Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

EEN SOLIDE FUNDAMENT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

EEN SOLIDE FUNDAMENT

Hertaling brengt ‘Redelijke Godsdienst’ een stuk dichterbij

6 minuten leestijd

De Redelijke Godsdienst van Wilhelmus à Brakel heeft zich al snel na de eerste verschijning in 1700 een grote plek verworven in het gereformeerde christendom in ons land en daarbuiten. Jasper Stam heeft met zijn goede hertaling dit waardevolle boek weer een stuk dichterbij gebracht.

Voor veel predikanten, ouderlingen en gemeenteleden is ‘vader Brakel’ een autoriteit geworden. Omdat intussen de taalontwikkeling niet heeft stilgestaan, was het wel moeilijker geworden om allerlei uitdrukkingen en zinswendingen in dit omvangrijke boek over de geloofsleer nog te kunnen begrijpen.
Daarom is het verblijdend dat bij uitgeverij de Banier een hertaling van het bekende werk van ds. Wilhelmus à Brakel (1635-1711) is verschenen. Het brengt dit bijzondere en waardevolle boek opeens een stuk dichterbij.

DIEP DOORLEEFD

Wat maakt de Redelijke Godsdienst nu zo bijzonder? Natuurlijk ligt de grote waarde van het boek vooral in de heldere, uitvoerige en sympathieke uiteenzetting van de geloofsleer. Allerlei centrale en minder centrale noties van het christelijk geloof stelt Brakel daarin aan de orde en hij beschrijft hun betekenis en relevantie op het niveau van het gemiddelde geïnteresseerde gemeentelid.
Het mooie is dat Brakel alle leerstukken die hij verwerkt, weet te herleiden tot hun bijbelse grondslag. Hierdoor krijgt zijn betoog op veel momenten iets van een solide fundament waarop het geloof goed kan rusten.
Het meest bijzondere aan het boek is toch dat je eigenlijk op elke bladzijde iets proeft van het warme, diep doorleefde geloof waarmee à Brakel zelf leefde. Evenals bij veel van zijn tijdgenoten in de periode van de Nadere Reformatie ligt de nadruk in ongeveer alles wat hij schrijft op een allerpersoonlijkste, verborgen omgang met God. Hierbij komt heel het aardse leven van de christen in één bepaald licht te staan, namelijk dat van de kennis en vreze des HEEREN.

VERSCHILLEN

Terwijl je keer op keer merkt dat Brakel wéét waarover hij schrijft, blijkt hij ook een groot kenner van de verschillende gesteldheden van het menselijk hart, juist als het gaat om de omgang met God en Zijn heilig Woord. Er is verschil tussen de mensen. De ene mens staat veel dichter bij God en Zijn Woord dan de andere. Maar ook in het hart van de mens die door Gods Heilige Geest tot leven is gewekt, is de tendens niet altijd gelijk. Ook Gods kinderen hebben hun zonden, aanvechtingen en stemmingen.


Het mooie van Wilhelmus à Brakel is dat hij alle leerstukken weet te herleiden tot hun bijbelse grondslag


Het bijzondere is dat Brakel hiermee rekening houdt. Steeds stemt hij de toepassingen in zijn betoog af op wat de lezers in hun verschillende hoedanigheid nodig hebben. Dit doet Brakel overigens zonder dat hij uit het oog verliest dat allen ten diepste hetzelfde, of liever gezegd Dezelfde nodig hebben. Warme raad én vermanende woorden wijzen de lezer telkens heen naar een drie-enig God.

PROFETISCH SPREKEN

Ook heeft het boek na ruim 300 jaar niets aan actualiteit ingeboet. Zo trof mij in het hoofdstuk over het profetische ambt van de Heere Jezus Christus hoe Brakel zijn standpunt kiest ten opzichte van de beoefening van de gave van de ‘profetie’, zoals die zich ook in zijn tijd voordeed. Zien wij heden ten dage hoe mensen in charismatische kringen met behulp van ‘bidden en vasten’ soms tot ‘profeteren’ komen, en elkaar daarbij boodschappen aanreiken met een actuele spits voor degene die erom verlegen is, ook voor vader Brakel was dit verschijnsel niet vreemd. De gave van de profetie heeft mensen in alle eeuwen sterk beziggehouden.
Intussen geeft Brakel er, evenals de Heidelbergse Catechismus, de voorkeur aan de profetische roeping van de christen te verstaan als een belijden van Gods Naam, liever dan als een bekendmaken van toekomstige gebeurtenissen. Terecht wijst hij op het karakter van de bijbelse profetie die eigenlijk meer een richten dan een voorspellen is. Hij stelt dan, met een knap woordspel in het Hebreeuws: ‘Bina (wijsheid, inzicht) is beter dan nabi (profeet, toekomstvoorspeller)’.
Wanneer hij daarna dan toch enige ruimte laat voor een profetisch spreken van een begaafde christen, tekent Brakel veelzeggend aan dat de christen hierin de plaats moet weten waarin God hem heeft gesteld, en niet de plaats in moet nemen van de predikant die door God in een bijzonder ambt is geroepen. Het nieuw gesproken woord kan en mag met het aloude Woord zoals het verkondigd wordt, niet in tegenspraak zijn.

SCHAAR

In wetenschappelijk opzicht is er ten slotte wel een aantal vragen te stellen aan deze uitgave. De hertaling is naar mijn oordeel een kundig werk. Hoewel vertalen altijd verraden is, vind ik het echt knap hoe Stam er keer op keer in slaagt om de soms best duistere zinnen van Brakel in één keer te verhelderen. Ook het feit dat hij in Brakels hoofdstukken een eigen paragraafindeling aanbrengt, draagt zeker bij aan de leesbaarheid. Maar of het ook gepast is om de grote meester te hulp te komen door de schaar te hanteren en wat stukjes tekst van plaats te doen wisselen (zoals op p.817), dat weet ik niet.
En was het niet mooi geweest om in een hertaalde Brakel ook gelijk maar gebruik te maken van de herziene Statenvertaling? Wat moet ik bijvoorbeeld maken van een citaat als uit Job 10:10 ‘Hebt Gij mij niet als melk gegoten, en mij als een kaas doen runnen’? (p.396) Of uit Job 34:29 ‘Als Hij stilt, wie zal dan beroeren’? (p.335)

DERDE DEEL

Ten slotte: in zijn overigens sympathieke inleiding bij het boek geeft dr. W. van Vlastuin aan dat het derde deel van Brakels boek niet zal worden hertaald. De reden hiervan is dat de uitleg die Brakel in dit deel aan het boek Openbaring geeft, ‘heden ten dage’ door ‘vrijwel niemand’ nog wordt onderschreven. Maar is het niet wetenschappelijk om juist dat wat nog maar weinigen onderschrijven, althans de ruimte te laten het denken te prikkelen?
Ook zal de gemiddelde Brakel-lezer er echt niet zomaar een chiliast van worden, schat ik zo in. Die heeft zijn hart al heerlijk opgehaald aan al het goede waarover Brakel in de eerdere delen heeft geschreven en neemt dan nog met belangstelling kennis van wat hij verder te berde brengt.

Ds. M. Kreuk is predikant van de hervormde streekgemeente Noordhorn-Saaksum.

N.a.v. Wilhelmus à Brakel, ‘Redelijke Godsdienst’, deel 1A, hertaald door Jasper Stam, uitg. De Banier, Apeldoorn; 960 blz.; € 49,95.

Dit artikel werd u aangeboden door: de Gereformeerde Bond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

EEN SOLIDE FUNDAMENT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken