Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gewapend in den strijd

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Gewapend in den strijd

10 minuten leestijd

„Doet aan de geheele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige omleidingen des duivels.” Efeze 6:11

De geweldige oorlog thans in den Balkan gevoerd, doet alom van zich spreken. Ieder vraagt al eens op zijne beurt: wat zal het einde daarvan zijn? Hoe vreeselijk echter deze oorlog, die de aarde dronken maakt van al het kostelijk menschenbloed dat zij indrinkt en van die tranenzee, welke baar bodem doorweekt, de geestelijke strijd welke op deze,aarde wordt gestreden, in den strijd tusschen de duisternis en het Jicht, van het rijk des Satans tegen het rijk van Christus, is van nog zooveel vreeselijker aard, oorsprong en gevolgen. Aan het slot van zijn brief aan de Efeziërs, wijst Paulus op dien strijd, waartoe alle geloovigen, als onderdanen van Christus worden geroepen. Na het dierbaar en heerlijk onderwijs in dezen brief gegeven, begint de apostel zijn brief te besluiten, met een opwekkend woord.
‘t Is alsof we een krijgsoverste zijn soldaten die in ‘t vuur moeten nog een laatste woord van waarschuwing, van troost en bemoediging hooren toespreken. »Voorts, mijne broeders! zoo roept Paulus in zijn brief der gemeente toe, wordt krachtig in den Heere, en in de sterkte zijner macht. Om overwinnaars te worden in den strijd, zal het onder meer, op kracht en moed, zoowel als op dapperheid en goed beleid aankomen. De macht van den vijand kan zoo licht onderschat worden. Het is een machtige, een gewapende, een wreede vijand, waartegen den strijd moet worden aangebonden. Daarom is de apostolische opwekking en vermaning van zoo groote beteekenis, om aan te doen de geheele wapenrusting Gods. Ongewapend ten strijde te willen trekken is geheel tegen de ordonnantie Gods. Halt gewapend, daar pleit ook niets voor. Alleen gewapend van het hoofd tot de voeten, gewapend met de geheele wapenrusting Gods, dan, maar ook dan alleen zal het mogelijk zijn, in de kracht des Heeren te strijden en te overwinnen. Dan zal het mogelijk zijn te staan, tegen, maar anderen vallen, van wegen de listige omleidingen des duivels. Met dergelijke beeldspraak, spreekt Paulus gedurig tot de gemeente. De apostel denkt daarbij dan ongetwijfeld aan al dien strijd en aan die worstelingen in dit leven, waar Paulus als in een zinnebeeld ook den geestelijken strijd zag afgebeeld.
Trouwens de Schrift “is er vol van, en wijst er gedurig op, dat het leven van den Christen, een leven is, gelijk aan dat van loopers in de loopbaan, waar men loopt om een prijs. Aangedreven door den Heiligen Geest, wekken de heilige Schrijvers steeds op, om te strijden den goeden strijd des geloofs. Paulus kende het leven in zijn geheele werkelijkheid. Hij kende ook door eigen ervaring de macht en de listen van den Vorst der duisternis. Hij, de gezant van Christus, in een keten, zag de macht der vijanden aangroeien, de vervolging tegen de gemeente Gods uitbreiden, Hij zag donkere wolken samenpakken, dreigend en onheilspellend voor bet erfdeel Gods. Van nabij had de apostel zoo menige geestelijke schipbreuk gadegeslagen, zoovelen afvallig zien worden in de ure der verzoeking. In vredestijd kan ieder soldaat en officier zijn, maar in oorlogstijd leert men het gehalte van de manschap kennen. Het is dan ook geen lichtvaardig advies, het is nog veel minder een gansch ongemotiveerd bevel, hetwelk Paulus zeggen doet tot de gemeente: Doet aan de geheele wapenrusting Gods. Neen, maar in verband met al de vaderlijke en apostolische vermaningen welke daaraan voorafgaan, doet de apostel hierbij uitkomen hoe ernstig het leven is, waarbij een strijd moet gevoerd” op leven en dood. Daarvan ten volle bewust, beantwoordt Paulus hier de vraag, hoe men zich in en onder dat alles heeft aan te stellen en te gedragen, zal men Gode welbehagelijk zijn, en op een gewenschte uitkomst kunnen en mogen hopen. Dwaas zou het zijn, hierbij te steunen op eigen kracht en gaven. Dwaas zou het zijn te denken, het zal in dezen strijd zoo hoog niet uitgaan. In het volgende vers wordt nader omschreven, hoe ernstig de strijd, hoe machtig de vijanden en hoe vreeselijk, onder de toelating des Heeren, de pogingen zijn, welke steeds aangewend worden, om het werk Gods te verderven en tegen te staan. Met de „wapenrusting Gods”, bedoelt de apostel dan ook geheel wat anders dan dingen, die louter van menschelijken oorsprong zijn. De strijd, waar het over gaat is een geestelijke strijd en in dien geestelijken strijd, kan men alleen met geestelijke wapenen overwinnen.
De wapenrusting Gods, in vs. 14—17 nader omschreven, doet ons denken aan krijgsknechten, die met meer dan één wapen zijn uitgerust. Voorzien met de geheele wapenrusting Gods, zijt ge gewapend van het hoofd tot de voeten. Dan zijt ge geharnast, zoodat de pijlen des vijands u niet doodelijk kunnen treffen. Het zwaard des Geestes is uw verdedigingswapen, maar, mits ge dit wapen goed weet te handteeren. ledere vijand zal het voor u moeten afleggen. De bedekking van uw borst, de omgording uwer lenden, de vaardigheid uwer voeten, in één woord, met geheel de wapenrusting Gods toegerust, wordt ge een onoverwinbare held. In den oorlog dient er mee gerekend, dat de vijand zich van allerlei listen bedient. Slaagt het ééne niet, dan wordt het andere beproefd. Het kan ook gebeuren, dat ge u als een vesting van alle kanten ingesloten ziet. Om nu op alles voorbereid te zijn, en op geen enkele wijze verrast of overvallen te kunnen worden is het onmisbaar, voorzien te zijn van de geheele wapenrusting Gods. Deze wapenrusting is niet van menschelijke vinding. Het zijn de wapens, waarmede de Heere zijn geheiligd krijgsvolk toerust. Die wapens zijn alle van onberekenbare kracht. Daar heeft de vijand boog en schild, en vurige pijlen op verspild.
Zoo menigmaal gebeurt het, dat het schijnt de vijand zal het winnen, om dan op een oogenblik juist het tegenovergestelde te zien. Zooveel vuren heeft de vijand nooit kunnen stoken, zooveel moordschavotten heeft hij nooit kunnen oprichten, dat Gods overblijfsel vernietigd kan worden. O neen! steeds was het bloed der martelaren het zaad der kerk. En in het persoonlijk leven? Ach, wat kan de strijd met ééne ziel, hoog uitgaan. Wat kunnen de strikken fijn gespannen, — wat kunnen de omleidingen des duivels door zeldzame listigheid zich kenmerken.
Als bijvoorbeeld Satan zelf zich als een engel des lichts verandert. Zoo “heeft iemand eens zeer terecht gezegd: om zoowel witte als zwarte duivels te kennen is heel wat oordeel van onderscheiding noodig. Waar het maar louter tegenspraak van de waarheid is, kan dit wel gemakkelijk worden ontdekt, maar niet zoo gemakkelijk is dit, als men met menschen, die ook als Satans engelen dienst doen, te doen heeft. Zulke menschen, die als Bileam schoone woorden spreken, en als Judas een tijd lang Jezus volgen, alsof ze nog zulke welgemeende discipelen zijn.
Door Gods heilig Woord op allerlei wijze te verkrachten, te verminken en te verdraaien, worden nog alle dagen, duizende zielen bedrogen en verleid voor de eeuwigheid. Allertreurigst is het zelfs, dat er nog zooveel belijders van het evangelie afkeerig zich betoonen van te doen, waar de apostel bier met zooveel nadruk toe aandringt. Men wil wel krachtig zijn in den Heere en in de sterkte zijner macht, maar zonder aan te doen de geheele wapenrusting Gods.
De Heere wil als de Koning al Zijn volk toerusten en hen van al het noodige voorzien. Daartoe zijn Zijne schatkameren rijk voorzien. Hij deelt, wat nog meer zegt, Zijn volk de wapens uit, maar dan komt het verder op het gebruik maken van die wapens aan. Daartoe behooren al de middelen te worden gebruikt en de ordonnantiên te worden gevolgd door den Koning Zijnen onderdanen voorgeschreven. Geschiedt dit niet, dan is men gelijk aan een soldaat, die wel een volle wapenrusting bezit, maar deze, in plaats van die aan te trekken, zich daarmee te wapenen, en zoo zich gereed te houden op elke vijandelijke onderneming, nu zonder zijn wapenrusting gaat slapen. Zooveel treurige toestanden zijn juist hieruit te verklaren, dat er zooveel geestelijke slapheid en zwakheid is. Er zooveel doorvlooien, zooveel wereldgezindheid openbaart zich. Er is zoo weinig ijver en oprechte belangstelling omtrent de dingen van het koningrijk Gods. Verklaarbaar is dit alles wel, maar verschoonbaar is het nooit. Bekommerd zijn over de vraag, ben ik wel wedergeboren, zoolang de volkomen zekerheid daartoe ontbreekt is goed. Het is beter dan zorgeloosheid en valsche gerustheid, maar de vraag of er ook opwassen en toenemen bij ons is, in de genade en de kennis van onzen Heere Jezus Christus, en van een leven in de heiligmaking en in de vreeze Gods, is ook niet weg te denken. Alle onverschilligheid in zake de wapenrusting Gods, bewijst dat men het gevaar dat dreigt niet ziet, dat men de macht des vijands onderschat, en dat men zich niet levendig bewust is van eigen zwakheid en nietigheid.
Hoe leeren ons de voorbeelden van vele Bijbelheiligen als David, Hiskia, Simon Petrus en anderen, dat we in eigen kracht niet bestand zijn tegen de listige omleidingen des duivels, ‘t Is maar niet voor een enkel oogenblik maar het is uw leven lang, dat men het op uw verderf en ondergang heeft aangelegd. Is het Christus de Heere zelve niet, die gezegd heeft, dat de poort eng en de weg smal is tot het eeuwige leven.
Men vergete hierbij niet, dat van de geheele wapenrusting Gods geen enkel stuk kan worden gemist. Als een geoefend strijder, bespiedt de vijand, waar de zwakste punten zijn. In den boozen dag zoekt hij zijn slag te slaan. Tot den boozen dag behoort, elke verzoeking, waarmee de Vorst der duisternis zijn aanvallen doet. Wat is er dan, van ‘s menschen zijde gezien, maar weinig noodig om den mensch, ook den wedergeboren mensch tot zonde te verleiden. Er staat niet te . vergeefs geschreven: die meent te staan, ziet toe, dat hij niet valle. Een booze dag is het, als er een algemeene vervolging der Christenen, maar ook als er een algemeene afval begint te komen. Er is een booze dag, als er valsche leeraars zijn, die het volk verleiden ea de godsdienst in hoofdzaak vorm gaat worden, ja dan een booze dag, als men zelfs spotten durft met de ontdekkende werkingen van den Heiligen Geest. Die woorden, „den boozen dag”, waar de apostel in vs. 13 op doelt, zijn van zulk een wijd begrip. Hoe dieper ge dit alles weet in te denken, hoe beter ge de kracht zult verstaan van dat zoo heilrijke woord der apostolische opwekking: Doet aan de geheele wapenrusting Gods. Dat vereischt oefening en gebed. Daartoe is noodig zelfverloochening, geloof, liefde, een levende hoop, gelijk de apostel dit zelf breedvoerig omschrijft. Aldus geoefend in genade, in kennis, in geloot, in heiligmaking, zal blijken, de waarheid van bet woord: wederstaat den duivel en hij zal van u vlieden. Op uw knieën, als een Jakob met uw God geworsteld, zult ge ervaren, dat het Israels God is, die krachten geeft, van wien het volk zijn sterkte heeft.
In de wapenrusting Gods, kenmerken zich de ware onderdanen van Koning Jezus. In die wapenrusting zich openbarend, zal iedere vijand het voor U moeten afleggen. Dit zijn de bewijzen uwer werkzaamheid, dat gij biddende en werkende, uw hulp alleen van den Heere verwacht. En met de gansche wapenrusting Gods toegerust tot den strijd, kunt ge met alle oprechten door het geloof reeds nu zeggen: Maar in allen dezen, zijn wij meer dan overwinnaars, door Hem, die ons heeft liefgehad.

„Gij Heer alleen Gij zijt.
Verwinnaar in den strijd,
En geeft Uw volk den zegen.”

Dit artikel werd u aangeboden door: De Wekker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 1912

De Wekker | 4 Pagina's

Gewapend in den strijd

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 1912

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken