Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kerk en Staat

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kerk en Staat

6 minuten leestijd

Wat wij den vorigen zomer in Wenigerode reeds gevreesd hebben, is deze dagen werkelijkheid geworden, het z.g Belidenisfront is in twee deelen uiteen gevallen, wij betreuren dit niet, al wordt de kerkelijke situatie daardoor nog veel ingewikkelder dan zij te voren reeds was,
In een tijd van vrede en voorspoed kan gemakkelijker bijeen gehouden worden, wrat in wezen niet bij elkander behoort, dan wanneer er tegenspoeden en beproevingen moeten worden geleden. En zoo was het toch met het Belijdenis front. Toen wij door een deskundige een beschrijving daarvan hoorden geven, begrepen wij onmiddellijk, dat dit de vuurproef niet zou kunnen doorstaan. Hier werkten ontbindende krachten, die op het kritieke moment dat front zouden oplossen.
Maar het heeft het toch langer uitgehouden dan wij gedacht hadden.
Het Ethische en het Gereformeerde kunnen wel samen beginnen, maar zij kunnen onmogelijk samen voortgaan. Zij krijgen, ook al houden zij op het zelfde doel aan, ruzie onderweg en gevolg is, dat zij uiteen vallen, voordat het doel bereikt is. Wat in Duitschland ons aanschouwelijk voorgesteld wordt. Want de groep, die achter Niemöller c.s. staat, is beslist positief, al zou ik er niet achter durven voegen calvinistisch. Zij is misschien daarvoor te veel door Barth beinvloed om calvinistisch genoemd te worden.
Maar de groep, die achter den Hannoverschen bisschop Mahrazens staat is ethisch georiënteerd, maar daartoe behooren niet alleen de rechts- en links-ethischen, maar vele vrijzinnigen. De geestelijke eenheid, die alleen daar kan zijn, waar eenheid van belijdenis is, was dus volslagen zoek. Wat deze groepen samen hield, was het gemeenschappelijk doel, een overeenkomst met den N. S. Staat te treffen, die de vrijheid van de kerk waarborgde, zoodat de kerk rustig kon voorbestaan, zonder in financieele moeilijkheden of in conflicten met den staat te geraken. Nu was men een heel eind op weg, om dit doel te bereiken, maar, iedere stap, die hen nader bij het door allen zoo vurig begeerde doel bracht kostte aan het belijdenisfonds concessies,
Want de Staat, in den persoon van minister Kerrl vertegenwoordigd, eischte een kerk niet in den staat, maar onder den staat. Dit laatste werd niet met ronde -woorden gezegd, maar in den grond der zaak was het toch zoo. Minister Kerrl was in de onderhandelingen heel soepel. Hij schakelde den Rijksbisschop Muller uit en stelde er een Rijkskerkleiding voor in de plaats, die door de groep Mahrarens aanvaard werd, maar waartegen de groep Niemöller bezwaren maakte. Zeer begrijpelijk, want deze otticieele kerkelijke commissie verklaarde: „wij aanvaarden de nationaal-socialistische volkswording, op den grondslag van ras, bloed en boden. als een door God gegeven werkelijkheid van ons Duitsche volk”. Deze Rijksconfessie stelde landelijke commissies in en die hebben veel van het onrecht, dat de Rijksbisschop gepleegd had goedgemaakt. Maar de groep Niemöller weigerde pertinent in deze Commissie zich te doen vertegenwoordigen, terwijl Mahrarens zelf; in de landelijke commissie van Hannover zitting nam.

Vanaf dat oogenblik begon het proces der ontbinding met kracht door te wee ken. Wel werd er nog een voorloopige kerkleiding door het belijdenisfront gevormd, waarvan Mahrarens voorzitter was, maar deze kon niets presteeren. toen zij op het laatst van ‘t vorige jaar tezamen  vergaderden, bleek onmiddellijk dat geen overeenstemming te verkrijgen was.
Want toen de voorzitter met den afgevaardigde van Beieren Brest sprak,verklaarde minister Kerrl en zijn comité’s te willen samenwerken, en verklaarde Koch, de vertegenwoordiger van de All Freusiscn Union, Ur. Humburg, de vertegenwoordiger van de Gereformeerden, en Reichtrat Flor (Gerf.) dat zij beslist tegen waren, gevolg daarvan was, dat thans de Broederraden in de verschillende Duitsche landen ingesteld, moesten komen, om een uitspraak te doen het conflict, dat in de voorloopige Sleiding ontstaan was. Deze Rijks-Sederraad is 6 Jan. l.l.  in Berlijn saam gekomen en daar is de beslissing gevallen.
Voor velen, ook in ons land, zal dit stellig verbaazing  hebben.opgewekt.
Want men had hier te lande gedacht,dat de groep achter Niemöller heel gering was. Iemand, waarvan je verwachten mag met de kerkelijke toestanden in Duitschland goed op de hoogte te zijn, schreef mij kort-geleden nog, dat de groep Niemöller wel wisten dat de oplossing van de kerkelijke crisis aanstaande was, omdat de groote meerderheid zich achter Jabiarens plaatste.
Zoo weinig kunnen we  van hieruit toch de kerkelijke toestand in Duitschland beoordeelen, want wat is er in Berlijn geschied?
Op deze Rijksbroederraad zijn Iandsbisschop dr. Meiser, Iandsbisschop dr. Mahrarens en hun medestanders in de minderheid gebleven. Met 17—11 sternen nam de Rijksbroederraad de volgende resolutie aan:

1. Dat de besluiten van de beide groote synoden van Barmen en Dahlem samenwerking met de door minister Kerrl Senoemde kerken commissies niet veroorloven.

2. Dat de leden van de belijdenis kerk, die deze interpretatie van de besluiten der beide groote synoden niet wenschen te aanvaarden, in den vervolge niet meer bevoegd zullen zijn, de een of andere leidende functie in de belijdeniskerk uit te oefenen;

3. Dat een commissie van zeven, zal Ieden benoemen, die de opdracht heeft, vorming van een nieuwe kerkleiding voor te bereiden.
Deze conclusies, met 17—11 stemmen genomen, (onder de tegenstemmers waaren Iandsbisschop dr. Mahrarens en Zuid-Duitsche bisschoppen) beteekent dat de Voorloopige Kerkleiding, het uur der Duitsche Evangelische kerk, het door de belijdenisbeweging krachtens noodrecht werd gevormd (voor dr. Mahrarens, leiden dr. Koch — Rynhausen, dr. Breit—München, dr.Sensburg — Gereformeerd dr Barmen, . door den rijksbroederraad ter hand is gesteld.
Den commissie van 7 leden werd direct belast met de opdracht een nieuwe voorloopige Kerkleiding te vormen;
de commissie bestaat uitsluitend uit aanhangers der groep-Martin Niemöller, ds. Asmussen, ds. Muller-Dahlem. De groep-Mahrarens is er in het geheel niet vertegenwoordigd en wilde dat trouwens ook niet.
Daarmee is een scheuring in de belijdenisbeweging ingetreden, die van zeer ernstigen aard is, en waarbij eenerzijds de groote belijdeniskerken staan van Beieren, Wurtemberg, Baden, Hannover en Oost-Friesland en  de provinciale landskerken, anderzijds broederraden van Berlijn—Branden Silezië, Westfalen, Rijnland met het geref. Wuppertal en enkele kleinere kerken.
Had dr, Mahrarens in den Rijksbroeder-thans de minderheid, hij vertegenwoordigt met de zijnen anderzijds nog wel de meerderheid van de belijdeniskerken en de belijdende predikanten. Dit deel der belijdenisbeweging werkt thans geheel met  de rijkskerk  en landskerkcommissies samen en keert zich van den strijd af. Met de groep Niemöller is het contact verbroken.
Wij zullen thans moeten afwachten, wat er in Duitschland geschiedt. Want Prof. Barth heeft door middel van een zeer gespierd artikel in de Manchester Guardian Vrijdag 3 Jan. de zijde van Niemöller gekozen. Daarover D. V. in een volgend artikel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 januari 1936

De Wekker | 4 Pagina's

Kerk en Staat

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 januari 1936

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken