Bekijk het origineel

HOPENDE EN UITZIENDE

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

HOPENDE EN UITZIENDE

5 minuten leestijd

Hopende: De bruid heeft dus van Christus gesproken als een Fontein der hoven en een Put der levende wateren. We hebben daar enkele keren iets van mogen zeggen. De bruid is het zich bewust, dat zij geen schoonheid of vruchtbaarheid uit zichzelf bezit. Als Christus haar dan ook om haar schoonheid en vruchtbaarheid geprezen heeft, dan heeft ze niet na kunnen laten om Hem daar de eer voor te geven, door te zeggen: O Fontein der hoven. Put der levende wateren, die uit Libanon vloeien! Maar daarom kent de bruid zich ook zo afhankeUjk van de bediening uit de genadévolheid van die hemelse Bruidegom. En zo laat zij er dan ook nog 'een gebedje op volgen, want in het 16e vers horen we haar zeggen: Ontwaak noordenwind, en kom, gij zuidenwind; dborwaai mijn hof, dat zijn specerijen uitvloeien, O, dat mijn Liefste tot Zijn hof kwame en ate Zijn edele vruchten!

Uitziende: U wüde dus nu maar geUjk tot de bespreking van deze bede overgaan?

Hopende: Och, er is vanzelf over het vorige vers ook nog wel genoeg te zeggen, maar we kunnen nu eenmaal over eUce tekst ook weer geen preek gaan houden. Daarbij komen verschillende zaken die we nu nog laten rusten, vanzelf nog wel ter sprake bij onze overdenking van het Hooghed. En ik geloof dat we ook meer de hoofdstrekking vast moeten zien te houden die we in dit Hooglied kunnen vinden. Zo volgt dus nu het een op het ander. De bruid moet uit d© Fontein der hoven en uit de Put de levend© wateren bediend worden, zal zij vruchtbaar zijn. Maar daarom begeert zij ook, dat Christus haar vruchtbaar stellen zal en daartoe ook met de noorden-en de zuidenwind des Geestes haar hof zal doorwaaien.

Uitziende: De betekenis van deze tekst lijkt mij toch wel heel eenvoudig. De noordenen de zuidenwind kunnen immers beide tot de vruchtbaarheid van de hof niet gemist worden. De noordenwind is koud, scherp en droog, terwijl de zuidenwind meer een warme en vochtige wind is. Maar de noordenwind moet tot de vruchtbaarheid van de hof aan de zuidenwind voorafgaan.

Hopende: De noordenwind wordt dan ook het eerste genoemd. Udemans merkt bij deze tekst op, dat de wet aan het evangeüe moet voorafgaan. Dat acht men over het algemeen niet meer nodig. Men denkt zelfs de oude schrijvers nog aan zijn zijde te hebben, als men beweert dat men zich La de prediking aan geen volgorde van eerst wet en dan pas evangeUe behoeft te houden. Maar we kmmen allemaal wel begrijpen, dat als de bruid hier eerst spreekt over de noordenwind en dan over de zuidenwind, dat zij met die noordenwind het oog heeft op die zo onmisbare ontdekkende werking van Gods Geest, waardoor er plaats komt voor het troostvolle evangeUe. De bruid is er wel door ervaring achter gekomen, dat de noordenwind niet gemist kan worden en dat die aan de zuidenwind moet voorafgaan. En dat altijd maar weer!

Uitziende: Nu hebben we natuurlijk meer met de zuidenwind op dan met de noordenwind. Daarom kan ik die mensen wel begrijpen, die hever niet spreken over de noordenwind. Maar jammer genoeg voor hen, kunnen ze me daarom juist niets wijs maken. Ik heb mijn eigen hart een beetje leren kennen en dan wü ik u wel eerhjk zeggen dat ik met de noordenwind niet zoveel op heb. En nu bid ik ook wel om een ontwaken van de noordenwind en van de zuidenwind, maar ik heb eigenlijk de zuidenwind op het oog. Ik weet echter dat dé noordenwind er bij hoort en daarom vraag ik daar, ook om. Maar het zal bij u wel anders wezen.

Hopende: Neen vriend, u weet wel dat het bij mij niet anders is. Als ik dit gebedje doe van de bruid, dan doe iki het net als u. Ik vraag om de noordenwind, maar ik bedoel de zuidenwind. Maar toch is het ook weer waar, dat de ziel zo ten volle van de noodzakeHjkheid van het ontwaken van de noordenwind kan doordrongen zijn, dat ze toch in oprechtheid begeert dat die wind hoe koud en scherp ook, haar maar recht ontgronden en ontledigen mocht en alzo ontdoen van al wat de vruchtbaarheid in de genade maar in de weg mocht staan. O hoe onmisbaar is dan toch voor haar die nootf denwind!

Uitziende: Ik geloof, dat we hier dan toch ook wel de bede van een oprechte bekommerde ziel vinden. Die kan enerzijds wel bang voor de noordenwind zijn, maar die ziet toch ook anderzijds de noodzakelijkheid van dat ontdekkende eru, ontgrondende werk van Gods Geest. En daarom wordt het toch ook haar vragen of die noordtenwind er maar aan te pas mocht komen.

Buiten die noordenwind zal ze nooit een stap verder komen. Maar als de noordenwind ontwaakt, kan men ook weer niet zien dat dit nu tot de vruchtbaarheid en wasdom dienen zal. Dan kan men dus niet zien dat dat nu die noordenwind is waarom men gevraagd heeft. We kunnen wel om ontdekking vragen, maar als er ontdekking komt, dan valt dat niet mee en kunnen we dat voor geen zaligmakende ontdekking houden.

Hopende. En toch kunnen we maar nooit genoeg om ontdekking vragen. Och vriend, de bede mocht toch maar meer in oprechtheid' in ons hart gevonden worden, of de noordenen zuidenwind de hof maar mochten doorwaaien. We hopen de volgende keer er nog wel iets van te mogen zeggen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 juni 1967

De Wachter Sions | 4 Pagina's

HOPENDE EN UITZIENDE

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 juni 1967

De Wachter Sions | 4 Pagina's

PDF Bekijken