Bekijk het origineel

Semper Talis of — altijd (en allemaal) hetzelfde.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Semper Talis of — altijd (en allemaal) hetzelfde.

5 minuten leestijd

Een brief van twee vrienden. Door beiden ondertekend. Wat schrijven deze twee?
„Wanneer onze jongens moeten opkomen rijzen er voor hen heel wat vragen. Ze staan dan nog zo vreemd in hun soldatenschoenen.
Wij hebben zelf in Ossendrecht onze eerste opleiding ontvangen. Dus weten we van de moeilijkheden in het begin wel zo wat af.
Het gebeurt dan vaak, dat je met bepaalde moeilijkheden zit. En je wendt je dan vanzelf tot de legerpredikant. En als ik u nu het probleem, (of liever een van de vele) schrijf, dan bedoel ik het Zondagsreizen. Wij hebben daar met de legerpredikant over gesproken, maar hij gaf ons ten antwoord: „Dat Chr. Geref. principe moet je maar laten vallen"! U begrijpt, dat ik voor de tweede maal niet zo licht meer naar de legerpredikant ga. (Misschien wel fout van mij !) Maar mijn vertrouwen in deze man was aanmerkelijk geschokt.
Daarbij kwam echter ook, dat de kerkdiensten ook al niet veel leken, die hij voor ons hield. En ook ontving ik van eigen kerkelijke zijde geen enkel contact meer, dus leefde je zo'n beetje op je zelf.
Nu was mijn vraag: kunnen onze jongens, die geen gelegenheid hebben naar eigen kerk te gaan, niet het kerkelijk blad „De Wekker" krijgen? En dat de plaatselijke kerk dan zorgt, dat zij het Kerkblad krijgen? Hier gaat toch, volgens mij, niet zo veel geld in zitten!
En dan nog een andere vraag: is het niet mogelijk onze Chr. Geref. jongens eenmaal per jaar bij elkaar te brengen in een Landdag, waarop dan die moeilijkheden met hen besproken worden? En waarin ze worden opgewekt toch stand te houden inzake hun principes? Het blijkt dat dit vaak hard achteruit gaat, of dat er helemaal niet meer aan gedaan wordt.
Wij liggen nu in Ede en hebben veel kerkelijk contact, wat wij ten zeerste op prijs stellen. We behoeven helemaal niet meer bezorgd te. zijn, over het niet op Zondag reizen, want we kunnen nu per 14 dagen naar huis, tot de Maandagmorgen. In Ossendrecht was dit eens in de 5 weken, en dat leverde voor vele jongens bezwaar op. En zij besloten dan vaak toch om de 14 dagen naar huis te gaan, en op Zondag terug te komen. Daarom is het, dat wij er over schrijven, opdat er, op de voorgestelde wijze, iets meer trouw van de jongens uit mag gaan. Vooral als ze vernemen, dat er toch meerdere zijn, die moeilijkheden hebben"....
Zo schrijven mij deze beide vrienden. Ik kan ze zo volledig begrijpen. Wat ik ze heb geantwoord ?
Eerstens: dat onze Kerken natuurlijk niet kunnen instaan voor wat allerlei andere legerpredikanten verkondigen. Alleen — als onze eigen Kerken geen mannen daar voor afstaan, dan laden zij een schuld op zich, die ze niet verantwoorden kunnen!
Tweedens dat het organiseren van een Landdag tot het onmogelijke moet worden gerekend. Als al onze jongens maar de Recrutendagen bijwonen, is er al veel gewonnen!
Ten derde: dat alle kerkeraden nodig hebben zoveel mogelijk contact met hun jongens in militaire dienst te houden. Maar.... als die zelfde jongens nooit met enig taal of teken antwoorden, en hun adreswisseling nimmer opgeven, ook dit een onmogelijkheid wordt!
Ten vierde, dat het toezenden van De Wekker, om de laatstgenoemde reden eveneens onmogelijk is. Wel worden de kerkelijke bladen gezonden naar alle militaire Tehuizen, en verder ligt hier een taak voor de ouders vooral.
Overigens verheugt ons het bericht over de gemeente van Ede.
Gelukkig geven de meeste garnizoensgemeenten hierin een uitnemend voorbeeld. Dat het overal zo moge zijn!
Bijzonder fijn vind ik het intussen, dat deze jongens niet slechts aandacht blijken te hebben voor eigen moeilijkheden, maar hun gedachten deden gaan ook over hun mede-soldaten. Als ik dan dit weer lees, zeg ik: het is nog niet verloren. Aan zulke mannen heeft de Kerk behoefte. God geve, dat er vélen zo zijn. En niet maar: „Ben ik mijns broeders hoeder?"
Als dit slechts werd verstaan, hoe zou dan worden gevoeld, wat het eigen voorbeeld betekent. Vooral voor die zwakke broeder, die anders misschien niet alleen zou achterblijven, omdat immers allen naar huis gaan en op de Zondag terugkeren. Maar als er meerdere zijn, zal hij zich zeker gesterkt gevoelen, en zichzelve overwinnen. Moge het ook zijn: om des Heeren wil.
Vrienden, wie gij zijt, besef uw verantwoordelijkheid, ook voor uw medesoldaten. Ouders, die gij zijt, besef uw verantwoordelijkheid, die de Heere zelf u oplegt, ten opzichte van zovele anderen, die gij ook te dienen hebt, met uw verbod om op de Zondag te reizen.
Uit mijn eerste artikel heeft het u kunnen blijken, hoe de Heere de gebedswerkzaamheid van één, voor zijn eigen zoon, kan en wil gebruiken zelfs ook voor een ander. Wat een blijdschap moet dat zijn!
Laat ons veel, ja veel voor onze jongens bidden. Ook die in het buitenland zijn, en zelf daar ook om vragen.
Voorts: God houdt Zijn werk wel in stand, ook in onze Kerken, ook in onze jongens, ook als ze zijn in het leger. Kunnen we dat dan aan Hem niet ganselijk toevertrouwen ?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 november 1955

De Wekker | 4 Pagina's

Semper Talis of — altijd (en allemaal) hetzelfde.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 november 1955

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken