Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Spreken en leven uit de Bron

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Spreken en leven uit de Bron

BEVESTIGD VOOR DE NIEUWE TAAK [1]

8 minuten leestijd

Veel nieuwe ambtsdragers zijn onlangs bevestigd voor hun taak als ouderling, diaken of ouderling-kerkrentmeester, of zullen binnenkort worden bevestigd. Een indrukwekkend gebeuren, zo’n bevestiging. Je staat – onder het Woord, in de nabijheid van de kansel – temidden van je medebroeders, die je nog niet zo goed kent, maar je in de consistorie van harte sterkte en Gods zegen hebben gewenst. Je voelt je gedragen door het gebed van de dienstdoende ouderling. Je staat ook te midden van de gemeente, die je geroepen heeft tot ambtsdrager. Je hebt die roeping overwogen, bent er biddend mee bezig geweest en hebt gesprekken gevoerd. Je kreeg bemoedigende kaarten van gemeenteleden. De roeping liet je niet los en je kreeg vrijmoedigheid om ja te zeggen. Nee, je voelt je niet alleen staan, al is het nog zo onwennig. Je voelt de steun in de rug van de Heere God, die Zijn kracht in jouw zwakheid wil volbrengen. Je ervaart stevige grond onder de voeten. Jezus Christus, mag de ‘draagbalk’ onder je ambtswerk zijn.
Maar toch, je was gemeentelid en keek altijd met enige afstand naar de kerkenraadsbank. Het ambtswerk stond ver van je af. Ambtsdragers. Gewone mensen, dat wel, maar toch wel meer dan een ‘gewoon gemeentelid’. Een voortreffelijk ambt? ‘Wie kan dat aan’, zei onlangs een pas bevestigde ouderling tegen me. ‘Nooit gedacht, daar nog eens voor te komen staan.’ Hij was een van de velen, die na de scheuring deel ging uitmaken van een nieuwe kerkenraad. Maar zei hij: ‘Een ding zal ik nooit vergeten en dat is die zegenende hand bij de bevestiging. Die bemoedigende woorden: De almogende God en Vader geve u Zijn genade, dat gij in deze uw dienst getrouw en vruchtbaar moogt verkeren.’ En ik voelde me uitgezonden door de gemeente bij het massale zingen van de zegenbede uit Psalm 134. Zijn gunst uit Sion U bestraal. Wát een woorden!’

Op weg
De bevestigingsdienst is afgelopen. Je bent als ‘nieuwkomer’ opgenomen in de kring van de broeders. Van hen kreeg je nog een stevige handdruk. Een ieder gaat weer zijn eigen weg. Jij ook, met een hoofd vol gedachten, overwegingen, allerlei vragen ook.
Vragen zoals: hoe pak ik het op, waar haal ik m’n ‘geestelijke bagage’ vandaan, is er iemand met wie ik in vertrouwen zaken kan delen, hoe zal m’n eerste huisbezoek verlopen, hoe deel ik m’n tijd zo goed mogelijk in, hoe blijf ik dicht bij de Heere?
De bevestigingstekst wandelt mee! ‘En Hij stelde er twaalf, opdat zij met Hem zouden zijn, en opdat Hij dezelve zou uitzenden om te prediken …’ (Mark. 3:14a). Er zit een groot geheim in die tekst. Ja, dat was wel duidelijk geworden. Bij Jezus zijn en blijven, dat was de allereerste opdracht. En dat niet alleen, maar samen, als broeders van de kerkenraad. Samen bij Jezus blijven en je laten onderwijzen. Ambtsdrager zijn is altijd weer samen met Hem op stap gaan, als een leerling Hem volgen, blijven volgen. Want, wie Hem volgt, zal Zijn geheimen gaan verstaan. Zal de grote zaken van Zijn Koninkrijk gaan begrijpen. En pas dan, als je er iets van begrepen hebt, kun je ervan uitdelen, spreken. Met vrijmoedigheid, de verborgen zaken openleggen, uitleggen en tijdens een pastoraal gesprek inbrengen.

Rugzak vol bagage
Zo ging het ook bij de twaalf apostelen! Juist omdat zij bij Hem bleven, bleven luisteren naar Zijn woorden, werd hen alles verklaard (Mark. 4:34). Dat gaf hen de vrijmoedigheid in afhankelijkheid op weg te gaan. Zonder eten, kleding. Zonder een routeplanning, een kaartenbak, of wat al niet. Maar wel de voeten geschoeid, met de bereidheid van het evangelie. Wie veel van de Heere heeft geleerd, heeft een rugzak vol bagage om uit te delen.
Wie in het Woord blijft, mag vrucht dragen. Een van de belangrijkste doelstellingen van het ambtswerk is luisteren. Niet hoog van de toren blazen, niet jezelf graag horen praten, al je ‘wijsheden’ etaleren, maar luisteren. Luisteren naar de stem van God. Dat eerst. Dan luisteren naar de woorden van de ander om er zo echt achter te kunnen komen waar de ander mee zit, mee verlegen is! En dan samen de Schriften openen en opnieuw luisteren.
Invoelend luisteren is een hele kunst. Wat al niet kan er achter woorden schuilgaan: emotie, verdriet, weerstanden, vreugde, zorg. Ambtswerk is niet heersen, maar dienen! De apostel Paulus geeft de ambtsdragers de opdracht de heiligen (gemeenteleden) toe te rusten tot dienstbetoon (Ef. 4). Ambtswerk en gemeentewerk kan alleen vanuit een houding van dienst aan God en dienst aan elkaar. Al het ambtswerk is dienstwerk (J. Hoek). Vanuit die houding kan de gemeente groeien in geloof, eenheid en liefde!

Leven uit de Bron
Enkele jaren geleden werd door prof. H.P. de Roest een rapport uitgebracht op verzoek van de visitatoren-generaal van de voormalige Nederlandse Hervormde Kerk over ervaringen van oudambtsdragers, onder de veelzeggende titel: Ik geloof het wel … Die ervaringen waren nogal negatief. Sommige ambtsdragers haakten teleurgesteld af, anderen verlieten zelfs de kerk. Weer anderen waren afgebrand. Er waren er ook naar wie nauwelijks meer werd omgezien. Je vraagt je dan ook af: Hoe komt dit? Er zullen allerlei redenen aan te wijzen zijn.
Zou een van de oorzaken kunnen zijn dat ambtsdragers onvoldoende toekomen aan hun eigen spiritualiteit? Dat kerkenraden op dit punt niet altijd goed functioneren? Er te weinig tijd is voor bezinning en het geloofsgesprek? In zijn nieuwste boek Groeien bij de bron, pleit drs. M. Noorloos voor een spirituele kerkenraad. Wat bedoelt de schrijver hiermee? ‘Een spirituele kerkenraad wil leven en werken in de Geest van Christus. Omdat Hij de Heere van de kerk is en dus ook in de kerkenraad de leiding behoort te hebben. Leven en werken onder Zijn leiding ofwel onder leiding van de Heilige Geest houdt in dat de leden van de kerkenraad zich persoonlijk en samen leren afstemmen op Zijn bedoeling en daarop positief antwoorden.’
Het is inderdaad een feit dat er niet altijd voldoende tijd is voor het geloofsgesprek binnen de kerkenraad. De agenda’s bevatten veel gesprekspunten en men wil het ook niet te laat maken. Maar dat hoeft geen kerkenraad ervan te weerhouden tijd in te ruimen voor onderling gesprek. Enkel bijbellezen en gebed, zonder daarover met elkaar van gedachten te wisselen, lijkt me onvoldoende en niet vormend. Het vult je ‘rugzak’ niet of nauwelijks.
Ambtsdragers moeten veel geven. Op veel zaken ingaan en een antwoord hebben. Van ambtsdragers mag worden verwachten dat ze leiding geven. Geestelijk leiderschap is vandaag hard nodig. Ambtsdragers worden geroepen beslissingen te nemen. Soms stelt men een beslissing uit of er wordt er een commissie ingesteld. Uitstel kan tot afstel leiden. Het gevaar kan ontstaat dat men hierdoor het overzicht kwijt raakt en allerlei groepen zo hun eigen weg kunnen gaan (vrij spel krijgen), waarvan je later als kerkenraad moet zeggen: ‘Is dit nu wel de bedoeling en past dit nog wel binnen ons beleid als gemeente!’ Voor geestelijk leiderschap is veel wijsheid en tact nodig. Veel ‘regelwerk’ kan de persoonlijke toerusting in de weg staan. Alleen maar gefocust zijn op de agenda is het halve werk van het ambt.

Onderling pastoraat
Graag wil ik er voor pleiten dat ambtsdragers elkaar geestelijk begeleiden, dat wil zeggen dat men oog heeft voor elkaars geestelijk welzijn. Open staat voor persoonlijke vragen, twijfels, moeiten en er momenten zijn in ieders hart te kijken. Een rondje ‘wel en wee’ kan veel opleveren. Een vorm van onderling pastoraat! Een door een ambtsdrager gehouden bijbelstudie of inleiding kan eveneens veel gespreksstof opleveren. Denk bij de voorbede ook aan elkaar! Voor een ambtsdrager kan het van groot belang zijn iemand te ontmoeten die hem in een bepaalde levenssituatie tot een pastor is. Iemand bij wie men het hart kan luchten, feedback kan geven, zaken kan relativeren. Dat kan de predikant zijn, maar dat kan ook heel goed een oudambtsdrager zijn, of iemand die je in vertrouwen kunt nemen.
Neem voldoende tijd voor persoonlijke bezinning en gebed. Ren niet onvoorbereid van de ene naar de andere bijeenkomst of vergadering. Laat je eerst vullen door de Geest van God in de stilte van je binnenkamer. Als het kan voor elke ontmoeting in het pastoraat en voor elke vergadering, bijeenkomst. We noemden al even het geloofsgesprek in de kerkenraad. Het geloofsgesprek heeft drie doelen: de opbouw van de gemeente, de eigen persoonlijke en ambtelijke geloofsgroei en het bevorderen van de eenheid binnen de kerkenraad. Er zijn voldoende aanknopingspunten voor dit gesprek te vinden. Actueel op dit moment is het rapport van de synode Leren leven van de verwondering, maar ook de grondslag van onze kerk, zoals verwoord in artikel I van de kerkorde van de Protestantse Kerk kan voldoende gespreksstof opleveren om bijvoorbeeld de eigen identiteit van de gemeente helder te krijgen. Nog een niet onbelangrijk punt tot slot: lezen ambtsdragers (nog) wel? Ik zou zeggen, toch in ieder geval wel de Waarheidsvriend?!

Dit artikel werd u aangeboden door: de Gereformeerde Bond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 2006

De Waarheidsvriend | 15 Pagina's

Spreken en leven uit de Bron

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 2006

De Waarheidsvriend | 15 Pagina's

PDF Bekijken