Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Catechismusprediking in deze tijd (1)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Catechismusprediking in deze tijd (1)

7 minuten leestijd

Inleiding

Noordraans vertelt in een artikel over de catechismusprediking het verhaal over een predikant die bezig was in een catechismuspreek behoorlijk van leer te trekken tegen bepaalde uitspraken van de catechismus. Toen hij daarmee druk bezig was stond er een oude vrouw op in de kerk, sloeg haar klapstoeltje dicht en liep de kerk uit, terwijl ze zei: 'Se moatte my net oan de Katechismus komme' (ze moeten niet aan mijn catechismus komen).

Uit deze anekdote blijkt hoe verschillend men met de catechismus om kan gaan. De een vindt dat men er niet aan moet tomen, de ander heeft kritiek op bepaalde uitspraken van de catechismus. De eerste is hier een gemeentelid, de tweede een predikant, maar dat kan natuurlijk ook andersom.

In veel gemeenten is het ook vandaag gebruik om in de middagdienst, de leerdienst de catechismus aan de orde te stellen. Velen van ons zullen daarbij opgegroeid zijn. In de kerkorde van 1951 heeft de catechismuspreek een wettige plaats verworven. Als het gaat om de leerdienst in Art. XI dan staat er dat er in die leerdiensten gehandeld kan worden over de belijdenisgeschriften, in het bijzonder de Heidelbergse Catechismus.

De catechismusprediking in de tweede kerkdienst op zondag heeft een lange traditie in ons land, zoals we zullen zien. Dat heeft iets moois. Tegelijk bestaat er ook een stuk verlegenheid in onze tijd als het om deze prediking gaat. In hoeverre is de catechismus (nog) geschikt als leerboek van de kerk, luidt een van de vragen van vandaag. Dat is een eerlijke vraag. Catechismusprediking kan bij de een vreugdevolle gevoelens oproepen, maar bij de ander kan er sprake zijn van weerstand, bij jongeren en ouderen. Laten we er in dit artikel samen eens dieper op in gaan. Wat is catechismusprediking eigenlijk precies ? Waarom wordt ze gehouden? Wat is het doel ? Hoe moet het gebeuren ? Zo zouden we nog wel een aantal vragen kunnen stellen.

Bijbelse wortels

Een catechismusdienst is een /eer-dienst.

Het accent in die dienst valt dus op leren. Dat is een van de kernfuncties van de gemeente, zoals we die al in het Nieuwe Testament tegenkomen. De gemeente is een vierende, dienende en lerende gemeente en deze functies zijn met elkaar vervlochten.

In Matth. 28 : 19 geeft Jezus aan zijn discipelen het bekende zendingsbevel. Gaat dan heen, onderwijst alle volken, hen dopende in de Naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest en dan vervolgt Hij met te zeggen: erende hen onderhouden alles wat Ik u geboden heb. Leren doe je niet alleen op weg naar de doop, maar ook daarna. Je blijft het doen. Dat behoort bij het discipelschap, het volgen van Jezus. Daarom lezen we ook bij de kenmerken van de gemeente in Hand. 2 : 42 dat zij volhardde in de leer van de apostelen. Er valt zoveel te leren als het gaat om het volgen van Jezus. Je raakt niet uitgeleerd. Dat kom je in het Nieuwe Testament, en ook in het Oude Testament, steeds weer tegen. Het joodse 'lemen' is levenslang leren. Zo is het ook in de gemeente van het Nieuwe Testament. De brieven, de Evangeliën, zijn ze niet bedoeld om te leren? Geven ze geen instructie aan de jonge gemeenten wat het geloof in Christus inhoudt, wat het is om als christen te leven. Juist ook met het oog op de concrete situatie waarin de gemeente leefde.

Leren is levensnoodzakelijk voor de gemeente. Een gemeente die niet leert is ten dode opgeschreven. Is als een poel met stilstaand water. Daarom bestaat er in de traditie van de kerk een brede stroom van catechetische literatuur en voorbeelden hoe men leerde. Cyrillus van Jeruzalem hield zijn catechetische preken. Augustinus hield preken over het Credo. Zoals leren bij leven behoort, zo behoort het leren ook bij geloven als leven met God.

Het ontstaan van onze catechismuspreek in de Reformatie

Vóór de Reformatie kunnen we nauwelijks spreken van leerdiensten of catechismusprediking. Hoogstens van catechetische momenten in de eredienst, (in de zogenaamde pronaus). Het is dan ook de verdienste van de Reformatie geweest dat de leerdienst met de catechismusprediking zo'n belangrijke plaats heeft gekregen in het gemeenteleven. De achtergrond is de grote onwetendheid van de gemeenteleden. Hierom houdt Luther zijn preken over het geloof, het gebod en het gebed. De Grote Catechismus van 1529 bestaat uit zulke catechismuspreken. Ook Calvijn, Bucer en de andere groten in de Reformatie hielden zulke leerdiensten en namen ze in hun hervormingsprogramma's op. Zoals bekend is in 1563 de Heidelbergse Catechismus geschreven, voornamelijk door Ursinus. Een kerkelijke vergadering in Heidelberg in januari 1563 waarin Olevianus een grote rol speelde nam ze aan en Frederik III, de gereformeerde keurvorst van de Paltz voerde ze in als leerboek voor de jeugd en als leidraad voor de catechismusprediking. In de kerkorde van 1563 van de Paltz treffen we allerlei bepalingen aan voor deze leerdiensten. Elke zondag moet een gedeelte worden behandeld, zodat de catechismus in één jaar uit zou zijn. Daarom heet een afdeling ook een zondag. Ook moest aan het begin van de dienst telkens een gedeelte van de catechismus worden voorgelezen om de gemeente de nodige kennis bij te brengen. Een belangrijke en boeiende kerkorde wat dit betreft is ook de Christlicke Ordinancien van Micron in Londen (1553), waarin veel aandacht aan het leren van de gemeente rondom de catechismus wordt besteed.

In het begin kan de catechismusdienst beschouwd worden als een publiek-e catechisatie voor de hele gemeente, waarbij bijzondere aandacht aan de kinderen besteed wordt. De kinderen van de gemeente leren de vragen en antwoorden op school en zeggen die op in de catechismusdienst. In het gebed na de leer van de catechismus, zoals we die aantreffen in de klassieke kerkboeken blijkt dat nog. Daarin wordt gebeden of God in de kinderen zijn genade wil vermeerderen, dat zij in Christus Gods Zoon altijd toenemen en groeien, totdat zij hun volkomen mannelijke ouderdom in alle wijsheid en gerechtigheid verkrijgen.

Later gaan catechese aan kinderen en jongeren enerzijds en de leerdienst voor de gemeente anderzijds meer uiteen. Catechese leidt dan toe naar de belijdenis van het geloof en de catechismuspreek is gericht op een blijven leren, levenslang. Sommigen maken dat onderscheid ook nu erg sterk. Ik denk dat dat niet nodig is. De catechismuspreek kan zowel op het leren van de eerste beginselen gericht zijn als op het dieper ingeleid en ingewijd worden in het Woord van God. In elk geval: als de gemeente samenkomt rondom het oude leerboek dan is ze een echte leergemeenschap.

De catechismuspreek in ons eigen land

Petrus Datheen vertaalde reeds in 1566 de Heidelbergse Catechismus in het Nederlands. Dat betekent het begin van een ontwikkeling waarbij dit leerboek in de Gereformeerde Kerk in ons land grote invloed heeft gekregen. Synoden die op vaderlandse bodem worden gehouden spreken over de invoering ervan in catechese en leerdienst. Het besluit van de Nationale Synode te Den Haag in 1586 is bepalend geworden voor de verdere gang van zaken. Men stelt vast: 'De dienaers sullen allomme tsondachs ordinarelijken inde naemidachese predicatien de somma der christelijker leere inden Katechismo, die teghenwoordich inde nederlantschen kerke aenghenomen is, vervatet, corttlyk wtlegghen, alsoo dat de selve jaerlijx mach gheeyndicht wordden, volghende de affdelinghe des Catechismi selffs, daer op ghemaect.'

Om de predikanten te helpen de catechismus te preken werd aan ds. Bastingius opgedragen Exegemata op de catechismus te maken, waaruit de bekende catechismusverklaring van Bastingius is ontstaan.

In de loop van de zeventiende eeuw raakt de catechismusdienst ingeburgerd. Schotel vertelt: Nimmer was de kerk zo bezet als des namiddags. Of dit helemaal overeen­ komstig de werkelijkheid is weet ik zo net niet. Wumkes vertelt over droevige opkomsten in Groningen. Maar wel kan worden vastgesteld dat ook na 1816 in de Nieuwe Reglementenbundel de catechismuspreek zijn plaats heeft behouden. In 1863 in de herziene Reglementenbundel treedt een verandering op. Het wordt nu aan de predikanten overgelaten of ze de catechismus willen preken. Art. 22 van het Reglement op de kerkenraden luidt: Het gebruik van de Heidelbergschen catechismus bij de godsdienstoefening wordt aan het oordeel van de predikanten overgelaten. Toch betekent deze bepaling niet het einde van de catechismuspreek. Theologen zoals van Oosterzee, Noordmans, Haitjema hebben voor de prediking van het leerboek gepleit. In de kerkorde van 1951 heeft zij zoals we zagen haar rechtmatige plaats weer verkregen. In de kerkorde van de VPKN vinden we jammer genoeg deze bepaling niet terug. In art. VII, 1 staat alleen dat de gemeente samenkomt o.a. in leerdiensten, (wordt vervolgd)

Dit artikel werd u aangeboden door: de Gereformeerde Bond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 januari 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Catechismusprediking in deze tijd (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 januari 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

PDF Bekijken