Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kerk en Staat

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kerk en Staat

7 minuten leestijd

Nieuwe verwikkelingen en gevolg daarvan grooter uitbreiding van den oorlog. Ziedaar de korte samenvatting van den toestand, zooals hij zich in deze oogenblikken voor ons afteekent. Het machtige Duitsch-Oostenrijksche offensief tegen Rusland heeft wel het Oostelijke front honderden mijlen verplaatst en een aantal vestingen in Duitsche handen gebracht, maar de omsingeling der Russische legers is niet bereikt. Telkens wisten deze op eene voor ons vaak onbegrijpelijke wijze te ontkomen en de omtrekkende beweging der Duitschers te verijdelen. Dat dit op een langzame uitputting van het Duitsch-Oostenrijksche offensief moeit uitloopen, was voor ieder duidelijk. Het zijn juist de omvattingspogingen, die de hoogste inspanning van een leger eischen, zoodat waar deze mislukken en noodzakelijker wijze een sterke reactie moet intreden, waardoor een leger tijdelijk tot werkeloosheid gedoemd wordt. Wij hebben dit duidelijk op het Oostelijke front kunnen waarnemen. Langzaam nam het Duitsch-Oostenrijksche offensief af. De val van Riga en Dunaburg bleef uit en gevolg was, dat de Russen zelfs hier en daar tijdelijk tot het offensief konden overgaan, dikwijls niet zonder succes.
Toch geloof ik, dat op het oostelijke front slechts een tijdelijke stilstand is ingetreden. Er zijn gansch nieuwe dingen op til. Niet alleen, dat de geallieerden een met veel zorg voorbere de poging tot doorbreking van het Westelijke front ondernomen hebben, maar de Balkan komt in actie en binnen weinige dagen breekt ook daar de oorlogsbrand uit. De poging tot doorbreking is mislukt. Voor de tweede versterkte linie der Duitschers is zij ineengezakt en in haar eigen bloed gesmoord, Vreeselijk, vreeselijk, als men verneemt, dat er van de zijde der Franschen niet minder dan honderdduizend bij gevallen zijn. Op sommige plaatsen lagen de lijken zoo hoog, dat de levenden zich achter de dooden verborgen. Of er nog een tweede poging van die zijde ondernomen worden zal? ’t Zal wel moeten, want de toestanden worden hoe langer hoe ernstiger voor beide partijen door de gebeurtenissen in den Balkan, de heksenketel van Europa, broeinest van allerlei staatkundige woelingen en intriges, het worstelperk van de Europeesche diplomatie, waar men onafgebroken bozig is elkander een vlieg af te vangen. ’t Begon met de oorlogsverklaring van Engeland aan Turkije, dat daardoor aan de zijde van Duitschland kwam en de Dardannellen-kwestie op het tapijt bracht. Wij hebben er toen reeds op gewezen, dat daardoor het gevaar grooter geworden was, dat de geheele Balkan in dezen oorlog zou betrokken worden. Want het was duidelijk, dat ieder der oorlogvoerenden op zijn beurt zou trachten de overige Balkanstaten aan zijn zijde in dezen oorlog te sleepen.
En de Balkan zelf bood geschikt terrein voor diplomatiek gekonkel. Want de Balkan-Staten wantrouwen sedert den vrede van Boekarest elkander op de meeat ontzettende wijze. Vooral Bulgarije, dat bij dien vrede al de vruchten van zijn twee bloedige oorlogen moest afstaan, zon vanaf dat oogenblik op een bloedige wraak en de oorlogvoerenden wisten al te goed dat Bulgarije slechts op een gunstige gelegenheid wachtte zijn slag te slaan. Vandaar het diplomatieke steekspel, dat er te Sofia tusschen de gezanten der oorlogvoerenden eenige maanden achtereen onafgebroken gehouden is. Niemand kon hier vooruit zeggen wie de overwinning daarin zou wegdragen. Er waren hier zooveel onberekenbare factoren, dat niemand zich aan een voorspelling over den afloop durfde wagen. Wel gevoelde men hoe langer hoe meer dat de houding van Bulgarije van de grootste beteekenis voor het verdere verloop van den geheelen wereldoorlog worden zou. Vandaar dat de Entente mogendheden alles inspanden om Bulgarije aan hunne zijde te krijgen. Was hun dat gelukt, was Griekenland zonder twijfel gevolgd en Roemenië had wellicht spoedig zijn mystieke houding zelve opgeklaard. De houding van Bulgarije was beslissend voor de houding van den geheelen Batkan. En dan was de val van Konstantinopel en de forceering der Dardanellen maar een kwestie van tijd. Want de Turken, die hun handen aan de Dardanellen al meer dan vol hebben, konden de Bulgaren niet tegenover zich krijgen of zij waren verloren. Aanvankelijk had men in Londen en Parijs goede hope, dat Bulgarije (zij het dan niet dat het positief aan de zijde der Entente zou treden) op zijn minst dan toch een welwillende neutraliteit zou betoonen en in geen geval aan de zijde van Daitschland zou treden. Maar toen er sprake kwam dat Bulgarije en Turkije een overeenkomst mot elkander zouden sluiten, begon men in Londen te vreezen, dat Bulgarije met Duitschland zou meegaan. De pogingen van de zijde der Entente te Sofia werden verdubbeld. Verlokkende aanbiedingen werden Ferdinand van Bulgarije gedaan, gepaard met bedreigingen, wanneer hij ze afwezen zou.
’t Was een eindeloos geconfereer te Sofia, Petersburg en Londen. Maar in dien tusschentijd ging de Duitsche diplomatie stillekens haar weg. Men hoorde er niet veel van, alleen, dat er een paar van de knapste en handigste Duitsche diplomaten naar Konstantinopel waren vertrokken. Daar bewogen zij eerst de Turksche regeering om aan de Bulgaarsche wenschen tegemoet te komen, en toen zij dat klaar gespeeld hadden, wisten zij het met Bulgarije klaar te spelen, dat het zou mobiliseeren op denzelfden dag, waarop het verdrag zou onderteekend worden. Zoo geschiedde het. De Turksche afgevaardigden teekenden niet, voordat het Bulgaarsche mobilisatiebevel hun getoond was. Maar toen was Leiden in last, want toen begreep men èn te Londen èn te Petersburg, dat men het pleit op den Balkan verloren had. Een ultimatum van Rusland en een landing van Fransche en Engelsche troepen te Saloniki, was het antwoord der geallieerden op de mobliiisatie van Bulgarije. Wel een bewijs wat geduchten tegenslag deze mobilisatie voor hen was. Op dit oogenblik zijn de diplomatieke betrekkingen tusschen de geallieerden en Bulgarije verbroken. Wel is door geen der partijen de oorlog verklaard, maar de vraag is gewettigd, of dit formeel wel geschieden zal. Wij leven in een tijd, die zich van het formeele en het correcte zoowat niemendal aantrekt en het is derhalve best mogelijk dat Bulgarije plotseling Servië aanvalt. Door de landing te Saloniki is de neutraliteit van Griekenland op een zeer bedenkelijke wijze geschonden en uit de aftreding van het Grieksche ministerie blijkt wel dat de Koning en een gedeelte van het volk althans deze schending niet goed keuren.
Een andere vraag is echter of Griekenland het oprukken der geallieerden gewapenderhand zal beletten, waardoor het naast Bulgarije aan de zijde van Duitschland zou staan. Ik geloof het voorhands niet. Ik vermoed, dat Griekenland voorloopig zich onzijdig zal houden en eerst later zijn positieve houding zal bepalen. Het zal eerst eens willen zien, waar het thans heengaat en welke grootmachten het op den Balkan winnen, de verbondenen of de gealieerden, om zich dan aan te sluiten bij dengene die overwinnen. Hetzelfde verwacht ik van Roemenie. Roemenie zal thans niet voor Duitschland noch voor Rusland kiezen, maar wachten en kiezen wanneer de toekomst zich een weinig gaat afteekenen. Zoo staan wij stellig aan de vooravond van ontzaglijke gebeurtenissen. Voor de derde maal zal binnen een korte spanne tijds de oorlogsfakkel op den Balkan ontbranden; de oorlog komt thans in zijn meest verwoede faze, want ieder gevoelt, dat thans het heden en de toekomst van geheel Europa op het spel komt te staan. De ontwikkeling der gebeurtenissen op den Balkan zullen beslissend blijken voor het geheele verloop van deze ontzettende wereldgebeurtenis. En de partij, die het daar wint, wint het geheel, Wij genieten nog altijd vrede, maar of de toekomst voor ons er beter door wordt, geloof ik niet. Hoe grooter oorlog, hoe grooter gevaar. Dringe dat toch vooral tot ons door, opdat het gebed om den vrede vermenigvuldigd worde.

L. (Leiden) J.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 oktober 1915

De Wekker | 4 Pagina's

Kerk en Staat

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 oktober 1915

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken