Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Doop en Wedergeboorte - XXIX

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Doop en Wedergeboorte - XXIX

5 minuten leestijd

Tegenover de Remonstranten hebben dus onze Geref. Theologen de uitdrukking onmiddellijke wedergeboorte gebruikt. Maar zij deed bij de Gereformeerden in vroeger dagen nooit dienst, zegt prof. Bavinck (B. en W. pag. 75) „om het genademiddel des Woords van de wedergeboorte door den Heiligen Geest uit te sluiten. In de behandeling der heilsorde lieten zij allen zonder onderscheid de roeping aan de wedergeboorte voorafgaan. Op dit punt stemmen zij allen met elkander overeen, en het feit is voor geen tegenspraak vatbaar, dat alle Gereformeerde Belijdenisschriften en evenzoo alle Gereformeerde theologen bij de uiteenzetting van de orde des heils beginnen met de roeping en daarna tot de wedergeboorte (ook in engeren zin) overgaan.”
Op grond van deze wetenschap, die toch ook de Utrechtsche Synode niet vreemd was, had zij immers veel beslister kunnen en moeten spreken dan zij nu deed. Zij had als haar gevoelen moeten uitspreken, dat het niet geoorloofd is te leeren, dat de wedergeboorte in de orde des heils aan de roeping voorafgaat, en dat het on gereformeerd is te zeggen, dat God geen dooden, maar reeds levend gemaakten roept, om reden dat dooden niet hooren kunnen. En juist dat besliste, dat gespierde, dat u telkens in de Belijdenisschriften onzer vaderen bekoort, dat in alles zoo met Gods Woord overeenkomende, mist men zoo in deze conclusie van de Utrechtsche Synode. Want wel erkent zij: dat deze wederbarende werking des Heiligen Geestes echter niet in dien zin mag los gemaakt worden van de prediking des Woords, alsof beiden van elkander gescheiden zouden zijn, maar daarop volgt een weinig verder dat de Synode niet betwist, dat God machtig is ook buiten de prediking des Woords om, mat name in de heidenwereld, degenen die Hij wil, tot de wedergeboorte te brengen. Dus waar ze eerst belijdt, dat bij de volwassenen de wederbarende werking des Heiligen Geestes de prediking des Evangelies vergezelt, daar erkent ze hier, dat de Heere machtig is het ook buiten de prediking des Woords om te doen en dat tegen het nadrukkelijk getuigenis der Heilige Schrift in, die zegt, dat het geloof uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods is. Het is niet de vraag, wat God kan — wie zal dat kunnen bepalen? maar het is de vraag, wat God wil. En dat kunnen wij weten uit Zijn Woord, dat de openbaring van Zijn wil bevat. Daarin heeft Hij ons niet gezegd wat Hij kan doen, maar wat Hij wil doen: en niet aan Gods kunnen, maar aan Gods willen hebben wij menschen ons ie houden. Wij mogen niet zeggen: dat kan de Heere wel doen, maar wij moeten onderzoeken of de Heere dat wil doen. En bij dat onderzoek moeten wij ons door niets anders laten leiden dan door Zijn Woord. En waar staat het dan met één letter in de Schrift vermeld, dat God doen wil, wat de Synode van Utrecht gezegd heeft, dat God doen kan. Waar staat het dan, dat God de Heidenen zonder de prediking des Evangelies wederbaren zal. Is deze stelling niet lijnrecht in strijd met den geopenbaarden wil van God? Werd Jona niet naar Ninevé gezonden om deze stad te vermanen tot bekeering. Heeft Jezus niet tot Zijne discipelen gezegd: Gaat henen, onderwijst alle volken, dezelve doopende in den naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes. Heeft de geschiedenis ons ooit verhaald dat men ergens Christenen vond voordat er het evangelie gepredikt was? En men kan bij de Heidenen niet spreken van de kinderen, d.w.z. dat er onzes inziens geen onderscheid kan en mag worden gemaakt tusschen heidenkinderen en heidenouders, al zijn er ook Gereformeerde theologen geweest, die hier een onderscheid aannamen. En waar de Heere nu ook gewild had wat de Synode van Utrecht gezegd heeft dat Hij kan, zouden daar de bewijzen toch wel eens in den loop der eeuwen openbaar geworden zijn in de Heidenwereld. Maar doorgaande regel is, dat onze zendelingen hunne voeten zetten in een vijandig land en dat zij in plaats van ook maar eenige medewerking te ondervinden, van stonden aan stuiten op allerlei verzet. Jaren moet er geploegd worden als op rotsen en gezaaid worden met tranen, alvorens er eenige vrucht wordt aanschouwd.
De Synode heeft dit zelf ook wel gevoeld, want onmiddellijk daarop neemt zij met de andere hand terug wat zij met de eerste gegeven had. Zij zegt: dat wij op grond van Gods Woord over de vraag of dit ook werkelijk geschiedt, geen uitspraak kunnen doen en daarom ons te houden hebben aan den regel, welken het geopenbaarde Woord ons geeft, en de verborgene dingen hebben over te laten aan den Heere onzen God. Maar waarom er dan niet een uitspraak over gedaan? Waarom zijdelings het gevoelen gesteund van hen die dit niet alleen met het oog op de heidenwereld leeren, maar die als regel willen gesteld zien, wat hoogstens als uitzondering mag worden toegelaten? Waarom op grond van de Schrift dan het gevoelen van Dr. A. Kuyper hier niet ridderlijk veroordeeld, die er wel een uitspraak over doet op grond van de Schrift? Een van beide dus: de Synode dwaalt of Dr. Kuyper dwaalt, en indien de Synode niet dwaalt, had zij den zedelijken moed moeten hebben om in dezen naar den Woorde Gods te handelen en het gevoelen van Ds. Kuyper als een dwaalgevoelen te verwerpen.

Dit artikel werd u aangeboden door: De Wekker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1908

De Wekker | 4 Pagina's

Doop en Wedergeboorte - XXIX

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1908

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken