Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Met Christus verbonden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Met Christus verbonden

Het verbond [3, en sacramenten]

5 minuten leestijd

In de protestantse kerken kennen we twee sacramenten: de heilige doop en het heilig avondmaal. Hoe staan deze in relatie tot het verbond?

Het woord sacrament staat niet in de Bijbel. Het komt van het Latijnse sacramentum, het woord dat de Romeinen voor de eed van trouw gebruikten, die soldaten moesten zweren aan hun veldheer. Door die heilige en onverbrekelijke eed waren ze voortaan aan hem verbonden. De kerk ‘leende’ dit woord om er de heilige doop en het heilig avondmaal mee aan te duiden, waardoor de gelovigen verbonden zijn met Christus.

Afwassing
In het Oude Testament was de besnijdenis het teken van Gods verbond. Bij een jongen van acht dagen oud werd de voorhuid weggesneden. De besnijdenis is vervuld in de doop. Paulus noemt de doop ‘de besnijdenis van Christus’ (Kol.2:11,12). Zowel de besnijdenis als de doop laat zien dat we gered moeten worden. De doop beeldt uit dat we met Christus gestorven en begraven zijn (Rom.6). We moeten opnieuw geboren worden, uit water en Geest, om het Koninkrijk van God binnen te kunnen gaan (Joh.3:5). De doop, als teken van Gods verbond, laat zien wat God belooft: de afwassing van de zonden door het bloed van Christus. De doop is ook zegel van Gods verbond: zo zeker als het water ons reinigt, zo zeker is ook Gods belofte van vergeving.

God kiest uit
Bij Abraham zien we dat het geloof voorafgaat aan het teken van Gods verbond (Gen.15:6 en Gen.17). Niet alleen hij, maar al zijn mannelijke huisgenoten en nakomelingen delen in de besnijdenis (Gen.17:23-27). In het Nieuwe Testament zien we hetzelfde bij de heilige doop. Zowel Lydia (Hand.16:15) als de stokbewaarder (vs.30-34) komt eerst tot geloof en wordt daarna gedoopt, met allen die bij hen horen. Waar de beloften van God voor het eerst komen, volgen de besnijdenis of de doop op het geloof. Vervolgens delen dan de huisgenoten, tot wie ook de kinderen behoren, in die nieuwe situatie van het verbond. De besnijdenis en de doop zijn namelijk geen bevestiging van het geloof maar van Gods beloften. Hij kiest mensen uit en wil Zich met hen verbinden. Daarin is Hij zeer ruim: Hij wil Zijn verbond ook sluiten met het nageslacht. Tegen Abraham zei Hij: ‘lk zal mijn verbond sluiten tussen Mij en u en uw nageslacht na u, van geslacht op geslacht, tot een eeuwig verbond, om u en uw nageslacht tot een God te zijn’ (Gen.17:7).

Beslissende keus
Daarin is God niet veranderd. Petrus zegt op de pinksterdag: ‘Want voor u is de belofte en voor uw kinderen (...)’ (Hand.2:39). Nog voordat wij van iets weten, komt de HEERE al naar ons toe met Zijn beloften. We moeten onze zekerheid dan ook niet zoeken in ons geloof of in het moment waarop we tot geloof kwamen, maar in wat de HEERE ons belooft. De apostel Johannes schrijft: ‘Hierin is de liefde, niet dat wij God lief hebben gekregen, maar dat Hij ons liefhad en Zijn Zoon zond tot verzoening voor onze zonden’ (1 Joh.4:10). Dat laat de doop ons zien. De HEERE vraagt van ons om het geschenk van onze doop in geloof te aanvaarden. Dat is de beslissende keuze waar wij voor staan (zie Deut.30:11-20, Joz.24:15). De keuze is tussen leven en dood, want bij het verbond hoort ook de bedreiging voor wie ontrouw is. Jezus Christus wijst op deze zelfde keuze: ‘Wie in de Zoon gelooft, heeft eeuwig leven; maar wie de Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn van God blijft op Hem’ (Joh.3:36). Nu God Zijn verbond met ons sloot, is geloven een kwestie van gehoorzaamheid.

Maaltijd
Een verbondssluiting in het Oosten werd vaak gevolgd door een gezamenlijke maaltijd. Bij deze gewoonte sluit de HEERE Zich aan. Als Hij Zijn verbond sluit met het volk Israël, volgt er een maaltijd waarin de gemeenschap met Hem gestalte krijgt. Daarvoor worden de vertegenwoordigers van de oudtestamentische gemeente uitgenodigd (Ex.24). Uit de bloedstorting die aan deze maaltijd voorafgaat, blijkt duidelijk Gods genade. Er worden stieren geofferd, waarbij de ene helft van het bloed op het altaar gesprengd wordt en de andere helft over heel het volk. Zo ziet het volk eruit alsof het zelf voor de zonde geslacht en geofferd is. Duidelijk is dat er bij God verzoening te vinden is.

Avondmaal
Ook het nieuwe verbond, dat door de Heere Jezus is gesloten, kent zijn verbondsmaaltijd: het heilig avondmaal. Dit wordt voor het eerst gehouden met de ‘oudsten’ van de nieuwtestamentische gemeente: de apostelen. Bij de beker wijn die rondgaat zegt Christus: ‘Deze beker is het nieuwe verbond in Mijn bloed, die voor u uitgegoten wordt’ (Luk.22:20). Zo herinnert de beker aan het bloed dat door Mozes over het volk gesprengd werd.

Evenals de heilige doop is het heilig avondmaal teken en zegel van Gods verbond met ons. Zo laat de Bijbel ons duidelijk zien welke relatie er is tussen het verbond van God en de sacramenten.


Volgende week deel 4: ds. W.Chr. Hovius over het verbond en de Heilige Geest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Met Christus verbonden

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken