Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Luther, Calvijn, de Cock en de Kerkhervorming (XXIV)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Luther, Calvijn, de Cock en de Kerkhervorming (XXIV)

4 minuten leestijd

En dit is de overwinning, die de wereld overwint, namelijk ons geloof. 1 Joh. 5:4b.

Is Calvijn geweest een supra-lapsarist? Deze vraag wensch ik nog even onder den aandacht van den lezer te brengen, wijl zij van actueele beteekenis is. Immers de theologische kwesties, die als Gereformeerd en Neo-Gereformeerd worden aangeduid, worden voor een niet gering gedeelte door 't antwoord op deze vraag beheerscht.
Dit antwoord is verre van eenstemmig. Er is een groote zoom onder de theologen die volmondig „ja” zeggen; er is een niet geringer aantal, die even sterk het „neen” volhouden. Allen, die Dr. Kuyper in zijn theologische denkwijze volgen, huldigen het supra-lapsarisme, en beroepen zich met voorliefde op Calvijn. „Wij, Calvinisten” is dan ook de leuze, welke zij schrijven in de theologische banier en dan wordt de supra-idee zoo hoog opgedreven, dat alle ketterijen, die de kerk hebben verdeeld, op rekening van het infra-lapsarisme worden gesteld. Dit is natuurlijk een zeer grove beschuldiging, die onze belijdenisschriften onteert, en een klap in 't aangezicht is van onze Gereformeerde vaderen. Maar wie het supra huldigt, moet tot zulke gewaagde en leerroovende stellingen komen, wijl zoo iemand krachtens de wet van het logische denken voor niets terug deinst. Als men eenmaal het supralapsarisme als centraal punt voor zijn theologische denkwijze heeft aanvaard, dan is de leer eener eeuwige rechtvaardigmaking en van een wedergeboorte bij of reeds vóór de geboorte, daarvan het noodzakelijk gevolg. Wanneer nu Calvijn een supralapsariër. was, dan zouden wij deze leerstukken ongetwijfeld zien verdedigd in zijn hoofdwerk: „de Institutie”. Want dat Calvijn de praedestinatieleer 't diepst indenkt en uitwerkt, dat hij de leer van Gods souvereiniteit meer dan iemand der Hervormers heeft belicht, geeft toch nog geen recht om hem tot de supra-theologen te rekenen. Ik vind het altijd een geheel absurde voorstelling als men aanneemt, dat de supra-lapsariër veel meer voor de absolute souvereiniteit Gods opkomt dan hij, die het infra-standpunt huldigt. Ook de laatste handhaaft even krachtig Gods souvereiniteit, maar komt er niet toe om de verlossingsdaden Gods aan den zondaar als reeds van eeuwigheid geschied, zich voor te stellen. Dezulke redeneert niet uit het denken en willen Gods, maar volgt de analytische methode, die ook de schrift aangeeft, om eerst te rekenen met den toestand van den zondaar en dan op te klimmen tot de praedestinatie of de leer der voorverordineering. Juist de omgekeerde methode volgt een supra-lapsariër; die eindigt niet, maar die begint met de verkiezing en laat nu heel de dogmatische stof daardoor beheerschen. Zoo bijv. Dr. Kuyper als hij in 't werk van den Heiligen Geest zegt: reeds dan als de zondaar nog dood in zonden en misdaden neerligt, en eer God de Heere het werk der wedergeboorte nog in hem begonnen heeft, is die zondaar reeds verkoren en verordineerd, gerechtvaardigd en geheiligd, aangenomen tot kind van God en verheerlijkt. Maar een Infralapsariër zegt het heel anders. Die ziet den uitverkoren zondaar van 's moeders lijf aan als dood door de misdaden en zonden, in „de gemeene ellende” met anderen liggende, en gelooft, dat God krachtens Zijn Eeuwig voornemen dien dooden zondaar in den tijd zal roepen, wederbaren, rechtvaardigen en heiligen, opdat hij zich benaarstige zijn roeping en verkiezing vast te maken.
Dit is ook het standpunt, dat Calvijn in zijn Institutie inneemt, 't welk nooit te rijmen is met een Supra-lapsarische voorstelling van Gods genadewerk. Wanneer Calvijn dit supra standpunt had ingenomen, dan had hij nooit kunnen schrijven: Want die daar droomen, dat in de harten der uitverkorenen van hun geboorte aan eenig zaad der verkiezing ik weet niet wat, is ingeplant, door welks kracht zij gedurig tot de Godvruchtigheid en vreeze Gods zouden genegen zijn, die hebben daarvan geen getuigenis der Schriftuur en worden zelfs door de ervaring bestraft en wederlegd.” (Institutie 3—24—10).
Wat voor een zaad of spruit dor gerechtigheid was er in de hoer Rachab, eer ze geloofde? In Manasse, toen Jeruzalem geverfd en bijna vermoord werd in 't bloed der profeten. Weg dan met deze argumenten en redenen, die de al te neuswijze menschen zich zelf zonder schriftuur Iichtvaardiglijk verdichten. Doch Iaat ons blijven bij 't geen de schriftuur zegt. (Institutie 3—24—11). Deze beschouwing nu is door en door Infralapsarisch.

A. (Amsterdam-W.) S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 1918

De Wekker | 4 Pagina's

Luther, Calvijn, de Cock en de Kerkhervorming (XXIV)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 1918

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken