Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kerkelijk leven in Canada (I)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kerkelijk leven in Canada (I)

9 minuten leestijd

Onder deze titel heeft ds. P. op den Velde uit Mijdrecht een aantal artikelen geschreven in het kerkblad van de classis Utrecht. Gelijk bekend is de schrijver van deze artikelen een half jaar in Canada geweest en heeft daar kennis gemaakt met het kerkelijke leven van de Free Chr. Ref. Church, met welke kerk onze kerken in correspondentie staan. De laatste twee artikelen bevatten de visie van ds. op den Velde op het kerkelijke leven in Canada en de verhouding tot onze kerken. Hij herinnert aan de situatie na de tweede wereldoorlog:

Toen na de tweede wereldoorlog vele mensen uit ons vaderland emigreerden naar de States en Canada werd met name voor emigranten uit ónze kerken de vraag brandend: bij welke kerk behoren wij ons aan te sluiten?
Het was duidelijk dat de Christian Reformed Church in het middelpunt van de belangstelling kwam te staan. Want èn historisch én confessioneel was er grote overeenkomst met onze kerken. Alleen maar: die ontwikkeling na 1892; die nare uitspraken en de gevolgen daarvan in de kerkelijke practijk. De grote vraag was: is het hierdoor noodzakelijk om naast en tegenover de Christian Reformed Church een eigen kerkelijk leven op te bouwen? Is dat tegenover de Koning der Kerk te verantwoorden? Daar is wat over gesproken!
Een bijzondere omstandigheid maakte de kwestie nog ingewikkelder. In 1947 was onze kerk in correspondentie getre-
met Old Christian Reformed Church van Grand Rapids in de U.S.A. Deze gemeente was om principiële redenen uit de Gereformeerde Gemeente getreden en gevoelde zich met onze kerken verbonden.
Dikwijls werd in de tijd kort na de tweede wereldoorlog de zaak zo gesteld: wij hebben in Amerika behalve de Christian Reformed Church ook de Old Christian Reformed Church. Het is dus geen vraag waar een christelijke gereformeerde zich behoort aan te sluiten. Natuurlijk bij de Old Christian Reformed Church. Want met deze kerk staan we in correspondentie en de Christian Reformed Church is tenslotte op één lijn te stellen met de Gereformeerde Kerk hier.
Dat klonk allemaal mooi. Maar in de practijk was met een dergelijke redenering niets te beginnen. Want wat is één gemeente in een werelddeel waar één land n.l, Canada al groter is dan heel Europa? Wat heeft het lidmaatschap van een kerk te betekenen als je er duizenden kilometers bij vandaan woont? Dat is practische onkerkelijkheid.
Daarom bleef de vraag knellen: waar moeten onze emigranten naar toe?
In de jaren 1947 tot 1950 waren er die zich voegden bij de Old Christian Reformed Church, ook al woonden ze op een afstand van 4000 km. Maar verreweg het grootste deel voegde zich bij de Christian Reformed Church. Niet zonder bezwaren. Men zag heel goed dat in deze kerk de invloed van Kuyper heerste. Maar aangezien deze kerk nog het meest overeenstemde met eigen belijdenis, achtte men het roeping zich bij haar te voegen.
Natuurlijk had onze Generale Synode maatregelen getroffen om in deze aangelegenheid de nodige leiding te kunnen geven. Er waren deputaten inzake de emigratie.
Zij stelden zich op het standpunt: blijf bij hetgeen u geleerd is en sluit u, wanneer u emigreert, aan bij die kerk, die het meest overeenstemt met ons belijden! Dat betekende voor de emigranten naar de Verenigde Staten en Canada: sluit u aan bij de Christian Reformed Church. Voor emigranten in de omgeving van Grand Rapids betekende dit: voeg u bij de Old Christian Reformed Church. Deze kerk kreeg dan ook de adressen van alle uit onze kerken vertrekkende emigranten in Amerika toegezonden.
Hoewel de kerkeraad van de Old Christian Reformed Church zich met de gedragslijn van deputaten niet verenigen kon en wenste dat overal in Amerika de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland zouden overgeplant worden en hoewel deze kerkeraad daartoe de christelijke gereformeerde emigranten ook opriep, meenden deputaten bij hun gedragslijn te moeten blijven. En de synode van 1950 heeft de handelingen van deputaten goedgekeurd. Nadrukkelijk werd gesteld: men zoeke eerst inwoning bij die kerken, die ons het meest na staan in belijdenis. Is dat geheel onmogelijk, doordat men niet kan leven naar Schrift en Belijdenis, dan trede men reformerend op en niet eerder.
Het kan niet ontkend worden, dat door deze gang van zaken vele leden uit onze kerken zich bij de Christian Reformed Church aansloten en daar tot op de huidige dag zijn gebleven. Dit wordt onze kerken nogal eens kwalijk genomen. Ten onrechte, meen ik.
Wie emigreert verlaat het vaderland en heeft zich te voegen bij de kerk, die de Heere in het land, dat hij zich tot woonplaats kiest, heeft gebouwd. Dat leert de Schrift en dat belijden wij zelf met grote nadruk. In art. 28 van de N.G.B, belijden we immers als ons geloof: dat een iegelijk schuldig is zich bij de ware kerk te voegen.
Het kan zijn, dat een kerk op een bepaald ogenblik zo gedeformeerd is, dat het voor een schrift-gelovige onmogelijk wordt in haar gemeenschap te blijven. Dat is mogelijk. Maar nooit mag men een kerk zonder meer verlaten. Verlaten is het laatste en het uiterste. Eerste roeping is te trachten de kerk van binnenuit te reformeren. Dat hebben de hervormers gedaan en dat hebben de afgescheidenen gedaan. Dat is dure roeping.
Wie deze roeping lichtvaardig neemt maakt zich schuldig aan één van de meest ernstige zonden, die denkbaar zijn. Hij speelt een spel met het lichaam van Christus. De eerbied voor de kerk des Heeren moet zoiets onmogelijk maken.
Daarom was het voor onze emigranten in Amerika inderdaad allereerst roeping zich te voegen bij de Christian Reformed Church. Wie kerkelijk denkt kan m.i. tot geen andere overtuiging komen.
En de Old Christian Reformed Church dan? Ik dacht dat het bestaan van deze kerk aan deze roeping niets veranderde. Want zij ontspringt aan de Gereformeerde Gemeenten en verliet deze omdat zij overging op het christelijke gereformeerde beginsel. Deze kerk hadden we op den duur ook naar een kerkverband moeten verwijzen. De verhouding tot de Christian Reformed Church moest duidelijk worden. Want déze kerk is de afgescheiden kerk in Amerika. En een zelfstandig kerkelijk leven naast of tegenover deze kerk is alleen verantwoord als het onmogelijk is het geloof zoals wij het belijden daar te beleven. En wanneer dan een eigen kerkelijk leven wordt geformeerd, dan gaat het er niet om de Chr. Geref. Kerk van Nederland over te planten. Dan gaat het er om de kerk des Heeren in Amerika tot reformatie te brengen.
Dit is een principiële lijn. Het zou me tot in het diepst van m'n ziel ontroeren wanneer onze kerken deze lijn loslieten.
Nu zijn er al weer 15 jaren voorbijgegaan na de synode van 1950. En ik meen te moeten en mogen zeggen, dat er een positiebepaling t.a.v. de Christian Reformed Church heeft plaats gevonden. M'n verblijf in Canada gaf me gelegenheid tot vele en indringende gesprekken met leden van de Free Christian Reformed Church. En dat heeft een overtuiging in me versterkt.
De meeste leden van deze kerken hebben serieus getracht zich te voegen bij en te leven in de Christian Reformed Church. En dat zijn niet alleen mensen van christelijke gereformeerde komaf. Ook mensen uit de gereformeerde bond. Enkele ook uit de gereformeerde kerken.
Zij hebben het getracht, zeg ik. Maar ze zijn teleurgesteld, omdat ze te dikwijls en te indringend geconfronteerd werden met een leer, die niet is naar Schrift en Belijdenis. Men heeft gesproken. Maar werd dikwijls niet begrepen. En de vraag werd klemmender: kunnen we blijven?
Niet overal was deze vraag even klemmend. En och, waarom het verbloemd? Niet overal is deze vraag uit zuivere motieven benaderd. Er is ook kaf onder het koren.
Maar de kern van de Free heeft met deze vraag geworsteld! En voor hen werden de bezwaren tenslotte zó groot, dat ze de stap deden en de Christian Reformed Church verlieten. Om de wille van het geloof! In trouw aan het belijden naar de Schrift!
Dat men zich toen verenigde rondom de kleine kern, die gegroeid was vanuit de gemeente te Grand Rapids, is begrijpelijk.
De vraag laat zich stellen waarom vele christelijke gereformeerde in de Christian Reformed Church gebleven zijn. Zijn deze mensen ontrouw geworden aan het geloof, dat ze hier in Nederland beleden? Daar zullen er wel bij zijn, die langzamerhand overgegaan zijn op de lijn, die hier de Gereformeerde Kerk volgt. Maar er zijn er velen, die aan ons belijden trouw gebleven zijn, ja daarin zijn verdiept. Dat wil ik met nadruk stellen.
Maar deze mensen achten de bezwaren verbonden aan het leven in de Christian Reformed Church niet van dien aard, dat zij het verantwoord achten náást deze kerk een andere kerk te stichten.
Zoals een gereformeerde bonder, ondanks alle bezwaren die hij heeft, de Herv. Kerk niet verlaat, zo blijven ook deze mensen in de Christian Reformed Church.
Ik wil niet de Christian Reformed Church op één lijn stellen met de Herv. Kerk hier. Daarmee zouden we deze kerk groot onrecht aandoen. Ik wijs hierop om bij wijze van voorbeeld duidelijk te maken waarom niet alle mensen, die oorspronkelijk uit onze kerken komen, zich bij de Free Christian Church voegen.
En dit zullen we tenslotte als een eerlijke overtuiging moeten accepteren.
Maar niet minder serieus zullen we hebben te nemen de overtuiging van de broeders en zusters, die meenden niet in de Christian Reformed Church te kunnen blijven. Het gaat niet aan te wijzen op fouten, die gemaakt zijn in de ontstaanstijd van deze kerk. Dat kunnen we ook doen t.a.v. de Christian Reformed Church. Ik heb daar al op gewezen.
Onze bredere kerkelijke vergaderingen hebben de Free Christian Reformed Church in Canada en de Old in de States volledig aanvaard. Wat correspondentie was met de plaatselijke kerk van Grand Rapids is geworden correspondentie met het verband van kerken. En terecht! Ze zijn als kerken volkomen één met ons in belijden.
Daar moeten we de konsekwenties uit trekken. De Free is er nu. En we erkennen ze als zusterkerken. Daar moeten we volle ernst mee maken. Het is een van de bitterste klachten, die ik telkens weer tegenkwam: de Chr. Geref. Kerken in Nederland nemen ons niet serieus. En daar moet eens over gepraat worden. De mensen aan de overzijde van de oceaan hebben er recht op.
Daaarom hierna nog één artikel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 september 1965

De Wekker | 8 Pagina's

Kerkelijk leven in Canada (I)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 september 1965

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken