Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Man die Judea verovert

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Man die Judea verovert

Keizers in nieuwtestamentische tijd [6: Vespasianus]

6 minuten leestijd

Titus Flavius Vespasianus wordt in 9 na Christus geboren in een klein dorpje in Italië. Zijn vader is belastinginspecteur. Vespasianus’ loopbaan illustreert hoe iemand uit een onaanzienlijk geslacht tot de hoogste functies in Rome kan opklimmen.

H ij maakt carrière in het leger. Ook keizer Nero ziet zijn talent en benoemt hem in verschillende hoge functies. Hij raakt echter bij Nero in diskrediet als hij bij een van Nero’s zangvoordrachten in slaap valt.

Desondanks zendt Nero hem in 67 als generaal naar Judea toe om de daar uitgebroken opstand neer te slaan. Door zijn grote strijdmacht en strategisch inzicht lukt het Vespasianus om nog datzelfde jaar Galilea onder controle te krijgen en het jaar daarna het grootste deel van Judea, met uitzondering van Jeruzalem. Wanneer Nero in juni 68 alle steun verliest en zelfmoord pleegt, staakt Vespasianus zijn opmars naar Jeruzalem om orders van de nieuwe keizer af te wachten.

Vierkeizerjaar

Nero’s dood is het begin van een burgeroorlog waarin verschillende generaals om de macht strijden. In één jaar tijd volgen vier keizers elkaar op. Eerst wordt Galba keizer, maar na zeven maanden vermoorden tegenstanders hem.

Vervolgens wordt Otho tot keizer uitgeroepen, maar Vitellius verslaat hem drie maanden later. De Senaat benoemt dan Vitellius tot keizer, maar nu heeft ook Vespasianus het plan opgevat om de macht te grijpen. Hij wordt gesteund door de gouverneur van Egypte, de Jood Tiberius Alexander – een neef van Philo. Tiberius

Alexander roept in juli 69 Vespasianus uit tot keizer. Naast het leger in Egypte, sluiten ook de legers in Syrië en de Donauprovincies zich bij Vespasianus aan. Zijn bondgenoot Antonius Primus verslaat in Italië het leger van Vitellius en neemt Rome in. In december 69 benoemt de Senaat Vespasianus tot keizer van het Romeinse Rijk.

Hersteld vertrouwen

Vespasianus staat nu voor de zware taak om de orde in het rijk te herstellen. Omdat in het chaotische vierkeizerjaar een sterke centrale macht ontbrak, zijn overal langs de grenzen van het rijk opstanden uitgebroken. Vespasianus weet alle opstanden neer te slaan en orde en rust terug te brengen. Hij herstelt de discipline in het leger en weet door streng toezicht op bestuurders en ambtenaren geleidelijk aan ook het vertrouwen in de overheid te herstellen. In de Senaat heeft Vespasianus het vanwege zijn geringe afkomst niet gemakkelijk, maar door de leden met respect te behandelen verwerft hij voldoende steun. Om de financiën weer op orde te krijgen, stelt hij verschillende nieuwe belastingen in. Een belasting op de openbare toiletten in Rome leidt tot veel spot, waarop hij reageert met de gevleugelde woorden pecunia non olet, geld stinkt niet.

Flavius Josephus

Aan het begin van de Joodse opstand is Jozef ben Mattathias generaal van het Joodse leger in Galilea. Hij wordt echter gevangen genomen door soldaten van Vespasianus en besluit naar de kant van de Romeinen over te lopen. Wanneer hij voor Vespasianus wordt geleid, voorspelt hij hem dat hij eens keizer zal worden. De profetie van Bileam over de ‘ster die opgaat uit Jakob, de scepter die oprijst uit Israël’ (Num. 24:17) slaat volgens Jozef op Vespasianus. Hij zal heerser over de wereld worden en hij komt uit Judea wanneer hij keizer wordt. Vespasianus verleent Jozef gratie.

Wanneer zijn voorspelling later uitkomt, nodigt hij hem uit om bij hem in zijn paleis in Rome te komen wonen. Jozef ben Mattathias ontvangt als vrijgelatene van Flavius Vespasianus zijn familienaam en gaat nu heten Flavius Josephus.

Hij schrijft De Joodse oorlog over de Joodse opstand van 66-70, De Geschiedenis van de Joden, van de schepping tot aan zijn eigen tijd, Mijn leven, een autobiografie waarin hij zijn overstap naar de Romeinen verdedigt en Tegen Apion, een verdediging van het Joodse volk. Omdat hij als tijdgenoot over Palestina in de eerste eeuw schrijft, zijn deze geschriften van zeer grote waarde voor de bestudering van het Nieuwe Testament.

Wanneer Vespasianus uit Judea vertrekt om keizer te worden, laat hij zijn zoon Titus daar achter om de herovering af te maken. In augustus 70 neemt hij Jeruzalem in en wordt de tempel verwoest. De hei-

Volgende keer: Titus.

lige voorwerpen uit de tempel, zoals het tempelgerei, de zevenarmige kandelaar, de tafel voor de toonbroden (vgl. Ex. 25) worden als trofeeën naar Rome gebracht. Josephus heeft deze triomftocht bijgewoond en beschreven.

Colosseum

Vespasianus buit op allerlei manieren zijn overwinning op de Joden uit om zijn eigen status te verhogen. In de traditie van voorgangers als Augustus, die Egypte, en Claudius, die Brittannië heeft veroverd, presenteert hij zichzelf als de keizer die Judea heeft veroverd. Vespasianus laat in enorme oplagen munten slaan met aan de ene zijde zijn portret en aan de andere zijde de trotse tekst en afbeelding Judea capta, Judea is veroverd. Het Joodse privilege om belasting te mogen innen voor de tempel van Jeruzalem schaft hij af. In plaats daarvan stelt hij een speciale belasting voor Joden in waarvan de opbrengst wordt gebruikt om de tempel van Jupiter in Rome te herbouwen. De buit die de inname van Jeruzalem, en vooral de tempel, heeft opgeleverd, gebruikt hij om een enorm amfitheater te laten bouwen, het Colosseum. Dit grootste amfitheater ooit gebouwd moet, ook na de dood van Vespasianus in 79, een blijvend getuigenis zijn van de Flavische keizers en hun roemrijke overwinning op de Joden.

Geen aardse koning

In de periode dat Vespasianus de Joodse opstand neerslaat, schrijft Markus zijn evangelie (eind jaren 60 of begin 70). Door de Joodse opstand worden christenen, door velen nog beschouwd als een stroming binnen het jodendom, door veel Romeinen argwanend bekeken.

Zijn christenen/Joden niet die groep die in opstand is gekomen tegen Rome? Het is tegen deze achtergrond dat Markus zijn lezers niet alleen de blijde boodschap van Jezus Christus wil vertellen, maar hen ook duidelijk wil maken dat Christus en Zijn volgelingen geen staatsgevaarlijke opstandelingen zijn.

Markus benadrukt dat Jezus niet een Messias in politieke, nationalistische zin is. Hij is een lijdende Messias, die vanaf het kruis regeert. Jezus strijdt niet tegen de Romeinen maar tegen demonen. Als Jezus een legioen bestrijdt, dan is dat het legioen demonen waardoor de bezetene van Gerasa bezeten wordt, en niet een Romeins legioen (5:10).

Hij is werkzaam in Galilea om daar geheel Israël te verzamelen, niet alleen Juda en Benjamin maar alle twaalf stammen (3:14, 6:43). En Jezus is niet alleen op Israël gericht, maar ook op andere volken. Hij reist uitvoerig rond in de Griekse en Romeinse steden buiten Galilea in Dekapolis (5:1, 5:20, 7:31), in Caesarea Filippi (8:27) en in de Foenicische steden Tyrus (7:24, vgl. 3:8) en Sidon (7:31, vgl. 3:8).

Voor al die volken is Hij gekomen. Jezus en Zijn volgelingen zijn niet gericht tegen Rome en christenen moeten dan ook niet meedoen met de Joodse opstand (13:14). Jezus zei immers dat men de Romeinse keizer moet geven wat hem toekomt, en aan God wat God toekomt (12:17). Jezus is, zoals de Romeinse hoofdman ontdekt, de Zoon van God (15:39). Hij is niet de koning van een aards koninkrijk, maar van het eeuwige Koninkrijk van God.

D.M. Heikoop

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 juli 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Man die Judea verovert

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 juli 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken