Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Staatspensioen!…Of niet? (2)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Staatspensioen!…Of niet? (2)

5 minuten leestijd

Beste Vriend!

Zooals ik je de vorige maal hebt beloofd, ga ik je nu eens wat meedeelen over de zoo veel besproken Invaliditeitswet zelve.
Nadat reeds langen tijd te voren de wet bij de Regeering aanhangig was gemaakt, werd, kort na de opening der Tweede Kamer, September 1912, met de artikelsgewijze behandeling aangevangen, echter niet eerder dan na wekenlang gepraat over de Algemeene Beschouwingen. Eerst 28 Februari was de geheele wet — niet minder dan 411 artikelen bevattend, — afgehandeld; den 3en Maart d.a v. in ons Lagerhuis aangenomen met 54 tegen 35 stemmen (Rechts tegen Links) en den 3en Juni van dit jaar werd de wet in het Staatsblad afgekondigd.
De twee artikelen die in onze dagen het meest de aandacht vragen zijn artt. 369 en 370. Van beiden wil ik een gedeelte hier laten volgen.
Art. 369 dan luidt bij den aanhef:
„Hij, die bij het in werking treden van dit artikel den leeftijd van 70 jaren heeft bereikt of overschreden, heeft recht op een rente, indien hij aannemelijk maakt, dat hij in het tijdvak van 10 jaren, dat onmiddelijk voorafgaat aan het in werking treden van dit artikel of aan de vervulling van zijn zeventigste jaar tezamen gedurende minstens 156 weken in de termen van de verzekeringsplicht zou zijn gevallen….” enz.
En art. 370 zegt o.m.:
"Indien art. 369 in werking treedt vóór art. 31, zijn de bepalingen van eerstgenoemd artikel van toepassing op hem die na het in werking treden van dat artikel, doch vóór of bij het inwerking treden van art, 31 den leeftijd van zeventig jaren heeft bereikt….” enz.
Artikel 369 dus handelt over personen die op 3 December 1913 70 jaar zijn of ouder, terwijl art. 370 bestemd is voor hen die nà 3 December 1913 maar vóór 3 December 1916 75 jaar worden.
Eerst iets over art. 369.
Uit artikel treedt in werking — zooals reeds gezegd — 3 December aanstaande, en geeft aan personen (mannen zoowel als vrouwen) die op dien dag den leeftijd van 70 jaar hebben bereikt, behoudens de voorwaarden, recht op eene rente, welke wekelijks, (voor de eerste maal op 9 December a s.) ten postkantore zal worden uitbetaald.
Zooals je weet was aanvankelijk bepaald — en in art. 31 der wet dan ook vastgelegd — dat 3 jaar na afkondiging de wet zou in werking treden, dus eerst in 1916. Degenen die nu den bepaalden leeftijd bereikt hadden, zouden dus nog 3 jaren hebben moeten wachten alvorens steun te ontvangen en om dit te voorkomen werd art. 369 als overgangsbepaling ingelascht, waar straks een honderd-duizendtal personen wekelijks de rente kunnen halen.
Om echter daarvoor in aanmerking te komen moet aan eenige voorwaarden worden voldaan, mede bepaald in art. 369.
Allereerst dan moet de(n) aanvrager vóór of op 3 December 1913 zeventig jaar of ouder zijn. Daarna moet door hem aannemelijk worden gemaakt dat hij; òf gedurende zijn 60e tot 70e levensjaar òf gedurende de laatste 10 jaar (dus van 3 December 1903 tot 3 December 1913) gedurende minstens 156 weken in loondienst is geweest, vervolgens mag aanvrager niet in de Vermogensbelasting zijn aangeslagen; eindelijk moet hij de laatste 5 jaar in Nederland hebben gewoond, en ten slotte, aanvrager mag gedurende opgemeld tijdvak niet meer dan f 1200.— per jaar hebben verdiend.
Zooals je ziet, mijn waarde, nog al heel wat verplichtingen, maar geen van allen is van ingrijpenden aard.
Wat voorwaarde nommer één betreft (den leeftijd) daartoe is noodig dat bij de aanvrage wordt overgelegd een geboorteakte (géén geboortebewijs).
En misschien begrijp je het, reeds hier beginnen de eigenaardigheden waarvan ik in mijn vorig schrijven sprak.
Wat toch leerde de ervaring?
Je zult ’t niet gelooven en toch is ’t maar al te waar, dat het overgroote gedeelte van de armste bevolking van ons land niet weet waar en wanneer ze geboren is. Eén sprekend feit wil ik je daarvan meedeelen.
Een arm, erg arm vrouwtje, 83 jaar, gebrekkig en schamel gekleed wenschte ook, zooals ze het noemde: „in meheers gunst” te staan.
„Hoe is uw naam ?” werd haar gevraagd. ………….(volgt de familienaam),
„En uw voornaam?
„Dat weet ik niet goed, ’k geloof Sientje!”
„Zoo, en hoe oud is u?
„Ja, dat weet ik. niet, zooiets van even 80.
„Weet u ook waar u geboren is?”
„Neen, ook dat weet ik niet, maar ik zal ’t mijn broer vragen.”
’t Vrouwtje ging heen; ze zou ’t vragen, maar haar broer wist ’t evenmin. Met tranen in de oogen kwam ze ’t vertellen, want haar was reeds gezegd dat ze zeker niet in aanmerking kwam wanneer ze zelfs dat niet wist.
En dat is ook zoo!
De Commissie, die over de aanvragen beslist eischt nu eenmaal — en zeer terecht — een geboorteakte.
En je vraagt hoe ’t met die vrouw is afgeloopen? ’k Wil ’t je wel even vertellen. Na lang informeeren en zoeken en vragen kwam men tot de wetenschap waar en wanneer ze gedoopt was, nl. bij de Orde der Karmelieten in Gent (België) en zoo heeft men eenig nader licht kunnen ontsteken over haar geboorte.
Dit, mijn waarde is één feit, en zoo zijn er zoovelen.
Wat de tweede voorwaarde betreft, nl, de te verrichten loondienst, daarover D.V. een volgende maal.
Met velen groeten,

Je vriendJOHANNES”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 november 1913

De Wekker | 4 Pagina's

Staatspensioen!…Of niet? (2)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 november 1913

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken