Bekijk het origineel

J. VAN WOENSEL OVER DE ALGEMENE AANBIEDING.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

J. VAN WOENSEL OVER DE ALGEMENE AANBIEDING.

3 minuten leestijd

Heeft Jezus daar niet duidelijk geleerd dat het woord daar alleen vruchten voortbrengt, DAAR DE GROND DES HARTEN VERANDEREN TOT EEN GOEDE AARDE GEMAAKT WORDT? Zulk een verandering des harten onderstelt Jezus in dit gedeelte van de gelijkenis dat gewrocht wordt door de Heilige Geest onder en door middel van de prediking, zowel van de Wet, als van het EvangeUe, wat te zien is in de mannen op het Pinksterfeest. Hand. 2 : 37 en in Lydia WELKER HART DE HEE-RE OPENDE, onder de prediking van Paulus, Cap. 14 en dit is volstrekt noodzakelijk, omdat er na de zonden geen vruchtbare akker gevonden wordt zonder de bearbeiding van de Landman, volgens 3 : 17, 18. Alzomin is het hart des mensen een goede en vruchtbare aarde, zonder de bewerking des Heiüge Geestes, waardoor het wordt toebereid om het zaad des Woords in zich te ontvangen en vervolgens vruchten te dragen. Men vergelijke hierbij Jeremia 4 : 3 en Hosea 10:12. Uit het beloop van deze gelijkenis bleek er maar een vierde, dus het kleinste gedeelte dergenen, die onder de prediking des Evangeües verkeren, dit deelachtig worden en bijgevolg ook maar van God bedoeld worden om ze zahg te maken door middel dier prediking. Is daar enige zweem in van zulk een algemene Evangeüeprediking, daar men zulke grote dingen zegt van die aUen die onder het Evangelie leven? Daar blijkt toch uit, dat onder de vier soorten van hoorders er maar één soort is, waar het Evangelie van wezenlijk nut is. Moest men niet op deze dingen met alle ernst en nadruk wijzen? Zou het dan wel mogelijk zijn zo ruim te spreken tot degenen, die onder het EvangeUe leven?

Maar vooral is opmerkelijk, hetgeen we lezen in het 13e Cap. van Matth. vers 10-16. Daar vindt men Jezus, op dfe vraag der discipelen, „WAAROM SPREEKT GIJ TOT HEN DOOR GELIJKENISSEN"? dit opmerkelijke antwoord geeft, „OMDAT HET U GEGEVEN is DE VERBORGENHEDEN DES KONINK-RIJKS DER HEMELEN TE WETEN, MAAR DIEN IS HET NIET GEGEVEN" m het 10e, en 1 Ie vers en in het 13e vers zegt Hij, DAAR­ OM SPREEK IK TOT HEN DOOR GELIJ­ KENISSEN, OPDAT ZIJ ZIENDE NIET ZIEN, EN HORENDE NIET HOREN, NOCH OOK VERSTAAN. Dan wijst Hij aan, dat daarin vervuld wordt hetgeen Jesaja voorzegd heeft, aangaande het oordeel der verblinding en verharding dat over het merendeel van het Joodse volk komen zou, vers 14 en 15, vergel. Jesaja 6 : 9 en 10.

Wanneer men nu deze dingen maar met een weinig aandacht gadeslaat, zo meen ik, dat het onmogelijk is te stellen, dat Jezus, die ook in deze gelijkenissen het EvangeUe gepredikt heeft, zulk een algemene aanbieding doet, want de Heiland spreekt hier opzettelijk duister en ingewikkeld door gelijkenissen, omdat Hij niet wilde dat het door allen zou verstaan worden volgen 11, 13, 't welk onmogelijk is overeen te brengen met zulk een algemene aanbieding, tenzij men wil steUen, dat de Heiland wilde dat zij, voor wien het verborgen werd gehouden, een bUnd geloof zouden oefenen omtrent zaken waar zij niets van verstonden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 mei 1969

De Wachter Sions | 4 Pagina's

J. VAN WOENSEL OVER DE ALGEMENE AANBIEDING.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 mei 1969

De Wachter Sions | 4 Pagina's

PDF Bekijken