Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vragenbus

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vragenbus

5 minuten leestijd

J.S. H. te D., vraagt wat het onderscheid is te achten, tusschen wat men noemt temperament en karakter. Tevens wil hij dit graag in verband gebracht zien, met wat wij lezen in Lukas 9 : 57-62.
Om te beginnen moeten wij opmerken, dat de Schrift de onderscheiding in temperament en karakter niet kent, zooals die onder ons bekend is. In het Woord Gods staat veel meer de totaliteit van den mensch op den voorgrond, dan dat ons daar gegeven wordt een ontleding in allerlei geaardheden en eigenschappen.
Het zijn de wijsbegeerte en zielkunde, die ons de termen: temperament en karakter gebracht hebben en waardoor men tracht te komen tot een nadere ontleding van en onderscheiding in het zieleleven van den mensch.
Temperament wordt dan genoemd de geaardheid van den mensch, terwijl karakter meer doelt op de structuur van den geest.
Wij allen zijn mensch. Toch zijn wij niet gelijk. Het zijn juist de eigenschappen der ziel, die ons elk een eigen inslag geven.
Trots het feit van den val, blinkt daarin nog na de heerlijkheid van Gods scheppingswerk. In een ongevallen wereld zouden wij allen op een ons persoonlijk alleen eigen wijze de heerlijkheid Gods, als Zijn beelddragers, weerspiegeld hebben. De „naam, dien niemand kent dan, die hem ontvangt” wijst daar in een herstelde toekomst ook weer heen.
Nu staan deze dingen scheefgetrokken door de zonde. Wel zijn wij nog ongelijk, maar allen onder de zonde besloten. Temperament en karakter doen ons, bij ontdekkend licht des Heiligen Geestes op eigen wijze ons onze eigen mogelijkheden tot zonde kennen en betreuren.
Wat verstaan wij nu, heel in het algemeen gezegd, onder temperament en karakter?
Karakter is de vorm van iemands individualiteit, het schema van zijn zielegebouw. In deze bestaanswijze is dan karakter het stempel, het eigen merk van het zieleleven des menschen.
Zien wij het karakter zoo, dan is er een aangeboren en een verworven element in. Het aangeborene is dan de onveranderlijke grondtrek in het karakter, het verworvene, de ontwikkeling daarvan, waarbij onder allerlei invloeden, die grondtrek of geremd of ontwikkeld is. Met het oog op dit laatste valt er dan ook van karaktervorming te spreken.
Temperament raakt niet zoozeer de kern van ons bestaan als karakter. Ons temperament komt uit in de wijze, waarop wij op de dingen reageeren. Vanouds meende men van vier temperamenten te kunnen spreken. Het cholerische, het sanguinische, het phlegmatische, het melancholische noemde men ze, In den loop der eeuwen heeft men zich vrijwel daaraan gehouden. In de laatste halve eeuw echter, waarin de menschelijke ziel veel meer tot object van onderzoek geworden is dan ooit te voren, heeft men verschillende andere indeelingen voorgesteld, of wat wij temperament noemen ten grondslag gelegd voor een indeeling der karakters, waarbij men dan kwam tot een veel hooger aantal indeelingen dan voorheen, Men spreekt dan wel van het temperament als de kleur van het karakter. Wij gaan daar hier echter niet verder op in.
De vraag is nu, geeft de Schrift ons in Luk. 9 : slot zulk een karakter of temperamentsindeeling. Men heeft dat wel gemeend en gezegd: De volgelingen van Jezus, die vuur van den hemel bidden over de Samaritanen zijn de cholerici. De tweede„ die wil volgen zonder de kosten te overrekenen is de sanguinicus. De derde, die heel kalm eerst thuis afscheid wil nemen is de phlegmaticus en de laatste, die eerst zijn vader wil beweenen is de melancholieke broeder onder dit viertal. Inderdaad schijnt dit mooi gevonden. Toch meenen wij, dat dit niet juist is naar dit schema dit schriftgedeelte te willen bezien.
Al te veel vergeten wij dan dat de Bijbel geen psychologisch handboek is. Dr. S. O. Los, die op dit terrein recht van spreken heeft, zegt in zijn proefschrift: „Het gevoel in de H, Schrift”, dat er van zulk een temperamentsleer in de H. S. geen spoor te ontdekken is. Hij schrijft: De pogingen om de vier temperamenten te ontdekken in de persoonsbeschrijving van den Bijbel, zijn niet geslaagd, omdat men daarbij het doel van de gewijde schrijvers uit het oog heeft verloren.”
Dat geldt ook van het slot van Luk. 9. Het is den H. Geest er niet om te doen een zielkundige beschrijving van de hier genoemde personen te geven. Zij worden hier alleen vermeldt inzooverre er sprake is van het volgen van den Christus.
Dat volgen moet onvoorwaardelijk zijn. Het koninkrijk Gods moet boven alle dingen gaan en gedoogt niet op de tweede of derde plaats gezet te worden. Waar het een plaats in het hart kreeg kan en mag er geen sprake zijn van een eerst dit of dat. Geschiedt dit toch, dan is het zeer te vreezen, dat men tot de „dooden” inplaats van tot de „levenden” behoort, die door het koninkrijk gegrepen zijn. Dat is hier de zin der Schrift. Men mag hier dus niet zoeken een opzettelijke teekening van „de” vier temperamenten en dus eigenlijk een goddelijke sanctioneering van de temperamentenleer van Hippocrates. Wil men dat, dan wringt men de Schrift in een bepaald wetenschappelijk schema.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 augustus 1937

De Wekker | 4 Pagina's

Vragenbus

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 augustus 1937

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken