Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Op den Uitkijk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Op den Uitkijk

6 minuten leestijd

Dinsdag 11 October zal het vijftig jaren geleden zijn, dat de oorlog tusschen Engeland en de Zuid-Afrikaansche Boerenrepublieken ontbrandde, die een einde maakte aan de souvereiniteit van Transvaal en den Oranje-Vrijstaat. De jaren 1899—1901 staan met goud vermeld in de geschiedenis van ons stamverwante volk, dat trouw aan zijn historie en traditie de wapenen opnam, toen vrijheid en recht door het machtige Imperium bedreigd werd, totdat het bloedig neerzonk onder de mokerslagen van het perfide Engeland.
Sinds de Groote Trek in 1837 heeft het tusschen Brit en Boer niet geboterd. In dat jaar trokken onder leiding van Piet Retief honderden Boerengezinnen op naar het onherbergzame oord tusschen de Vaalrivier en het woeste Limpopogebergte. De kosten waren hun niet te hoog om zich veilig te stellen voor de politiek van Engeland, dat in 1314 zijn vlag in de Kaapkolonie had geplant, het land, dat de zonen van Hugenoten en Geuzen hadden gezocht om in vrijheid God naar Zijn Woord te dienen. De ossewagens voerden de emigranten door gevaarlijke stroomen, over hooge bergen met gevaarlijke ravijnen, onder voortdurenden strijd met de kaffers, die door Engeland met goud waren omgekocht en van wapenen voorzien en elken voet gronds aan de blanken betwistten.
In 1852 erkende Engeland de zelfstandigheid van Transvaal en in 1854 die van den Vrijstaat, maar bezon zich reeds op plannen om de rebellen aan zich te onderwerpen. In 1877 lijfde het dan ook de beide jonge staten bij de Kaapkolonie in. Dit was de vonk in het buskruit. De Boeren liepen te wapen en door een volledige overwinning van de Engelschen op den Amajubaberg, dwongen zij den vijand tot vrede. Dit was in 1881. Maar deze nederlaag deed de plannen bevorderen om voorgoed een einde te maken aan de regeering der Boeren. In 1896 beraamde Jameson een overval op Johannesburg. Maar deze Jingo-held kwam van een koude kermis thuis. Cronjé had hem een fuik gezet te Krugersdorp en zeer gedwee volgde hij als krijgsgevangene een handjevol Boeren naar de goudstad, waarheen zijn begeerte zich had uitgestrekt.
De Jingo-pers voerde de hetze tegen de republieken steeds meer en meer op, er was geen kwaad waaraan de Boeren zich niet hadden schuldig gemaakt, o.a. ook aan de achteruitzetting van den buitenlander, dien het kiesrecht werd onthouden.
Het was duidelijk, waarop dit gekuip moest uitloopen. De Transv. regeering deed tot op zekere hoogte toezegging van kiesrecht. Maar dit werd niet voldoende geacht. Steeds scherper werden de voorwaarden aan Pretoria gesteld. Maar er zijn grenzen, ook aan het nationaal eergevoel. Voldoen aan de eischen van Londen zou gelijk staan met zich zonder slag of stoot over te geven. Engeland trok al meer troepen samen aan de grenzen van Transvaal. President Krüger stelde een ultimatum aan Londen. Hierop had het gewacht, want reeds den volgenden dag vielen de soldaten het land in. Maar de Boeren hadden de kansen overzien. Snel rukten de ruiters van Zuid-Afrika op naar Natal en de Kaapkolonie, waarvan het gehoopt had, dat zij hand in hand zouden gaan in het afweren van den Engelschman. Belangrijke steden werden omsingeld, zooals Ladysmith, Kimberley en Mafeking.
De aanvang beloofde een volkomen overwinning. Nederland stond van meetaan aan de zijde der Boeren. De ouderen onder ons zullen zich nog levendig herinneren, hoe een golf van ongekende geestdrift over ons volk heen sloeg. Velen van Neerlands zonen streden schouder aan schouder met het broedervolk. Protestvergaderingen werden uitgeschreven, en in kerken tjokvol, smeekte men om hulp voor het verdrukte volk. Een opgewekt idealisme en optimisme heerschte allerwegen! Niemand dacht, dat de rollen wel eens omgekeerd konden worden. Het recht was aan de zijde der Boeren! En God zou niet toelaten, dat dit recht verkracht werd.
Wat een teleurstelling dan ook, toen andere berichten binnenkwamen. Pretoria was bezet, en Bloemfontein zag de Engelsch vlag van het gouvernementsgebouw wapperen. De legers der Boeren werden teruggeslagen. Cronjé, de held van Amajuba, moest zich bij Paardekop met 3700 man overgeven! De eene nederlaag volgde op de andere.
Lord Roberts was vervangen door generaal Kitchener, die zijn naam met bloed had geschreven in de Soedan, waar hij duizenden overwonnenen over den kling joeg. Deze man met zijn koude, wreede oogen, liet vrouwenkampen inrichten en meer dan 23000 vrouwen en kinderen werden daarheen gedreven, om daar een vreeselijken dood te vinden. Boerenhoeven werden afgebrand, het vee weggedreven of geslacht. Door deze barbaarsche maatregelen werd de kracht der Boeren gebroken.
President Krüger was reeds in 1900 tot de ballingschap veroordeeld. De Engelschen wilden hem gevangen nemen om hem straks in een kooi door Londen te voeren, met zijn hoogen hoed op en den ouden Statenbijbel in zijn handen. Maar deze smaad werd den ouden staatsman bespaard; Koningin Wilhelmina, de rasechte dochter van Oranje, zond het oorlogsschip ’De Gelderland” en voerde hem zoo naar den behouden haven. Zijn tocht door Frankrijk was een zegetocht. President Lebrun verwelkomde hem in Parijs, maar meer kon Frankrijk niet doen. Toen werd de reis naar Duitschland gemaakt, om dit volk tot interventie op te wekken. Maar reeds te Keulen kreeg hij van keizer Wilhelm II een wenk zijn reis maar niet verder in Duitschland voort te zetten. En dat was de man, die, toen Jameson in 1896 werd gevangen genomen, aan President Krüger een felicitatie-telegram zond en hem vereerde met een zwaard met gouden handvest. Stel op prinsen geen betrouwen.
In Nederland werd hij met open armen ontvangen. Ik herinner me de aankomst te ’s-Gravenhage aan het station. Duizenden en duizenden verwelkomden den moeden grijsaard. In het paleis ontving hij warme vriendschap van onze Vorstin, die hem tegenover de wereld huldigde als een groot staatsman. Eenige jaren later ontsliep Paul Krüger in Zwitserland, ver van zijn volk!
De vrede werd in 1901 te Vereeniging gesloten. Generaal Botha, een van de jonge generaals van het Boerenleger, werd geroepen tot gouverneur. Niet weinige Boeren namen dit Botha zeer kwalijk. Toen dan ook de wereldoorlog in 1914 uitbrak, meenden eenige onverzoenlijken deze gelegenheid te moeten aangrijpen om Engeland tegen te staan. Chr. de Wet deed een inval in Duitsch West-Afrika, maar zonder succes. Hij werd gevangen genomen en moest zijn verraad(!) eenige jaren in de tronk boeten.
De oorlog van 1889—1901 heeft bloedige voren in den bodem der Boeren getrokken, maar het traneirzaad, daarin gestrooid, is ontkiemd tot een oogst, die voor Zuid-Afrika van een vérstrekkende beteekenis zal blijken. Transvaal en Oranje-Vrijstaat gingen onder, maar naar het oude ideaal rees de Unie van Zuid-Afrika, die een eenheid vormt van hen, die naar hun roemrijke historie een eigen staatsleven willen voeren. Van de Zambezi tot de Kaap één republiek! God schrijft de geschiedenis! Dit ideaal moest in den weg van bloed en tranen verwezenlijkt worden. God gedenke ons stamverwante volk, en bevestige het tot eer en hoogheid.
Apeldoorn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 oktober 1949

De Wekker | 4 Pagina's

Op den Uitkijk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 oktober 1949

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken