Bekijk het origineel

258. DE Bijbelse Geschiedenis

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

258. DE Bijbelse Geschiedenis

9 minuten leestijd

Jakobus gedood - Petrus bevrijd Herodes gestraft.

Vragen 901 t.m. 910.

De ware gelovigen hebben hier op aarde nooit lange tijd rust en vrede genoten. Zij ondervinden' wat het inhoudt om lidmaten te zijn van de strijdende kerk. De Heere Jezus heeft in 't bijzonder degenen die Hij tot voorgangers in Zijn gemeente aanstelde erop voorbereid dat zij in de wereld verdrukking en vervolging hebben te wachten. Hetgeen we in Handelingen 12 : 1 lezen moet ons dan ook niet vreemd voorkomen.

En omtrent denzelven tijd sloeg de koning Herodes de handen aan sommigen van de gemeente om die kwalijk te handelen. Wat we daar precies onder te verstaan hebben wordt niet gezegd, maar uit hetgeen er volgt kunnen we afleiden dat we niet aan een lichte kwelling moeten denken. Integendeel. Er volgt in vers 2 dat hij Jakobus, de broeder van Johannes, met het zwaard doodde. Als slachtschapen (zo kunnen we uit het verband afleiden) werden de gelovigen wreed door Herodes gegrepen, velen werden gevangen genomen, hun huizen werden geplunderd, hun bezittingen werden geroofd enz. Waarom hij Jakobus uitkoos om als eerste van de apostelen de marteldood te laten ondergaan weten we niet. We dienen als hoofdoorzaak aan te merken dat de Heere het toeliet, ja dat Hij wilde dat één van de steunpilaren van de Kerk zijn getuigenis met zijn bloed zou bezegelen. Herodes heeft al spoedig bemerkt dat deze moord de Joden aangenaam was en dat spoorde hem aan in dezelfde lijn voort te gaan. Hij zocht de gunst van het volk. Daarom richtte hij zich vervolgens tegen Petrus, de meest op de voorgrond tredende apostel. Petrus werd niet onmiddellijk ter dood gebracht, maar men zette hem in de gevangenis. Herodes liet hem heel bijzonder bewaken, want we lezen dat hij hem overgaf aan vier wachten, elk van vier krijgsknechten. We zouden zeggen, waarom liet Herodes Petrus zo streng bewaken ? Vreesde hij moeilijkheden ? Dacht-hij aan het ledige graf van de Heere Jezus ? Of misschien aan Petrus' vroegere bevrijding ? Wij weten het niet. We hebben vooraf dit op te merken dat het om de ere Gods ging en het welzijn van Zijn volk en knechten. Herodes wilde Petrus na het paasfeest voorbrengen voor het volk. Hij wilde hem dus tentoonstellen. Jakobus had hij waarschijnlijk in stilte ter dood gebracht, maar het volk zal daar niet mee tevreden geweest zijn. En Herodes zo is al opgemerkt was het te doen om het volk te behagen. Zo kunnen we ons indenken wat de plannen geweest zullen zijn aangaande de terechtsteUing van Petrus. Tijdens het uitstel van executie nam de gemeente de toevlucht tot het gebed. Zij riepen gezamenlijk God aan of het Hem behagen mocht om de raadslag van de boze te verijdelen en de geliefde apostel uit de kaken des doods te verlossen. Er staat dat een gedurig gebed voor hem gedaan werd. De dood van Jakobus had hen verschrikt. Stéfanus was wreedaardig vermoord, zal nu ook Petrus worden weggenomen ? Zouden zij droefheid op droefheid moeten hebben ? De tijd is zeer kort maar de Heere gaf uitkomst. Hij toonde een hoorder der gebeden te zijn, zoals de dichter ervan getuigde: „Op uw noodgeschrei, deed Ik grote wond'ren ... Toen hem nu Herodes zou voorbrengen - zo lezen we in vers 5 - 7 ... - zie, een engel des Heeren stond daar. Let er op hoe levendig Lukas de zaak beschrijft toen God ging ingrijpen. Petrus lag rustig te slapen. Hij was met handboeien aan een soldaat geketend, voor de deur stonden de wachtposten. Een licht scheen in de woning, en slaande de zijde van Petrus wekte hij hem op, zeggende: Sta haastiglijk op. De krijgsknechten hebben blijkbaar geslapen en werden niet wakker. Als 'God begint te werken kan niets en niemand Hem weerstaan. De ketenen vielen van Petrus' handen. Hij kan zich nu vrij bewegen. De engel zegt hem dat hij zich moet omgorden, dat wil zeggen: dat hij een gordel of riem zal omdoen om het lange onderkleed, zodat het hem niet belenamert bij het lopen. Daarna doet hij zijn schoenzolen aan en werpt hij - alles op aanwijzing van de engel - zijn mantel om. De apostel kan nu de engel volgen. We kunnen ons voorstellen dat hij onder het volgen niet wist, of hij waakte dan wel droomde. Hij wist niet, dat het waarachtig was, zegt Lukas. De engel leidde hem door de wachten heen. Zonder dat deze enige tegenstand boden kwamen zij aan de ijzeren poort, die naar de stad leidde. Deze ging vanzelf open. Zo kunnen Petrus en de engel naar buiten gaan. Het wonder is geschied. De engel begeleidt Petrus nog één straat, opdat de apostel op zijn verhaal zou kunnen komen. Dan gaat hij even plotseling weg, als hij gekomen was. Petrus moet nu verder zelf zijn weg vinden. Het schijnt Petrus een ogenblikje toe dat hij droomt, dat alles wat hij heeft meegenaaakt verbeelding is. Eindelijk komt hij tot zichzelf. Na weet ik waarachtiglijk, dat de Heere Zijn engel 'uitgezonden heeft (zei hij) en mij verlost heeft uit de hand van Her odes en uit al de verwachting van het volk der Joden. Lukas verzekert ons dus dat Petrus zich nu volledig bewust was wat er gebeurd was en ook dat hij nu tot handelen geroepen was. Zijn eerste daad is, naar het huis van Maria, de moeder van Johaimes Markus te gaan. Zij was blijkbaar een

moedige vrouw, die in de vervolgingstijd de gemeente waarschijnlijk geregeld in haar huis Het komen. Haar huis was groot en aanzienlijk, want het had een voorpoort. Vermoedelijk lag het niet ver van de gevangenis. Als een sterk bewijs van gebedsverhoring kwam Petrus in het holle van de nacht bij het hem bekende huis aan. Men sliep daar niet. Een groot aantal van Gods volk was er biddende bijeen, zodat we wel mogen zeggen dat het een huis des gebeds was, waar de gemeente Gods smeekte om het behoud van Petrus, die naar het plan van Herodes de volgende dag voorgebracht zou worden. Hij klopte aan de deur van de voorpoort om te worden binnengelaten. Toen hij daar nu klopte, kwam een dienstmaagd voor om te luisteren, niet om de deur open te doen vóór zij wist wie er was: een vriend of een vijand. De naam van de portierster was Rhode. Blijkbaar was zij zelf een christin; zij was goed met Petrus bekend en we mogen veronderstellen dat zij ook aan heel de gemeente bekend was. Ze is volkomen zeker dat Petrus aan de deur stond, maar van blijdschap in de war, doet zij niet voor hem open. Zij liep terug en ging naar binnen om te zeggen dat Petrus daar was. De aanwezigen geloven haar echter niet. Zij zeggen dat zij zich wel vergist zal hebben. Maar als Rhode het volhoudt, gaat men een verklaring zoeken. Het is zijn engel, veronderstellen ze. Petrus kan niet anders doen dan blijven kloppen en zo tonen dat hij er werkelijk is. Eiadelijk doet men hem open en men ziet hem met eigen oog. Een grote ontroering maakt zich van hen meester. Uit de beschrijving blijkt dat zij door elkaar geschreeuwd hebben, zodat de apostel met de hand moest wenken om stilte te krijgen. Eerst dan verhaalt hij, hoe hem de Heere uit de gevangenis uitgeleid had. Boodschapt dit aan Jakobus en de broederen (zegt hij) en hij uitgegaan zijnde, reisde naar een andere plaats. Waar Petrus heentrok maakte' hij niet bekend, maar hij wilde wel dat zijn bevrijding meegedeeld zou worden aan zijn ambtsbroeders. Het was hem door de engel niet bevolen dat hij nu aanstonds weer in de tempel zou gaan om te prediken, zoals na zijn vorige gevangenschap.

Nu wordt ons het lot van de bewakers verhaald. We lezen dat zij door Herodes geroepen worden om zich te verantwoorden en dat zij daarna werden weggeleid. Dit betekent ongetwijfeld dat zij streng gestraft werden.

Bij vers 20 begint de beschrijving van het vreselijke levenseinde van Herodes. Hij had in den zin tegen de Tyriërs en Sidoniërs te krijgen ... maar omdat hun land gespijzigd werd van des konings land (staat er) begeerden zij vrede. Naar aanleiding daarvan zal er een ontmoeting plaatsvinden tussen de koning en enige gezanten van Tyrus en Sidon. Het zal wellicht de bedoeling geweest zijn om bij die gelegenheid de vredesvoorwaarden te bespreken. Herodes richt die ontvangst zodanig in, dat hem zoveel mogelijk hulde ten deel zal vallen. We lezen dat hij een koninklijk kleed aangedaan hebbende, en op den rechterstoel gezeten zijnde, een rede tot het volk hield. Deze rede en het uiterlijk van Herodes moet wel een zeer bijzondere indruk hebben gemaakt, dat men hem toeroept: Een stem Gods en niet eens mensen ! Deze onbetamelijke lof nam hij aan, hij schepte er behagen in, ja hij verhovaardigde zich er op, en dat was zijn zonde.

Terstond kwam de straf des Heeren: een engel sloeg hem... en hij werd van de wormen gegeten en gaf den geest. Door een plotseling oordeel Gods ging hij ten gronde en dat ten overstaan van de gezanten van Tyrus en Sidon, voor wie hij had wülen schitteren. En wat is nu het gevolg van dit alles geweest. We lezen in vers 24: En het woord Gods wies en vermenigvuldigde. De, gemeente nam toe, de prediking ging verder en kon door geen vijand worden tegengehouden. Het was zoals de dichter van de Oude Dag het ondervonden had: De rivieren verheffen haar bruisen; de rivieren verheffen haar aanstoting. Doch de HEERE in de hoogte is geweldiger dan het bruisen van grote wateren, dan de geweldige baren der zee.

Vragen:

901. In welke familiebetrekking stond de hier bedoelde Herodes tot Herodes de Grote, de moordenaar van de Bethlehemse kinderen ?

902. Waarom zou de gewijde schrijver van de onthoofding van Jakobus zo weinig bijzonderheden opgetekend hebben ?

903. Toon aan dat Her odes de gemeente niet in de eerste plaats vervolgde uit haat tegen het Evangelie.

904. Was het opzettelijk dat hij tot na het paas-^ feest wachtte eer hij Petrus voorbracht?

905. Waarom is het zo profijtelijk voor de kerk dat de bevrijding van Petrus door Lukas tot in bijzonderheden opgetekend is?

906. Hoe kunnen we verklaren dat men dacht dat Petrus' engel aan de deur stond?

907. Zou Herodes het wonder Gods opgemerkt hebben, dat in Petrus' bevrijding uitblonk?

908. Door wie werd bemiddeling verleend bij de twist tussen Herodes en Tyrus en Sidon?

909. Wordt dóór ongewijde schrijvers ook melding gemaakt van Herodes' hoogmoedig optreden?

910. Verklaar nader hoe Gods voorzienigheid in deze geschiedenis steeds duidelijk naar voren komt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 1980

De Wachter Sions | 8 Pagina's

258. DE Bijbelse Geschiedenis

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 1980

De Wachter Sions | 8 Pagina's

PDF Bekijken