Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

BOEKBESPREKINGEN

6 minuten leestijd

C.J. den Heyer: Twee testamenten. Reden tot vreugde of bron van tegenspraak. Uitg. Meinema, Zoetermeer; 152 blz. € 14,90· G.H. Kruijmer (red.): Uit de geschiedenis van hervormd Putten. Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 198 blz.; € 19,50.

C.J. den Heyer:
Twee testamenten. Reden tot vreugde of bron van tegenspraak.
Uitg. Meinema, Zoetermeer; 152 blz. € 14,90·

De verhouding tussen het Oude en het Nieuwe Testament is de eeuwen door een aangelegen zaak voor kerk en theologie. Als prediking Christusprediking is, hoe hebben we dan te preken over het Oude Testament? Het raakt ook de vraag naar de relatie tussen Joden en christenen. Is er een tegoed van het Oude Testament? Zijn er profetieën die nog vervuld zullen worden? Of gaat het Nieuwe Testament boven het Oude uit? De discussie rondom de geweldsteksten maakt duidelijk dat we hier met diepingrijpende vragen te maken hebben.
In de Vroege Kerk was het Marcion die het Oude Testament verwierp, En telkens weer waren er theologen die met dit vreemde boek niets konden beginnen. Of men heeft het als het ware voor de kerk gered met een allegorische uitleg, die niet zelden leidde tot een vorm van vervangingsdenken. Daartegenover hebben met name Calvijn en het gereformeerde protestantisme in hun verbonds­Ieer veel aandacht voor het Oude Testament. Theologen als Miskotte en Van Ruler bepleitten beiden, zij het ook op verschillende wijze, aandacht te schenken aan het tegoed van het Oude Testament.
De lezer kan het allemaal in kort bestek nog eens nalezen in de jongste publicatie van Dr. C.J. den Heyer. Na een korte schets over de Hebreeuwse Bijbel en de Griekse vertaling van het Oude Testament gaat de auteur het schriftgebruik in het Nieuwe Testament na (Mattheüs, Paulus, Hebreeën). Verder komen de Vroege Kerk en de verschillende stromingen in de tijd van de Reformatie ter sprake, het historisch-kritisch bijbelonderzoek als gevolg van de Verlichting, met aan het slot enkele opmerkingen over de mogelijkheid van een bijbelse theologie waarbij de schrijver ingaat op de visie van Gese en Stuhlmacher.
Het boek biedt ten opzichte van wat Den Heyer eerder schreef niet veel nieuws. Waardering heb ik voor de heldere wijze waarop de verschillende standpunten worden weergegeven. In kort bestek komt heel wat ter sprake, wat vooral praktisch is voor wie geen tijd heeft grote werken te lezen en snel geïnformeerd wil worden.
Tegen de teneur van dit boekje heb ik grote bezwaren. Den Heyer verzet zich tegen de voor zijn besef dogmatische visie van de traditionele theologie. Met name de these dat de Bijbel het Woord van God is, moet het ontgelden. Dat getuigt, aldus de auteur van vooringenomenheid. De Bijbel is voor hem een boek van mensen, lezen we op bladzijde 8. Daarmee zijn de kaarten van meet af aan geschud en is het ook niet vreemd dat hij aan het slot tot de conclusie komt dat van de bijbelse theologie eigenlijk geen sprake is, omdat de Bijbel een verzameling van deels elkaar weersprekende stemmen is. Je krijgt ook de indruk dat hij de opkomst van de moderne Schriftkritiek hoger aanslaat dan de Reformatie. Alsof deze stellingnamen niet evenzeer van vooringenomenheid getuigen.
Dat er zoiets is als een 'schriftuurlijk Schriftgezag' (Bijlsma) op grond van het zelfgetuigenis van de bijbelschrijvers, komt nauwelijks aan de orde. Dat de christelijke kerk het Oude Testament leest als getuigenis aangaande de Christus, heeft toch alles te maken met de omgang van Jezus Zelf met dit boek. Te denken is ook aan de betekenis van·het woord 'vervulling'. Maar dat wordt allemaal afgedaan als de visie van de bijbelschrijvers. Voor Den Heyer is Jezus een joodse man. Met een begrip als 'vervulling' kan hij niets, schrijft hij heel eerlijk (blz. 47). Voor hem is en blijft het Oude Testament het onvervreemdbaar erfdeel van een andere geloofsgemeenschap. Het Nieuwe Testament staat ernaast en is te zien als een grensoverschrijding.
Op deze wijze wordt de eenheid van de Schrift ten enen male ontkracht. Maar je dient er ook het gesprek met Israël niet mee. Ongetwijfeld is het waar dat de uitleg van het Oude Testament de eeuwen door ook geleden heeft onder anti-joodse sentimenten. Maar de christelijke kerk kan, wil ze gehoorzaam blijven aan Christus, dit boek niet los van de boodschap van het Nieuwe Testament lezen. Uiteraard kan dat nooit betekenen dat Israël daarmee uit de gezichtskring zou kunnen verdwijnen. Hoe zou dat kunnen als we ernst maken met de belijdenis dat Jezus Christus de Koning van Israël is? Vervulling betekent bovendien geen afschaffing! In die zin blijft het zaak de erfenis van de theologen Miskotte en Van Ruler te blijven doordenken. Maar juist zij wisten van de ernst van het schisma tussen kerk en Israël en waren diep overtuigd van de betekenis van het dogma van de kerk aangaande de Persoon en het werk van Christus. Je lost de hermeneutische vragen rondom de verhouding van de twee delen van de Bijbel niet op met het woord 'grensoverschrijding'. Integendeel, je doet te kort aan de essentie van de prediking van Jezus en zijn apostelen.

A. Noordegraaf, Ede

G.H. Kruijmer (red.):
Uit de geschiedenis van hervormd Putten.
Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 198 blz.; € 19,50.

Omdat tot nu toe de geschiedenis van de kerk in het Veluwse dorp Putten slechts in artikelen voortleefde, nam (nu ds.) G.H. Kruijmer het initiatief tot het boek Uit de geschiedenis van hervormd Putten, met welke titel duidelijk wordt dat een keuze is gemaakt. Het voor mij aangrijpendste hoofdstuk, geschreven door ds. J.C. Schuurman, belicht een dieptepunt in de historie van het dorp, de razzia van oktober 1944. Treffend tekent de auteur in de diepte van het verdriet de kracht van het levend geloof, dat nochtans op God hoopt. In het pastoraat ligt de troost in Christus' kruis, zoals een ouderling wiens twee zonen 'in Duitse gevangenschap omkwamen, zei: 'God had één Jongen en Hij wilde Hem kwijt voor jou en voor mij.'
Dr. P.F. Bouter schetst in een overzicht van enkele eeuwen onder andere waarom de Afscheiding veel minder dan de Doleantie in Putten van invloed was.
Ds. G.H. Kruijmer beschrijft de ontwikkeling tot een grote gemeente met zes wijken, inclusief twee scheuringen, waardoor de deelgemeente Andreaskerk en de herstelde hervormde gemeente ontstond. Zijn vader, ds. L. Kruijmer, belicht de komst van jeugd- en evangelisatiewerk, terwijl K.A. Gort aandacht geeft aan vele van de predikanten en ouderlingen die Putten gediend hebben.
Hoe de gemeente zichzelf ziet, blijkt uit een bericht uit 1924 waarin gevraagd werd in de kerk niet te pruimen: 'We hebben hier in Putten steeds goede rechtzinnige predikanten en we hangen niet aan vormendienst, doch laten we bedenken dat alle dingen moeten medewerken tot stichting.'
Een fraai boek, verlucht met vele foto's!

P.J. Vergunst

Dit artikel werd u aangeboden door: de Gereformeerde Bond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 maart 2007

De Waarheidsvriend | 22 Pagina's

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 maart 2007

De Waarheidsvriend | 22 Pagina's

PDF Bekijken