Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vrouwen in Congo

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vrouwen in Congo

7 minuten leestijd

Over Congo en andere Afrikaanse landen horen we de laatste tijd niet zoveel meer. Marieke Luiten (1983) woonde er van 2011 tot 2013, waar haar man werkzaam was voor ZOA. In deze periode sprak ze met Congolese vrouwen en maakte onveiligheid van dichtbij mee omdat Goma, haar woonplaats, door rebellen werd ingenomen. Op 12 april had Marie Verheij voor het Reformatorisch Dagblad een interview met haar, naar aanleiding van haar zojuist verschenen debuutroman Vleugelslag.

REFORMATORISCH DAGBLAD

Je debuut gaat niet speciaal over vrouwen en geweld, waar we juist aan denken in relatie tot Congo. Waar dan wel over? ‘Ik wil heel Congo in beelden en kleuren vangen, niet alleen de armoede en onderontwikkeling, het seksuele geweld en de corruptie. Naast het stereotiepe beeld van ‘de mislukte staat’ en de uitzichtloosheid is er het leven van alledag met alles wat daarbij hoort, zoals de houten of golfplaten huisjes, de winkeltjes, de bromfietsen waarop je over lavakeien stuitert, de humor en gastvrijheid van mensen, hun zingen, hun dansen en hun enorme geloofsvertrouwen in tijden van vreugde en nood.’

Toch gaat deze roman over Sara en Espérance, vooral over vrouwen dus. ‘Mijn hoofdthema is het verhaal achter het geweld; het geheim dat veel Congolese meisjes en vrouwen met zich meetorsen. Rebellengroepen bevechten elkaar. Ze verkrachten vrouwen zo gruwelijk met de bedoeling dat ze geen kinderen meer kunnen baren: een wreed oorlogswapen. Deze vrouwen durven dit nooit aan hun man of ouders te vertellen, bang om verstoten te worden.’

Hoe bouwde je een relatie met deze vrouwen op?

‘Ik sprak met hen af op een vaste plek. Ik informeerde naar hun kinderen en vroeg naar hun dromen. In gesprekken die erop volgden vertelden ze over hun ontrouwe echtgenoten en hun seksuele verlangens, over een abortus waar niemand van afwist, over hun voor- en buitenechtelijke kinderen en over wat ze in de oorlog hadden meegemaakt. Door hen ben ik in ziekenhuizen gekomen waar je als expat normaal niet komt. Ik maakte gedetailleerde verslagen van de interviews, die de basis vormen van mijn roman.’ (…) Aan het einde van het gesprek haalt Luiten de lijst tevoorschijn die haar emotioneert. Onder elkaar staan de namen van vrouwen, hun geboorteplaats, hun leeftijd (van 6 tot 70) en wat er met hen is gebeurd. Violée au champs (verkracht in het veld) of cas de fistile (een vrouw met fistels). Bij fistels is de huid in de schaamstreek zo verwond dat urine en ontlasting door openingen naar buiten komen. Rebellen mishandelden vrouwen na een verkrachting vaak op brute seksuele wijze.

‘De vrouw van 55 kan ik niet vergeten. Ze trok haar gele jurk op en liet me haar rug, borsten en benen zien. Het was weerzinwekkend. Overal zag ik ruwe, grote littekens van messteken. Ze was ontvoerd als seksslavin en had twee weken militairen moeten bedienen. Omdat ze onwillig was, sneden de mannen haar met machetes. Het leven had voor haar geen zin meer. Ik draag haar beeld nog steeds mee en denk aan de tweeling die uit deze verkrachtingen is geboren.’ Hoe gaan de christenen daar hiermee om? ‘Ze roepen God niet ter verantwoording, maar zoeken juist hulp.’

Wat deden deze ervaringen met jezelf ?

‘Congo zette mijn leven op zijn kop. Ik heb in ziekenhuizen van Goma gelopen en met vrouwen en medisch personeel gesproken, bevallingen bijgewoond en aan bedden gezeten. Daar, of het nu rond een kookpot was of in een schemerig houthok, kreeg seksueel geweld voor mij een gezicht. Ondertussen was de sfeer grimmig en woonden we met de vluchtkoffer in de kamer. Juist in die periode verscheen er op de site van het Reformatorisch Dagblad een discussie over de Statenvertaling versus de Herziene Statenvertaling. Met geweerschoten op de achtergrond lazen we epistels van vooren tegenstanders. Hoewel de Statenvertaling mij lief is, begreep ik de discussie niet. Ik kon die niet verbonden krijgen met de situatie in Goma, waar ik dagelijks tien verkrachte vrouwen in de ogen keek. Zoiets roept een stuk eenzaamheid op. De vraag dringt zich aan je op waar het in dit leven om gaat.’ (…)

Hoe heeft je verblijf in Congo je geloof beïnvloed?

‘Ik heb geleerd dat het er niet toe doet hoe je bidt en hoe je het zegt, of je nu stottert of niet en of je wel of geen hoofddoek draagt. Het gaat erom wie God voor je is. Je gaat relativeren in je geloofsbeleving, want wat doen de verschillen ertoe? Het ontroert me wanneer ik terugdenk aan het knielen met elkaar op de grond, Psalm 51 werd voorgelezen en hoe de gemeente de zonden beleed en voor veiligheid bad. Het is radicaal buigen voor God. Wat bij ons een geestelijke lading heeft, wordt daar existentieel beleefd. Van het samen zingen en het samen delen van brood en wijn gaat een krachtig appel uit. Het heeft me veranderd en ik zou graag een vleugje van Congo’s passie en uitbundigheid in de christelijke kerk hier willen waarnemen.’

THEOBLOGIE

Op de website ‘Theoblogie’ staat een aflevering van een weblog dat Marieke Luiten bijhield. Ik neem hiervan een deel over.

Vroeger dacht ik dat alles draait om een gedegen kennis en beleving van het christelijk geloof. God zou gediend worden als je trouw de kerk bezocht, bijbelstudie deed en veel boeken las. Nu blijf ik dit nog steeds belangrijk vinden, maar nooit realiseerde ik me dat er misschien iets anders van ons wordt gevraagd. Of we bereid zijn onze handen en ons hart te gebruiken voor onze naaste. Pas las ik Jesaja 58, waarin het mij opviel dat het volk van Israël meer gericht was op het uitoefenen van rituelen en gebruiken (als doel op zichzelf ) dan op het praktisch gelovig zijn. De profeet geeft hierop kritiek. We eren God pas echt als we ons brood delen met degenen die honger hebben, ontheemden een thuis bieden en een naakte kleding geven (vers 7). Uiteraard betekent dit niet dat het kerkbezoek en andere dingen onbelangrijk zijn, integendeel. Zelf schaam ik me dat ik me zo vaak druk maakte om van alles en nog wat. Was het niet om mezelf een mening te vormen over tradities, Bijbelvertalingen en kleding dan wel over theologische vraagstukken die me afhielden van de kern waar het om gaat. Nu kan dit misschien allemaal best belangrijk zijn, maar ik denk dat de Heere Jezus iets anders liet zien. Hij gaf blinden het gezicht, deed goed aan iedereen en bekommerde zich om zijn naaste. De laatste tijd ben ik de Bijbel zo anders gaan lezen. ‘Als u uw hart opent voor de hongerigen, en de verdrukte ziel verzadigt, dan zal uw licht in de duisternis opgaan, en uw donkerheid als de middag zijn. En de Heere zal u voortdurend leiden, Hij zal uw ziel in dorre streken verzadigen, uw beenderen kracht geven; u zult zijn als een bevloeide tuin, als een bron waarvan het water nooit ontbreekt.’ ( Jes. 58:10). Vraagt God niet gewoon van ons dat we Hem dienen, juist in ons geld, in ons voedsel, in onze aandacht en tijd? Jakobus 2 was voor mij ook nieuw hoofdstuk. Natuurlijk wist ik al jaren dat een geloof zonder werken dood was. Altijd had ik bepaalde ideeën bij die vruchten of werken (meer geestelijke groei, een rijker gebedsleven, diepere inzichten etc.). Nu geloof ik zeker dat deze dingen onmisbaar zijn, maar ze krijgen pas meerwaarde als we actie ondernemen. We moeten onze tijd en aandacht geven aan onze naaste en ons geld uitdelen aan hen die het nodig hebben. (…)

In mijn kast staat een boek dat heet Auferstehungszeit – tijd om op te staan. Marieke Luiten spoort haar lezers daar toe aan. Een appèl dat geheel in lijn ligt met het goede nieuws van Pasen

Ds. G. van Meijeren uit Utrecht is interim-predikant in de Protestantse Kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Vrouwen in Congo

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken