Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De geschiedenis der Doleantie (34)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De geschiedenis der Doleantie (34)

Hoofdstuk II

5 minuten leestijd

Want daarmede kreeg hij de massa op zijn hand, door zich als een vriend en bondgenoot der kerkelijke Democraten te openbaren en hun een weg aan te wijzen waarop zij de vervulling hunner wenschen en de ver wezenlijking hunner idealen met grond konden verwachten, ja door hem zelf op dien weg voor te gaan zag hij weldra zijn gelederen vertiendubbelen. Ja het waren juist de beste christenen waaruit het democratische beginsel het sterkste sprak „want het christendom is democratisch.... Bijna geheel Jezus omgeving is uit de kleine burgerij Hij zelf is door banden van maagschap aan den democratisch en stand verbonden. Zoo weinig verwacht hij het van de rijken, dat hij eer een kameel door het oog eener naald ziet gaan, dan een rijke in het Koninkrijk der hemelen. De mannen van hooger stand met wie hij in aanraking komt, zijn meestal schuchter en vreesachtig: zijn apostelen zijn allen mannen van democratischen oorsprong en democratisch karakter en waar zijn gemeente voor het eerst in beeld gebracht zal worden, zijn het voor Jezus de kreupelen, kranken, blinden en armen en voor zijn apostelen de onaanzienlijke, de onedele, de geringe en niets beduidende lieden die haar kern en haar kracht vormen. Schier alle degelijke beweging in Jezus kerk is uit diezelfde kringen voortgekomen (Confidendie). Jezus gevoelt dat zulke taal inslaan moest. Vooral nu het volk op de meeste plaatsen zichzelven geworden was. En wanneer het zichzelven geworden [is dan wil het zichzelven zijn, hoewel het zichzelven niet kan wezen.
't Moet altijd geleid worden. Maar zij die de behoeften van het volk het best weten te vertolken en hunne wenschen het overvloedigst beloven te vervullen, dat zijn de leidslieden. Die verkrijgen heerschappij over het volk en leiden het waarheen zij willen. 't Mag niet anders ontkend dat Dr. Kuyper deze gave op een bijzondere wijze bezit en dat hij haar ook op een bijzondere wijze aan de verwezenlijking van zijn idealen heeft dienstbaar gemaakt. Maar destijds bestonden er tegen de vervulling van deze wenschen n.l. van reformeeren en democratiseeren zeer ernstige bezwaren. „Het Staatscreatuur van 1816”, zegt hij is voorshands nog een ernstig beletsel Men is op dit oogenblik niet vrij en kan het niet worden. De kerkorde belet u Gereformeerd te zijn en Gereformeerd te leven en doet de strooming van don democratisch en geest in het enghartigste clericalisme verzanden. Te verhelpen is dit euvel niet, tenzij men breke met de valsche eenheid, en het onheilig fantoom der volkskerk van de erve der Gemeente verdrijve. Handhaaf de eenheid en in wat manier ge ook reorganiseert, steeds zal er een winnende meerderheid en een met wrok en bitterheid bukkende minderheid zijn. Bij vasthouding aan de valsche bekoring door hei massale der volkskerk uitgeoefend komen wij tot de waarachtige vrijheid nooit. (Wij cursiveeren).
Ieder gevoelt hier waarom het bij Dr. Kuyper gaat. 't Gaat om de vrije kerk ten koste van de volkskerk. De volkskerk, waar nog heden ten dage de Confessioneelen zoo hoog mee loopen, is in haar oorsprong uit Rome, zegt Dr. Kuyper. Rome heeft van de Christelijke Gemeente een Volkskerk gemaakt Onze Gereformeerde Kerk is oorspronkelijk het tegendeel van een Volkskerk geweest en eerst door Staatsche ontaarding geworden, wat de onhistorische lofredenaar thans in haar roemt. Een volkskerk is tegen de analogie des geloofs en weerspreekt de groote tegenstelling tusschen Christus en de wereld die van Gen. 3 tot Openb. 19 de hoofdgedachte der H. Schrift vormt. De Volkskerk heeft dan ook nimmer gebloeid. Wat er grootsch uit de gemeente geboren werd, kwam baars ondanks, ten spijt van haar loome traagheid tot stand. (Confidentie). De vrijmaking der kerk was dus het ideaal naar welks verwerkelijking Dr. Kruyper van af het jaar 1867 ging streven. Wel blijkt uit alles, dat de weg waarin dit moet geschieden hem nog niet duidelijk voor den geest staat, maar dit ziet hij duidelijk, dat de organisatie van 1816 hem daarin een onoverkomelijke hinderpaal is. Hoe die organisatie opzij gezet kan worden, had hij zich destijds nog niet ingedacht. Aan de goederen hechtte hij geen overdreven waarde maar dat het op den duur tusschen hem en de organisatie tot een breuk moest komen, was duidelijk. Daartoe zou de beweging, die hij zelf thans in het leven riep en waarin hij langzamerhand het vuur van den hartstocht begon aan te blazen, te machtig worden. Het democratisch karakter van het christendom en de kerk door Dr. Kuyper met zoo veel talent verdedigd en bepleit, zou bij die democraten ontaarden in een onheiligen ijver, een ijver van Jehu, die ze onder de leuze „voor God en zijne eere” op echt revolutionaire wijze zich doen optrekken tegen de machten waaronder zij zich vrijwillig hadden gesteld. Juist in dat democratisch karakter der kerk, zoo als Dr, Kuyper die speculatief met het oog op de massa bepleit had, waren de kiemen verborgen van alle revolutionaire en anarchistische tooneelen waaraan de jaren 86/87 zoo rijk geweest zijn. Wij gelooven niet aan het democratisch karakter van het christendom en van de kerk zooals Dr. Kuyper dit heeft uiteengezet en wij kunnen verstaan al keuren wij het niet goed, dat een man als Dr. Vos die alles van nabij gezien en doorleefd had durfde schrijven dat niet de mond van God, maar de mond van Satan hem dit ingegeven had. De christelijke democratie die Dr. Kuyper geleerd heeft, droeg een revolutionair karakter en de democratie van het christendom schrijft als eerste artikel in haar banier: „Alle ziel zij den machten over haar gesteld onderworpen want daar is geen macht dan van God en de machten die daar zijn, die zijn van God geordineerd”. De democratie van het christendom en de democratie die Dr. Kuyper aan het christendom ontleent, hebben niets met elkander gemeen, en toch. zou de laatste over de eerste triumpheeren.

L. (Leiden) J.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1912

De Wekker | 4 Pagina's

De geschiedenis der Doleantie (34)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1912

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken