Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

UITNODIGING OM TE GELOVEN

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

UITNODIGING OM TE GELOVEN

De eredienst [6, geloofsbelijdenis]

6 minuten leestijd

Bijna elke zondag klinken de Twaalf artikelen in de middag- of avonddienst. Als je niet oppast, hoor je de woorden niet eens meer. Toch is het nuttig als dezelfde geloofsbelijdenis steeds weer klinkt.

Het Apostolicum stamt uit de Vroege kerk (2e tot 3e eeuw) en komt in haar huidige vorm voor het eerst voor in een geschrift uit de achtste eeuw. Alleen de Grieks Orthodoxe kerk aanvaardt dit Apostolicum niet; alle andere christelijke kerken wel. Daarom kan terecht gezegd worden wat de Heidelbergse Catechismus zegt: dat de Twaalf artikelen het algemeen en ongetwijfeld christelijk geloof in een hoofdsom samenvatten. Als onderdeel van de liturgie van de zondagse eredienst is het Credo ook wijd verbreid. Je vindt haar in de Rooms-Katholieke Kerk, in de Lutherse kerken, in het anglicanisme, bij gereformeerden, presbyterianen, methodisten en congregationalisten.

FUNCTIE
Achter liturgische zaken zit meestal meer dan je in eerste instantie zou denken. Dat geldt ook van het Apostolicum in de eredienst. Ik noem een aantal dingen.
1. ze houdt de gemeente voor wat het bijbelse geloof is.
2. ze legt de link met de kerk die voor haar leefde en samenkwam in dit geloof.
3. ze is een hernieuwing van de geloofsbelijdenis voor ieder die eerder belijdenis deed.
4. ze is onderwijs voor de kinderen en voor nieuwelingen. Ze heeft in elk geval de drievoudige functie die een belijdenisgeschrift eigen is. Dr. O. Noordmans noemde de eerste twee: een stok om te slaan en een staf om te gaan. Prof.dr. A.A. van Ruler voegde er de derde aan toe: een lied om te zingen.
Als zodanig gebeurt er heel wat in die korte geloofsbelijdenis: er is onderwijs, er is geloofsbelijdenis, er wordt de hand aan het leven bij de waarheid gehouden, er wordt gemeenschap met andere kerken geoefend, er wordt een lofzang gezongen.

DOOP
Geloofsbelijdenis heeft vanouds een nauwe verbinding met de doop. Zo komen we het tegen in Handelingen 8. De kamerheer verlangt gedoopt te worden en op Filippus antwoord: ‘Indien gij van ganser harte gelooft, zo is het geoorloofd’ belijdt hij: ‘Ik geloof dat Jezus Christus de Zoon van God is.’ In de oude kerk werd die geloofsbelijdenis wat uitgebreider. Bij de drie besprenkelingen of onderdompelingen klonken achtereenvolgens de vragen: Gelooft u in God, de almachtige Vader? Gelooft u in Jezus Christus? Gelooft u in de Heilige Geest. En de antwoorden waren dan overeenkomstig de drie delen van de Twaalf artikelen.

AVONDMAAL
In avondmaalsdiensten is het de gewoonte om voorafgaand aan het avondmaal het geloof te belijden. De gemeente hernieuwt er haar geloofsbelijdenis mee. Zeker aan het avondmaal is ze belijdende gemeente. In het klassieke avondmaalsformulier maakt de geloofsbelijdenis deel uit van het gebed voorafgaande aan het avondmaal. Dat benadrukt extra dat wij het geloof in eerste instantie voor God belijden. Wij belijden pas in tweede instantie voor de mensen.

SLEUR
Telkens hetzelfde. Dan gebeurt het zomaar dat je erbij bent zonder ‘er bij te zijn’. Dat geldt voor het votum en de groet, de wet, en de zegen; het kan zelfs gelden voor het zingen van bekende psalmen. Het is een gegeven en een gevaar.
Moeten we daarom deze vaste elementen maar afschaffen? Dat zou een verlies zijn. Het probleem zit hem niet in de vertrouwde onderdelen, maar in de menselijke afstomping. Hoe bied je daaraan tegenwicht? Vooral door de prediking. Die mag en moet steeds weer, fris en nieuw, variëren. De prediking mag verdieping geven aan de geloofsbelijdenis, die deel voor deel toch telkens weer aan de orde komt. Wordt in de preek de diamant van de Twaalf artikelen niet voor de gemeente opgeheven en langzaam rondgedraaid, zodat de gemeente er telkens weer nieuw licht op ziet vallen en nieuwe kleuren in ontdekt?
Laat dezelfde geloofsbelijdenis steeds maar klinken. Het heeft zijn nut. Herhaling is een goede leermeester. Zo wordt de geloofsbelijdenis, net als het onderwijs over doop en avondmaal uit de formulieren van lieverlee steeds meer het eigendom van de gemeente.


GESPREKSVRAGEN
• Wie de Twaalf artikelen van harte mee belijdt, kan daarmee leven en sterven. Stemt u daarmee in of zou u verdieping willen aanbrengen?
• Zijn gezang 6 en 7 van de enige gezangen u vertrouwd? Wat vindt u van de gezongen geloofsbelijdenis?
• Als u kinderen hebt of kent, test eens hoe bekend de Twaalf artikelen bij hen zijn. Hoeveel moeite kost het hun nog om ze op te zeggen? Help ze eens een handje.


Alternatief
Als hervormden kennen we meer geloofsbelijdenissen dan alleen de apostolische: de geloofsbelijdenissen van Nicea en Athanasius, de Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de Dordtse Leerregels. Zouden die geloofsbelijdenissen dezelfde functie kunnen vervullen in de eredienst als de apostolische geloofsbelijdenis? Eigenlijk is alleen de geloofsbelijdenis van Nicea daar goed voor geschikt. Ook zij is kort en volledig.
In het Romeinse missaal van 1014, dat lange tijd gegolden heeft als maatgevend voor de eredienst, wordt de geloofsbelijdenis van Nicea zelfs als eerste te gebruiken geloofsbelijdenis gegeven en het Apostolicum als tweede mogelijkheid.
De geloofsbelijdenis van Nicea is dus ook een goed alternatief. In menige gemeente klinkt zij met regelmaat. Vaak op een christelijke feestdag, of in een dankzeggingsdienst voor het avondmaal. Diensten op bid- en dankdagen, intredediensten, diensten rondom de jaarwisseling en weekdiensten lenen zich ervoor om delen uit andere belijdenissen te gebruiken. Maar laat de uitzondering de regel van het gebruik van de apostolische geloofsbelijdenis bevestigen.

ZINGEN
In onze enige gezangen zijn de gezangen 6 en 7 berijmingen van de apostolische geloofsbelijdenis. Dat betekent dat we in ons kerkboek het materiaal voorhanden hebben om de geloofsbelijdenis in de diensten ook te zingen. Bij mijn weten worden deze gezangen niet
al te vaak gebruikt. Maar het kan dus goed. Er is zelfs veel voor te zeggen. Eén van de functies van de geloofsbelijdenis in de eredienst is toch dat de gemeente haar geloof ermee belijdt. Dat kan functioneren bij het zingen ervan.
Wordt gezang 6 of 7 dus gezongen na de geloofsbelijdenis, dan is daar veel voor te zeggen. Formeel zou zelfs kunnen volstaan worden met de door de gemeente gezongen geloofsbelijdenis. Maar het kan maar zo zijn dat gemeenteleden dan toch vragen om de gereciteerde geloofsbelijdenis. Net zo goed als we na een lied dat een gezongen gebed is evengoed nog bidden

VOOR OF NA DE PREEK
Het meest geschikte moment waarop de aanwezige gemeente het geloof belijdt, is na Schriftlezing en verkondiging. De geloofsbelijdenis is dan antwoord van de gemeente op het verkondigde Woord. Prof.dr. H. Jonker noemde ook de mogelijkheid om de geloofsbelijdenis direct na de Schriftlezing te doen, dan klinkt ze als de objectieve samenvatting van het Evangelie.
Echter, gezien het feit dat in de geloofsbelijdenis de verschillende eerder genoemde functies meespelen, die boven een specifieke eredienst en samengekomen gemeente uitgaan, is een plek meer aan het begin van de dienst ook alleszins te verdedigen. Dat de geloofsbelijdenis in de middagdienst klinkt op het moment waarop in de morgendienst de wet klinkt, is dan ook prima.

GELOOF BELIJDEN
Hoe dan ook, in de geloofsbelijdenis resoneert het Woord van God. De Heilige Geest kan met de geloofsbelijdenis precies hetzelfde werk doen als met de hele Schrift: zondaren overtuigen, dwalenden terechtbrengen, twijfelaars tot zekerheid brengen, gelovigen versterken. Luther zei de geloofsbelijdenis soms op als hij aangevochten werd. De duivel kreeg de Twaalf artikelen in zijn gezicht geslingerd en hij moest erdoor wijken.
De geloofsbelijdenis die zondags klinkt, nodigt ons zo keer op keer tot geloof. Ze roept ons toe: Geloof Hem toch. Nee, wij geloven niet in onszelf; hoe zouden we kunnen. We geloven in de drieenige God. De God van ons heil. De Bron van onze zaligheid. De Behouder van ons leven. Wat ons ook overkomen is, Hij is er altijd weer goed voor om ons te redden. In de eeuwigheid zal ons geloof overgegaan zijn in aanschouwen. En de God die we op aarde geregeld beleden hebben, zullen we dan in directe nabijheid mogen meemaken.


Ds. A. de Lange is hervormd predikant te Dordrecht

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

UITNODIGING OM TE GELOVEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken