Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Jezus, het ware Paaslam

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Jezus, het ware Paaslam

4 minuten leestijd

Maar toen zij bij Jezus kwamen en zagen dat Hij al gestorven was, braken zij Zijn benen niet. Johannes 19:33

Het Oude Testament en de ooggetuige spreken uit één mond: Jezus is het ware Paaslam én de lijdende Rechtvaardige. Laat u met God verzoenen door het geloof in Hem. Dat heeft gevolgen: Christus is behalve uw Priester ook uw Koning.

Als ooggetuige ziet Johannes hoe het toegaat op Golgotha als Jezus is gestorven: de soldaten breken de benen van Jezus niet. Hij verbindt dat met woorden uit de Schrift (vs.36). Aan welke bijbelwoorden heeft Johannes toen gedacht? Ongetwijfeld aan de instelling van het pascha. Daar klinkt nadrukkelijk van het paaslam: ‘en u mag er geen been van breken’ (Ex.12:46). Dit paaslam is verwijzing naar Gods offerlam bij uitnemendheid: Jezus Christus. Johannes zal ook Psalm 34:20,21 in gedachten hebben gehad: ‘De rechtvaardige heeft veel ellende, maar uit dat alles redt de HEERE hem. Hij bewaart al zijn beenderen, niet één daarvan wordt gebroken.’ Dat betekent: God bewaart de beenderen van de lijdende rechtvaardige. We zien ook dit woord uit het Oude Testament in Christus vervuld. Hij is wel echt gestorven, maar het niet breken van Zijn benen heeft toch een belofte in zich: daarin gloort het licht van Pasen. Hij staat op aan de overkant van de dood. Dat gaat straks van mond tot mond: de Heere is waarlijk opgestaan.

Ooggetuige
Er is Johannes veel aan gelegen om te onderstrepen dat hij spreekt als ooggetuige. Het is dan ook niets dan de waarheid (vs.35). Wat hij zag op Golgotha staat op zijn netvlies gebrand. Dat geeft kracht aan zijn verkondiging: ‘Wat er was vanaf het begin, wat wij gehoord hebben, wat wij gezien hebben met onze ogen, wat wij aanschouwd hebben en onze handen getast hebben van het Woord des levens…. dat verkondigen wij u!’ (1Joh.1). Johannes heeft zelf gezien hoe Jezus Christus de woorden van het Oude Testament waar maakte. Hij bleek het ware Paaslam te zijn, zonder gebrek en ongebroken. Waarom is dat nu zo belangrijk? In Egypte bood destijds het bloed van het paaslam veiligheid tegen de verderfengel. Waar deze het bloed aan de deurposten zag, ging hij sparend voorbij. Zo zeker biedt ook het bloed van Christus, het ware Paaslam, veiligheid tegen het eeuwig verderf voor wie daarachter schuilt.

Gelovig omhelsd
Johannes, de ooggetuige, wil immers niet dat wij alleen maar toeschouwer blijven. Zijn betrouwbaar woord heeft als spits: ‘opdat ook u gelooft’ (vs.35). Laten we dan zien op de lijdende en gestorven Jezus aan het kruis en bedenken: dit heb ik verdiend door zonde te doen tegen de Heere. Dan vlucht ik tot Jezus: ‘Heere, laat Uw offer ook voor mij gelden.’ Merken we de trekkracht in dit woord: ‘opdat ook u gelooft’? Dat is om ons hart te verliezen aan Hem, voor altijd. ‘Heere Jezus, U bent, o wonder, ook mijn Paaslam, in U ben ik voor eeuwig geborgen.’

Elk onderdeel in de lijdensgeschiedenis is erop gericht om ons op te vangen als de zonde ons benauwt, ons geweten ons aanklaagt, de duivel ons aanvecht. Dan stuurt dit woord ons regelrecht naar de Heere Jezus. Tot wie anders heen? En wijzend op dit ongebroken Lam, deze ene Rechtvaardige, bid ik u in Zijn Naam: ‘Laat u met God verzoenen.’ De lijdende Heiland wil ons evenzeer opvangen in de misère van ons dagelijks leven: zoals God de Vader zorgde voor het niet breken van de benen van Christus, zo strekt Zijn zorg zich ook uit over wie van Christus is. ‘Want wij zijn leden van Zijn lichaam, van Zijn vlees en van Zijn gebeente’ (Ef.5.30). Waar we dan ook door heen moeten, de goede Herder maakt het waar: ‘en niemand zal ze uit Mijn hand rukken.’

Eén geheel
Nog even denk ik aan dat paaslam. Het moest als één geheel worden gegeten. Geen been ervan mocht worden gebroken. Zo is Christus, het ware Paaslam, ook één geheel in alles wat Hij heeft volbracht. En het geloof dat de Heere werkt in ons hart, omhelst Hem ook als één geheel. Hij is niet alleen een verzoening voor onze zonden maar ook vernieuwt Hij ons hart en leven. Het één bestaat niet zonder het ander. Christus is niet alleen gegeven tot rechtvaardigheid, maar ook tot heiligmaking. Dat kun je niet uit elkaar trekken, want dan zou je het Paaslam in stukken breken. Christus is niet gedeeld. Daarom: de hele Christus in het centrum van ons eigen leven, van ons gezin – dat werkt door in kerk en samenleving. Dat verbindt aan de Heere en aan elkaar.

Lof zij U, Christus, in eeuwigheid!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Jezus, het ware Paaslam

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken