelheid, bedrog' kan worden weergegeven. Het staat in tegenstelling tot 'loon' uit vs. 2. De nachten brengen Job telkens weer teleurstelling en ontgoocheling, omdat de gekoesterde hoop niet wordt vervuld. Maar in vers 14 klaagt Job, dat God hem 's nachts door dromen verschrikt. Een verklaarder meent, dat de gewijde schrijver hier zinspeelt op het beeld van de melaatse, die, in lichte sluimering, telkens weer verschrikt opveert door nare angstdromen. Er kan zelfs sprake zijn van 'een angstpsychose' - Kroeze. En Job schrijft dat toe aan God: Gij verschrikt mij... 't Is een bitter raadsel voorlopig nog voor de lijder dat en waartoe God deze weg met hem gaat.

En verder geen poespas

't Is duidelijk, dat de schrijver van de brief de dromen als opbaringsmiddel afwijst. Trouwens we zagen zoëven al, dat dromen ook zelfs in de Schrift niet steevast openbaringsmiddel zijn. God bindt Zich als de Souvereine aan geen enkel middel. Ik ga graag men hem mee als hij vasthoudt aan het geopenbaarde Woord van God als het beslissend getuigenis. We krijgen of nemen er niets als extra bij, wanneer we leven bij en uit het Woord door de Geest. Wel kunnen dromen en ook ervaringen een bevestiging zijn op het Woord voor de gelovige persoonlijk. Maar dan openbaren deze niet iets wat in het Woord nog niet zou gezegd zijn. Anders worden dromen of ervaringen een aparte bron van openbaring naast en soms zelfs boven de Schrift. En dat wijs ik evenzeer van harte af. De gehele worsteling tussen Rome en de Reformatie ging wezenlijk om het gezag, het alleen-recht van de Schrift. Luther wees herhaaldelijk, ook als men hem bedankte voor zijn onderricht alle lof van de hand. Neen, niet ik heb dat gezegd of zo gedaan, de Schrift. Hij wenste ook alleen te herroepen, als men hem vanuit de Schrift kon aantonen, dat hij gedwaald had. Voor argumenten ontleend aan kerkvaders, pausen, kefkvergaderingen ging hij niet opzij. Die konden immers dwalen. Wij zijn evenzeer dwaalziek. Menselijke ervaringen mogen nooit de Schrift laten zeggen wat men wil. Dat is de omgekeerde weg. Als iemand dan schrikt van de uitdrukking 'en verder geen poespas', dan is dat door onze briefschrijver mogelijk wat cru en hard uitgedrukt, we pogen te begrijpen de bedoeling van zijn uitdrukking.

Sectarisch en reformatorisch

Ik denk, dat sectariërs inderdaad zich vaak op dromen en inwendige openbaringen en stemmen beroepen. Het is sectarisch die hoger te stellen dan Gods Woord. Laten we niet vergeten dat de belijdenis der vaderen aan de hand van de Schrift niet slechts Rome terugwezen maar ook de Wederdopers. Dat zij stonden aan een dubbel front wordt nog wel eens vergeten. Mogelijk gaat de menselijke geest meer onheilig nieuwsgierig dan heilig heilbegerig te werk. Laten we geen onbijbelse verbanden leggen tussen een afgesloten kanonieke Schrift en de Geest, Die daarna en daar buiten om heen ook door dromen nog het een en ander zegt. Een dwaas mens is zo op het bijzondere gesteld. Is de Schrift niet Gods bijzondere openbaring?

Het is goed reformatorisch om het bij de Schrift te houden tot zaligheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 november 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Zijn dromen bedrog? (Slot)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 november 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

PDF Bekijken