Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een vader had twee zonen (3)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een vader had twee zonen (3)

7 minuten leestijd

Lukas 15:11-32

Kind, hoort u dat. U hebt een Vader! U hebt een Oudste Broeder. Hij is Borg en Middelaar tegelijk. Als u op uzelf ziet, moet u het hoofd schudden, dat kan niet waar zijn. Maar als ik op Hem mag zien, word ik ontroerd van verwondering. Onverdiende zaligheid. Mag ik het zo zeggen: De Vader in de hemel heeft het Gemeste Kalf voor u bestemd.

En zij begonnen vrolijk te zijn.

De oorzaak van die blijdschap laat zich raden. Dat kon de eerste de beste knecht vertellen. Hoor maar, als de oudste uit het veld komt en er naar vraagt: Uw broeder is gekomen en uw vader heeft het gemeste kalf geslacht, omdat hij hem gezond weder ontvangen heeft. Daarom is er blijdschap. Het woordje 'want' is redengevend. Er is bij de vader alle reden voor. Ook in dit vers ligt het accent niet op de zoon. We zien de vader wijzen. Hij daar... mijn zoon. Deze mijn zoon. Zijn terugkeer, zijn bekering, is de oorzaak van mijn vreugde. Hij verstoot hem niet, maar heeft hem aangenomen. Hoor de vader: Deze mijn zoon was dood. Mijn jongen, je was voor mij als dood. Zo'n sterke uitdrukking gebruikt Jezus. Hij was als dood en is wederlevend geworden. Hij was verloren en is gevonden. Zo'n scherpe tegenstelling gebruikt de Heere Jezus in deze gelijkenis. Is dat niet opvallend? Want als zijn vriend Lazarus in het graf ligt, zegt Hij: Lazarus slaapt. Maar van de zoon in deze gelijkenis zegt Jezus: Hij was dood. Zo heeft vader de afwezigheid van zijn kind beleefd. Zijn vader was hem kwijt. En het kind gaat dat zien.

God is zijn kind kwijt. Een mens van huis uit is blind en doof. Zo'n leven in de zonde noemt God nu: Dood zijn in zonden en misdaden. Ware het niet dat de Vader innerlijk met ontferming bewogen ware, we zouden allen de eeuwige dood sterven. Maar onze God is barmhartig en genadig. Als de Heilige Geest ons de schellen van de ogen rukt en onze oren doorboort, gaan we horen en zien. Hij heeft Zijn Enige Zoon gezonden. Hij reist het verlorene na. Door een beeld te nemen van een jongste en een oudste zoon laat Jezus zijn hoorders zien waar het om gaat. Door deze ontroerende gelijkenis zegt Jezus tot u en mij: Als er Eén verloren is geweest dan ben Ik het. Dat was toen, toen Ik stierf aan het vloekhout. Zo dood en zo verloren is er nimmer iemand geweest. Hij stierf onze eeuwige dood. Zo heeft Jezus het ook bedoeld, toen Hij in de gelijkenis van Zichzelf sprak. Hoor de Vader in de hemel in dit gedeelte: DEZE... Mijn Zoon is het. Door Hem wordt u door Mij niet afgewezen, maar aangenomen. Heerlijk Evangelie! Zo ver van huis kunt u niet zijn. Zo haveloos door de zonde kunt u er niet uitzien. Zijn liefde is daar ten ene male blind voor. Hij ziet het niet en Hij ruikt het niet. Om Christus' wil niet. Hij ziet alleen met Zijn hart. Moet u de klanken uit het vaderhuis in de hemel horen: Deze mijn zoon, deze mijn dochter was dood, maar is nu levend. Wederlevend geworden. Wat is dat anders dan een opstaan uit de doodslaap der zonde. Als we werkelijk 'tot onszelf komen' is dat er de vrucht van: Ik zal opstaan en tot Hem gaan. Maar ten diepste is het: Heere, U deed mij opstaan. Dat U mij liet zien waar ik mee bezig was. Dat u een hongersnood gaf. Dat U me deed geloven dat er één was en is die op mij wacht totdat ik U mocht omhelzen. In de wereld is er niemand die de armen om je heen slaat. Alleen als ze beter van je kunnen worden. Maar als je blut bent is het afgelopen. Lieve lezer(es), aan uw zoeken, aan uw inkeer gaat Zijn zoeken vooraf. De Heere gebruikte er een hongersnood voor. Dat is Zijn zoeken. Weet u wat ook zo'n schoon trekje is in deze gelijkenis? De vader zegt: Deze mijn zoon was dood en is wederlevend geworden. Dat zegt hij tegen zijn knechten. Hij zegt niet meer, dan van zijn zoon bekend is. Vader hangt de vuile was niet buiten. Geen woord van, weet je het nog toen hij wegging. Ik zei het toch, dat komt nooit goed. Niets. Ook niet, toen hij alles doorgebracht had. Dat zei zijn oudste broer. Maar vader zwijgt erover. Zwijgt over zijn eertijds. Alleen dit: Hij was dood en is tot bekering gekomen. Zelf kunnen we het wel over ons eertijds hebben. Dat zondige leven kan je zo drukken. Soms komt alles weer boven en eigenlijk steeds weer en meer. En als je dan oudste zonen spreekt, is het eerste wat ze zeggen: heb je je niet bedrogen? Wat een zegen is het dan als je zeggen mag: man dit is het nu juist, ik heb altijd mezelf bedrogen, maar daar ben ik nu juist achter gekomen. Wat een wonder dat de Heere juist bedriegers, hoerenlopers, oplichters, boeven aanneemt, die met berouw terugkeren. En die kledij trekt Hij nu uit en overkleedt mij met het 'eerste kleed'. Ik kan alleen maar zeggen: Ik heb een liefdevolle Vader, Die niet met mij handelt, zoals ik met Hem. Hij is de grond van mijn behoud. Zijn trekking voelde ik bij de zwijnentrog. Daar gingen de wissels om. En zeg nu niet, zie je wel, eerst..., want dat zie je pas als je bij vader bent. Wat wil de Heere zeggen in deze gelijkenis?

Wordt iemand, wie dan ook, een jongste of een oudste, als zij terugkomen, verstoten of aangenomen? Aangenomen zegt de Heere Jezus. Dat horen we uit Zijn mond. Ik roem in God...! Oudste zonen denken het zo goed te weten. Ze weten precies hoe God een mens bekeert. Maar ach, ze weten niet wie Vader is, wie Christus is. Nog nooit op 'een grote hoop gegooid met hoeren en tollenaren en doorbrengers. En met al uw vroomheid hebt u een leeg hart. Uw ja-maars... doen u werken. Groot verschil met die jongste. Die zei: 'En'. En opstaande ging. Daar vult u zo vaak het woordje 'maar' in. En maar teksten aandragen om dat 'maar' te onderstrepen. Een vader had twee zonen. Wie was er nu verloren? Wie? Weet u het al? Je bent gevonden als je door de Heere gevonden wordt. Als u het horen mag uit Zijn mond: Deze, die daar, was dood en is wederlevend geworden. Wat een wonder als je weer een thuis mag hebben. Een thuis waar je welkom bent. Waar je verwacht wordt. Waar liefde woont. Waar volop brood is. Ik ben het Brood zegt Christus. Dat zegt alles voor hen die in de vreemde verkeerd hebben. Dat zegt alles voor hen die honger hebben. O als de Geest het Vaderschap/Zoonschap gaat verklaren aan het hart, Die maar staat te turen, dan zijn we één en al oor en hart. Als de Zoon de Vader gaat verklaren, dat Zijn ingewanden rommelen van barmhartigheid, juist voor iemand die Zijn wet geschonden heeft, wat een heerlijk uur. Kent u het? Hij de Zoon des Vaders. Hij is het Die aan Zijn boezem ligt. Hij hoort en voelt Zijn kloppend hart. Hij kent de gedachten van Zijn Vader. Welke dan? Zou het niet deze zijn: Hij heeft geen lust in de dood van de zondaar, maar in zijn leven. De vorst der duisternis zal alles proberen te verhinderen. Schildert de wereld voor als de hemel. En wat een aansluiting in mijn verdorven hart. Weet u wie dat ervaart? De jongste. Want denk maar niet, als hij nog één korstje brood gevonden had, dat hij teruggekomen was. Hij had het nog een dag uitgesteld. Maar hij schreeuwde het uit: Ik verga van honger, ik zal opstaan en tot mijn vader gaan. En nu zegt Jezus, kijk, dat is nu de wil des Vaders. Zo waarachtig als Hij leeft. Hij neemt boetvaardigen aan die de toevlucht tot Hem nemen. O wonder, niet als een huurling, dat zou verdiend zijn, maar als Zijn kind.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 1997

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Een vader had twee zonen (3)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 1997

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

PDF Bekijken