Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vragenbus

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vragenbus

5 minuten leestijd

Een onderwijzer aan eene Christelijke school doet ons de vraag: Hoe heeft een Christelijk onderwijzer zijne leerlingen te beschouwen in het licht van ’s Heeren Woord? Een allerbelangrijkste vraag, inzonderheid in onze dagen, waar van de zijde der Neo-Gereformeerden zulke zonderlinge beschouwingen omtrent de kinderen der gemeente in zwang zijn. Nog kort geleden hield Ds. Verhoef, predikant te Zeist een referaat, waarin door hem betoogd werd dat de Christelijke onderwijzer diep doordrongen moest zijn van het besef, dat de kinderen der gemeente als wedergeborenen moeten beschouwd worden, en voorts, dat het gansche christelijk onderwijs doortrokken moet zijn van het beginsel: de veronderstelde wedergeboorte grond voor den doop.
Waar zulke stellingen geleeraard worden en nog wel als extra-Gereformeerd worden voorgesteld, kunnen wij niet nalaten onzen vrager kortelijk te beantwoorden, hoewel wij ditzelfde onderwerp nog pas enkele maanden geleden hebben behandeld in onze artikelenreeks over de uitdrukking in de eerste vraag van het Doopsformulier: „in Christus geheiligd.”
Onze vrager wenscht zijne leerlingen te beschouwen in het licht van ’s Heeren Woord. Opmerkelijk is het dat Ds. Verhoef van Zeist bij het debat, dat op zijn referaat volgde, verklaarde, dat hij zijn beginsel niet wilde aandienen als schriftmatig, doch alleen als overeenkomende met de belijdenisschriften. Mij dunkt in de eerste plaats is toch de vraag: Wat zegt Gods Woord? En welk licht nu werpt Gods Woord op de kinderen der gemeente? Duidelijk leert ons dat Woord: Wie zal een reine geven uit een onreine? Niet een. De kinderen dus worden in zonde ontvangen en in ongerechtigheid geboren (Ps. 51) en zijn dus kinderen des toorns, in Adam gevallen zondaren, vijanden van God, die bij het opwassen duidelijk openbaren hoe verdorven zij zijn. Let men op de vruchten, en Gods Woord verklaart ons alweer: „aan de vruchten zult gij ze kennen”, let men dus op de vruchten, dan zal de Christ, onderwijzer alras bespeuren dat Salomo’s woord waarheid is: „de dwaasheid is in het hart des jongen gebonden”; dan zal hij zien dat zijn leerlingen slechts zoeken wat de ijdelheid van hun jeugdig maar tevens diep bedorven hart begeert. Hij beschouwe ze dus volgens dat Woord (tenzij er vruchten van bekeering openbaar worden) als kinderen des vleesches, als onwedergeborenen, voor wie het woord geldt, zoowel als voor den godsdienstig opgevoeden Nicodemus: Zoo iemand niet wederom geboren wordt, hij zal het koninkrijk Gods niet zien.
Nu geeft echter Gods Woord nog meer licht over die kinderen. Het wijst er op dat die kinderen in eene verbondsbetrekking tot God staan, waarom zij dan ook in den H. Doop het teeken en zegel des Verbonds ontvingen.
Dit wil na weer niet zeggen dat ze als wedergeboren beschouwd moeten worden, integendeel, het wil zeggen dat zij ten duurste verplicht zijn den God hun Doops te zoeken, lief te hebben en te vreezen. God zegt tot Israël, het oude Bondsvolk: Gij hebt Mijne kinderen door het vuur doen doorgaan. De kinderen der gemeente, zegt de Heere dus, zijn Mijne, dat wil zeggen: komen Mij toe, zijn verplicht Mij te dienen, liggen onder de Verbondsroeping en verplichting: Geef Mij uw hart. In datzelfde licht beschouwen ook onze belijdenisschriften de kinderen der gemeente. Ons doopsformulier wijst eerst op den ellendestaat waarin zij liggen en zegt: dat wij met onze kinderen in zonden ontvangen en geboren worden en daarom kinderen des toorns zijn, zoodat wij in het rijk Gods niet mogen komen tenzij wij van nieuws geboren worden.
Ten tweede worden wij in dat formulier gewezen op de beloften, welke een Drieeenig God daar doet aan de kinderen, en eindelijk op den eisch des Heeren, waar deze kinderen door den Doop verplicht zijn tot eene nieuwe gehoorzaamheid, n. l. God Drieeenig lief te hebben van ganscher harte, enz. Volgens het licht dat de H. S. en de belijdenis geeft, beschouwe de leeraar bij het catechetisch onderwijs, de onderwijzer op de school en de ouder bij de opvoeding in huis de kinderen dus niet als wedergeboren, waardoor de kinderen op een jammerlijken zandgrond voor de eeuwigheid worden geplaatst, maar als kinderen des toorns, als vijanden Gods, maar aan wie God nog toezegt hun God te willen zijn onder den eisch van geloof en bekeering, welke genadegaven God zelf alleen werken kan. Dit moet dus de kinderen aanzetten tot aanhoudend gebed dat God zelf in hen werke wat Hij van hen eischt. De leer dat de kinderen als wedergeborenen moeten beschouwd worden en nu uit kracht van die onderstelde wedergeboorte de roeping hebben zich te bekeeren, maakt farizeën en bedriegt de zielen, waar hun vrede, vrede en geen gevaar wordt toegeroepen; de leer onzer vaderen, welke van geen onderstelde wedergeboorte wilden weten, bepaalt de kinderen bij hun rampzaligen toestand in Adam eenerzijds en bij hun roeping anderzijds en heeft onder den zegen des Heeren menig kind met smeeking en zieleworsteling bij het gezicht van zijn jammerlijken staat van nature tot den troon der genade doen vluchten. Heeft onze vrager de vroegere exemplaren nog waarin wij schreven over „In Christus geheiligd”, hij zie ze dan maar eens na, aangezien wij thans kort moesten zijn. Wij wenschen hem tevens die genade en vrijmoedigheid toe dat hij in zijne school de kinderen maar gedurig wijze op de noodzakelijkheid der wedergeboorte en den diepen ellendestaat waarin wij van nature liggen, wars van alle onderstellingen en Neo-Geroformeerde dwalingen. Zulk Christelijk onderwijs wil de Heere zegenen.
P.J:M. de Bruin

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 januari 1904

De Wekker | 4 Pagina's

Vragenbus

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 januari 1904

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken