Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kerk en Staat (I)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kerk en Staat (I)

6 minuten leestijd

Wij vreezen, dat het in Duitschland niet goed gaat en dat wij aan den vooravond van geweldige moeilijkheden en scherpe conflicten staan.
Wij laten de botsing tusschen het arische en Semitische ras een oogenblik buiten beschouwing, al mag deze stellig niet onderschat worden; dit eene willen wij er echter van zeggen: zij, die den rassenhaat ontketenen en als gevolg daarvan oorzaak zijn, dat het eene ras het andere verdrukt en vervolgt, zijn een gevaar voor het voortbestaan van de menschheid. De wijze, waarop men in Duitschland tegen de joden is opgetreden en nog optreedt is in lijnrechten strijd met de beginselen van het christendom, 't Is best mogelijk, dat het kleine getal joden, vergeleken met de millioenen Duitschers een te grooten invloed op wetenschappelijk, cultureel, sociaal, juridisch, politiek en financieel hadden, wij kunnen dat van hier uit wel moeilijk beoordeelen; de wijze, waarop men thans getracht heeft dien invloed te breken is goddeloos. En deze goddeloosheid zal bezocht worden. Die zich aan de „beminden om der Vaderen wil” in deze wereld vergrepen heeft, heeft ook ervaren, dat het inderdaad nog beminden zijn en dat God het voor hen opneemt, op een wijze, die ons wel met beving vervullen moge. Denkt hierbij aan Rusland.
Maar toch is dit het ergste conflict niet. Een veel ernstiger conflict dreigt tusschen den staat en de kerken. Ik schrijf nadrukkelijk,.kerken”, want het zal een conflict worden, waarin de Roomschen en de protestanten schouder aan schouder zullen staan, om de vrijheid van godsdienst te verdedigen.
Wie had gedacht, dat dit mogelijk zou zijn.
En, wanneer iemand den moed had deze dingen te zeggen, werd hij deswegen door een deel van zijn eigen menschen verketterd, die nog maar steeds blijven gelooven, dat Rome de gevaarlijkste vijand is. Ja, van de protestanten. Natuurlijk. Rome en het protestantisme, hebben geestelijke verwantschap, en tal van punten, waarin zij overeenkomen, vandaar juist die onverdraagzaamheid, als wij niets met elkander gemeen hadden, zouden wij elkander veel gemakkelijker kunnen verdragen.
Men verketterd elkander binnen het protestantisme in meer ook. Is het woord scheurkerk en scheurmaker niet een specifiek protestantsch woord?
Maar er is op 't oogenblik een veel gevaarlijker vijand in aantocht, die zijn geweldig offensief niet zal openen tegen de protestantsche of Roomsche kerken alleen, maar tegen de hoofdbeginselen van het christendom en alles, wat daaruit in een volk voortvloeit of opgebouwd is.
Die vijand is de moderne staat onverschillig, of hij communistisch is als in Rusland, of Nationalistisch als in het tegenwoordige Duitschland. Het is het beest, dat uit de zee opkomt en dat wij beschreven vinden in Openbaringen 13.
Want de moderne staat is geen staat zonder religie, maar met religie, alleen maar het zal een religie zijn, die in dienst van den staat is en die mee moet arbeiden aan de verheerlijking van den staat.
Voor dat gevaar hebben wij van meet af in deze beweging gewaarschuwd, omdat het program van Hitler in deze richting wel heel gecamoufleerd d.w.z. oppervlakkig beschouwd wel heel onschuldig, maar die wat dieper zag kon op den bodem het conflict reeds ontdekken, dat nu in Duitschland voor de deur staat.
Wij hebben eenige maanden geleden onze Duitsche Broeders „wijsheid en kracht” toegebeden, toen zij op een wenk van Hitler eensklaps bereid waren, zich kerkelijk aaneen te sluiten, want het was niet het belang van de kerk nog van het Koninkrijk Gods, dat Hitler en zijn raadslieden daartoe dreef. En het staatsbelang was de drijfkracht, die achter dit alles werkt. De godsdienst moet een onderdeel worden van den staatsdienst. Het koningschap van Christus mag in naam blijven bestaan, zijn wezen en daarmede zijn invloed heeft het verloren.
Dus de kerk onder den staat.
Gelukkig zijn er, die dat goed zien.
De Gereformeerden begrijpen het.
Een deel van de Lutherschen begrijpt het.
En de Roomschen begrijpen het.
Ik acht het zelfs niet onmogelijk, dat de Roomschen het op dit oogenblik nog het helderst doorzien.
Ik heb hier naast mij liggen het Herderlijk Schrijven van het Duitsche Episcopaat, een stuk zoo degelijk en principieel, zoo voornaam in toon en toch zoo waardig, dat het een genot is zoo iets te lezen. Heel fijn worden daarin de puntjes op de i gezet.
Zuiver en scherp de grenslijn tusschen het gezag van de overheid en de kerk getrokken.
Maar er is helaas een groot deel protestanten, dat deze heele gang van zaken toejuicht en niets liever wil, dan dat het gaan zal in de richting, die de tegenwoordige leiders willen.
Wij hebben dit niet anders verwacht.
De Hitler-beweging heeft zijn geweldigen groei immers voor een deel ook te danken gehad aan de predikanten, die propaganda voor het Nationalisme maakten. Een van deze predikanten is de tegenwoordige gevolmachtigde van den Rijkskanselier. Ds Mueller, die vroeger predikant in Oost Pruisen was en daar met de propaganda voor het Nationaal Socialisme is begonnen. Deze is thans de rechterhand van Hitler en de organisatie, die achter hem staat is de Bond van Duitsche christenen. Deze heeft ook de onderhandelingen met de vertegenwoordigers van de kerken in het klooster Loecum bij Hannover geleid en daar heeft men een gemeenschappelijke basis gevonden, waarop er een nieuwe verhouding tusschen staat en kerk tot stand zou komen. Wij hebben ons over dit resultaat, zij het ook met vreeze, aanvankelijk verblijdt, en onze vreeze sproot voort uit het feit, dat men in het klooster Loecum misschien wat al te veel vergeten heeft, dat er buiten die kloostermuren een onrustig en woelig Duitschland was. Men heeft er over deze dingen meer gemeenschappelijk gemediteerd dan dat men zich de consequenties naar beide kanten gerealiseerd heeft. In ieder geval is de vreugde over het bereikt e van zeer korten duur geweest en weldra was de Duitsche kerkelijke wereld in heftige beweging door de keuze van den Rijkskasschap Von Bodelschwingh.
Daarover in een volgend nummer.

d.H. (Den Haag) J.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 juni 1933

De Wekker | 8 Pagina's

Kerk en Staat (I)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 juni 1933

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken