Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Iets uit de zendingsgeschiedenis (10)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Iets uit de zendingsgeschiedenis (10)

5 minuten leestijd

Een kijkje op Sumatra (1)

We zouden haast kunnen denken, dat Indië alleen werd bearbeid door zendelingen, die van uit het moederland werden gezonden en bekostigd, maar de werkelijkheid is gansch anders. Om maar één voorbeeld te noemen: voor ongeveer 35 jaren begon de Rijnlandsche zending te Barmen naar het groote en schoone eiland Sumatra enkele evangelieboden te zenden, die daar te midden van de ruwe, woeste heidenen met tallooze zwarigheden te worstelen hadden. Toch mocht de Rijnlandsche zending voor ’t uiterlijke zich verblijden in een groeten zegen, want het evangelie heeft zich door hun arbeid zoo krachtig baan gebroken, dat nu reeds meer dan 38000 inboorlingen tot het Christendom zijn overgegaan. Hoofdzakelijk beperkte hun arbeid zich tot de landschappen Angkola en Silindung met de omstreken van het heerlijke meer van Tobu, aan alle zijden door hooge bergen ingesloten. In de laatste jaren toonde de Barmer-zending van gedachte te zijn, dat mannen het werk in de gemeenten uit de heidenen niet meer af konden; de groote uitwendige wasdom van die gemeenten maakte het noodzakelijk vrouwen on meisjes als medehelpsters te installeeren en thans zijn reeds op de groote stations naast den zendeling twee zusters aangesteld, die den arbeid deelen. Op dien arbeid willen we eens een kijkje nemen! De zusters wonen op het zendingsstation in een houten huisje, dat behalve het woonvertrek ook een kamer bevat, waar de vrouwen en meisjes worden onderwezen. Het station, waar we gaan zien, ligt in het landschap Silindung, in de binnenlanden van Sumatra, en bestaat uit een kerk, een huis voor den zendeling en dan het z.g. zusterhuis. Het ligt niet in de nabijheid van een Europeesche nederzetting, maar temidden van de Battaks, een volk, dat behoort tot de bruingekleurde Maleiers en op een zeker soort van beschaving kan roemen. Met vrucht leggen ze zich op den rijstbouw toe en hebben een flinken veestapel; menig handwerk verstaan ze grondig; ze zijn geslepen handelaars en bezitten enkele rechtsgebruiken, die een zekere mate van ontwikkeling toonen. Ook hebben ze een eigen taal, die zoo ontwikkeld is, dat er boeken in bestaan. Maar het karakter van de Battaks biedt, niettegenstaande enkele goede eigenschappen, zooveel bezwaar aan den zendingsarbeid, dat de zendeling al zijn geloof, zijn liefde en geduld vaak op een zwaren proef gesteld ziet.
Als de zon opkomt, begint op het station een levendige beweging te komen. Uit de omliggende dorpen komen lieden, om van den zendeling medicijnen te halen; anderen komen hem raad vragen in hunne aangelegenheden, en reeds in dit vroege morgenuur vullen de vrouwen het groote schoolvertrek, want hun werk is zoo volhandig, dat ze later op den dag geen tijd hebben. Als het noodig is, brengen ze hunne zuigelingen, op den rug gedragen, mede, wat nu juist geen aangename toegift is bij het onderwijs, daar de kleine wezens veel te graag ook hun stem laten hooren. Maar zonder de kinderen kunnen de meeste moeders niet komen, en zoo blijft er niets over, dan van twee kwaden het beste te kiezen. Op biezen matten zitten de vrouwen op den vloer rondom hun „nonja”, hun meesteres. De slanke gestalten zijn in lange, bonte doeken gehuld, die het lichaam van de schouders tot de enkels bedekken; de meeste vrouwen dragen daarover nog een katoenen jak, bewijs van Europeesche beschaving, of een anderen doek, die de schouders bedekt. Het lange, glanzend zwarte haar is gescheiden en aan het achterhoofd in een wrong samengevat en zonder haarnaald vastgemaakt, het uiterste van de wrong eenvoudig tusschen het gewone haar geschoven. Aangenaam is het te zien, hoe de Christelijke vrouw zich van de heidensche onderscheidt door veel grootere zindelijkheid, hoewel het bij de meesten een groote moeite is zich daarop toe te leggen. Nadat het onderricht geeindigd is, dat zich voor de vrouwen tot godsdienstig onderwijs bepaalt, hebben zij nog allerlei zaken op het hart en vragen raad en hulp in vele aangelegenheden. Als ze eindelijk allen huiswaarts zijn gegaan, kunnen de zusters tijd vinden om hun ontbijt te gebruiken, dat de bruine huis-jongen gereed gezet heeft. In deze streek van Sumatra is het namelijk bijna niet mogelijk meisjes voor huiswerk te krijgen, of men moet een slavin koopen, wat met vele misstanden in verband staat en, zooals te begrijpen is, voor den zendeling volkomen onmogelijk is, zal hij niet heel zijn invloed bederven. Ook de zusters zijn daardoor genoodzaakt in plaats van een dienstmeisje een huisjongen te nemen. Dien we hier aantreffen, is een 15- of 16-jarige knaap uit het dorp, die tot nu toe de gulden vrijheid ten volle genoot en nu allerlei werk moet leeren. Gemakkelijk gaat het niet, hem dat te leeren, want de meeste van deze jongens hebben geen begrip, hoe ze een bezem moeten aanvatten, en verstaan de woorden „zindelijkheid en gehoorzaamheid” bijna niet; maar wie geduld en vriendelijkheid aan vastheid van wil weet te paren, kan toch uit deze jongens een flinke hulp voor de huisvrouw kweeken. Gelukkig gebruikt men niet als in Voor-Indië voor ieder werk een afzonderlijken jongen; de dienstbare uit de Battaks doet dienst als „meid-alleen”, tenminste wat het huiswerk betreft. De zusters te Silindung hebben een huisjongen en een staljongen, daar in dit klimaat een paard onontbeerlijk is, in verband met de verre afstanden, die ze soms hebben af te legden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Friday 23 August 1901

De Wekker | 4 Pagina's

Iets uit de zendingsgeschiedenis (10)

Bekijk de hele uitgave van Friday 23 August 1901

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken